t Achterhuis biedt u een grote sortering antieke wandtegels die regelmatig wordt aangevuld.
Soms worden deze oude muurtegels aangeduid als ouderwetse wandtegels, maar gezien de toenemende vraag voor moderne inrichtingen met bijvoorbeeld een landelijke keuken of badkamer, is dit niet helemaal de correcte aanduiding.
Friese witjes worden nog steeds op ambachtelijke wijze gemaakt en het recept hiervan stamt uit de 17e eeuw.
Friese witjes hebben hierbij een typische afmeting van 13 x 13 cm.
Ze zijn gemaakt van kalkhoudende klei en bedekt met een laagje witte tinglazuur wat zorgt voor de klassieke ‘look and feel’.
Deze witjes hebben niet altijd exact dezelfde kleur wit, maar worden aangeboden in diverse kleurnuances.
Een veel gebruikt tinglazuur is craquelé, dit zorgt voor een zijdeglans effect.
Friese witjes zonder craquelé lijkt juist meer op hoogglans.
Dit type muurtegel zien we met name terug in de keuken, maar worden eigenlijk in alle sanitaire ruimtes verwerkt.
Een antiek tegeltableau wordt veelal op witjes met deze craquelé glazuur geschilderd.
Het voordeel is namelijk dat de kleuren van het tegeltableau op craquelé glazuur beter uitkomen.
Een tegeltableau zien we vaak terug als fraaie decoratie tussen de muurtegels in de keuken.
Ook metrotegels zien we steeds vaker terug in de keuken, badkamer en zelfs de woonkamer.
De naam zegt het natuurlijk al, maar de originele metrotegel vindt zijn oorsprong in de oudere metrostations.
De klassieke maat is 7,5 x 15,2 cm met een duidelijke facetrand en is ook verkrijgbaar in 7,5 x 15 cm.
Misschien leuk om te weten is dat deze facetrand destijds is toegepast om meer licht te weerkaatsen in de metrostations.
‘t Achterhuis heeft een permanente collectie van zo’n 350 schouwen en het is natuurlijk een optie om deze ook netjes af te werken met antieke schouwtegels.
Deze schouw tegels worden voor de schouw gemetseld en zorgen voor een authentieke uitstraling.
‘t Achterhuis heeft meer dan 1000 sanitair producten, waaronder bovengenoemde sorteringen van oude wandtegels.
Een onderdeel van onze showroom bestaat uit keuken, badkamer en toilet inrichtingen waarbij diverse afwerkingen u een compleet beeld geven van de mogelijkheden.
Graag nodigen wij u dan ook uit voor een bezoek aan onze showroom om de oude wandtegels in het echt te komen bewonderen.
U kunt de partijen dan samen met onze magazijnchef bekijken.
Determinatie van Nederlandse wandtegels, ca. Aan de hand van vragen, met afbeeldingen van tegels uit het Nederlands Tegelmuseum en korte toelichtingen, is het mogelijk om meer informatie over uw eigen tegel te vinden.
Deze database is overigens wel beperkt tot keramische tegels die in Nederland gemaakt zijn.
Vloertegels en plavuizen, evenals buitenlandse tegels, kunt u hier niet terugvinden.
Ook is als einddatum 1950 gekozen.
Ook tegels die deel uitmaken van een tableau (zodat één tegel nooit een zelfstandig plaatje oplevert) zijn hier niet te vinden, omdat deze vaak eenmalig gemaakt zijn.
Wel kan het dan nog de moeite zijn om naar tegels met hetzelfde fabrieksmerk te zoeken, voor gegevens over de herkomst.
Zoeken op voorstellingHet zoeken op een decor, het type voorstelling zelf, is de snelste manier om te zien of in de collectie van het Nederlands Tegelmuseum dezelfde tegel, of een goed vergelijkbare, aanwezig is.
Daarbij wordt ook gekeken naar veel voorkomende, herhalende hoekmotieven en omlijstingen.
Gegevens over datering en herkomst kunnen ook voor uw tegel geldig zijn.
Veel tegelvoorstellingen zijn echter eeuwenlang herhaald of in de twintigste eeuw opnieuw geschilderd.
De geschiedenis van geglazuurde tegels gaat terug tot in het Oude Egypte en Mesopotamië.
Daar werden voor het eerst uit klei gebakken, geglazuurde tegels vervaardigd.
Door de Arabische verovering van onder meer Zuid-Spanje kwam de tegelkunst in Spaans-Moorse stijl tot ontwikkeling.
Beroemd zijn de betegelde muren van het Alhambra in Granada met geometrische motieven en afbeeldingen van planten en bloemen.
Van Spanje werden veelkleurige tegels naar Italië geëxporteerd.
In de loop van de zestiende eeuw trokken Italiaanse tegelbakkers naar Antwerpen, de belangrijkste havenstad van Europa.
Misschien leuk om te weten is dat deze facetrand destijds is toegepast om meer licht te weerkaatsen in de metrostations.
Naarmate de 17e eeuw vorderde ontstond een welvarende middenklasse die tegels als woondecoratie gingen waarderen.
Begin 17e eeuw werden veelkleurige ornamenttegels gemaakt, meerdere tegels vormden samen een patroon.
Na 1620 kwamen tegels met een voorstelling op één tegel in zwang.
Eerst nog kleurrijk, maar door de import van Chinees porselein door de VOC nam de vraag snel toe naar tegels met een ‘Chinese’ voorstelling in alleen blauw.
Daarna gaven de Nederlanders de voorkeur aan herkenbare, alledaagse onderwerpen, zoals bloemen en vruchten, dieren, vogels, kinderspelletjes, soldaten, schepen en landschapjes.
Vanaf de 18e eeuw zijn de voorstellingen op de tegels meestal paars.
Door de opkomst van behang en vooral de ontwikkeling van een veel harder type industrieel vervaardigd aardewerk in Engeland gingen veel Nederlandse tegelfabrieken begin 19e eeuw failliet.
De laatste bloeiperiode van de tegel in Nederland was tijdens de Jugendstil periode van 1890-1910.
De tegelbakker gebruikt een zogenaamde spons, een stukje overdrukpapier waarin met gaatjes een voorstelling is aangebracht.
De tegelbakker legt de spons op de biscuit gebakken en geglazuurde tegel, strooit er houtskool op, zodanig dat de afbeelding in zwarte puntjes op de tegel zichtbaar is.
De tegelschilder verbindt de puntjes met donkere verf, meestal blauw, en vult de voorstelling verder in, waarna de tegel nogmaals wordt gebakken.
Veel kleuren ornamentvloertegels, bedekt met tin-glazuur, werden in de 16e eeuw toegepast, maarwaren weinig slijtvast en duur om te vervangen.
De Nederlanders gingen ze daarom als wandtegelgebruiken.
Vloertegels waren vanaf toen meestal effen.
Ook vervaardigde men roodbakkendeplavuizen, versierd met een crèmekleurige afbeelding zoals een hert, leeuw of geometrischpatroon.
Deze afbeelding werd met een houten stempel in de nog natte klei gedrukt en vervolgensgevuld met wit slib.
De geschiedenis van antieke keramische tegels wordt in dit kennisartikel belicht met grote verscheidenheid aan wand- en vloertegels uit de periode 1895-1965.

Technische ontwikkelingen en productiecentra
In Engeland ontwikkelde men circa 1840 nieuwe productietechnieken om tegels machinaal te vormen, en deze perstechniek werd overgenomen in Duitsland, België en Frankrijk.
Met tegelpersen maakte men snel, efficiënt en maatvast zowel vlakke en geornamenteerde wand- en vloertegels, alsook alle mogelijke vormtegels.
De omvang van het aanbod van wand- en vloertegels is in de architectuur zichtbaar, en de verkoop- of handelscatalogi tonen de toepasbaarheden tussen 1880 en 1960.
In Nederland kwam de mechanisatie van de tegelindustrie pas vrij laat van de grond, circa 1900 handmatig in Friesland en Utrecht.
Vloertegels machinaal geperst werden onder andere bij Alfred Regout en de Porceleyne Fles in Delft.
De benaming ‘faiencetegels’ komt uit Engeland en verwijst oorspronkelijk naar aardewerk in tinglazuurtechniek, later ook toegepast voor geglazuurde tegels via de droogklei-techniek.
Vlakke gedecoreerde tegels werden geleverd met voorstellingen aangebracht in transfer-, druk- of handschilderwerk.
Een ware revolutie in de decoratie ontstond door het in reliëf persen van ornamenttegels.
De verschillende maten van reliëftegels waren afgestemd op de majolicategels en werden gecombineerd verwerkt.
Bloktegels of biseautétegels zijn de oorspronkelijke benamingen voor gefacetteerde tegels, bekend als metrotegels.

How To Tile Around Corners
Toepassingen en iconische voorbeelden
Wandtegels worden buiten veelal toegepast als wandbekleding in winkelportieken en toegangsportalen van woningen, vaak volledig van plint tot plafond.
Winkelpuibekledingen werden soms met bouwkeramiek uitgevoerd.
Vanaf 1930 worden mat geglazuurde tegelstrips van 4 cm hoog en 25 cm lang toegepast, met doorgestreepte hoekoplossingen.
Het ruime aanbod van machinaal vervaardigde vloertegels uit circa 1900 is voornamelijk geïmporteerd uit Engeland, Frankrijk, Duitsland en België.
Geglazuurde wandtegels tussen 1890 en 1930 zijn te vinden bij specialisten zoals Jan van IJken Oude Bouwmaterialen en Rozenburg.
In Friesland werden in de 17e eeuw schepentableaus gemaakt en vanaf 1740 vooral in Friesland mooie tafelbeelden geproduceerd.
De industriële modernisering aan het einde van de 19e eeuw/begin 20e eeuw liet tegels nationaler karakter krijgen in Nederland.
De sfeervolle Delfts blauw en de overgaande stijlen van jugendstil naar art deco zijn in veel openbare en particuliere interieurs zichtbaar.
Vandaag de dag kan vrijwel elke wand- en vloertegel worden toegepast als decoratieve of functionele element in interieurs en gevels.

Foto- en tekeningenmateriaal en bibliografie
De belangrijkste ontdekking voor de productie van antieke keramische patroontegels was oorspronkelijk bedoeld om deze vloertegels te maken, en de technische ontwikkelingen waren cruciaal voor massaproductie.
De tegelfabriek Colozier in Saint-Just-des-Marais illustreert industriële modernisering rond 1890-1913 met meerdere ovens en sociale huisvesting.
Oorsprong van ingelegde tegels ligt in het Midden-Oosten en verspreidde zich via Spanje en Italië naar Europa, met renaissancetoepassingen en later Victoriaanse hoogtijdagen.
Vandaag de dag blijven antieke tegels een trots en verzamelobject, met duurzame waarde en rijke geschiedenis.
tags: #historische #wandtegels #toog #boven #raam