Als je net zoals ik een kleine moestuin hebt of moestuiniert in bakken en potten, wil je zuinig omgaan met je ruimte. Maar dat betekent niet dat je aardappels kweken meteen moet afschrijven. Ik reserveer altijd een klein stukje in mijn moestuin voor de aardappels. En aardappels kweken in pot of een zak is ook een leuke optie. Stiekem ben ik helemaal geen aardappeleter. Tenminste niet vastgekookt. Voor een lekkere stamppot met boerenkool uit eigen tuin kun je me dan wel weer wakker maken. En met aardappels uit de oven maak je me ook blij. Ik houd van variatie in mijn eten, dus ik kies al drie jaar voor het Hongaarse ras sarpo mira; hoogresistent tegen de aardappelziekte en geschikt voor koken, bakken en stampen. Ideaal! En de aardappel heeft ook een prachtige rode schil. Het oog wil tenslotte ook wat. Geen zin om echte pootaardappels te kopen? Je kunt ook aardappels uit de winkel proberen. Je hebt namelijk vroege, midden en late aardappels. Vroege aardappels doen er zo’n 90-100 dagen om te groeien, late wel tot 150 of meer. Hoe later de aardappel, hoe langer je ‘m kunt bewaren. De vroege aardappels kunnen vanaf begin maart de grond in, de late vanaf begin/half april. Ik laat mijn aardappels zelf altijd voorkiemen. Zo hebben ze een aardige voorsprong als ze de grond ingaan. Ongeveer 3-4 weken voor het poten, leg ik ze in een eierdoos op een lichte (maar geen zonnige) onverwarmde plek. 10 graden is ideaal. Bij mij staan de aardappels altijd in de keuken te kiemen. Voordat ik de aardappels de grond instop, gaat er in onze moestuin in het vroege voorjaar paardenmest door de grond heen. Daarna gooi ik er nog lekker wat compost overheen. Aardappels lusten wel wat. Het schijnt dat kippenmest niet zo goed is voor aardappels. Zodra jouw ras aardappels de grond in mag en er mooie, korte en stevige uitlopers zijn, dan het is het tijd om te poten. Officieel moeten aardappels op minimaal 50 centimeter van elkaar in de rij en 40 centimeter tussen de rijen gepoot worden. Bij late rassen is dit zelfs 70 centimeter bij 40 centimeter. Ik ben altijd redelijk eigenwijs en zet bijna al mijn groenten wat dichter op elkaar, dus ook de aardappel. Mijn ras is hoogresistent tegen deze schimmel en tot nu toe gaat het prima. Moestuinieren is ook een kwestie van experimenteren. Om zoveel mogelijk aardappelplanten kwijt te kunnen op mijn stukje van 150 cm bij 60 cm, poot ik ze zigzaggend in plaats van op een rij. Ik kan er dan zo’n 9 kwijt. Heb je echt geen ruimte in jouw moestuin of helemaal geen moestuin. Dan kan aardappels kweken in pot of zak ook prima. Je stopt dan 2-3 aardappels per pot of zak in de grond. Juten zakken werken prima, maar er bestaan ook speciale aardappelemmers van Elho. Ook in een pot of zak is het belangrijk dat de aardappels genoeg voeding hebben. Als alles goed gegaan is, zie je na een paar weken de eerste blaadjes boven de grond uitkomen. Het is belangrijk om de grond vochtig genoeg te houden. Let er bij een pot of zak goed op dat het water wegkan. Net zoals de tomatenplant, houdt de aardappelplant er niet van om natte bladeren te krijgen. Probeer dus zoveel mogelijk bij de wortels water te geven en niet van bovenaf. Zodra de planten de lengte in groeien, kun je ze om de zoveel tijd aanaarden (de bodem wat ophogen rondom de stengel). Hiermee voorkom je later dat de aardappels bloot komen te liggen en groen worden. Als je voor het poten flink bemest hebt, is veel bijmesten niet nodig. Ik geef tijdens de bloei vaak nog een beetje koemestkorrels en daarna wat kali voor de knolontwikkeling. Als je een heel zure grond hebt, kan het slim zijn om voor het poten wat kalk te geven. Als de planten flink groot zijn, krijg je in de zomer mooie kleine bloemetjes aan de plant. Dat is een teken dat de oogst langzaam in zicht komt. Nadat de aardappelplanten zijn uitgebloeid, beginnen ze langzaam af te sterven. Dat is het moment dat ik altijd even een greep in de aarde doe om te voelen of er aardappels in zitten. Witte bloemetjes. Als de plant wat dor en geel wordt, kun je de aardappels oogsten. In de volle grond, kun je dat het beste doen met een riek of spitvork. Houd voldoende afstand van de plant zodat je de aardappels niet beschadigt en wip dan de plant omhoog. Voel goed of je geen aardappels in de grond laat zitten. In een pot of zak is het een kwestie van de hele boel er voorzichtig uitschudden. Heb je niet alles nodig? Na de oogst was ik de aardappels en laat ik ze in het zonnetje drogen. Je kunt ze ook met zand en al bewaren, maar ik vind dat niet handig als ik ze later wil schillen. Voor de verschillende soorten gelden verschillende bewaartermijnen. Hoe later de aardappel hoe langer je kunt bewaren. Pootaardappels bestellen? Heb je zin om ook te starten met aardappels telen en ben je op zoek naar een adres om je pootaardappels te bestellen? Dit blog bevat affiliate links. Dat betekent dat ik een klein bedrag verdien als jij een product bestelt via een van die links. Het kost jou geen extra geld en je helpt mij om onder andere mijn YouTube-video’s te kunnen bekostigen. Dank je wel dus daarvoor!
Het kweken van aardappels in je eigen tuin is ontzettend makkelijk en ook nog eens leuk. Want het is zo’n verrassing als je aan het einde van het seizoen de plant eruit haalt en hier ontzettend veel aardappels aan hangen. Maar hoe zorg je nou dat je daadwerkelijk aardappelen kunt oogsten en kan dit ook in potten? Bij het kweken van aardappelen gebruik je het beste pootaardappelen. Deze zijn gekweekt om er opnieuw aardappelen uit te laten groeien. Voor het kweken kun je het beste pootaardappelen gebruiken. Deze hebben een betere opbrengst en hebben minder kans op ziektes en plagen. Leg ze in maart in een eierdoos om ze te laten ontkiemen, dit doe je het beste op een plek waar het wat koeler is, maar niet vriest. Een plekje van 10-15 graden is super. Begin april gaan ze met de wat groene uitlopertjes de grond in. Heb je hele grote pootaardappelen dan kun je deze ook nog in stukken snijden. Zorg er dan wel voor dat elk stuk minstens één uitlopertje heeft. Plant ze 10-15 cm diep in de grond. De planten hebben veel water nodig dus zorg ervoor dat de bodem niet uitdroogt. Aardappelen houden van zon, hoe meer zon hoe meer de plant het naar zijn zin heeft en dus ook meer oogst zal leveren. Je kunt ze oogsten zodra je ziet dat het loof afsterft en op de grond gaat hangen. Sommige mensen oogsten eerder voor kleinere, nieuwe aardappelen, terwijl anderen wachten tot het loof helemaal is afgestorven voor grotere aardappelen. Graaf dus gewoon wat op, en als je tevreden bent met de oogst dan oogst je ze allemaal. Parli - een van de oudste aardappelrassen bijna 250 jaar oud. Ja, ze zijn ook heel goed in potten te kweken. Zorg dan wel voor goede potgrond en een ruime pot. Je kunt bijvoorbeeld een cementkuip gebruiken. Ik vind dit altijd veel fijner omdat er dan meer ruimte in de moestuin overblijft voor andere gewassen. Het is ook makkelijker oogsten. In de volle grond is oogsten wat meer werk en de kans dat er wat achterblijven is groter. Dit is dus als je werkt met wisselteelt om de bodem gezond te houden, altijd net wat meer uitdaging. Er zijn verschillende soorten aardappelen, die worden ingedeeld op basis van de periode waarin ze geoogst worden: primeuraardappelen, vroege, halfvroege of laat oogstbare aardappelen. Als je primeuraardappelen in februari al onder glas of in zakken in de garage hebt geplant, kun je ze al vanaf midden mei tot begin juni oogsten. Bij de late variëteiten zitten de beste bewaaraardappelen. Echter zijn deze variëteiten vaak moeilijker te telen, omdat de meeste aardappelziekten later in het jaar opduiken. Aardappelen kunnen afhankelijk van de variëteit last hebben van aardappelmoeheid, aardappelschurft, aardappelziekte (Phytophthora) of van de coloradokever. Kies een geschikte plaatsOm aardappelen succesvol te kweken, is het belangrijk een geschikte plek te kiezen. Aardappelen groeien het best op een zonnige plaats in de tuin en gedijen goed op de meeste grondtypes, maar hebben een voorkeur voor lichtzure grond met een pH-waarde tussen 5 en 6, die goed gedraineerd is. Vermijd een plek die recentelijk is bekalkt en verbouw ze niet elk jaar op dezelfde plaats om de gevreesde aardappelziekte te voorkomen. Op een kleine oppervlakte kunnen aardappelen worden gekweekt in speciale kweekzakken, emmers, grote bloembakken of zelfs in oude potgrondzakken die je binnenste buiten keert (zwarte zijde naar buiten om sneller op te warmen).

De Chang'e-4-camera's hebben de eerste beelden van de achterkant van de maan vastgelegd.
Experimenteren en ruimte: maanconforme teeltprincipes
Hoewel de meeste onderwerpen in de bovenstaande paragrafen gericht zijn op aardappeltelen op aarde, is het inspirerend om stil te staan bij hoe maanomstandigheden en beperkte zwaartekracht mogelijk van invloed zijn op wortelgewassen zoals aardappelen. Een essentieel aspect blijft echter hetzelfde: voldoende voedingsstoffen, waterbeheer en juiste plantdiepte. De ervaring uit de ruimtevaart laat zien dat aardappelen in kleine systemen kunnen groeien en zelfs kunnen fungeren als bron van zuurstof en voeding in een geïsoleerde ecosystemen.
Voorbereiding en bemesting
- Gebruik pootaardappelen voor betere opbrengst en minder ziektegevoeligheid.
- Ontkiem ze in maart in een eierdoos op een koele, lichte plek (ongeveer 10-15 graden).
- Voeg paardenmest en compost toe in de bodem bij het vroege voorjaar; kippenmest vermijden.
- Houd rekening met de pH-waarde: lichtzure grond (5-6) voor optimale groei.
Poottechnieken en ruimtegebruik
- Pootafstand in rij van 40-50 cm; bij late rassen tot 70 cm bevestigd.
- Wees eigenwijs wat betreft dichter planten als ruimte beperkt is; zigzaggend positions kan ongeveer 9 planten opleveren op 150x60 cm.
- Bij potten en zakken 2-3 pootaardappels per pot of zak; gebruik stevige potten (minimaal 30-40 cm diepte).
Verzorging en oogst
- Watergiften bij wortels voorkomen natte bladeren; zorg voor goede drainage in potten.
- Aanaarden tijdens groei om knollen dieper te ontwikkelen en groen worden te voorkomen.
- Oogsten zodra loof afsterft of wanneer men de knollen als rijp beschouwt; in de volle grond met een riek of spitvork, in potten/zakken schudt men voorzichtig leeg.

Aardappelen op de maan: concrete haalbare stappen en limieten
De maanpresentatie laat zien dat technologische ontwerpen en autonome systemen nodig zijn voor landingsoperaties en voedselproductie in ultralange duur missies. Toch blijven de basisprincipes van aardappelteelt hetzelfde: ruimte efficiënte methoden, zoals potten, zakken en kleine bakken, kunnen geschikt zijn voor een korte tot middellange maansessie wanneer transport van volle aardappels onpraktisch is. De mogelijkheid om in een mini-ecosysteem aardappelzaadjes en rupsen te laten functioneren, levert interessante inzichten op voor toekomstige langdurige bemande ruimtemissies. Een belangrijk doel blijft hoe je een menselijk dieet op een ruimtevaartuig of een maanbasis op peil houdt zonder frequente bevoorrading vanaf Aarde.
Overzicht van variëteiten en hun eigenschappen
- Primeuraardappelen: vroege rassen die snel oogstbaar zijn; vaak binnen enkele maanden na het planten geschikt om te oogsten.
- Vroege, halfvroege en late aardappelen: bewaartermijnen variëren; late rassen bieden de beste bewaarmogelijkheden maar zijn soms moeilijker te telen.
- Rassen met ziekteweerstand: sarpo mira genoemd in de praktijk als hoogresistent tegen aardappelziekte; nuttig voor termijnlange teelten.
Achtergrond: aarde, maan en ruimteontwikkelingen
In de context van toekomstige maan- en Marsexpedities komt de combinatie van ruimtevaart en voedselproductie steeds vaker op de voorgrond. Een mini-ecosysteem aan boord, niet veel groter dan een emmer, bevat aardappelzaadjes en rupsen die zuurstof produceren. Die planten kunnen zuurstof leveren terwijl rupsen CO2 gebruiken. Het doel is om mensen tijdens lange missies te voeren en mogelijk zelf te laten kweken. Dit soort experimenten wordt ook al toegepast in het ISS en biedt waardevolle lessen voor aardappelteelt op aarde, waar de basisprincipes van bemesting, drainage en waterbeheer centraal blijven staan.
- Begin met pootaardappelen en voorkiem ze 10-15 graden koele plekken.
- Plant in maart-april in de volle grond of april-mei in potten en zakken, afhankelijk van ruimte.
- Zorg voor voldoende water, giet bij de wortels en voorkom natte bladeren.
- Aanaarden om knollen te beschermen tegen blootliggen en groen worden.
- Oogst wanneer loof afsterft, of eerder voor kleine nieuwe aardappelen; gebruik een riek of spade met zorg.
- Bewaring: bewaar aardappelen in droge, donkere plekken; de bewaartijd hangt af van het ras en de oogstdatum.

Beschikbare bronnen en opties

Heb je zin om ook te starten met aardappels telen en ben je op zoek naar een adres om je pootaardappels te bestellen? Dit blog bevat affiliate links. Dat betekent dat ik een klein bedrag verdien als jij een product bestelt via een van die links. Het kost jou geen extra geld en je helpt mij om onder andere mijn YouTube-video’s te kunnen bekostigen. Dank je wel dus daarvoor!
| Fase | Actie | Tijd |
|---|---|---|
| Voorkiemeren | Leg aardappels in een eierdoos op 10-15 graden | 3-4 weken voor poten |
| Potklaar maken | Toevoegen van paardenmest en compost; kalk indien nodig | Voorjaarsperiode |
| Poten | Rijen 40-70 cm uit elkaar; 10-15 cm diepte | Begin april |
| Onderhoud | Waterniveau controleren; aanaarden bij groei | Tijdens lente/zomer |
| Oogst | Loof afsterft; knollen oogsten | Laat in de zomer/voorjaar van het volgende seizoen |