’t Goude Hooft is de oudste herberg van Den Haag. Al in 1423 werd er geschreven over de taveerne "In tgulde hoift", gelegen aan de Groenmarkt. In 1660 onderging de taveerne een herbouw door architect Pieter Post, die de gevel sierde met twee gouden hoofden. Op de gevel van ’t Goude Hooft sierden twee gouden hoofden (foto uit 1939, H.A.W. Vlak).
Voor de Tweede Wereldoorlog kwam ’t Goude Hooft in handen van bierbrouwer Heineken, die het vervallen gebouw wilde afbreken. De taveerne stond niet meer op de monumentenlijst, waardoor sloop dreigde om de Groenmarkt te verbreden. Gelukkig werd het gebouw door architect F.A. Warners herbouwd volgens de oorspronkelijke tekeningen van Pieter Post, maar dan iets groter.
In 1939 werd ’t Goude Hooft heropend onder leiding van de beroemde chef-kok Henry Thijs van Dikker & Thijs, die het tot een bloeiend etablissement maakte. In januari 2012 kwam ’t Goude Hooft in handen van de huidige directie. Broodjes kroket met mosterd, warme chocolademelk met slagroom en pannenkoeken met stroop vlogen over de toonbank.
Midden in het Haagse centrum staat al meer dan 600 jaar een herberg met de welluidende naam ’t Goude Hooft. Iedere Hagenaar kent het, iedere Hagenaar weet het aan te wijzen. ’t Goude Hooft heeft alle tijden meegemaakt, goede en slechte en alles wat zich daar tussenin bevindt.
De geschiedenis van de oorspronkelijke herberg gaat terug tot 1423. ’t Goude Hooft was ooit een herberg voor mensen van buiten de stad en een taveerne voor de bezoekers van de markten. In 1886 werd ’t Goude Hooft weer herbouwd. In de negentiende eeuw richtte de eigenaar op de eerste verdieping een herensociëteit op. Voor de Tweede Wereldoorlog werd bierbrouwer Heineken eigenaar van de taveerne en wilde het vervallen gebouw afbreken.
Het gebouw is door de eeuwen heen dan ook steeds aan de tijdgeest aangepast. De laatste grote renovatie vond ruim tien jaar geleden plaats: met behoud van het historische karakter werd het monumentale pand lichter en eigentijdser.
Restaurant "Het Goude Hooft" uit 1938 gebouwd naar ontwerp van architect F.A. Warners in de historiserende trant van de Delftse School. Het is een vergrote en enigszins aangepaste kopie van de herberg "Het Goude Hooft" die op deze plaats in 1660 werd gebouwd naar ontwerp van Pieter Post. Het pand markeert de hoek van de Grote Halstraat en de Hoogstraat.
De voorgevel aan de Grote Halstraat bevat beneden een houten pui met bovenlicht waarin kleine roedenverdeling en glas-in-lood.

De lijstgevels bevatten vensters met gebeitste houten kruiskozijnen, glas-in-lood en luiken. De twee vrijstaande gevels bezitten boven de kroonlijst elk een brede, attiekvormige dakkapel waarin vensters met bolkozijnen, bekroond door frontons met medaillons waarin een vergulde manskop en het opschrift "'t Goude Hooft 1660".
In de voorgevel tussen de eerste en tweede verdieping bevinden zich vier gebeeldhouwde festoenen en sierankers. In de zijgevels zijn jaartalankers 1660 en 1938 te zien. De zijgevel aan de Hoogstraat bevat in de meest rechtse travee een natuurstenen poortje met getoogde deuromlijsting en fronton, gedragen door voluutconsoles.
Het omlopende, met pannen gedekte schilddak wordt gemarkeerd door gemetselde hoekschoorstenen met windkappen. Tegen de gevel aan de zijde van de Grote Halstraat bevindt zich een tijdens de herbouw gerealiseerde houten serre in 17e-eeuwse trant.
De vergulde koppen in de frontons en de gebeeldhouwde festoenen zijn afkomstig van het gesloopte 17e-eeuwse pand. Aan de linkerzijde is bij de herbouw in 1938 een aanbouw in de trant van de Delftse School gerealiseerd, bestaande uit twee bouwlagen met een pannen zadeldak dat links aansluit tegen een puntgevel.
De bakstenen gevel bezit smalle vensters met glas-in-lood, en een boogfries. Het interieur is uitgevoerd in historiserende, ambachtelijke stijl van de Delftse School en is nog geheel intact, onder meer met een houten cassettenplafond, balkenzolderingen, gebeeldhouwde sleutelstukken, wandschilderingen, balustrades en ijzeren smeedwerk.
Pand van architectuurhistorische en cultuurhistorische waarde als uiting van de restauratie-opvattingen in de periode kort voor de Tweede Wereldoorlog, waarbij het eerlijk tonen van de materialen een belangrijk uitgangspunt was, maar anderzijds het gebruik van moderne constructiemethoden niet werd geschuwd. Hoofdvorm, detaillering en het materiaalgebruik zijn gaaf.
Hotel-restaurant ’t Goude Hooft is al eeuwenlang een vaste waarde in Den Haag. Het horecabedrijf groeide in 600 jaar uit van oude herberg tot hotel-restaurant met eigen club. “Elke Hagenees kent ’t Goude Hooft”, zegt Jan van Asselt, sinds vijftien jaar eigenaar van het hotel-restaurant. “Het is diep verweven met de stad. De geschiedenis van de oorspronkelijke herberg gaat terug tot 1423. Eeuwenlang diende het pand als tussenstop voor reizigers en als ontmoetingsplek voor bewoners.”
“Gasten moeten zich prettig voelen in je zaak. ’t Goude Hooft is toegankelijk, iedereen is de hele dag welkom, de sfeer is warm en toegankelijk en ja, het interieur nodigt uit om foto’s te maken en te delen op sociale media.”
De huidige eigenaar beschrijft de modernisering: “Een grootschalige renovatie was toen echt nodig om het te moderniseren. Met behoud van het historische karakter werd het monumentale pand lichter en eigentijdser.”
Het pand telt 2.500 vierkante meter met op de begane grond het restaurant en entresol met glazen balustrade, en in de kelder Club 1660 met dj-booth, dansvloer en beeldschermen. De gastenaantoe is internationaal en de klassieke gerechten blijven populair: broodjes kroket met mosterd, warme chocolademelk met slagroom en pannenkoeken met stroop.
Architectuur en zichtbare kenmerken
Het gebouw markeert de hoek van de Grote Halstraat en de Hoogstraat. De zes vensterassen aan de Grote Halstraat en de vijf aan de Hoogstraat geven het pand zijn karakteristieke massief uiterlijk.
De twee gouden koppen op de gevel herinneren aan de oorspronkelijke 1660-verbouwing door Pieter Post en vormen een iconisch symbool van het monument.
Historische tijdlijn in korte noten
- 1423: vermelding van de taveerne als “In tgulde hoift”.
- 1660: herbouw door Pieter Post, gevel met twee gouden hoofden.
- 1886: herbouw van ’t Goude Hooft.
- Voor WOII: eigendom van Heineken met plannen tot sloop.
- 1939: heropening onder Henry Thijs van Dikker & Thijs.
- 2012: overname door huidige eigenaar.
De huidige werking combineert traditie met modernisering: 2.500 m2, een levendige horeca-omgeving en een visitekaartje voor Den Haag als tijdloze ontmoetingsplek.