Aansluiting twee kozijnen tegen elkaar: detailtekening en praktische handleiding

Een goede bouwkundige aansluiting bij kozijnen voldoet aan de eisen van lucht- en waterdichtheid en duurzaamheid. John Dame, senior adviseur en teamleider Kiwa BDA Dak- en Geveladvies, legt in dit artikel uit hoe je dat aanpakt.

Luchtdichte aansluiting kozijn en stelkozijn

De luchtdichtheid van de aansluiting tussen kozijn en stelkozijn moet je aan de binnenzijde realiseren, bij voorkeur door middel van een kitvoeg op rugvulling. Een alternatief is de aansluiting afdichten met een elastisch PUR-schuim en een kitvoeg aan de binnenzijde. Het voordeel hiervan is een verbetering van de warmteweerstand. Het nadeel is dat je hierdoor de ventilatie van het stelkozijn beperkt en dat er vocht- transport plaatsvindt via het PUR-schuim, waardoor het risico op lekkage toeneemt. Deze afdichting heeft niet de voorkeur.

De binnendichting is aan de onderzijde niet ver genoeg doorgezet. Bij zijaansluiting is de binnendichting niet tussen kozijn en stelkozijn aangebracht en dus niet functioneel.

Luchtdichte aansluiting stelkozijn op binnenblad

De luchtdichte aansluiting tussen stelkozijn en binnenblad moet je realiseren met een kitvoeg op rugvulling of voldoende gecomprimeerd geïmpregneerd afdichtingsband of een elastisch PUR-schuim. Het afplakken van stelkozijnen op het binnenblad is uit oogpunt van luchtdichtheid in de praktijk niet voldoende. Sowieso is het zeer risicovol om de onderregel van het stelkozijn af te plakken op het binnenblad. Bij onvoldoende waterdichte stelkozijnen (verbindingen) wordt vocht opgesloten en ontstaat op termijn houtrot. Stelkozijnen moet je wel aan de boven- en zijaansluitingen op het binnenblad afplakken, maar dan uit oogpunt van waterdichtheid.

Waterbelasting op het stelkozijn

Aluminium en kunststof kozijnen sluiten meestal aan op het stelkozijn met een rubber profiel. Afhankelijk van de detaillering (onder andere neggediepte), de oriëntatie en de hoogte van het gebouw, worden deze aansluitingen meer of minder zwaar met water belast. Er moet van uit worden gegaan dat de aanslag van het kozijn op het stelkozijn niet waterdicht is. De hoeveelheid water in de aansluiting is afhankelijk van de kwaliteit van monteren en de kwaliteit van de binnendichting. Bij een onvoldoende luchtdichte binnendichting treedt er drukverschil op tussen de buitendichting (het rubber profiel) en de bouwkundige aansluiting, waardoor water gemakkelijker kan binnendringen (zie principe tweevoudige afdichting).

De binnendichting tussen kozijn en stelkozijn ontbreekt.

Tweevoudige afdichting bij aansluiting

Bij kozijnaansluitingen wordt nog te vaak een enkele dichting toegepast. Een klein defect in deze afdichting heeft al tot gevolg dat er bij een drukverschil over de gevel een luchtstroom naar binnen ontstaat. Wanneer er water langs de gevel stroomt, wordt het water gemakkelijk mee naar binnen gezogen. Daarnaast zijn tochtklachten een logisch gevolg. Een tweevoudige afdichting is daarom veel beter. Het principe van een tweevoudige afdichting is dat over de buitendichting geen luchtdrukverschil aanwezig is. Dit bereik je door de ruimte tussen de beide dichtingen in verbinding te stellen met de buitenlucht. Dit kan door de buitendichting te onderbreken op een positie waar waterintreding minimaal is. Het advies is ook om het buitenafdichtingsrubber bij de stijlen (onderzijde) over 15 mm te onderbreken.

Bij een defecte buitendichting stroomt er, als gevolg van deze drukvereffening, veel minder water in deze ruimte. Je moet er echter wel altijd van uitgaan dat er water in deze ruimte komt. Dit betekent dat de binnendichting lucht- en waterdicht moet zijn en de constructie (stelkozijn) duurzaam bestand moet zijn tegen vochtbelasting. Voor een binnendichting zijn afdichtingsbanden niet geschikt. Ze werken als spons, lopen in de hoeken rond, worden onderbroken door bevestigingsankers of hebben onvoldoende druk op de voegwanden. Een binnendichting moet je daarom uitvoeren met kit op een rugvulling.

Eis waterdichtheid kozijnen

Volgens het Besluit bouwwerken leefomgeving moeten uitwendige scheidingsconstructies waterdicht zijn volgens NEN 2778:2015 ‘Vochtwering in gebouwen’. Volgens deze norm mag, na beproeving, het vochtgehalte van onderdelen van de gevelconstructie (lees houten stelkozijn) niet hoger zijn dan het evenwichtsvochtgehalte van deze onderdelen. In NEN-EN 1027:2016 ‘Ramen en deuren - Waterdichtheid - Beproevingsmethode’, specifiek voor kozijnen, wordt in paragraaf 3.3 aangegeven dat onderdelen die niet zijn ontworpen om nat te worden, niet nat mogen worden. Bouwkundige aansluitingen moeten worden ontworpen volgens NEN 2778 respectievelijk NEN-EN 1027. In praktische zin komt het erop neer dat de stelkozijnen bestand moeten zijn tegen waterbelasting, zodat geen degradatie optreedt.

Het stelkozijn (hsb-element) is niet duurzaam bestand tegen vochtbelasting. De verbindingen zijn niet waterdicht, waardoor vocht in het kopse hout kan treden.

Eisen duurzaamheid stelkozijnen

Ten aanzien van de duurzaamheid voldoe je aan NEN 2778 bij toepassing van:

  • Kunststof stelkozijnen.
  • Houten stelkozijnen indien deze voldoende verduurzaamd zijn en de verbindingen waterdicht zijn.
  • Houten stelkozijnen waarvan de onderregel is ingeplakt met butyltape, waarop EPDM is verlijmd of een vloeibaar rubbersysteem is aangebracht. Bij toepassing van tape moet je voorkomen dat water onder de tape kan komen. Het afdichtingssysteem moet bij de stijlen 100 mm worden opgezet.
  • Een combinatie van de laatste twee hierboven genoemde punten.
  • Kozijnen zonder stelkozijnen. Soms worden kozijnen gemonteerd op het binnenblad zonder stelkozijnen. De (aluminium) kozijnen zijn dan voorzien van een flens.

Je voldoet niet aan de duurzaamheid volgens NEN 2778 bij toepassing van:

  • Onbehandelde houten stelkozijnen.
  • Geschilderde houten stelkozijnen waarvan de verbindingen niet zijn afgedicht. Via de verbinding komt water in het kopse hout en ontstaat houtrot.
  • Hsb-elementen (onbehandeld) die als stelkozijn dienen.

Beoordeling bij testen waterdichtheid

Voor de test moet worden beoordeeld of de bouwkundige aansluiting, het stelkozijn, zodanig is ontworpen dat er water mag komen en of dit naar buiten kan worden afgevoerd. Zo niet, dan moet het kozijn na de test worden gedemonteerd. Indien dan geen vocht wordt vastgesteld, wordt voldaan aan de eisen. Er zijn echter op termijn wel risico’s op degradatie.

Voorwaarden goede bouwkundige aansluiting

Het stelkozijn (of hsb-element als stelkozijn) moet voldoende verduurzaamd zijn om degradatie (houtrot) te voorkomen. Tevens mag er geen capillair aanwezig zijn tussen stelkozijn en aluminium of kunststof afwerkingsstrippen. Het stelkozijn, meer specifiek de verbindingen, moet waterdicht zijn. Er moet een lucht- en waterdichte afdichting (kitvoeg op rugvulling) aan de binnenzijde tussen stelkozijn en kozijn aanwezig zijn. Om een functionele afdichting aan te kunnen brengen, moet er echter wel voldoende ruimte zijn tussen kozijn en stelkozijn. Er moet beluchting aanwezig zijn, zodat de luchtdruk in de bouwkundige aansluiting gelijk is aan de buitendruk. Hierdoor komt er minder of geen water door de buitendichting. De beluchting kun je realiseren door het buitendichtingsrubber (in de flens van het profiel) in de hoeken van het kozijn 20 mm te onderbreken. Er moet waterafvoer naar buiten aanwezig zijn. De buitendichting moet voldoende waterkerend zijn. Indien er gebreken zijn (boven- en zijaansluiting) in de buitendichting, kan water in de bouwkundige aansluiting komen, ook zonder drukverschil als gevolg van de zwaartekracht. Er moet een lucht- en waterdichte afdichting (kitvoeg op rugvulling) tussen stelkozijn en binnenblad aanwezig zijn. Om een functionele afdichting aan te kunnen brengen, moet er echter wel voldoende ruimte zijn tussen stelkozijn en binnenblad.

Advies goede bouwkundige aansluiting kozijnen

Om te beoordelen of kozijnen kunnen voldoen aan de gestelde eisen, moeten testen worden uitgevoerd op prototype kozijnen. In geval van CE-markering moeten volgens NEN 2778 (waterdichtheid) de prestaties worden overlegd, voor kozijnen volgens NEN-EN 12208. Ten aanzien van de luchtdoorlatendheid moeten de prestaties worden overlegd volgens NEN-EN 12207. Om te beoordelen of kozijnen en de bouwkundige aansluitingen voldoen aan de gestelde eisen, moeten in-situ-testen worden uitgevoerd. Advies is om de bouwkundige aansluiting altijd correct te ontwerpen volgens bovenstaande voorwaarden (zie ook figuur). Ook als er tijdens de test geen water in de bouwkundige aansluiting komt, wil dit niet zeggen dat dit later niet gebeurt. Door pompbewegingen van het kozijn en door het krimpen van afdichtingsrubbers is de kans namelijk groot dat er op termijn water bij komt. In-situ-testen kan BDA Geveladvies uitvoeren zonder dat er een testkast hoeft te worden gebouwd. Met speciale apparatuur kan BDA Geveladvies namelijk de gehele binnenruimte op druk brengen. Daardoor kun je veel kosten voor een test.

Infographic: tweevoudige afdichting en luchtdichtheid

Literatuur en aanvullende bronnen

J.G. Dame; Geveldetail 44 ‘Lekkage door onjuiste aansluiting kozijn’, Bouwwereld 4, 1 maart 2004. J.G. Dame; Geveldetail 54 ‘Waterdicht binnenblad noodzakelijk’, Bouwwereld 18, oktober 2006. NEN 2778:2015 nl ‘Vochtwering in gebouwen’. NEN-EN:1027:2016 en ‘Ramen en deuren - Waterdichtheid - Beproevingsmethode’. 12207:2016 en ‘Ramen en deuren - Luchtdoorlatendheid - Classificatie’. 12208:1999 en ‘Ramen en deuren - Waterdichtheid - Classificatie’. 12154:1999 en ‘Vliesgevels - Waterdichtheid - Prestatie-eisen en classificatie’. Tekst en beeld: ing. J.G.

De ruimte tussen muur en kozijn opvullen

In het verleden waren er minder nette en goed werkende oplossing voor het opvullen van de ruimte tussen de muur en het kozijn. Een profiellat zorgt alleen niet voor 100% wind- en waterdichtheid en moet deze lat op zijn beurt ook weer waterdicht worden gemonteerd. Purschuim wordt nog steeds veel gebruikt bij het plaatsen van kozijnen echter is het minder geschikt. Purschuim zet wel uit tegen kozijn en muur, waardoor de kier wordt opgevuld. Echter ziet dit er niet mooi uit, kan slecht tegen uv-licht, is lastig overschilderbaar en is niet waterdicht. De beste manier om de ruimte tussen het muur en jouw kozijn op te vullen en wind- en waterdicht te maken is door compriband te gebruiken (ook wel voegband, schuimband, cocoband, isolatieband of zwelband genoemd).

Compriband is een een schuimband dat aan één kant kleeft en door middel van uitzetting de sparing tussen muur en kozijn opvult. Je kunt de compriband op het kozijn plakken bij de montage om ervoor te zorgen dat de ruimte tussen het kozijn en de muur gevuld is. Door de uitzetting wordt de volledige kier opgevuld. Compriband is verkrijgbaar in veel verschillende diktes en er is altijd wel een formaat wat past bij jouw klus, meestal 2-3 mm dikte.

Diagram compriband in maatvoering

Hoe plaats ik compriband?

  1. Bepalen van de juiste maat: meet de sparing met duimstok of rolmaat.
  2. Compriband aanbrengen rondom het te plaatsen kozijn aan alle buitenzijden.
  3. Kozijn met compriband plaatsen.
  4. Onderhoud: compriband blijft tot ~15 jaar functioneel; controleer periodiek en impregneren indien nodig.

Aanvullende praktijktips

Een goede kozijnverbinding tussen de boven- en onderdorpel en de stijlen van de kozijnen is van cruciaal belang voor structurele stabiliteit, weerstand tegen vocht, en isolatie. Voorboren van hout dient om scheuren te voorkomen en schroeven gemakkelijker te laten indraaien. PU-lijm verlengt de sterkte van kozijnverbindingen. Bij montage moet rekening gehouden worden met krimp- en zwelgedrag en een voldoende vrije ruimte tussen kozijn en stelkozijn. De traditionele spouwlatten en stelkozijnen vereisen aandacht voor luchtdichtheid en waterdichtheid in elke verbinding, met aandacht voor minimaal overlappende water- en luchtdichtingslagen.

Technische randvoorwaarden en regelgeving

11.6 Placing en bevestiging van kozijn in gevel, spouwlatten en stelkozijn. 11.7 Dichtingen, lucht en water: luchtdichtheid, waterdichtheid en de plaatsing van kitvoeg op rugvulling. 11.9.2 Regelgeving bij renovatie. Deze secties beschrijven plaatsing, detailleringen en benodigde afdichtingen, inclusief koude- en warme bruggen, en verankering aan het bouwkundig kader.

Schema koppeling kozijn-stelkozijn en waterdichtingslagen

Praktische samenvatting

Een correcte bouwkundige aansluiting vereist luchtdicht- en waterdicht gedrag aan binnen- en buitenzijde, met een tweevoudige afdichting en voldoende beluchting. De combinatie van kitvoeg op rugvulling en zorgvuldig geplaatste binnendichting zorgt voor duurzaamheid en lage kans op lekkages. Gebruik compriband om de kier tussen muur en kozijn effectief op te vullen en zorg voor juiste afstand en ruimte tussen kozijn en binnenblad of stelkozijn voor betere ventilatie en afvoer.

Hoe teken je een realistisch oog met pen(stap voor stap) + tips en uitleg | Mirthemes

tags: #2 #kozijnen #tegen #elkaar #detail