Kopschotten zijn beschikbaar voor zinken bakgoten. Zinken kopschotten plaats je aan de linker- en/of rechterzijde van de bakgoot, zij zorgen ervoor dat de bakgoot wordt afgesloten. Gootbeugels zijn van thermisch verzinkt materiaal (NEN 1462) en zijn er voor mast- en bakgoten. Met een gootbeugel bevestig je de bakgoten aan het dakbeschot waarbij er rekening gehouden moet worden met voldoende draagkracht om het gewicht van het hemelwater in de goot te kunnen dragen. Gootbeugels zijn te verkrijgen met en zonder lip. Een tapeind is een verbindingsstuk tussen de mast- en bakgoten en de HWA-buis. Tapeinden zijn verkrijgbaar in verschillende diameters en lengten en worden in de goot gesoldeerd. Met een separatieschot worden twee goten tegen elkaar aangeschoven, maar niet aan elkaar gesoldeerd. Op deze manier heeft het zink speling bij warm en koud weer. De separatieschotten worden in ieder deel van de goot gesoldeerd en het geheel wordt met een separatieschuif afgewerkt. Tevens beperkt een separatieschot de waterloop van de goot. Een zinken rubber expansie verbindt twee goten aan elkaar en wordt tussen twee goten gesoldeerd. De rubber expansie wordt aan de voorzijde afgewerkt door een kraaldeel. Een zinken binnen- of buitenhoek is gemaakt voor het verlengen van een goot wanneer de goot om de hoek gemonteerd moet worden. De hoek waar de goot omheen gemonteerd moet worden, bepaald of er een buitenhoek of binnenhoek gebruikt moet worden. Je gebruikt een verouderde webbrowser. Volgende week worden de zinken dakgoten voor de blokhut geleverd. Ik vroeg me alleen af hoe je het afschot kunt realiseren als de beugels allemaal aan het dakbeschot komen te hangen. De goot is 4 meter met de uitloop aan de achterkant. Goten kan je gerust zonder afschot hangen. Kijk naar de goten van rijtjeswoningen. Bij rijtjeswoningen ligt de goot vaak in een ombouw, dus daar kun je het afschot voor het oog mee afdekken. Ons huis is een rijtjeswoning (blokken van 6 woningen aan elkaar), waarbij de goten gewoon 'blank' aangebracht zijn, dus zonder ombouw. Is hier overal zo, in woningen van verschillende ontwerpen. Er is geen enkel afschot aangebracht, elke ca 6 meter zit er een afvoer. Bij rijtjeswoningen ligt de goot vaak in een ombouw, dus daar kun je het afschot voor het oog mee afdekken. Dan is het geen dakgoot maar een bakgoot.
Aantal regenpijpen, uitlopen en afvoercapaciteit
Aantal regenpijpen en uitlopen bepalen: Tegen alle verwachtingen in is de maat van de dakgoot niet alleen afhankelijk van het dakoppervlak. Reden hiervoor is dat de maat van de dakgoot zelf geen invloed heeft op de afvoercapaciteit. De regenpijpen zijn hierin een beslissende factor. De grootte van de goot is dus ook afhankelijk van het aantal pijpen en de afmeting van de regenpijp. Dus u heeft genoeg uitloop nodig zodat er voor elke pijp een uitloop is. Om het aantal regenpijpen te bepalen gaat u uit van de regel dat er per 8 meter dakgoot één regenpijp nodig is.
Afvoercapaciteit en diameter van regenpijpen
De diameter van de regenpijp is een bepalende factor voor de afvoercapaciteit. Een regenpijp van 70 mm kan de regen verwerken van een klein dak van ongeveer 40 vierkante meter. Heeft u een dakoppervlak van ongeveer 50 m2, dan is een regenpijp met een diameter van 80 mm aan te raden. Voor een dak rond de 80 m2 heeft u een regenpijp met een diameter van 100 mm nodig.
Welke dakgootbeugel heeft u nodig?
Hoe wordt een dakgoot bevestigd? Hoe hangt u een dakgoot op? Om de dakgoot te monteren heeft u dakbeugels nodig. Indien de constructie aan het dakbeschot gemonteerd dient te worden maakt u gebruik van een gootbeugel die u aan het dakbeschot bevestigt. Indien de constructie op of tegen de muur bevestigt dient te worden maakt u gebruik van een gootbeugel die u op de muur monteert. Een voorbeeld van deze gootbeugel of ga voor deze gegalvaniseerde gootbeugel voor aan de muur.
Aantal benodigde gootbeugels en uitlijning
Hoeveel gootbeugels heeft u nodig? De eerste en laatste gootbeugel bepalen het aantal gootbeugels. Om een doorhangende goot te voorkomen gaat u uit van een afstand tussen de beugels van ongeveer 55 centimeter. Uitwijken mag, maar beperkt: minimaal 50 of maximaal 60 cm tussen de beugels is toegestaan. De dakgoot hangt in beugels. Dat is dus stap 1. Begin bij de eerste beugel. Ons advies: begin aan de kant waar de regenpijp komt. Bepaal de positie van de laatste beugel. Let op, de laatste gootbeugel moet hoger hangen dan de beugel aan de kant van de regenpijp, anders kan het water niet goed wegvloeien.
Hellingshoek en afschot
Hoeveel afloop moet een dakgoot hebben? Om te bepalen hoeveel de goot moet aflopen gaat u uit van de vuistregel dat er een helling van 2,5 mm per meter gemaakt wordt. Monteer de beugel nog niet, hou deze in uw hand/met een klem op de juiste positie. Maak vervolgens een verbinding tussen de twee gootbeugels. Span het koord strak en controleer of de helling voldoende afloopt. Het gespannen koord geeft de positie van de tussenliggende beugels aan. Doordat u deze zo op een rechte lijn monteert is het plaatsen van de dakgoot in de beugels een eitje. Zoals eerder in dit blog aangegeven is de afstand tussen de beugels belangrijk. Als de andere beugels hangen is het tijd voor de volgende stap: de dakgoot plaatsen.
Op maat maken en montagetechnieken
Voordat de goot geplaatst kan worden moet deze op maat gemaakt worden. Meet de lengte van de goot op. Zaag de goot op maat in een haakse hoek. Nu is het tijd voor het plaatsen van de dakgoot/dakgoten in de gootbeugels. Dit doet u door de goot omhoog te houden. Vervolgens kunt u de voorkant over of onder de gootbeugel schuiven (afhankelijk van het type gootbeugel). Zit de goot goed? Is de dakgoot geplaatst en is alles op maat? Goed! Dan is het tijd om de dakgoot/dakgoten af te werken met eindstukken. Monteer de regenpijp(en). Bevestig elke 1,5 meter een muurbeugel voor de regenpijp op de stenen. Schuif de regenpijp vervolgens in de beugels. Afhankelijk van uw dakgrootte kan het noodzakelijk zijn om de dakgoot en regenpijp aan te sluiten op de riolering. Voor een kleiner dak of een kleine schuur is het mogelijk om deze te laten uitmonden in een gat in de grond van 50 centimeter diep gevuld met grind. Gaat de goot hoeken om? Maak dan gebruik van hoekstukken. Zo kan de dakgoot om de hoek verderlopen. Is de dakgoot langer? Als u meerdere goten aan elkaar gaat verbinden met verbindingsstukken schuur de delen licht op met schuurpapier. Verwijder overtollige lijm meteen.
Hulpstukken, maatvoering en materialen
Maximaal en minimaal: Goot op maat maken? Voor lange goten is een expansiestuk vereist. Bij lange goten is expansie nodig. Voor een complete zinken dakgoot zijn de hulpstukken minstens zo belangrijk als de gootprofielen zelf: zonder kloppende eindstukken, hoekstukken, beugels en uitlopen werkt geen enkele installatie waterdicht. Wij voeren alle hulpstukken in de gangbare B-maten (B30, B37, B44, B55), allemaal soldeerbaar en compatibel met de gootmaten in ons assortiment. Zinken dakgoten worden in Nederland geleverd in standaard B-maten die de profielbreedte aangeven. B30 - kleinste profiel, voor lichte daken (schuur, tuinhuis, klein dak tot ca. B37 - gemiddelde maat voor standaard particuliere woningen tot ca. B44 - grotere maat voor ruimere daken tot ca. Alle hulpstukken moeten passen bij de B-maat van de goot. Een B37-eindstuk past niet op B44 of B30. Eindstukken - links- en rechtszijdig, afsluiten van de uiteinden. Hoekstukken - voor binnen- en buitenhoeken van het dakprofiel. Uitlopen - verbinden de dakgoot met de regenpijp. Beugels (haken) - voor bevestiging van de goot aan dakrand of muursteun. Zink dat wij voeren is soldeerbaar zink - geen anti-zinklegering of voorbehandeld materiaal. Bij solderen van zink: gebruik zachtsoldeer (Sn-Pb of moderne Sn-Cu legering), soldeervet (geen zoutzuur op binnen-naden bij dakgoten waar drinkwater of regenwater verzameld wordt) en zorg dat het zink schoon en goed verwarmd is. Zink heeft een natuurlijke patinalaag die het beschermt; geen verf of behandeling nodig. Een correct gemonteerde zinken dakgoot met juiste hulpstukken gaat 40 tot 60 jaar mee. In Nederlandse luchtomstandigheden (relatief vochtig, beperkt zuur in regenwater) is de levensduur goed. Wij zijn al sinds 1962 specialist in PVC, beregening en watertechniek. Vanuit ons magazijn in Hooge Zwaluwe leveren wij zinken dakgoot-hulpstukken in alle gangbare B-maten (B30, B37, B44, B55) - eindstukken, hoekstukken, beugels, uitlopen en koppelingen, alle samengevoegd soldeerbaar. Wij denken graag mee over de juiste maatkeuze en bijhorende regenpijpen en uitlopen, en helpen bij vragen over solderen of montage. Particulier, dakdekker of monumentenbouwer, dezelfde aandacht. Dat zijn de standaard B-maten voor zinken dakgoten in Nederland - ze geven de profielbreedte aan. B30 is voor lichte daken (schuur, tuinhuis), B37 voor standaard woningen, B44 voor ruimere daken, B55 voor grote panden of bedrijfspanden. Voor B30-B37 dakgoten een uitloop voor 80 mm regenpijp. Voor B44 een uitloop voor 100 mm. Voor B55 een uitloop voor 120 mm of 130 mm. Voor zinken dakgoten in Nederland adviseren wij beugels elke 50-70 cm onderlinge afstand. Bij langere overspanningen of plekken met veel sneeuwbelasting dichter - zinken goten zijn zwaar als ze vol water of sneeuw staan. Voor zink gebruik je specifiek zacht zink-soldeer (Sn-Pb of moderne Sn-Cu legering) met soldeervet - niet de loodvrije sanitairsoldeer die voor drinkwaterleidingen wordt gebruikt. Bij correcte montage met passende hulpstukken en regelmatige reiniging: 40 tot 60 jaar. In normale Nederlandse omstandigheden (vochtig klimaat, beperkt zuur in regenwater) is de levensduur uitstekend.

Zinken dakgoten solderen
Samenvattend, de belangrijkste elementen voor een duurzame zinken dakgoot zijn: juiste B-maatkeuze (B30, B37, B44, B55), correcte afstand tussen beugels (bij voorkeur 50-70 cm, maximaal 60 cm op kritieke lengtes), definitieve helling van rond 2,5 mm per meter, en zorgvuldige soldeertechnieken met zacht zink-soldeer en soldeervet. Een goed ontworpen systeem omvat kopschotten, binnen- of buitenhoeken, uitlopen naar de regenpijp, en passende expansie- en verbindingsdelen voor lange goten. De lijm- en aansluittechnieken dienen te voldoen aan NEN-normen en aan de specifieke maten van de goot en hulpstukken voor een waterdichte werking gedurende decennia.
Belangrijkste praktijkpunten voor montage en onderhoud:
- Begin bij de eerste gootbeugel en werk naar de laatste, met de regenpijp als gids voor positie.
- Houd rekening met speling en uitzetting; laat expansie mogelijk.
- Bevestig beugels steeds aan dakbeschot of muur, afhankelijk van constructie.
- Zaag en pas maatwerkstukken nauwkeurig aan; monteer eindstukken en hoekstukken correct.
- Reinig en inspecteer jaarlijks; bij veel bladval vaker schoonmaken.
Technische specificaties en leveringsinformatie
De gootprofielen worden geleverd in standaard B-maten. B30 is voor lichte daken, B37 voor standaard woningen, B44 voor ruimer dak, en B55 voor grote panden. Voor B30-B37 heeft men uitlopen voor 80 mm regenpijp; voor B44 uitloop voor 100 mm; voor B55 uitloop voor 120-130 mm. Beugels hebben onderlinge afstanden van 50-70 cm. Gebruik zacht zinksoldeer (Sn-Pb of Sn-Cu) met soldeervet; vermijd sanitairzinksoldeer. De maximale beugelafstand bedraagt 660 mm. De naden van de goot moeten afwaterend naar de afvoer zijn aangelegd. De bodembreedte en klangspecificaties zorgen voor correcte ondersteuning en afdichting. Expansiestukken zijn verplicht bij lange goten of bij plaatsen met thermische krimp en uitzetting. Een volledig zinken dakgoot systeem blijft 40 tot 60 jaar meegaan onder normale Nederlandse omstandigheden.