Wij produceren al jaren hoogwaardige prefab betonvloerplaten voor de agrarische bouw. Onze vloerplaten worden gemaakt met een betonkwaliteit van C55/67 en voldoen aan milieuklasse XA3. Onze antislip vloerplaten, uitgevoerd in GIAN 2s (blokprofiel), zijn speciaal ontworpen voor extra grip in de stal. De bol vloerplaten hebben een optimale afwatering doordat ze in het midden dikker zijn dan aan de zijkanten. De u-borstwering is één van de prefab betonelementen die we zelf hebben ontwikkeld. Het is een uniek vloerelement voor gangpaden in kalverstallen. Met opstaande randen aan beide zijkanten voorkomt u tocht en blijft het voer voor de dieren op zijn plaats. Het transport van betonelementen vereist maximale efficiëntie en veiligheid. Bij G. van Beek en Zn. verzorgen we dit volledig in eigen beheer met behulp van kraanopleggers. Dankzij deze transportoplossing kunnen we uw betonelementen direct op de bouwplaats lossen. Onze kraanopleggers zijn speciaal ontworpen om betonelementen veilig en stabiel te vervoeren, waardoor het risico op schade tijdens het transport aanzienlijk vermindert.

De Ontwikkeling van Prefab Betonvloeren: tussen 1940 en 1990 onderging de constructiewijze van betonskeletten en -vloeren een ingrijpende verandering. Prefab beton verving grotendeels het ter plaatse gestorte beton. Tot 1940 werden betonnen draagconstructies vrijwel altijd ter plaatse gestort, waarbij vloeren, daken, kolommen en wanden als één monolitisch geheel met elkaar verbonden waren. Bij grotere belastingen en overspanningen van meer dan vijf meter bleek een massieve, zware gewapende betonvloer een ongunstige sterkte-gewichtsverhouding te hebben. Om materiaal te besparen en gewicht te verminderen, ging men ribbenvloeren en roostervloeren gieten. Dit leidde tot optimalisatie door het creëren van holle ruimten in de vlakke vloerplaat op plekken die voor de sterkte geen functie hebben.
Naarmate de jaren vorderden, kwamen in de jaren veertig nieuwe prefab vloerelementen voor woning- en utiliteitsbouw op de markt. De zogeheten elementvloeren van de jaren vijftig konden worden onderverdeeld in balken-, ribben- en combinatievloeren. Balkenvloeren bestonden al sinds het begin van de twintigste eeuw. Sommige elementen dienden (deels) als verloren bekisting, waarbij nog wel tijdelijke ondersteuning nodig was. Andere systemen waren zelfdragend en werden op de bouwplaats alleen nog voorzien van een gewapende druklaag. In de jaren zeventig kwamen plaatvloeren, T(T)-vloeren en staalplaatvloeren op de markt. Als materialen voor de prefab tussenelementen dienden terracotta, beton, lichtgewicht beton en isolatiemateriaal. Lichtgewicht beton was in de jaren veertig meestal bimsbeton, met vulkanisch gesteente als toeslagmateriaal.
Tot 1940 werd prefab beton vooral gebruikt voor balkenvloeren. Balken en smalle plaatvloeren werden samengesteld uit aansluitend naast elkaar geplaatste gewapende prefab balken of stroken, die massief of (deels) hol waren en een breedte tot vijftig centimeter hadden. De voegen werden gevuld met mortel en soms met wapening, en over de betonelementen werd meestal een druklaag van gewapend beton aangebracht. Vanaf circa 1900 was een beperkt aantal typen balkenvloeren op de markt. Vroege voorbeelden zijn de Weense Visintinivloeren (een soort tralieligger), de Siegwart holle balkenvloeren en de Normaalbetonvloeren.
In de jaren veertig kwamen meer typen holle balkenvloeren beschikbaar, wat samenhing met de behoefte aan geluiddemping, warmte-isolatie en een kortere bouwtijd. In 1941 leverde Wernink’s Betonmaatschappij in Leiden Norma betonvloeren op basis van I-vormige balken. Van Waning & Co in Rotterdam had Wacobalken: N- en C-vormige vloerbalken, waarbij met de laatstgenoemde een holle vloer ontstond die beter isoleerde. Ook bij de RBM-balken van de Rijnlandsche Betonbouw Maatschappij in Delft ontstond een holle vloer die aan beide zijden vlak was. Van de Amersfoortsche Betonmaatschappij was er een Abema vloer op de markt.
De jaren veertig gebruikte men voor vloeren, met oog op isolerende werking en lagere gewicht, ook bimsbeton. Zo leverde de Betondak in 1942 zowel Arkelplaat- als Arkelkassettenplaatvloeren van dit materiaal. Bij beide systemen bleef tussen de elementen een sleuf open waarin wapening kon worden gelegd. Deze werd gevuld met beton en vormde samen met de druklaag constructief gezien een grindbetonnen ribbenvloer die samenwerkte met de bimsbetonplaten. De firma Oosthoek produceerde vergelijkbare bimsbeton plaatvloeren en had ook een ranke T-balkenvloer van vijftig centimeter breed.

Kwaaitaal-Vormbeton uit Rotterdam leverde vanaf eind jaren veertig liggers in de vorm van holle gewelfde schaalsegmenten van 50 centimeter breed en 18 of 20,5 centimeter hoog. In de jaren vijftig werden de elementen gemaakt van klinker isolietbeton en waren ze volledig zelfdragend. Klinkerisoliet is een toeslagmateriaal van geëxpandeerde klei. De tussen 1965 en 1983 geproduceerde Kwaaitaalvloer is in Nederland veel toegepast, maar bekend om problemen met roestende wapening. Het in 1964 opgerichte Flevobeton kwam met het systeem Flevo, dat ook bestond uit segmenten. Vanaf 1980 waren de Flevo-segmenten voor begane grondvloeren verkrijgbaar met geprefabriceerde voorgevormde polystyreen vormstukken van 56 millimeter dik.
De ribbenvloer werd in 1950 gezien als een overgang tussen de plaatvloer en de T-balkvloer. De eerste generatie ribbenvloeren werd vanaf de jaren dertig ter plaatse gestort op prefab elementen die op een ondersteuning lagen. Vanaf de jaren zeventig hadden ribbenvloeren vaak voorgespannen wapening en waren ze zelfdragend. Elementen voor gietbouwvloeren hadden een onderflens die breder was dan de bovenkant, waardoor sleuven ontstonden wanneer ze naast elkaar werden geplaatst. De wapening die in de sleuven werd gelegd, zorgde samen met de in het werk gestorte betonnen druklaag voor een betonvloer met constructief sterke ribben.
Vanaf de jaren dertig ontstond een zeer grote variëteit aan elementen, wat betreft vorm, afmetingen en materiaal. Ze konden zijn gemaakt van keramisch materiaal zoals klei, van lichtbeton met toeslagmaterialen als hollith, bims, sintels en schuimlava, en van gewoon beton. Een bijzonder systeem voor balkenvloeren leverde Bendor-Silica uit Rijswijk, gebaseerd op holle keramische elementen van een mengsel van klei, bimszand en bruinkool. Bij de Riwa-vloeren konden de keramische elementen, net als bij het Bendrof D-systeem, bestaan uit een dubbele rij balkstenen met in het midden een betonnen rib, in een fabriek ook tot balken worden gegoten.
Vanaf 1950 kwamen Cusveller-elementen beschikbaar voor het gieten van ribbenvloeren, gemaakt van hollith bimsbeton. NEHOBO maakte in de jaren tachtig bredere keramische ‘bekistingsstenen’ met een bredere onderflens, waarmee een ribbenvloer kon worden gestort. Deze systemen werden ook in prefab platen gevormd. Een ribcassettevloer, ook wel cassetteplaatvloer genoemd, is een soort prefab ribbenvloer. Een cassettevloerplaat bestaat uit een dunne plaat van voorgespannen beton, dikkere zijribben en een onderzijde van polystyreenschuim. De geïsoleerde systemen werden speciaal ontwikkeld als begane grondvloer.
Vanaf de jaren vijftig kwamen diverse typen combinatievloeren op de markt, ook wel broodjesvloeren genoemd. Ze werden samengesteld uit prefab balken met tussenliggende blokken of vulelementen. Ten opzichte van ribbenvloeren en balkenvloeren hadden ze hun zelfdragende karakter en de betere hanteerbaarheid van de kleinere elementen als voordeel. Bij de meeste systemen lagen de blokken op een bredere onderflens van de balken. Voegden werden gevuld met mortel en afhankelijk van de vloerbelasting en overspanning kwam daarop wel of geen druklaag van gewapend beton.
Toepassingsspecialismen en praktische elementen
De prefab vloeren voor agrarische toepassingen omvatten onder andere antislip typen, bolvloeren voor betere afwatering en u-borstweringen die tocht keren en voer op zijn plek houden in gangpaden van kalverstallen. Bij transport van betonelementen spelen kraanopleggers een cruciale rol in efficiëntie en veiligheid; dit gebeurt grotendeels in eigen beheer om schade te voorkomen.

De polyplaatvloer en kanaalplaatvloer vertegenwoordigen moderne oplossingen voor gewichtsreductie en hoge belastingen. Kanaalplaatvloeren kenmerken holle kanalen die aanzienlijk gewicht en materiaal besparen, terwijl ze toch grote overspanningen mogelijk maken. Voordelen omvatten snelle montage, betere isolatie en duurzaamheid.
- Bepaalde vloertypes en hun kenmerken: kanaalplaatvloer, breedplaatvloer, ribcassettevloer, combinatievloer en TT-vloer (dubbele T-balkvloer).
- Voordelen van holle kanalen: tot 40% minder beton, lagere constructiegewicht, snelle montage en goede thermische/akoestische eigenschappen.
- Belangrijke materialen en systemen: EPS vulelementen, polystyreen, gewapend beton, gewapende druklaag, en systemen zoals Robertson Q-lock staalplaatvloer.
Een kanaalplaatvloer is een vrijdragende systeemvloer die uit prefab gewapend betonnen platen met holle kanalen bestaat. Over deze vloer hoeft vaak alleen nog een dekvloer van minimaal 50 mm te worden gestort. Soms wordt er extra druklaag toegepast om hogere belastingen op te vangen of als stabiliteitselement. Kanaalplaatvloeren kunnen als dak-, begane grond- of verdiepingsvloeren worden toegepast en zijn verkrijgbaar in voorgespannen varianten. De voordelen omvatten grote overspanningen, lagere gewicht, snelle montage en goede isolatie. Nadelen zijn afhankelijk van toepassing en uitvoering, maar moderne systemen compenseren vaak met betere economische en milieu-prestaties.
Onze oplossing biedt tevens specifieke systemen voor infrastructurele en landschapsprojecten, zoals L-keerwanden en betonelementen voor agrarische toepassingen (maïs, gras, graan, biogasproductie en opslagtanks). Deze systemen dragen bij aan de efficiëntie van opslag en verwerking van grondstoffen en wierpen een positieve invloed op MPG-scores door milieuvriendelijke productie en transportoptimalisatie.

Het gebruik van gerecyclede materialen en zelfverdichtend beton komt naar voren in moderne projecten, zoals Stadstuin Overtoom in Amsterdam, waar prefab vloerplaten met geïntegreerde installatievoorzieningen worden toegepast. Het nieuwe betonmengsel ZVB C010 is gebaseerd op gerecycled beton en biedt zelfverdichting, waardoor rystijd vermindert. Prefab beton levert kostenvoordelen, kortere bouwtijden en verhoogde kwaliteit en precisie in uitvoering. Onze prefab vloersystemen helpen aannemers, architecten en projectontwikkelaars om de bouwtijd te verkorten, kosten te besparen en tegelijkertijd kwaliteit te leveren.

Een praktische stap-voor-stap aanpak voor prefab benodigdheden is beschikbaar in vier eenvoudige stappen via ons stappenplan. Een aanvraag indienen leidt snel tot concrete voorstellen en een duidelijke planning. Onze specialisten adviseren bij de functionele en kostenefficiënte keuze, en begeleiden van ontwerp tot levering. Cofraplus 80-systemen illustreren hoe lichte plaatmaterialen kunnen worden opgespannen en verankeren, met hoge overspanningen zonder onderstempeling. Het systeem biedt zowel bekisting tijdens de stortfase als wapening tijdens de gebruiksfase.
Technische samenvatting van kernsystemen
- Kanaalplaatvloer: voorgespannen of niet-voorgespannen platen met holle kanalen voor lichter gewicht en grotere overspanningen. Dekvloer meestal 50 mm en druklaag indien hoog belastingsprofiel vereist.
- TT-vloer (dubbele T-vloerplaat): dunne platen met twee hoge ribben voor constructieve sterkte, breedte tot 2,4 m, veel toegepast in utiliteitsbouw.
- Combinatievloeren (balken-broodjesvloeren): prefab balken met vulblokken of vulelementen; zelfdragend met druklaagopties afhankelijk van belasting.
- Cassettevloer (CVP): dunne plaat van voorgespannen beton met zijribben en EPS-onderkant; geïsoleerde variant.
- Ribcassettevloer: combinatie van ribben en cassette-elementen met EPS-isolatie, zelfdragend.
Daar waar mogelijk combineren we standaard systemen met maatwerkoplossingen zoals U-vormige liggers, rabatprofiel constructies en opstaande randen voor stroombestendigheid en voerbehoud. Het doel is een efficiënte, duurzame en onderhoudsarme vloeroplossing voor agrarische bouwdelen, inclusief gangpaden, stallen en opslagzones.
tags: #betonvloerplaat #rabat #prefab