Het creëren van extra woonruimte op je zolderverdieping kan aanzienlijk worden verbeterd door het plaatsen van een dakraam. Een enkel dakraam kan al zorgen voor veel extra daglicht in de ruimte. Het monteren van een dakraam brengt echter de nodige stappen met zich mee. Deze handleiding biedt een basis stappenplan voor de montage van een dakraam en houdt rekening met prefab sporenkap constructies.
Voordelen van een dakraam
- Meer daglicht: Een dakraam zorgt voor natuurlijke lichtinval in een voorheen donkere ruimte, zoals een zolder.
- Verbeterde ventilatie: Dakramen kunnen geopend worden om de luchtcirculatie te verbeteren en de ruimte te ventileren.
- Verhoging van de woningwaarde: Een goed geplaatst en functioneel dakraam kan de aantrekkelijkheid en verkoopwaarde van een woning verhogen.
- Extra leefruimte: Door de toegenomen lichtinval en ventilatie kan een donkere zolder omgetoverd worden tot een comfortabele extra kamer.
Bepalen van de juiste positie en afmetingen
Inbouwhoogte
De hoogte waarop een dakraam wordt ingebouwd, is cruciaal voor de hoeveelheid lichtinval. Hoe hoger het dakraam in de zolder wordt geplaatst, hoe meer licht de ruimte zal ontvangen. De aanbevolen inbouwhoogte is 120 cm vanaf de vloer tot de onderkant van het dakraam. Deze hoogte biedt ook praktische voordelen: het plaatsen van een radiator onder het dakraam wordt hierdoor mogelijk, wat de luchtcirculatie ten goede komt en condensatie op het raam helpt voorkomen.
Lichtinval
Voor voldoende daglichtinval is het plaatsen van een dakraam aan één zijde van het dak een goede optie. Voor een maximale lichtinval kunnen meerdere dakramen aan één of aan beide zijden van het hellende dak worden geïnstalleerd. De hoeveelheid effectief glasoppervlak van het gekozen dakraam bepaalt mede de mate van lichtinval.
Afmetingen van de opening
Wanneer je een dakraam plaatst, is het belangrijk om de juiste afmetingen van de opening te bepalen. Over het algemeen geldt dat de grootte van het dakraam ongeveer 10% van het vloeroppervlak van de kamer moet bedragen voor voldoende daglicht. Bijvoorbeeld, voor een kamer van 12 m², is een glasoppervlakte van minimaal 1,20 m² vereist. De opening voor het dakraam moet 40-60 mm breder zijn dan het raam zelf.
Voorbereiding en materialen
Voordat je begint met de montage van een dakraam, is een goede voorbereiding essentieel. Zorg ervoor dat je alle benodigde materialen bij de hand hebt. Dit omvat:
- Het dakraam zelf.
- Een passend gootstuk (bijvoorbeeld EDW voor pannendaken, EDL voor leien).
- Een isolatiekraag om koudebruggen te voorkomen.
- Dampremmende folie voor een goede afdichting.
- Installatiebeugels en bevestigingsmiddelen.
- Eventueel schuimkoord en weerbestendige silicone.
Het is raadzaam om vooraf de dakconstructie te inspecteren, eventueel met een vakspecialist, om te controleren of deze geschikt is voor het plaatsen van een dakraam. Kies een dakraam dat de draagconstructie intact laat en dat precies tussen de gordingen of spanten past. Voor prefab sporenkap constructies geldt extra aandacht voor de manier van raveleren en het bevestigen van slapers tussen de overgebleven sporen.
Dakconstructie en positionering
Er zijn verschillende soorten dakconstructies, waaronder de gordingenkap (waar dit stappenplan zich op richt), de sporenkap en kappen met zelfdragende dakplaten. Voor sporenkappen of kappen met zelfdragende dakplaten is het raadzaam om een vakman in te schakelen. Vuistregels voor de positionering: zorg ervoor dat je zowel zittend als staand door het dakraam kunt kijken, bepaal horizontaal waar het dakraam moet komen. De positie beïnvloedt de hoeveelheid daglicht, het uitzicht, de ventilatie en het gebruiksgemak.
Stappenplan voor montage van een dakraam
Stap 1: Voorbereiding van de opening
Begin met het voorzichtig uitpakken van het dakraam om beschadiging te voorkomen. In de verpakking tref je het raam, installatiebeugels, bevestigingsmiddelen en het kapgedeelte aan. Meet de breedte van de raamopening en zorg voor voldoende ruimte. Teken de contouren van het dakraam af. Ondersteun de gordingbalk, waar je in gaat zagen, tijdelijk met een regel van 50x50 mm. Zaag de gordingbalk door met een handzaag en verwijder het doorgezaagde stuk met een koevoet. Zaag een werkmansgat (minimaal 50x50 cm) in het dakbeschot, ruim binnen de afgetekende contouren van het dakraam. Verwijder het eventuele isolatiemateriaal en dakbeschot uit het gat. Haal voldoende dakpannen weg door ze naar binnen te halen via de opening. Boor op de hoekpunten van de contouren van het dakraam gaten door het dakbeschot om de definitieve maat van de opening te bepalen.
Stap 2: Plaatsen van de ondersteuningsconstructie
Plaats de installatiegordingen op de juiste hoogte met goede overlapping aan de zijkanten. Bevestig de lagere installatielat, met de bovenrand ongeveer 80 mm boven de eerste rij dakpannen onder het raam. Knip eventueel overtollig folie terug en leg het over de latten voor extra waterdichting. Plaats de raveelbalken tussen de gordingen met balkdragers. Zaag eerst een sleufje tussen het dakbeschot en de doorgezaagde gording, steek ook wat hout weg uit de raveelbalken zodat ze tegen het dakbeschot aankomen. Zet de balkdragers vast met ankernagels. Tussen de raveelbalken kun je nu twee balken plaatsen aan de onder- en bovenkant van het raam, zodat deze volledig is omlijst. Gebruik hiervoor lange schroeven door de raveelbalken. Schroef vervolgens vanaf de buitenkant het dakbeschot vast aan de raveelbalken.
Stap 3: Voorbereiden van het dakraam
Voordat je het dakraam monteert, is het aan te raden het draaiende gedeelte uit het kozijn te halen. Doe dit door de pennen aan de binnenzijde van het scharnier in te drukken. Dit vergemakkelijkt de montage van het kozijn.
Stap 4: Plaatsen van het kozijn
Plaats de isolatiekraag en bevestig de montagebeugels volgens de instructies. Let op de kleurcodering (rood of blauw) die van toepassing is op het gootstuk dat je gebruikt. In het geval van een standaard tuimeldakraam met EDW gootstuk, volg je de rode instructies. Bevestig de onderste beugels van het frame aan de ondersteuningslat met 30 mm en 80 mm schroeven. Zorg ervoor dat de schroeven zowel door de lat als de tegenlat gaan en, indien mogelijk, in de dakspant. Controleer met een waterpas of de raveelbalken haaks staan.
Stap 5: Plaatsen van het dakraam in het kozijn
Plaats het dakraam terug in het kozijn door de gebogen scharnier op het raam in lijn te brengen met de overeenkomstige sleuven in het raamframe. Controleer de opening tussen de zijkanten van het dakraam en het frame; deze moet gelijkmatig zijn. Indien nodig, gebruik de meegeleverde wig in de bovenhoek die tegenover de bredere opening staat om de uitlijning te corrigeren. Nadat eventuele aanpassingen zijn gemaakt, verwijder je het glasraam opnieuw uit het kozijn door op de scharnierknoppen te drukken. Hierna kan het frame definitief worden bevestigd.
Stap 6: Installatie van de gootstukken
Bevestig de onderste buitenkraag en markeer de positie van de afwateringsgoot. Deze moet onder een hoek worden geplaatst voor een goede afvoer van water. Als je panlatten hebt, verwijder dan een gedeelte om de goot aan de dakspant te bevestigen. Plaats nu de buitenkraag rond het raamkozijn, waarbij het uiteinde met het langere materiaal bovenaan gaat. Verwijder de beschermstrips van de buitenkraag en plak deze op de randen van het raamkozijn. Vouw de hoekflappen stevig rond het kozijn. Bevestig de goot bovenaan op zijn plaats en vouw de buitenkraag eroverheen en in de goot. Breng het gootstuk aan rondom het dakraam en zorg voor een goede afdichting tegen de dakbedekking. Bij geprofileerde dakbedekking moeten deze onder het raam worden afgekapt. Schuif de zijdelen van het gootstuk op hun plaats en bevestig ze door de lipjes om te vouwen en er een spijker in te slaan. Plaats de zijframes en klik ze vast.
Stap 7: Afwerking van de dakpannen
Nadat de gootstukken zijn geïnstalleerd, kunnen de dakpannen rond het dakraam worden afgewerkt. Leg zoveel mogelijk hele dakpannen terug. Het kan zijn dat je de resterende dakpannen op maat moet zagen met een slijptol of steenzaag. Draag bij slijpwerk altijd een veiligheidsbril. Als de onderste pannen na het doorslijpen hun ophangnok verliezen, kun je ze aan de bovenkant met een schroef in het dakbeschot vastzetten.
Stap 8: Plaatsen van de dampremmende folie en binnenafwerking
De laatste fase is het plaatsen van de dampremmende folie. Breng het waterkerende manchet aan langs de randen van het dakraam om condenswater in de woning te voorkomen. Verwijder de lijmstrippen van het manchet en plak het tegen het kozijn. Bevestig een lekwatergoot bovenop het waterkerende manchet. Als je dak voorzien is van folie, wikkel deze dan om de lekwatergoot en zet vast met klemmen. Zonder dakfolie klik je de lekwatergoot vast op het dakoppervlak. Schroef de binnenafwerking tegen het kozijn en plamuur daarna de schroefgaten dicht. Schuur het kozijn en zet het in de grondverf. Verf op waterbasis (acrylverf) droogt snel en is milieuvriendelijker. Kit de naden dicht met acrylaatkit.
Aandachtspunten en veelgestelde vragen
Thermische breuk
Bij plaatsing van een dakraam aan de oost- of zuidkant van het huis is er een verhoogde kans op thermische breuk in het glas. Dit kan ontstaan door grote temperatuurverschillen tussen de buitenlucht en het glas. Om dit te voorkomen, wordt het plaatsen van buitenzonwering sterk aanbevolen. Thermische breuk valt buiten de garantie, omdat het een natuurverschijnsel betreft.
Dakramen vervangen en renovatie
Bij vervanging van een dakraam kan het binnenwerk vaak blijven zitten, maar de buitenste schil moet worden verwijderd. Verwijder het oude dakraam, de gootstukken en de dakpannen rondom. Voor vervanging van dakramen vóór april 2001 gebruik je renovatiegootstukken; na april 2001 gebruik je EDW 1000-gootstukken. Vergeet ook hier niet om buitenzonwering te plaatsen ter voorkoming van thermische breuk. Bij renovatie is het belangrijk de maatcode van het oude dakraam te kennen en een passende nieuwe maatcode te vinden in de relevante tabellen, aangezien producenten hun maten voortdurend doorontwikkelen.
Vergunning en veiligheid
Voor het plaatsen van een dakraam aan de achterzijde van het huis is meestal geen vergunning nodig. Aan de voorkant kan dit wel het geval zijn; controleer lokale voorschriften. Veiligheid staat voorop: draag geschikte persoonlijke beschermingsmiddelen en schakel zo nodig een vakspecialist in bij complexe constructies, zoals prefab sporenkap met meerdere sporen en ravelen.
Praktische vragen uit de praktijk
- Kan ik een werkgat maken en vervolgens het middelste spoor doorzagen?
- Hoe bevestig ik de slapers tegen de overgebleven sporen?
- Moeten de slapers in het formaat van de sporen?
Specifieke aandachtspunten bij prefab sporenkap
Prefab sporenkap heeft panelen met Hoogte-onderdelen zoals HoH 60 cm en een totale hoogte van circa 5,5 m van zoldervloer tot nok. De drie sporen per paneel vereisen zorgvuldige afstemming bij het raveleren en het plaatsen van slapers. In de praktijk blijkt vaak dat het middelste spoor doorzagen wordt en dat raveleren mogelijk is, maar dat dit niet altijd voldoet aan bouwkundige eisen. Raadpleeg altijd de constructieberekeningen en volg de aanwijzingen van de fabrikant van het dakraam met betrekking tot isolatie, raveleren en draagconstructie. Draag altijd de juiste veiligheidsuitrusting en laat bouwen controleren door een vakspecialist indien onzeker.

Velux dakraam plaatsen | Dak bedekken | How to met GAMMA
Tips voor succesvolle installatie
- Inspecteer vooraf de dakconstructie met een vakspecialist om te controleren of deze geschikt is voor een dakraam.
- Kies een dakraam dat de draagconstructie niet verzwakt en precies tussen gordingen of spanten past.
- Zorg voor een goede afdichting met isolatiekraag, dampremmende folie en juiste gootstukken.
- Voorkom thermische breuk door buitenzonwering te gebruiken, vooral bij oost- en zuidkant plaatsing.
- Werk zorgvuldig met gereedschap; draag altijd een veiligheidsbril bij slijpwerk.