Op zee is iedereen gewend om te navigeren op basis van Lowest Astronomical Tide (LAT). Dit is het laagste astronomisch voorspelde getijdenniveau. ALAT is ook de standaard binnen het Havenbedrijf Rotterdam voor communicatie met de zeevaart. Hiermee sluit Havenbedrijf Rotterdam aan bij de internationale taal, met meer efficiëntie en veiligheid tot gevolg. Op deze pagina vind je verschillende applicaties waarop metingen en verwachtingen te vinden zijn. Dit dashboard geeft actuele, voorspelde en astronomische hydro-/meteo-informatie.
Toepassingen en gebruikers voor haven- en zeestromen
Voor kapiteins van schepen die de haven van Rotterdam bezoeken, is Weather & Tide Lite ontwikkeld. Deze PDF kan gemakkelijk geopend, geprint en doorgestuurd worden. Stakeholders die onze weer- en getijdata zelf in hun applicaties willen gebruiken, kunnen toegang tot onze Weather & Tide-API aanvragen via het Developer Portal. De bundel geeft weer- en getij-statistiek voor de Rotterdamse Haven. Op deze server vind je de actuele diepte-informatie in de Rotterdamse haven.

Door de eb en vloed zijn de stranden van Wijk aan Zee nooit even breed. Op deze pagina vindt u de astronomische waterstands-voorspellingen aan van Ijmuiden buitenhaven. Deze gratis getijden informatie is alleen bedoeld voor particuliere vrije tijd strandactiviteiten, zoals wandelen, zonnebaden en strandrecreatie. Deze voorspellingen gelden voor gemiddelde meteorologische omstandigheden en zijn berekend door het Nederlandse Ministerie van Verkeer en Waterstaat. Er worden geen garanties gegeven over de juistheid van deze gratis getijdengegevens.
Basisbegrippen en lokale variaties
De fase van afgaand of dalend water heet eb. Een strand wordt tijdens eb groter/breder. In bijvoorbeeld de Oosterschelde of Waddenzee vallen bij laagwater zandplaten droog, waardoor men er kan wadlopen. De fase van opkomend of rijzend water heet vloed. Een strand wordt tijdens vloed kleiner/smaller. Grote zandplaten, zoals in de Waddenzee of Oosterschelde, lopen bij vloed weer onder water.
Wanneer het hoog- en laagwater is, verschilt per plaats. In de kaart hieronder kunt u voor een plaats op de kaart de astronomisch getijgegevens bekijken. Gebruik van de informatie op deze kaart is voor eigen risico. De getoonde gegevens zijn gebaseerd op de best beschikbare kennis en informatie van Rijkswaterstaat. Desondanks kunnen de werkelijke gegevens door verschillende oorzaken afwijken van de hier getoonde actuele gegevens. Een afwijking kan bijvoorbeeld zitten in de getoonde verwachtingen.

Eb en vloed ontstaan door de aantrekkingskracht van de maan op het water op aarde. De maan trekt als het ware aan het water, waardoor het water in de zeeën een bepaalde kant op beweegt. De aarde draait om haar eigen as en om de zon heen. Daardoor is de plek waar de maan het sterkst aan het water trekt telkens verschillend. Het water gaat dus steeds een andere kant op, waardoor hoog- en laagwater elkaar afwisselen. Dit noemen we eb en vloed of ook wel astronomisch getij. Ook de aantrekkingskracht van de zon op de aarde speelt een rol bij de getijden. Doordat de zon een stuk verder weg staat, is deze alleen een stuk kleiner.
Omdat de bewegingen van de aarde en de maan heel constant zijn, is het ritme van eb en vloed dat ook. Het is in Nederland twee keer hoogwater en twee keer laagwater per 24 uur en 50 minuten. Met dit ritme hebben we eigenlijk altijd te maken. Dat wil zeggen: als er geen bijzondere weersomstandigheden en/of andere zaken spelen. Het astronomisch getij kunnen we met een redelijke nauwkeurigheid jaren vooruit voorspellen.
Regionale variaties en factoren
De tijden waarop het hoog- en laagwater is aan de Nederlandse kust, lopen sterk uiteen. Het getij verschuift in bijna twaalf uur van het zuidwesten naar het noordoosten van Nederland. Ook kan er op de ene locatie een veel groter hoogteverschil zitten tussen de hoog- en laagwaterstand. In Zeeland is dit verschil het grootst. Vanaf daar neemt het in noordelijke richting langzaam af, tot in de buurt van Den Helder. Hier zit dus het minste verschil tussen de waterstanden bij hoog- en laagwater. Vanaf Den Helder neemt het verschil in oostelijke richting weer toe. Het weer en andere factoren kunnen voor variaties op het astronomisch getij zorgen.
Denk bijvoorbeeld aan de diepte van het water en de vorm van de kust. Ook veranderingen in de positie van de zon en de maan vergeleken met elkaar, zijn van invloed op het getij. Als de zon en de maan in elkaars verlengde staan, neemt de aantrekkingskracht die ze op de aarde uitoefenen toe. Dit gebeurt tijdens volle en nieuwe maan. Ongeveer twee dagen later treedt dan springtij op: het hoogwater is hierbij extra hoog en het laagwater extra laag. Het omgekeerde kan ook voorkomen. In dat geval staan de zon en de maan haaks op elkaar. Twee verschillende kanten trekken dan aan het water. Dit treedt op tijdens het eerste en laatste kwartier van de maan (halve maan).
Tijdens hoogwater komt het water dan niet zo hoog als normaal. Wanneer het laagwater is, zakt het minder. Dit noemen we doodtij. Bijzonder aan de Waddenzee is het verschijnsel wantij. Het getij op de Waddenzee komt eerst aan de westkant van de Waddeneilanden opzetten. Enkele tientallen minuten later zet het water op aan de oostkant. Achter de eilanden is een gebied waar de twee getijgolven elkaar ontmoeten. Op deze plek staat het water dan bijna stil.
Specifieke getijkenmerken en regionale voorbeelden
Waterdiepte, de vorm van de kust en de uitmonding van rivieren, kunnen invloed hebben op het gedrag van het getij. De astronomische getijcyclus van 12 uur en 25 minuten blijft hetzelfde. Op sommige plekken kan het door deze invloeden twee keer zo lang eb of vloed zijn. Zo is er in Hoek van Holland sprake van een dubbel laagwater bij springtij en komen in Den Helder dubbele hoogwaters voor. Op het Wad hebben we te maken met getijden. Tweemaal per dag is het hoogwater en weer laagwater. Elke dag is dat weer anders, elke dag komt het ongeveer een uur later. En op elke plek op het Wad is het weer anders. Hoe verder naar het oosten, hoe later het hoogwater is. De ene week is het springtij, een week later is het doodtij. Enzovoort.
Met springtij komt het hoogwater hoger en stroomt het heftiger. Met opkomend water (vloed) stroomt het water het Wad op. Het water stijgt tot het moment van hoogwater. Daarna zakt het water, maar de vloed loopt nog door. Pas een uur na hoogwater (ongeveer) kentert het tij en stroomt het water tijdens de eb weer terug naar zee (afgaand tij). Deze ebstroom blijft op haar beurt lopen tot een uur na laag water, waarbij de eb na de laagste waterstand dus nog loopt, maar het water toch al stijgt. Al het water dat het Wad op stroomt of weer uit stroomt moet zich door de zeegaten de zeegaten heen persen. Daar stroomt het dus het hardst. Soms wel twee knopen of meer.
Het getij gedraagt zich niet helemaal zoals de getijdentabel aangeeft. Afhankelijk van het weer kan er een verhoging of verlaging zijn. Harde westenwind geeft een verhoging; een lang doorstaande wind uit het oosten geeft een verlaging. De natuur heeft geen weet van LAT of NAP. Deze begrippen zijn alleen van belang wanneer je diepteberekeningen maakt voor passeren van relatief ondiepe stukken. De zeekaarten werken met LAT.

Extra informatie en aanbevelingen
Hoe weet je wanneer het hoog- of laagwater is? Deze getijdeninformatie is wereldwijd beschikbaar met voorspellingen tot 10 dagen van tevoren. Voorspellingen van getijden worden verstrekt zonder garantie en mogen niet worden gebruikt voor navigatie of beslissingen die kunnen leiden tot schade aan iemand of iets dergelijks. Kijk op de getijdenkalender voor meer details per locatie. De getijdenvoorspellingen worden berekend onder aanname van gemiddelde meteorologische omstandigheden; echte omstandigheden kunnen afwijken.
Wat is het geheim van het getij en heeft het iets te maken met de maan? Ja, de maan en de zon beïnvloeden samen de getijden zoals beschreven. De tijden en hoogtes verschillen per locatie en per dag, waardoor wadlopers en scheepvaart gedetailleerde informatie nodig hebben om veilig te opereren.
Kust - Het getij, hoe werkt dat ook al weer
Desondanks blijven de getij- en waterstanden een cruciaal element voor zeewaartse activiteiten rondom Klundert en de Noordzee. Voor lokale inwoners en recreanten is het essentieel om de waarschuwingen voor zwaar weer en actuele getijgegevens te controleren via officiële bronnen zoals Rijkswaterstaat en het Havenbedrijf Rotterdam.
| Locatie | Hoogwater periode | Laagwater periode | Opmerkingen |
|---|---|---|---|
| Rotterdam Haven | Meestal hoogwater op meerdere tijdstippen per etmaal | Meestal laagwater op meerdere tijdstippen per etmaal | LAT-gestuurde communicatie met zeevaart |
| Waddenzee | Springtij mogelijk bij bepaalde locaties | Doodtij bij andere locaties | Dubbele hoogwater/laagwater op sommige plekken |