Afstand tussen negge en kozijn montage richtlijnen

Geen idee of ik in in een eerder blog het bijzagen van de muren naast de kozijnen heb besproken, maar dat is wel wat er gebeurt is.

Dit als voorbereiding op het afronden van dat wat normaal een scherpe hoek is aan de binnenzijde van je kozijn.

Het leek mij erg mooi en het begint erop te lijken dat dat ook zo is.

In deze foto 2 kozijnen naast elkaar, voor en na de afronding.

Er zijn een aantal termen om dit stuk muur te bespreken, in de ontwerpfase was het mij niet duidelijk op welk deel van de muur welke term van toepassing was.

' In de dag ' betekent aan de binnenzijde van de opening.

' Op de dag ' betekent over de opening heen.

van een gevel beïnvloeden.

Frits heeft aan al die verwarring geen boodschap, hij werkt rustig door.

Afgelopen week heeft hij stug doorgewerkt om alle hoeken in huis voor te bereiden en de stukadoor voor te blijven.

  1. Ook: neg, egge, eg.
  2. De negge is de zijkant (dagkant) van de muuropening aan de buitenzijde van een deur- of raamkozijn.

Zie dagkant en eventueel afschuining.De negmaat of neggemaat is de afstand van voorkant kozijn tot voorkant gevel, dus de diepte van het kozijn ten opzichte van de gevel.

De neggesteen is de steen (baksteen, natuurstenen blok e.d.) in de negge, dus in de zijkant van de raamopening of deuropening.

Vroeger werd wel eens het bouwjaar in de neggestenen gehakt (bijvoorbeeld de eeuw "17" aan de linkerkant van het raam en het jaartal "25" aan de rechterkant).

Zie eventueel inspringend en uitspringend.

Eng. 3. De negge is de afstand van de buitenkant van het metselwerk tot de voorzijde van het kozijn.

De eerste foto onder laat een situatie zien waarbij de negge aan de linkerzijde van het kozijn verschillend is van die van de rechterzijde.

Zie ook kantelaaf. Eng. afgeschuinde negge is splay

Je gebruikt een verouderde webbrowser.

Hallo, onlangs kozijnen laten plaatsen maar nu zit er op 1 kozijn ongeveer 18mm rondom ruimte wat is opgevuld met compressieband.

Andere kozijnen(4) hebben dit alleen aan bovenzijde.

Zijdes hebben hier gemiddeld 4 a 6 mm ruimte.

Dit is geen zelfklus.

We zitten hiermee niet op 1 lijn en willen graag uitsluitsel wat de maximale tussenruimte mag zijn.

We lezen op NEN en Komo voorschriften alleen wat de minimale ruimte moet zijn ivm uitzetten van het kunsstof.

Zoeken op de VKG -richtlijnen voor montage.

Bedankt voor reactie.

Heb t gevonden.

Vind wel irritant dat de middelste 18mm heeft en de buitenste 5mm.

Voor stelkozijnen geldt een minimale opdek van 10 mm.

Zal foto bijvoegen.

De aanvrager moet al bij de aanvraag de bouwtoleranties vermelden van de opening(en) waarin de gevelelementen moeten worden geplaatst en waarbij tevens rekening moet worden gehouden met de uitzettingscoëfficiënt van kunststof.

De kunststof gevelelementen behoren met een ruime tolerantie in de muuropening te worden aangebracht en bevestigd door middel van verende ankers of te worden doorgeschroefd.

Dat moet echter zodanig gebeuren dat uitzetting en krimp van het element geen schadelijke spanning teweegbrengt.

Ook een door TNO uitgevoerde studie naar de vervorming van kunststof profielen onder invloed van temperatuurwisselingen heeft duidelijk gemaakt dat de lengteveranderingen voor witte profielen in de praktijk lager liggen.

Voor gekleurde profielen moeten de gegevens van de profielfabrikant in acht worden genomen.

Opmerking: Door een beproeving bij SKG-IKOB en referenties is aangetoond dat bij geringe of geen omtrekspeling dit niet tot problemen hoeft te leiden.

In verband met de esthetische kwaliteiten van de aansluitingen van het gevelelement op het bouwkundige kader is het wenselijk om uit te gaan van een maximale omtrekspeling van 20 mm.

Bij de onder aansluiting is de binnenmaat van het bouwkundige kader maatgevend voor de ruimte tussen het kozijn en de lekdorpel.

Over het algemeen kan goed aan deze eisen worden voldaan, indien de nodige aandacht wordt besteed aan een zorgvuldige materiaalkeuze en het maken van tijdige en goede afspraken met de andere partners op de bouwplaats (onder andere over maattoleranties).

Verder dienen de belangrijkste bouwfysische principes goed te worden toegepast op de specifieke projectgebonden situaties.

Het is van belang dat het resultaat van deze inspanningen van de gevelconstructeur eenduidig wordt vastgelegd.

Hiertoe zijn tekeningen met aansluitdetails het geëigende middel. Deze dienen tijdig op de bouwplaats aanwezig te zijn.

De montage dient ook daadwerkelijk te worden uitgevoerd volgens deze tekeningen.

a. de omringende bouwkundige constructie mag geen krachten uitoefenen op het kunststof gevelelement. Tevens dient deze constructie voldoende sterk en stijf te zijn om de optredende belastingen volgens de Eurocode af te kunnen voeren.

b. c. de bouwkundige constructie dient geschikt te zijn om er een gevelelement aan te verankeren.

d. e. bij het ontwerpen van de aansluitdetails moet rekening worden gehouden met de ruimte die nodig is om de ankers, scharnieren en dergelijke te kunnen plaatsen en afdekken (bijvoorbeeld draaivalramen).

f. lengteveranderingen van het kunststof gevelelement moeten altijd kunnen plaats vinden.

g. er moeten maatregelen worden getroffen om lucht- en waterinfiltratie vanuit de spouw te voorkomen.

h. i. er mogen geen vochtbruggen in de aansluitconstructie voorkomen.

j. afdichtingsprofielen die aan de buitenzijde worden gebruikt kunnen onder wind- en regenbelasting op den duur water doorlaten, onder andere door pompwerking.

k. het verdient aanbeveling de detaillering van de aansluiting zodanig te ontwerpen dat de montage van het gevelelement in meerdere fasen van de bouw mogelijk is.

l. eventuele uitwendige verstijvings- en koppelingskokers (dit zijn niet de metalen verstijvingskokers die in de kunststof profielen zijn opgenomen) dienen aan de omringde bouwkundige constructie te worden verankerd.

m. De wind- water- en luchtdichtheidwaarden kunnen afwijken t.o.v. Al het bovenstaande volgens behaalde waarden en richtlijnen van de betreffende leverancier c.q. n. o.

p. bij renovatie met (schoon) metselwerk aan de buitenzijde verdient het aanbeveling reeds in de ontwerpfase aan te geven dat de neggemaat van het nieuwe stelkozijn bij voorkeur kleiner of gelijk is aan de oude neggemaat.

q. de VKG-gevelelementen dienen, met een maximale afwijking van 1 mm/m1, waterpas, te lood, haaks en vrij van scheluwvorming te worden gemonteerd.

r. Genoemde eisen gelden alleen voor ramen en deuren die voorzien zijn van een rondomlopend kader.

In Nederland wordt een gevelelement verankerd met behulp van montage door middel van een stelkozijn (ook wel stelkader of stelstroken genoemd).

De ontwerper beschikt over een grote vrijheid met betrekking tot het ontwerpen van het stelkozijn.

Het verdient aanbeveling het deel van het stelkozijn waartegen de gevelelementen worden gemonteerd zodanig te dimensioneren dat een optimale afdichting kan worden gerealiseerd.

• het stelkozijn kan van hout of kunststof zijn.

Dit stelkozijn dient voldoende sterk, stijf en duurzaam te zijn om de optredende belastingen volgens NEN-EN-1990 en 1991 duurzaam af te kunnen voeren.

Een kunststof stelkozijn is voldoende duurzaam om toe te passen in de gevelbouw.

Uitsluitend voor zover sprake is van een gelijkwaardige oplossing (bijvoorbeeld wanneer het multiplex voldoende deugdelijk (in samengestelde constructies) kan worden bevestigd) en er voldoende omtrekspeling rond het gevelelement is, kan multiplex van een geringere dikte toegepast worden (bijv. Bij hout van een geringere duurzaamheidklasse dan 2 dient het hout vooraf rondom dekkend (dikte min. Het aantal verankeringen, de plaats ervan en de wijze van verankeren, dient zodanig te zijn ontworpen dat de krachten die op het gevelelement worden uitgeoefend goed op de omringende bouwkundige constructie kunnen worden overgedragen en dat deze constructie het kunststof gevelelement zelf niet belast.

Bij nieuwbouw dient bij het bepalen van de afmetingen van de kunststof gevelelementen rekening te worden gehouden met ‘kruip’ (het doorzakken) van latei-, vloer- en balkconstructies.

De verankeringen moeten tussen 150 en 200 mm vanuit de binnenhoeken van het element zijn aangebracht.

De onderlinge afstand van deze bevestigingspunten mag niet meer bedragen dan 600 mm.

Verder dienen de verankeringen te worden aangebracht 150 en 200 mm vanuit de binnenhoeken van de aansluiting van tussenstijlen of -regels.

Op de plaats van de scharnieren van ramen en deuren moeten de puntlasten op het bouwkundige kader worden overgebracht, echter rekening houdend met de minimumafstand van 150 mm uit de hoeken of tussenstijlen of -regels.

Stijlen waartegen deuren of andere beweegbare delen sluiten, dienen op de plaats van de sluitplaaten of -kommen te worden gefixeerd door middel van doorschroeven of verzwaren van de stijlen.

Ankers en gaten voor doorschroefbevestigingen worden bij voorkeur tijdens de productie van het gevelelement in de fabriek aangebracht.

De montage van de VKG-gevelelementen mag niet plaatsvinden bij een omgevingstemperatuur lager dan -3º C en hoger dan +30º C.

De waterkeringen in de bouwconstructie, zoals loodslabben, folies en dergelijke mogen niet beschadigd door de montage van gevelelementen (bijvoorbeeld bij het vastzetten van stelkozijnen aan een muur door middel van doorschroeven).

De in het ontwerp aangegeven te gebruiken afdichtingsmaterialen dienen deugdelijk en duurzaam te zijn en geschikt voor de specifieke toepassing.

Indien door gebruik van folies, waterslagen en dergelijke ‘sprongen’ voorkomen mogen deze niet groter zijn dan 1 mm.

Op deze plaatsen moeten de afdichtingsprofielen en dergelijke elkaar zodanig overlappen dat er geen water kan binnendringen.

Gevelelementen moeten door middel van de dubbele afdichting tegen het bouwkundige kader worden gemonteerd.

• A: aan de buitenzijde, achter de aanslag van het profiel (lange poot). Dit is de zogenoemde secundaire afdichting;

• B: aan de buitensponning (omtrek) van het profiel.

Geadviseerd wordt om geen vensterbanken, radiatoren, gevelkachels, zonweringen en dergelijke aan de kunststof gevelelementen te bevestigen.

Indien dit echter toch noodzakelijk is, mag hierdoor aan de buitenzijde van het gevelelement geen waterinfiltratie plaatsvinden.

De VKG-gevelelementenfabrikant dient ter plaatse in de kunststof profielen inwendige voorzieningen aan te brengen om de uitwendige bevestigingsconstructie aan te kunnen monteren.

Hierdoor wordt de (punt)belasting overgebracht op het bouwkundige kader en wordt voorkomen dat het gevelelement zelf wordt belast.

Ook bij het doorvoeren met leidingen of bedradingen mag geen waterinfiltratie voor komen.

De bevestiging van doorvalbeveiligingen aan de kunststof gevelelementen dienen volgens voorschriften van de leverancier plaats te vinden.

• de beweegbare delen en het hang- en sluitwerk goed en soepel functioneren;

• de beglazing onbeschadigd is (zie ook § 3.9.1);

• de aansluitingen op het bouwkundige kader correct zijn uitgevoerd;

• het oppervlak vrij van beschadigingen is met inachtneming van onderstaande;

• deuren en andere beweegbare delen niet aanlopen, schranken of ‘nekken’.

Voor binnen geldt een beoordelingsafstand van drie meter loodrecht op het oppervlak.

Voor horizontale vlakken dient de beoordeling plaats te vinden onder een hoek van 15° met het oppervlak.

Voor buiten geldt: beoordeling vanaf het maaiveld binnen een ooghoek van 45° (horizontaal/verticaal) en op een afstand van ten minste vijf meter voor het oppervlak van de gevel.

In alle gevallen vindt beoordeling plaats met het ongewapende oog en bij diffuus daglicht.

De VKG-gevelelementenfabrikant controleert direct na montage elk geplaatst VKG-gevelelement.

Uiteraard geldt dit niet voor elementen die niet door de VKG-gevelelementenfabrikant zijn gemonteerd.

Na montage door de VKG-gevelelementenfabrikant zullen de VKG-gevelelementen ‘fabrieksschoon’ worden opgeleverd.

Hieronder wordt verstaan het eenmaal verwijderen van in het zicht zijnde kitresten, kitvlekken, raammerken, stickers en stickerlijmresten op glas, panelen en profielen van de gevelelementen.

Als onderdeel van de kwaliteitsbewaking en borging van de montage van kunststof kozijnen, ramen en deuren zijn de VKG montagevoorschriften in het leven geroepen.

Op de montageplaats dient de meest recente uitgave van het VKG-kwaliteitseisen en adviezen® aanwezig te zijn.

Hierin staan behalve de eisen en adviezen voor de productie en montage van kunststof gevelelementen vijftig referentiedetails voor nieuwbouw en renovatie.

Deze details geven aan hoe er in de meest voorkomende gevallen gemonteerd dient te worden.

Wanneer sprake is van een afwijkende detaillering dienen door de opdrachtgever schriftelijk goedgekeurde tekeningen met aansluitdetails aanwezig te zijn.

Het transport en de opslag van de gevelelementen dient zodanig te gebeuren dat er geen beschadiging of vervuiling van de gevelelementen optreedt.

De te monteren gevelelementen dienen voorzien te zijn van de juiste markeringen.

Het bouwkundige kader waarin het kunststof gevelelement in gemonteerd wordt, is voor een belangrijk deel bepalend voor de kwaliteit van de montage.

Tijdens het ontwerpen van de aansluiting dient met een aantal belangrijke eisen rekening gehouden te worden.

a. De omringende bouwkundige constructie mag geen krachten uitoefenen op het kunststof gevelelement. Tevens dient deze constructie voldoende sterk en stijf te zijn om de optredende belastingen volgens NEN-EN-1990 en NEN-EN 1991 te kunnen afvoeren.

b. c. De bouwkundige constructie dient geschikt te zijn om er een gevelelement aan te verankeren.

d. e. Bij het ontwerpen van de aansluitdetails behoort rekening te worden gehouden met de ruimte die nodig is om de ankers, scharnieren en dergelijke te kunnen plaatsen en afdekken (bijvoorbeeld draaivalramen).

f. g. h. i. j. Er mogen geen vochtbruggen in de aansluitconstructie voorkomen.

k. Afdichtingsprofielen die aan de buitenzijde worden gebruikt kunnen onder wind- en regenbelasting op den duur water doorlaten, onder andere door pompwerking.

Voor opvang en gecontroleerde afvoer naar buiten van dit water moeten voorzieningen worden getroffen.

l. Het is gewenst dat de gevelelementen in een zo laat mogelijk stadium van de bouw worden gemonteerd.

m. Eventuele uitwendige verstijvings- en koppelingskokers (dit zijn niet de metalen verstijvingskokers die in de kunststof profielen zijn opgenomen) dienen aan de omringde bouwkundige constructie te worden verankerd.

n. Indien bij een deurconstructie geen onderdorpel aanwezig kan/mag zijn of een onderdorpel van een ander materiaal moet worden gebruikt, moet aan de detaillering voor het bevestigen van de deurkozijnstijlen extra zorg worden besteed (bijvoorbeeld door middel van een stalen hoekprofiel).

o. p. q. De VKG-gevelelementen dienen, met een maximale afwijking van 1 mm/m1, waterpas, te lood, haaks en vrij van scheluwvorming te worden gemonteerd.

r. Bij gestapelde elementen dient tussen de elementen/puien onderling een lekdorpel - achter de onderdorpel - van het bovenste element te worden aangebracht, zodat het lekwater voor de koppelnaad langs de gevel stroomt.

Het gevelelement wordt verankerd met behulp van montage op een stelkozijn.

Het stelkozijn kan van hout of kunststof zijn.

In sommige gevallen, wanneer het bouwkundige kader en de spouwlat voldoende sterk, stijf en duurzaam zijn zodat de optredende belastingen duurzaam afgevoerd kunnen worden, is het toegestaan te monteren op de spouwlat.

In dit geval wordt gesproken over een geïntegreerd stelkozijn.

Hiervoor gelden dezelfde eisen als voor de houten stelkozijnen.

Houten stelkozijnen dienen verduurzaamd te zijn volgens de KVT.

Het stelkozijn moet voorzien in voldoende omtrekspeling van het kunststof gevelelement.

De verankeringen moeten tussen 150 en 200 mm vanuit de binnenhoeken van het element zijn aangebracht.

De onderlinge afstand van deze bevestigingspunten mag niet meer bedragen dan 600 mm.

De stijlen die direct aan het bouwkundige kader worden bevestigd en waaraan beweegbare delen worden gemonteerd of waarop puntlasten aangrijpen, moeten deugdelijk worden gefixeerd, bijvoorbeeld door middel van doorschroeven met achtervullingen.

Opmerking : Bovenstaande eis is niet van toepassing op (draaival)raamconstructies tot een maximale vleugelmaat van 1000 x 2000 mm (bxh) die zijn gemonteerd met zgn. montage- of afstandschroeven die voldoen aan de eisen uit de BRL 0703.

- Door visuele waarneming wordt vastgesteld of extra stelblokjes zijn aangebracht overeenkomstig het montagehandboek.

Stijlen waartegen deuren of andere beweegbare delen sluiten dienen op de plaats van de sluitplaten of -kommen te worden gefixeerd door middel van doorschroeven of verzwaren van de stijlen.

De onderdorpel van het kunststof gevelelement dient volledig vlak en volledig ondersteund te worden.

Onderdorpels die doorgeschroefd zijn dienen ter plaatse van de schroeven te worden afgedicht om waterinfiltratie te voorkomen (b.v. De gevelelementen dienen door middel van een dubbele dichting tegen het bouwkundige kader te worden gemonteerd.

De buitendichting is bedoeld als waterkering, de binnendichting is bedoeld als afdichting tegen luchtinfiltratie.

Bij gebruik van voorgecomprimeerde cellenband moet de band in de voeg in het algemeen 25% van de uiteindelijke ongecomprimeerde afmeting zijn gecomprimeerd, tenzij de verwerkingsvoorschriften and...

Infographic: Neggemaat en kozijnafstand

Wat is een neggemaat?De neggemaat is de maat tussen de binnenzijde van de gevel en de binnenkant van het kozijn. Het gaat dus niet om de totale muuropening, maar om de afstand van de gevel tot het kozijnkader.

Je kunt de neggemaat ook wel zien als de diepte waarin een kozijn in de muur ligt.

De neggemaat bepaalt dus eigenlijk hoe ver een kozijn naar voren of naar achteren in de gevel wordt geplaatst.

Waarom is de neggemaat belangrijk?De neggemaat is belangrijk, omdat het meerdere bouwkundige aspecten beïnvloedt.

Zo zorgt een juiste neggemaat ervoor dat het kozijn goed aansluit op de isolatielaag in de gevel. Dit voorkomt koudebruggen en toch.

De positie van het kozijn bepaalt ook hoe goed regenwater wordt afgevoerd.

Een dieper liggend kozijn geeft verder een klassieke uitstraling, terwijl een kozijn dat vlak in de gevel ligt juist modern oogt.

Daarnaast bepaalt de neggemaat hoe breed de dagkant wordt, of er vensterbanken nodig zijn en hoe de aftimmering komt te zitten.

Voor het bestellen van een kozijn moet je altijd de kozijnmaat en neggemaat weten om het precies passend te maken.

Neggemaat kozijn: wat betekent het bij plaatsing?Bij een neggemaat kozijn wordt het kozijn ontworpen of gemonteerd op basis van de gewenste neggemaat.

Dit is vooral belangrijk bij nieuwbouw, renovatie en prefab kozijn.

Een neggemaat kozijn houdt rekening met de wanddikte, isolatielaag, binnen- en buitenafwerking, de diepte waarop het kozijn in de gevel moet vallen en de waterkering en aansluitdetails.

11.6.1 AlgemeenDe tekeningen 11.B1 en 11.B2 ( kozijnen met spouwlatten of stelkozijnen voor “standaard” kozijnen) en 11.B3 (“bijzondere” kozijnvormen) geven hoofd principes weer.

11.6.3 SpouwlattenBij de aansluiting op spouwmuren kan gebruik worden gemaakt van spouwlatten.

De aansluiting van de spouwlat op het kozijn moet “luchtdicht” worden uitgevoerd.

De minimale afmeting van een spouwlat bedraagt 27 x 44 mm voor montage tegen een houten binnenspouwblad.

De minimale dikte van de spouwlat bedraagt 38 mm voor montage tegen een binnenspouwblad van andere materialen.

De minimale oplegmaat van de spouwlat op het bouwkundig kader is 25 mm.

De aansluiting van de spouwlat op het kozijn moet voldoende luchtdicht worden uitgevoerd.

De onderlinge aansluiting van de spouwlatten dient luchtdicht uitgevoerd te worden.

Spouwlatten worden over het algemeen aan het kozijnhout gelijmd en bevestigd met draadnagels of nieten met een lengte van 2 x de dikte van de spouwlat.

Deze wijze van uitvoering geldt als een luchtdichte aansluiting.

Vervolgens worden kozijn én spouwlat als geheel van oppervlakte afwerkingen voorzien.

Draadnagels mogen maximaal 300 mm uit elkaar worden geplaatst en nieten maximaal 200 mm.

De (nagel-) afstand tot het uiteinde van de spouwlat is ca.

Wanneer bij onvoldoende kozijnhoutdikte kortere nagels of nieten moeten worden gebruikt, moet de onderlinge afstand tussen de draadnagels en nieten 200 mm resp.

Andere vormen van aansluitingen zijn ook mogelijk. Bijvoorbeeld bij een koude aansluiting van behandeld hout op behandeld hout.

11.6.4 VerankeringHet kozijn moet rondom aan het bouwkundig kader worden bevestigd d.m.v. hoekankers.

Vervormingen van het bouwkundig kader mogen geen nadelige invloed hebben (b.v. De hoekankers en de bevestigingsmiddelen dienen corrosiewerend te zijn.

11.6.5 Plaats van de verankeringsmiddelenHoekankers dienen tegen het bouwkundig kader geplaatst te worden aan de binnenzijde van de thermische spouwisolatie.

H.o.h. van de hoekankers maximaal 700 mm.

Indien er voor de toegepaste reliëfdorpel een kleinere h.o.h. afstand wordt voorgeschreven moet deze te worden aangehouden.

De aan te houden h.o.h. Voor schuifpuien moet voor het bepalen van de juiste hoekankers het gewicht van de schuifpui maal 2 genomen worden.

Alternatief kan onder het vaste deel van schuifpuien de h.o.h. 11.6.5.2 genoemd worden.

Hoekankers ter plaatse van stijlen en bovendorpels1. H.o.h. Indien de bovendorpel verankerd wordt aan de bovenliggende vloer dient deze verankerd te worden met een hoekanker voorzien van een verticaal slobgat.

Het verankeringsmiddel in het verticale slobgat dient met de juiste moment aangedraaid te worden.

11.6.5.3 RekwerkenRekwerken naast, boven en/of onder het kozijn dienen als één geheel tegen het kozijn bevestigd te worden.

Zwaartepunt gevelelement (glaslijn) t.o.v. 11.6.7 Bevestiging hoekankers aan het gevelelementenHoekankers worden bevestigd aan de spouwlatten of rek-werken.

De juiste bevestigingsmiddelen (type en afmetingen) worden vastgesteld door de constructeur.

11.6.8 Bevestiging ankers tegen het bouwkundig kaderDe juiste bevestigingsmiddelen (type en afmetingen) om de ankers aan het bouwkundig kader te bevestigen wordt vastgesteld door de constructeur.

Diagram: hoekankers en rekwerken

Samenvatting van belangrijke montageprincipes

  • Verankering rondom het juiste bouwkundige kader met hoekankers, rekening houdend met h.o.h-afstanden.
  • Dubbele afdichting tegen het bouwkundige kader en aandacht voor water- en luchtdichtheid.
  • Ruimte voor uitzetting en krimp van kunststof gevelelementen en tijdige vastlegging van aansluitdetails.
  • Monteren op stelkozijn of geïntegreerd stelkozijn met voldoende omtrekspeling.

tags: #afstand #negge #en #kozijn