Deze beide koolsoorten lijken op elkaar en werden tweeduizend jaar geleden al door de Romeinen gegeten. Zaaien kan vanaf april tot juli. Als je later zaait zijn de planten in de herfst te klein en heb je maar een kleine oogst. In de volle grond zaaien kan prima, maar het kiemplantje is populair bij vogels en slakken. Koolsoorten kiemen snel. De koolplantjes kunnen uitgeplant worden als ze ongeveer 2 échte blaadjes hebben. Het worden grote planten, dus ze vragen een grote pot. In de moestuin vragen de planten nogal wat ruimte; 50 tot 60 cm tussen de planten en de rijen. Ze groeien graag op een zonnig plekje op goed bemeste grond. Geef ze compost of plant ergens waar erwten of bonen hebben gestaan. De koolplanten zijn niet moeilijk, maar er zijn nogal wat dieren die ook van kool houden, zoals duiven, de rupsen van het koolwitje, witte vlieg en de larven van de koolvlieg. Als je vroeg hebt gezaaid kan je vanaf eind juli oogsten. Begin met de onderste bladeren, dan groeit de plant vanuit het hart door en kun je blijven oogsten, tot ver in de winter. Boerenkool kan erg goed tegen de vorst. Ze worden wat zachter van smaak. We helpen je graag om jouw moestuin tot een succes te maken.

Bij De Bolster heb je de keuze uit drie verschillende rassen: boerenkool ‘Westlandse Winter’, ‘Darkibor F1’ en ‘Roter Grünkohl’. ‘Westlandse Winter’ heeft donkergroen blad, ‘Darkibor F1’ is een zeer productief ras met sterk gekruld, donkergroen blad en ‘Roter Grünkohl’ heeft opvallend paarsrood blad. In vergelijking met andere koolsoorten stelt boerenkool geen bijzondere eisen aan de grond. De voedingsbehoefte ligt wat lager en ook op een lichte grond groeit boerenkool goed. In de winter kan boerenkool op het veld blijven staan, en de groente wordt zelfs zoeter van smaak wanneer het gevroren heeft. Hoe kouder de nachten, hoe paarser de kleur van het blad van de ‘Roter Grünkohl’ wordt. Zoals hierboven al vermeld, stelt boerenkool in vergelijking met andere koolsoorten lage eisen aan de grond. Het bemestingsniveau kan zeker wat lager liggen dan bij rode of witte kool en spruiten bijvoorbeeld.

Duiven vinden jonge boerenkool planten erg lekker. Dek daarom de jonge planten af met insecten/vogelgaas. Duiven, hazen en konijnen houden erg van jonge koolplanten. De oogst van boerenkool vindt plaats van november tot eind januari. Het volgroeide blad kun je van de stam afbreken, waarbij je begint met het onderste blad dat het snelst verslijt. Er groeien nieuwe, kleine blaadjes op de plaatsen waar het blad van de stam geplukt is. Deze zijn ook te oogsten. Wanneer je aan het eind van het seizoen bent, kun je ook de kop oogsten. Boerenkool kan goed tegen vorst en wordt zelfs lekkerder na een beetje vorst. We kennen de stamppot boerenkool in Nederland allemaal als een traditioneel gerecht in de winter. Daar is bijna geen recept voor nodig. Wel zou je dit gerecht een beetje anders kunnen bereiden, zoals deze boerenkool in combinatie met appel. Of ga voor een Italiaanse twist met deze pasta met boerenkool, parmezaan en een romige citroensaus. Dat je echt alle kanten op kunt met boerenkool bewijst dit recept van een groene smoothie en ons eigen recept om zelf boerenkoolchips te maken. Bekijk ons assortiment biologische boerenkool zaden, en plaats vandaag nog je bestelling. Binnen 3 tot 4 werkdagen kun je de zaden thuis verwachten.

Boerenkool behoort tot de stevigste groenten die u in uw moestuin kunt laten groeien. Deze bladgroente wordt steeds populairder onder hobbytuinders, dankzij de eenvoudige teelt en de rijke oogst. Of u nu over een ruime tuin beschikt of boerenkool in pot wilt kweken op uw balkon, deze plant gedijt onder verschillende omstandigheden. Wij zien regelmatig dat beginnende tuinders de teelt van koolsoorten ingewikkelder inschatten dan nodig. Boerenkool kweken vraagt vooral om de juiste timing en een goede bodemvoorbereiding. Boerenkool stelt geen bijzondere eisen aan de standplaats, maar presteert het best op een plek met voldoende zonlicht. De plant verdraagt lichte schaduw, maar groeit dan trager en produceert minder blad. De grond mag voedselrijk en goed doorlatend zijn. Zware kleigrond kunt u verbeteren door compost of potgrond door te spitten. Een pH-waarde tussen 6,0 en 7,5 is ideaal. Te zure grond kunt u voor het planten corrigeren met tuinkalk. Wie boerenkool in pot wil kweken, kiest een bak met minimaal twintig liter inhoud per plant. De pot moet onderin draingaten hebben om wateroverlast te voorkomen. Gebruik bij voorkeur kwalitatieve potgrond, aangevuld met compost. Voor de teelt van boerenkool in de moestuin start u idealiter tussen april en juni met zaaien. Een vroege zaai in april levert jonge planten die in de zomer al oogstbaar zijn. Zaai de zaden ongeveer anderhalf centimeter diep met onderlinge afstand van twee tot drie centimeter. Na kieming, meestal binnen zeven tot veertien dagen, dunnen of verspenen is noodzakelijk. Geef elke plant uiteindelijk veertig tot vijftig centimeter ruimte in alle richtingen. De plant vraagt regelmatig water, vooral tijdens droge periodes. Geef bij voorkeur water aan de voet van de plant, niet over de bladeren. Dit voorkomt schimmelziekten. Onkruid verwijderen blijft belangrijk, omdat het de groei remt en voedingsstoffen onttrekt. Een laagje compost of mulch rond de planten houdt onkruidgroei te onderdrukken en houdt de grond vochtig. Rupsen van het koolwitje vormen het grootste plaagrisico. Controleer de onderkant van bladeren regelmatig op eitjes en rupsen. Verwijder deze handmatig of dek jonge planten af met fijnmazig insectennet. Een andere methode is het aantrekken van natuurlijke vijanden zoals vogels en sluipwespen. Boerenkool behoort tot de zwaar verterende gewassen. De plant heeft behoefte aan voldoende stikstof voor sterke bladontwikkeling. Begin met een goede uitgangspositie door voor het planten compost of oude mest door de grond te werken. Tijdens het groeiseizoen geeft u aanvullende voeding. Dit kan met organische meststoffen zoals bloedmeel of een vloeibare groentemeststof. Geef eens per drie tot vier weken een gift, vooral wanneer de planten actief groeien. Bij teelt in potten is regelmatige voeding nog belangrijker, omdat de beperkte hoeveelheid grond snel uitgeput raakt. Start zes weken na het planten met kleine giften vloeibare mest, elke twee weken.

Het assortiment aan rassen biedt keuze tussen vroege en late oogst. Boerenkool Westlandse Herfst levert al in de nazomer de eerste bladeren. Voor winterharde teelt kiest u beter voor een ras als Bio Boerenkool Westlandse Winter. Deze soort doorstaat vorst tot min vijftien graden en levert tot in februari verse bladeren. Moderne hybriden zoals Boerenkool Reflex F1 combineren snelle groei met goede smaak en uniformiteit. De oogst begint zodra de plant voldoende bladmassa heeft ontwikkeld, meestal twee tot drie maanden na het planten. Pluk steeds de onderste bladeren en laat het hart intact. Zo blijft de plant doorgroeien en kunt u gedurende maanden oogsten. Oogst bij voorkeur in de ochtend wanneer de bladeren stevig en knapperig zijn. Neem per keer niet meer dan een derde van de bladmassa weg, zodat de plant zich goed herstelt. In de winter vertraagt de groei sterk, maar de plant blijft produceren. Bij strenge vorst kunt u een laag stro of vlies over de planten leggen voor extra bescherming.
Boerenkool zaaien | Boerenkool kweken
U plant boerenkool het beste tussen april en juni. Een vroege zaai in april zorgt voor oogst in de zomer, terwijl zaai in mei of juni leidt tot herfst- en winteroogst. Zaai de zaden anderhalf centimeter diep in voedselrijke grond op een zonnige plek. Geef elke plant veertig tot vijftig centimeter ruimte. Zorg voor regelmatige watergift en bemest eens per maand. Boerenkool groeit vanaf het planten tot ver in de winter, vaak tot februari. Na de eerste oogst blijft de plant maandenlang nieuwe bladeren produceren. Werk voor het planten een emmer compost per vierkante meter door de grond. Geef tijdens het groeiseizoen eens per drie tot vier weken organische meststof. Wilt u direct aan de slag met deze voedzame bladgroente? Oorspronkelijk komen de bladkolen, waar onze boerenkool er één is, uit het Midden-Oosten. De boerenkool en zijn directe wilde voorlopers waren al vroeg bekend, zo is rond 400 for Christus bij de Grieken al een kroesbladige kool beschreven. Ook bij de Romeinen was de boerenkool al een lekkernij en werd veel gegeten. Boerenkool is van alle koolsoorten het gemakkelijkst om te kweken. De boerenkool wordt begin juni op een zaaibed uitgezaaid en ongeveer acht weken later kunnen de plantjes worden uitgeplant. De boerenkool planten dienen ongeveer op 50 centimeter afstand van elkaar staan, zodat de boerenkool voldoende ruimte heeft om zich te ontwikkelen.

Het is van belang om de boerenkool in goed bemeste grond te plaatsen. Als het in de zomer heel warm is, is het beter de bodem met stro af te dekken, zodat de bodem niet te heet wordt. Het is van belang om de boerenkool planten niet uit te laten drogen in de zomer, maar geef ze ook zeker niet overvloedig water, dit zal de ontwikkeling van de boerenkool niet ten goede komen en heeft zelfs het risico om de plant te 'verdrinken'. Vanaf november kunnen de bladeren van de boerenkool worden geoogst, begin hierbij met de onderste bladeren. Als je voorzichtig bent met de plant kunnen, op de plaatsen waar al geplukt is, weer nieuwe kleinere blaadjes groeien. Zo maak je het mogelijk om meerdere malen van dezelfde plant te oogsten. Aan het einde van het seizoen kan ook de kop van de boerenkool worden geoogst. De boerenkool is het lekkerst als de eerste nachtvorst is geweest. Het aanwezige zetmeel in de bladeren wordt door de nachtvorst omgezet in suikers. Koolsoorten zijn gevoelig voor een aantal belagers, zoals witte vlieg, koolvlieg, koolwitje, meeldauw en knolvoet.
tags: #hoe #verbouw #je #boerenkool