Voor bouwwerkinstallaties gelden eisen uit het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl). Er zijn specifieke eisen voor installaties bij nieuwbouw en bij bestaande bouw, met aandachtspunten voor verwarmingssystemen, stookinstallaties en aanleg van gasverbrandingstoestellen. Dit artikel verzamelt enordent de belangrijkste teksten uit de aangeleverde bronnen en plaatst ze in een samenhangend overzicht.
Keuringen en beoordeling van airconditioningsystemen
- Voor een airconditioningsysteem of gecombineerd airconditionings- en ventilatiesysteem met een nominaal vermogen >70 kW gelden eisen.
- De keuring bevat een beoordeling van het rendement en de dimensionering van het airconditioningsysteem, gelet op de koelingsbehoefte van het gebouw.
- De keuring wordt onafhankelijk uitgevoerd door een gekwalificeerde deskundige volgens paragraaf 5.1.3.2 van de Omgevingsregeling; na de keuring volgt een keuringsverslag aan eigenaar of huurder.
- Op basis van de resultaten kan vervolgacties nodig zijn; de uitvoering daarvan valt buiten de keuringswerkzaamheden.
- De verbetering en eventuele vervanging van gekeurde systemen dragen bij aan vermindering van energiegebruik en worden afgemeld via SCIOS als veilig functioneren is aangetoond.

Keuring van verwarmings- en stookinstallaties
- Voor verwarmingssystemen of gecombineerde ruimteverwarming- en ventilatiesystemen met nominaal vermogen >70 kW gelden eisen; de keuringsuitvoerder moet een geldig certificaat hebben.
- De certificering gebeurt door een instantie die door een accreditatie-instantie is geaccrediteerd voor de deelregeling verwarmingssystemen van SCIOS.
- Na de keuring ontvangt de eigenaar/huurder een keuringsverslag met aanbevelingen voor mogelijke kostenefficiënte verbetering van de energieprestatie.
Gasverbrandingstoestellen en rookgasafvoer
Er zijn eisen voor werkzaamheden aan gebouwgebonden gasverbrandingstoestellen en bijbehorende voorzieningen voor rookgasafvoer en verbrandingsluchttoevoer. Deze mogen alleen worden uitgevoerd als er een certificaat is. Dit geldt voor zowel nieuwbouw als onderhoud/vervanging bij bestaande gebouwen (artikel 6.45, lid 1, Bbl).
Alleen gasverbrandingstoestellen op gas uit koolstofverbindingen vallen onder deze bepaling. Denk aan cv-ketels, geisers, gasboilers, moederhaarden en gas-sfeerhaarden. Werkzaamheden aan niet-gebouwgebonden verwarmingsvoorzieningen vallen buiten de reikwijdte van dit artikel (zoals heteluchtkanonnen, terraskachels, losse gaskachels, gasfornuizen). Gasleidingen en radiatoren vallen hier niet onder.
Bij constatering van koolmonoxide in een ruimte met mensen moet de installateur dit direct melden aan bewoners, eigenaar en bevoegde instanties. Gecertificeerde installateurs moeten een voorgeschreven beeldmerk gebruiken op alle uitingen over gasverbrandingsinstallaties.
Elektrische verwarming en vergelijking met gasgestuurde systemen
Een electric instantaneous water heater biedt voordelen zoals geen standby-verliezen en directe levering van heet water, maar vereist een huisinstallatie die piekbelastingen kan dragen. Een voorbeeld geeft dat 18 kW (CW4) of 27 kW (CW5) nodig kan zijn voor vergelijkbare comfortniveaus met CW4/ CW5.
In Nederland blijft het merendeel van woningen voorzien van centrale verwarming op gas. Elektrische centrale verwarmingsketels gebruiken water in radiatoren maar verbruiken geen gas; ze zijn minder efficiënt en vaak niet kosteneffectief vergeleken met gasgestookte systemen. Elektrische verwarming kan echter een oplossing zijn voor kleine ruimtes als de elektrische installatie geschikt is en er hernieuwbare energie via zonnepanelen of zonne-energie beschikbaar is.
Hoewel zonne-energie en netmetering voordelen bieden, kan de combinatie van elektrificatie en huidige energietarieven leiden tot hogere kosten ten opzichte van gasgestookte systemen, tenzij er sprake is van voldoende hernieuwbare productie en/of beleid dat dit ondersteunt.
Nieuwe regelgeving en praktijken in België/Nederland (korte samenvatting)
In Vlaanderen breidt vanaf 2025 het beleid uit richting fossielvrije verwarming bij nieuwbouw en ingrijpende energetische renovaties (IER), met minimumeisen voor het aandeel hernieuwbare energie en het installatierendement voor centrale verwarming met water als transportmedium. Een hybride warmtepomp is hierbij vaak de aanbevolen oplossing om te voldoen aan de installatie-eisen en om de energiedoelstellingen te halen.
Bij nieuwbouw en IER geldt een minimumaandeel hernieuwbare energie, vaak via zonne-energie of zonne-collectoren. Voor nieuwbouw vanaf 2025 wordt daarnaast een aardgasaansluiting niet langer een optie en moeten installatierendementen volgens EPB/EB3-regelingen worden gehaald. Voor bestaande gebouwen blijft vervangen van een gasketetel mogelijk, maar kosten en aansluitingen kunnen wijzigen na 2025.

Historische en praktische context rond EPC en bouwbesluiten
Vanaf 2021 is in Nederland de berekening van de energieprestatie van gebouwen gebaseerd op NTA 8800, met vervanging van eerdere methoden zoals NEN 7120 en ISSO 75.3. De EPBD en de Europese eco-design regelgeving beïnvloeden de toelating van verschillende verwarmingssystemen en toestellen, inclusief elektrische verwarming en warmtepompen, afhankelijk van hun classificatie als verwarmingssysteem of lokaal verwarmingstoestel.
Belangrijk is dat de Europese regelgeving de nationale regels kadercomplex maakt: nationale bepalingen mogen niet afwijken zonder toestemming van de Europese Commissie en binnen de grenzen die de Richtlijn 2009/125/EG en de verordeningen 813/2013 en 2015/1188 stellen. Adviezen van externe bureaus kunnen misleidend zijn als ze niet alle definities en Europese kaders juist toepassen.
Toepassing op jouw situatie
Voor nieuwbouw geldt dat fossielvrij verwarmen de standaard wordt en installatierendementen en hernieuwbare energie-eisen de ontwerpkeuzes sturen. Een volledig elektrische verwarming als hoofdverwarming is mogelijk, maar afhankelijk van de relevante regelgeving en de energieprestatienormen. Voor bestaande woningen blijft vervangen van verwarmingsketels mogelijk, maar houd rekening met toekomstige regels en netbeperkingen.
Praktische tekeningen en data
| Onderwerp | Belangrijke eisen |
|---|---|
| Keuring airconditioningsystemen >70 kW | Rendement, dimensionering, onafhankelijk gekwalificeerde deskundige |
| Gasverbrandingstoestellen | Certificaat vereist voor werkzaamheden; verbod zonder certificaat |
| Elektrische verwarming | EU Eco-Design; afhankelijk van type systeem (vloerverwarming, IR-panelen) |
| Nieuwe regelgeving (2025+) | Minimaal installatierendement; volledig fossielvrije nieuwbouw; aardgasaansluitingen niet langer optie |