Een te lage waterdruk kan storingen aan de cv-installatie veroorzaken. Check daarom bij een storing als eerste of de waterdruk in de cv-installatie tussen de 1,2 en 2 bar ligt. Is de druk lager dan 1,2 bar, dan moet de cv-installatie worden bijgevuld; dit zal de storing waarschijnlijk oplossen. De vulkraan en het bijvullen vereisen nauwkeurige stappen en aandacht voor veiligheid.
Waarom de druk controleren en wanneer bijvullen nodig is
Door een te lage waterdruk kan de cv-installatie mogelijk niet goed functioneren. Controleer altijd eerst of de waterdruk tussen de 1,2 en 2 bar ligt. Als de druk lager is dan 1,2 bar, moet de cv-installatie worden bijgevuld. Het bijvullen van de cv-ketel zal de storing waarschijnlijk oplossen. Bij oudere cv-ketels met een analoge drukmeter dient de stekker uit het stopcontact te worden gehaald voordat u gaat bijvullen; bij nieuwere cv-ketels met een digitale drukmeter blijft de stekker in het stopcontact om de druk af te lezen.
Wat heb je nodig voor het bijvullen
- een emmer
- waterpomptang
- vulslang
- een doek
Stapsgewijze handleiding voor het bijvullen
- Zet de thermostaat lager en laat de cv-installatie afkoelen.
- Bij oudere cv-ketels met een analoge drukmeter: haal de stekker uit het stopcontact. Bij nieuwere cv-ketels met een digitale drukmeter op de display kan de stekker in het stopcontact blijven om de druk af te lezen.
- Zoek naar de waterkraan in de buurt van de cv-ketel en sluit hier de vulslang op aan.
- Zet de kraan open en laat het water zachtjes in de emmer stromen zodat de vulslang volstroomt met water. Dit voorkomt dat er lucht in de installatie komt via de vulslang. Dit is af te lezen op de display van de cv-ketel of, bij oudere modellen, op de analoge drukmeter.
- Draai eerst het vulpunt van de cv-installatie dicht en daarna pas de waterkraan. Ontkoppel daarna voorzichtig de vulslang en laat het resterende water in de emmer lopen.
- Zet de thermostaat weer op de gewenste temperatuur en controleer of de verwarming weer aanslaat.

Waar zit de vulkraan en hoe herken je deze
Elke cv-ketel beschikt over een vulkraan, nodig om de installatie bij te vullen. De vulkraan bevindt zich meestal in een van de leidingen aan de onderzijde van de ketel, soms aan de bovenzijde, maar het kan ook elders zitten (bij radiatoren of andere leidingen in de woning). De vulkraan kan geplaatst zijn op een radiator in de badkamer of bijkeuken of op een willekeurige plek in een leiding.
Hoe herken ik de vulkraan?
- De vulkraan is meestal zilverkleurig en herkenbaar aan een groen of rode handgreep. Staat de handgreep dwars op de leiding, dan is de kraan dicht; staat hij parallel, dan is hij open.
- Vulkranen hebben altijd een afdichtdop die eerst verwijderd moet worden om de vulkraan te openen. Sommige vulkranen zijn koperkleurig; bij die modellen kan de afdichtdop gebruikt worden om de vulkraan te bedienen.
- Vulkranen vind je vaak in de buurt van een waterkraan, die met de vulslang op de vulkraan kan worden aangesloten. Soms is er een wasmachine aangesloten op deze waterkraan; deze moet eerst losgekoppeld worden voordat je de vulslang kunt aansluiten.

Wat als de vulkraan lekt of het systeem niet omhoog komt
Een vulkraan kan na bijvullen lekken. Een kleine lekkage is meestal tijdelijk; als de lekkage aanhoudt of erger wordt, laat de vulkraan dan vervangen door een vakman. Tijdens reguliere cv-onderhoud controleert de monteur de vulkraan en vervangt deze indien nodig. Ook de vulslang kan versleten zijn en vervangen worden tijdens onderhoud.
Bijvullen CV-ketel
Vul- en aftapkranen: verschil en toepassing
De vulkraan is bedoeld om water toe te voegen aan de installatie; met de aftapkraan kan water uit de installatie worden gehaald. Soms kan de vulkraan ook fungeren als aftapkraan. In woningen waar de ketel niet op het laagste punt van de installatie is geplaatst, kan er een aparte aftapkraan aanwezig zijn. Vul- en aftapkranen hebben meestal een hendel of draaiknop. Een dwarsstaande hendel duidt op gesloten toestand; parallel aan de leiding duidt op open toestand.
Hoe vaak moet de cv-ketel bijgevuld worden
Bij oudere cv-ketels is het niet ongebruikelijk om deze twee keer per jaar bij te vullen; nieuwere ketels vereisen vaak één keer per jaar, soms zelfs eens per twee jaar. Als de ketel vaker bijgevuld moet worden, kan dit wijzen op een lekkage. Controleer bij ongewone drukdalingen of lekkage een rol speelt en schakel indien nodig een loodgieter in.
- Bijvullen gebeurt pas nadat de druk en aansluitingen gecontroleerd zijn en de slang vol loopt.
- Controleer na het bijvullen of de druk op 1,5-2,0 bar ligt en de ketel weer normaal werkt.
Zijn er aanvullende opties en hulp?
Als u hulp nodig heeft bij het bijvullen of vervanging van de vulkraan, staan erkende loodgieters voor u klaar. U kunt online een afspraak maken via het contactformulier, dan nemen zij zo spoedig mogelijk contact op. Sommige onderhoudscontracten bieden vaste prijzen en 24/7 service en geen voorrijkosten.

Samenvatting van belangrijke punten
- Druk controleren: 1,2-2,0 bar voor de meeste systemen.
- Bijvullen met emmer, vulslang en doek; volg de volgorde van los- en aansluitpunten.
- Oudere ketels: haal stekker uit stopcontact voordat bijvullen; nieuwere ketels kunnen papierloos aflezen op display.
- Vulkan vulkraan: meestal zilverkleurig met groene/rode greep, dop verwijderen voor openen.
- Laat lekkages tijdig verhelpen door een vakman; onderhoud kan vulkraan vervangen indien nodig.