Methodisch werken met dak- en thuisloze jongeren: er mogen zijn

Nederland kent een groeiend aantal dak- en thuisloze jongeren. Wij vinden dat iedere jongere een thuis verdient én dat het mogelijk is dit met elkaar te realiseren. Kansfonds vindt dat alle jongeren recht hebben op een thuis. Maar een betaalbare woonplek vinden wordt steeds moeilijker. Zeker voor jongeren die te maken hebben met grote schulden, een beperkt sociaal netwerk en persoonlijke problemen. Terwijl juist deze jongeren stabiliteit nodig hebben, lopen ze te vaak vast in de bureaucratie en onzekerheid. Ze slapen noodgedwongen op de bank bij bekenden, komen terecht in de opvang of op straat. En zonder de basis van een thuis kunnen ze niet werken aan hun toekomst.

Ondanks vele inspanningen lukt het ons in Nederland nog niet om het tij te keren. Te vaak zijn acties gericht op het bestrijden van de gevolgen van geen thuis, terwijl het bieden van een thuis het startpunt moet zijn. Wat beleidsmakers niet helpt, is het gebrek aan realistische cijfers van het aantal dak- en thuisloze jongeren. Steeds meer jongeren in Nederland zijn dak- of thuisloos. Hoe kan dit en waar lopen deze jongeren tegenaan? En hoe staat het met het Nationaal Actieplan Dakloosheid dat de overheid twee jaar geleden lanceerde?

KRO-NCRV maakte er een aflevering van Pointer over. In Nederland leven 8.500 geregistreerde dak- en thuisloze jongeren. Maar we weten dat het er in werkelijkheid nog veel meer zijn. Dak- of thuisloos zijn wordt vaak geassocieerd met het niet hebben van een dak boven je hoofd en overnachten op straat of in een opvang. Het ligt echter ingewikkelder. Hoewel sommige jongeren inderdaad op straat of in een opvang overnachten, slapen veel jongeren bij vrienden of familie op de bank. Wat deze jongeren gemeen hebben, is dat ze geen eigen huis hebben. Omdat deze jongeren nu niet meegeteld worden, wordt er geen beleid ontwikkeld dat hen gaat helpen. Ze vallen buiten de boot. Daarom werken Kansfonds en Hogeschool Utrecht met de ETHOS-telling toe naar heldere en betrouwbare cijfers van dak- en thuisloosheid voor heel Nederland.

Infographic over ETHOS-telling en cijfers dak- en thuisloosheid in Nederland

Een man in verwaarloosde kleding slapend op een vies bankje in een park. Te vaak nog wordt door media dit beeld gebruikt bij de publicatie van verhalen over dak- en thuisloosheid: niet respectvol, stigmatiserend en niet representatief voor hoe dak- en thuisloosheid er werkelijk uit ziet. Vaak hebben jongeren geen thuis door een combinatie van elementen. Denk bijvoorbeeld aan uitstroom vanuit de Jeugdzorg, armoede, een klein netwerk en psychische problemen. Thuisloze jongeren hebben vaak geen sterk sociaal netwerk en ouders of vrienden die hen (financieel) kunnen of willen ondersteunen. Tel daar een groot tekort aan betaalbare woningen bij op en je ziet dat het veel jongeren kan overkomen.

Kansfonds heeft de diepgewortelde visie dat elk mens telt. Daaruit vloeit voort dat elk mens het recht heeft op een menswaardig bestaan. Dit is een recht dat altijd blijft bestaan en niet verdiend hoeft te worden. Een recht zonder tenzij of maar. Deze visie wordt ook juridisch gestut door de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens. Dak- en thuisloze jongeren geven zelf aan dat een thuis meer is dan alleen een dak boven het hoofd. Op onze programmapagina lees je alles over ons programma Alle jongeren een thuis. Heb je een vraag over het thema thuisloze jongeren?

Op basis van point-in-time-tellingen wordt geschat dat er in 2024 in Vlaanderen 20.363 mensen dak- en thuisloos waren, waarvan 6.295 kinderen (-18 jaar). Gemiddeld een vijfde van alle getelde personen in 2024 was tussen 16 en 26 jaar. Dat zijn duizenden kinderen en jongeren die opgroeien zonder veilige thuis en zonder plek om tot rust te komen. De open brief van de Woonzaak kaartte aan wat de impact hiervan is op hun onderwijskansen, hun fysieke en mentale gezondheid en hun toekomstperspectief. Ook politiek krijgt dak- en thuisloosheid bij kinderen en jongeren extra aandacht. Het VN-Kinderrechtencomité toonde zich bezorgd over ‘de omvang van ontoereikende huisvesting, dakloosheid en gedwongen uitzettingen’ in België. De Belgische overheid engageerde zich door het ondertekenen van de EU Kindgarantie om prioriteit te geven aan adequate huisvesting en het terugdringen van dak- en thuisloosheid bij kinderen en jongeren.

Na kennispagina’s over preventie van uithuiszetting, woonoplossingen en het belang van bovenlokale samenwerking, willen we met dit artikel een specifieke doelgroep in de kijker zetten: kinderen en jongeren die dak- en thuisloos zijn.

1. Preventie van dak- en thuisloosheid bij kinderen en jongeren

Preventie gaat in eerste instantie over het waarborgen van grondrechten. Hieronder volgen maatregelen om dak- en thuisloosheid bij kinderen en jongeren te voorkomen. Onderzoek toont aan dat ingrijpende jeugdervaringen het risico op dak- en thuisloosheid sterk verhogen. Problematische thuissituaties snel detecteren en met de grootste zorg ingrijpen is cruciaal om escalatie te voorkomen.

Upstream identificeert kwetsbare jongeren door middel van screening van middelbare scholieren (13-15 jaar) aan de hand van een vragenlijst waarin naar de huisvestingssituatie gepeild wordt. Aan de resultaten worden zowel individuele begeleiding van de jongere als een bemiddelingstraject met de ouders gekoppeld. Als hulpverlener en beleidsmaker hebben we soms de neiging om te vertrekken van wat wij denken dat mensen nodig hebben. Zeker bij kinderen en jongeren, want ‘die weten niet wat goed voor hen is’. Een mooi voorbeeld van hoe er wel geluisterd kan worden naar jongeren rond het thema wonen is de Woonpartij van Betonne Jeugd en Uit de Marge. Zij doorkruisten Vlaanderen en Brussel om in gesprek te gaan met jongeren over dak- en thuisloosheid en het recht op wonen. De bevindingen werden gebundeld in een Woonrapport.

Dakuzie, een netwerk rond dak- en thuisloosheid bij kinderen en jongeren, pleit voor meer ruimte voor maatschappelijke discussie en informatiedeling over volwassen worden en zelfstandig wonen in de leerplannen. Thema’s zoals budgetbeheer, kennismaken met instanties en leren over maatschappelijke discussies kunnen aan bod komen. Dakuzie ziet inzetten op vertrouwensfiguren als brug tussen jongeren en verschillende levensdomeinen als oplossing. Daarnaast zijn veilige omgevingen waar jongeren zichzelf kunnen zijn en een sociaal netwerk kunnen opbouwen cruciaal.

Als we willen dat jongeren vlot de weg vinden naar de hulpverlening, moeten we zorgen dat die hulpverlening bereikbaar, betaalbaar en beschikbaar is voor alle jongeren. Een kwart van de jongvolwassen dak- en thuislozen zijn jeugdhulpverlaters. Ook jongeren die na detentie of psychiatrische opname naar een eigen woning doorstromen worden vaak aan hun lot overgelaten. Cachet doet dit bijvoorbeeld door jongeren die op het punt staan om de jeugdhulp te verlaten in contact te brengen met jongeren die deze stap al gezet hebben.

Soms is er echter meer nodig. Critical Time Intervention (CTI) biedt een kortdurend traject waarin het sociaal netwerk wordt geactiveerd en versterkt, uitgaande van de zelfstandigheid en eigen kracht van de jongere. Een belangrijk aandachtspunt is dat jongeren die begeleid zelfstandig wonen of die zelfstandig willen wonen zich voor hun achttiende verjaardag kunnen inschrijven op de wachtlijst van een sociale woning. In verschillende gemeenten komen zij bovendien in aanmerking voor een versnelde toewijzing.

Uit de dak- en thuislozentellingen blijkt dat 18% van de dak- en thuisloze kinderen en jongeren in een woning verblijft die ze binnen de maand dreigen te verliezen door uithuiszetting. Kinderrechtencoalitie pleit voor een verbod op uithuiszetting wanneer er kinderen betrokken zijn. Ook Dakuzie schaart zich achter deze eis. Dak- en thuisloosheid bij kinderen en jongeren vraagt om samenwerking tussen organisaties en lokale overheden; kleinschalige projecten kunnen al een verschil maken.

Er zijn netwerken zoals Dakuzie (Vlaanderen, Betonne Jeugd), A Way Home coalities en bredere netwerken tegen dak- en thuisloosheid die complementair werken aan bovenlokale initiatieven. Dé kans om jongeren in deze afspraken op te nemen ligt bij de gemeentelijke prestatieafspraken, zodat zij dakloosheid kunnen voorkomen onder jongeren die zonder ouders moeten redden.

2. Woon- en vangnetoplossingen voor dak- en thuisloze jongeren

Volgens de SERV ervaarden in 2024 meer dan 30% van de Vlaamse huishoudens een woonnood. Wachtlijsten bij woonmaatschappijen laten eveneens een grote woonnood zien. Grote gezinnen met beperkt inkomen ervaren zowel op private als sociale markt veel moeite om een betaalbare woning te vinden. Een analyse van wachtlijstcijfers in 2022 toont aan dat 10% van de huishoudens op de wachtlijst gezinnen van vijf of meer personen zijn en één op drie op de wachtlijst is jonger dan achttien. Hoe groter het gezin, hoe langer de wachttijd; gemiddeld vijf jaar voor een gezin met drie of meer kinderen.

Naar jongeren met beperkt inkomen wordt ook gekeken: 12,8% van de wachtlijst voor een sociale woning is tussen 18 en 25 jaar. Gemeenten kunnen kwetsbare jongvolwassenen voorrang geven via toewijzingsreglementen. Voorbeelden zijn Mechelen en Gent. Co-housing en samenwonen kunnen betaalbaar wonen mogelijk maken, mits alle bewoners werken of delen de kosten. De mate van gezamenlijke inkoop en koken bepaalt of iemand als alleenstaande of samenwonende geteld wordt.

In 2024 zijn er acht intersectorale teams gestart die intensieve begeleiding bieden aan (dreigend) dak- en thuisloze jongvolwassenen, al dan niet met een tijdelijke woonplek. Een integraal en outreachend model zorgt voor snelle inzet vanuit diverse sectoren, met inclusie als uitgangspunt. Nieuwe groepen zoals ‘niet-welbekende nieuwkomers’ krijgen aandacht; discriminatie op de private huurmarkt blijft een thema.

In veel gevallen kan housing first een belangrijke rol spelen: een veilige en stabiele basis zo vroeg mogelijk, om mensen uit de cirkel van dakloosheid te halen. Het Nationaal Actieplan Dakloosheid (NAD) probeert dakloosheid in 2030 fors terug te dringen, maar de uitvoering verloopt nog moeizaam. Afgelopen jaren zien we een toenemend aantal mensen met bijstandsuitkeringen en groeiende onzekerheid voor jongeren die minder vertrouwen hebben in de overheid en daarom eerst steun in eigen netwerk zoeken.

Het landelijke Actieprogramma Dak- en Thuisloze Jongeren van VWS meldt dat het aantal dak- en thuisloze jongeren van 18-27 jaar fors verminderd moet worden. De reikwijdte is gericht op wettelijk maatwerk in de Participatiewet. De handreiking belicht mogelijkheden zoals kostendelersnorm, jongerennorm en zoektermijn, en bespreekt knelpunten bij de ondersteuning van dakloze jongeren. Informatie over de reguliere procedures en de rol van burgerzaken komt aan bod.

Een belangrijke conclusie uit praktijkonderzoek is dat jongeren opgelet moeten worden via een jongerenregisseur, met snelle toegang tot een briefadres en tijdige uitkeringen. Een vaak genoemd probleem is dat er onvoldoende opvang en woonruimte is: nachtopvang voor jongeren is niet altijd geschikt, en lange wachttijden voor sociale huur maken reguliere opties onhaalbaar. Daarom zijn losse interventies zinloos; het basisprincipe van huisvesting is cruciaal.

3. Praktische handvatten voor gemeenten en professionals

De kostendelersnorm bepaalt de hoogte van de uitkering wanneer meerdere volwassenen in één woning wonen. Vanaf 2023 tellen huisgenoten tot 21-27 jaar niet langer mee voor de norm van 27-jarige of ouder; dit heeft gevolgen voor huurtoeslag en de gezamenlijke inkomsten. In tijdelijke verblijfssituaties kan de norm buiten toepassing worden gelaten. Voor opvang en beschermde woonvormen geldt de kostendelersnorm niet, omdat hoofdverblijf ontbreekt.

Een casus: Wesley zoekt woonruimte maar moet rekening houden met zijn oom die wil meedoen aan de uitkering. De consulent kan de kostendelersnorm tijdelijk buiten toepassing laten als er een crisissituatie is en er nog geen passende woonruimte beschikbaar is. Uiteindelijk kan Wesley het inkomenstekort via een commercieel contract bij de familie compenseren, of via andere regelingen de uitkering verlagen. Burgerzaken spelen hierin een cruciale rol, om misverstanden over de kostendelersnorm weg te nemen.

Jongeren van 18-20 jaar ontvangen een lagere bijstandsuitkering dan 21-27 jaar. Bij bepaalde bijzondere omstandigheden kan een gemeente de bijstandsnorm individualiseren of de norm aanpassen. Zahira, 19 jaar, woont op kamers en heeft geen contact met haar ouders. De gemeente kan haar norm aanvullen tot die van een 21-jarige, op basis van werkelijke extra kosten. Daarnaast is het belangrijk dat jongeren bij de eerste melding informatie krijgen over het bijstandsproces en wat ze kunnen verwachten.

Het ACTIE-programma ondersteunt tevens maatwerk in de PW (Participatiewet). Artikelen 19a en 22a PW bepalen de regels rondom kostendelersnorm en de sancties bij gedeeld wonen. Tijdelijke oplossingen zoals voorschotten of snelle openingsstappen kunnen het verschil maken tussen wel of niet kunnen betalen van basisbehoeften zoals brood/voedsel. Het agentschap kan jongeren doorverwijzen naar organisaties die helpen bij het verzamelen van documenten zodat bijstandsaanvragen sneller gestart kunnen worden.

Naast de kostendelersnorm en jongerennorm blijven er knelpunten zoals gebrek aan briefadressen, onvoldoende opvang en de ontoereikende aansluiting tussen opvang en vervolgzorg. Een veilige plek die aansluit bij de noden van jongeren is essentieel, want regulier nacht- of noodopvang is vaak ongeschikt en kan leiden tot negatieve spiralen. Informele hulp en laagdrempelige inloop kunnen helpen wanneer professionele ondersteuning nog niet beschikbaar of acceptabel is voor de jongere.

Kernmaatregelen en concrete acties

  • Inzetten op jongerenregisseurs als centraal aanspreekpunt voor hulp op alle leefgebieden.
  • Zorgen voor briefadressen zodat jongeren toegang hebben tot bankrekeningen, zorgverzekeringen en mogelijk werk.
  • Snelle, laagdrempelige ondersteuning die aansluit bij de realiteit van jongeren, inclusief maatwerk in de PW.
  • Versterken van Housing First-principes voor een tijdige en stabiele woning.
  • Versterken van netwerken en samenwerking tussen gemeenten, woningcorporaties en hulpverlening.
  • Voorkomen van uithuiszetting bij kinderen en jongeren door politieke en maatschappelijke acties.

Housing First - Definitie

Metagegevens

De thema’s uit dit artikel kunnen zichtbaar gemaakt worden met aanvullende grafische weergaven en pratijkvoorbeelden. Hieronder volgen enkele voorstellen voor visuals die de informatie ondersteunen.

Infographic: kerncijfers dak- en thuisloosheid onder jongeren

tags: #er #mogen #zijn #methodisch #werken #met