De Nederlandse taal kent veel spreekwoorden. Sommige lijken misschien vreemd te zijn, anderen zijn grappig. Een deel is gemakkelijk te begrijpen, een ander laat ons met één groot vraagteken achter. Zochten mensen vroeger echt spijkers op laag water? Het antwoord is ja. Vroeger moest het personeel van scheepstimmerwerven op zoek gaan naar spijkers die in het water waren gevallen. Spijkers waren destijds namelijk duur, dus het was zonde om het te laten liggen.
Het spreekwoord 'zo gek als een deur’ is ontstaan in de middeleeuwen. Het woord ‘dore’ had twee betekenissen namelijk ‘deur’ en ‘dwaas’. Als God in Frankrijk leven betekent een onbezorgd en gemakkelijk leven leiden. Het gezegde vindt haar oorsprong echter niet in de Franse taal, maar de Duitse. De waard is een ander woord voor herbergier. Wanneer een herbergier klaagde over zijn gasten, lag het probleem vaak aan zichzelf. Het spreekwoord betekent dat iedereen zijn eigen leed te verdragen heeft en is afkomstig van de kruisiging. Deze straf werd uitgevoerd in het oude Perzië en later kwam deze straf ook vaak bij de Romeinen voor.
Als je ‘de schaapjes op het droge hebt’ ben je binnen en heb je het goed voor elkaar. Het gezegde is ontstaan uit ‘op het droge hebben’ zonder de toevoeging van koetjes/schapen, wat betekende dat het financieel goed ging. Een trekdier zoals paarden of ezels achter de wagen spannen is geen goed idee. De boeren waren niet dom, ze wisten dat het dier vóór de wagen gespannen moet worden. Er wordt beweerd dat de gezegde afkomstig is van “een uitje met iemand te schillen hebben”. Waarom? De tranen die vloeien bij het schillen/ snijden van uien, slaan op de tranen die tijdens een ruzie stromen. Maar wist je dat de betekenis van “een appeltje met iemand schillen” uit sarcasme is ontstaan? Wie heeft hier niet van gehoord? Dat komt omdat de uitdrukking de waarheid bevat. Het drukt op een krachtige en beeldende manier uit hoe liefde ons vermogen om objectief te oordelen beïnvloed. Deze uitdrukking wordt toegeschreven aan de Franse dichter en schrijver Geoffrey Chaucer.

Eén van de bekendste liedjes is ‘Sinterklaas Kapoentje’, dat stamt uit de 19e eeuw. Maar wat is een kapoentje en waarom zit dat woord in dit lied?
Wanneer je schulden hebt bij iemand wordt wel gezegd dat je bij diegene in het krijt staat. Die uitdrukking bestaat al sinds de 17e eeuw.
Wanneer je ‘Oost-Indisch doof bent’ wil dat zeggen dat je net doet of je iets niet hebt gehoord. Maar waar komt deze uitdrukking nu eigenlijk vandaan?
Wanneer een regel een ‘wet van Meden en Perzen’ wordt genoemd, betekent het dat een regel vastligt en dat er niet aan te tornen valt.
De uitdrukking ‘vechten tegen de bierkaai’ betekent dat je tegen beter weten in iets probeert te bereiken, en verwijst naar een kade in Amsterdam.
Wanneer iemand tegen je zegt dat je een nieuwsgierig aagje bent, betekent dat je iets wel heel graag wilt weten. Maar wie was aagje, in dit gezegde?
De uitdrukking ‘praten als Brugman’ stamt al uit de 15e eeuw. De Brugman waar hier naar verwezen wordt, heeft echt geleefd! Wie was hij?
Vandaag is het 160 jaar geleden dat Hendrik Jut het levenslicht zag. Niemand vermoedde toen dat zijn naam nog generaties lang op de kermis zou doorleven. Dat heeft kraak noch smaak wordt gezegd als iets helemaal niet lekker smaakt, maar flauw en laf is. Kraak noch smaak hebben kan ook van andere dingen worden gezegd die niet leuk en/of saai zijn, zoals films, boeken, steden en gebouwen. Kraak is afgeleid van het werkwoord kraken in de betekenis ‘een scherp, ‘knappend’ geluid maken (als het breekt)’. Als we iets eten, willen we bij de meeste gerechten bij het kauwen een ‘beet’ voelen. Het hoeft niet écht te kraken, maar papperig, doorgekookt eten is nu eenmaal minder lekker. Kraken gaat volgens het Etymologisch woordenboek van het Nederlands (EWN) overigens terug op een woord dat in het Protogermaans (de gereconstrueerde oermoeder van de Germaanse talen) moet hebben bestaan: het klanknabootsende krakon, dat gebruikt werd om een krakend geluid aan te duiden. Smaak (een afleiding van smaken) gaat eveneens terug op een Protogermaans woord: smakan of smakka.
Met een donatie van € 5 steun je Onze Taal.
Voeg de voeg zelfst.naamw. voegEen voeg is een naad tussen twee aansluitende gedeelten van de verharding. VoegEen 'voeg' is de naad of overgang tussen twee verschillende of gelijke materialen, zoals bakstenen, tegels en planken. voeg(voegwerk) Voegen zijn naden tussen de stenen van metselwerk in baksteen en natuursteen, verticaal (staande of stootvoeg) of horizontaal (liggende of lintvoeg), in enkele typen sierverband (metselverband) ook schuin. Tot in de 18e eeuw werden de voegen gelijk met het metselen met dezelfde mortel afgevoegd met een dagge of een voegspijker. voeg1. In het algemeen: een voeg is een nagestreefde onderbreking van meestal gelijksoortige delen van een muur of vloer of plafond, bijvoorbeeld de ruimte tussen bakstenen (zie hierboven), tegels, gipsplaten e.d. Als de voeg voor een fors deel open blijft, wordt meestal van naad gesproken. Zie voeg met metselspecie e.d. Voeg[ bouwkundige termen] De plaats waar planken of stenen tegen elkaar komen wordt een voeg genoemd. In de architectuur zijn voegen vooral bekend als de naad tussen de stenen van metselwerk in baksteen en natuursteen. Een voeg kan verticaal, horizontaal of schuin zijn. VoegDe stevigheid van metselwerk hangt maar voor een deel af van de sterkte van de bak- of natuursteen. Bijna onmisbaar is de mortel die deze verbindt. Alleen een enkele uitzondering bevestigt deze regel: bij stapelbouw worden de stenen koud op elkaar gelegd.
Waar komen toch die uitdrukkingen vandaan zoals ‘geld over de balk smijten’ en ‘afgezaagd zijn’? 1. Wanneer iemand in de war is of niet meer weet wat hij moet doen, kun je zeggen dat hij 'de kluts kwijt is'. Waar de uitdrukking precies vandaan komt is niet duidelijk, maar er zijn verschillende theorieën over. De 'kluts' in de uitdrukking zou verwijzen naar het door elkaar klutsen van bijvoorbeeld room, wat je met een regelmatige slag moet doen. Doe je dat niet, dan raak je de ‘kluts’ kwijt. Spreekwoorddeskundige F. A. De laatste verklaring is dat het woord 'kluts' in de zegswijze afstamt van het Engelse woord 'clutch'. Dit betekent een hendel van een apparaat en zou in het Nederlands terechtgekomen zijn.
2. Iemand die ‘geld over de balk smijt’ kan slecht met geld omgaan. Volgens spreekwoorddeskundigen vindt deze uitdrukking de oorsprong in de landbouw. ‘Balk’ slaat op de balk die in de stallen boven de ruif, de voederbak voor het vee, aanwezig was. Het was bij het voeren van het vee de bedoeling dat het hooi in de ruif werd gegooid. Soms ging dit fout, dan belandde het hooi over de balk.
3. Iets is al zo veel gedaan, het verveelt of irritatie opwekt. Dan is iets ‘afgezaagd’. De uitdrukking ‘afgezaagd zijn’ werd oorspronkelijk gezegd over een muziekstuk dat gespeeld werd op een viool, dat de luisteraar al vaak gehoord had.
4. Wanneer je iemand boos maakt, dan spreek je van ‘iemand op stang jagen’. Het is een vrij nieuwe uitdrukking uit de jaren ’50 van de twintigste eeuw. Spreekwoorddeskundige F. A. Stoett vermeldt deze uitdrukking dan ook nog niet in zijn spreekwoordenboek (1925), maar hij heeft het wel over de uitdrukking 'iemand op de stang rijden'. Volgens Stoett is de betekenis hiervan 'iemand nauwlettend in de gaten houden'. Deze uitdrukking is dus later veranderd, waarbij de oorsprong terug te vinden is in het paardrijden.
5. De uitdrukking 'hij wast zijn handen in onschuld' is oorspronkelijk afkomstig uit de Bijbel en is in meerdere Bijbelboeken terug te vinden. De beroemdste passage uit de Bijbel waarin de uitdrukking terugkomt, is er een uit het Bijbelboek Mattheüs. In deze passage wast Pontius Pilatus, de Romeinse heerser van Judea die de opdracht gaf tot de kruisiging van Jezus Christus, zijn handen in onschuld ten overstaan van een opstandige menigte.

Nederlands spreekwoorden video
Overzicht van een selectie uitdrukkingen en hun oorsprong
- Spijkers op laag water - spijkers zochten, omdat ze duur waren en niet verloren mochten gaan.
- Zo gek als een deur - middeleeuwse betekenis van dore (deur) en dwaas.
- God in Frankrijk leven - Duitse oorsprong, Franse interpretatie minder accuraat.
- De schaapjes op het droge hebben - op het droge hebben werd later uitgebreid met schaapjes.
- Een appeltje met iemand schillen - sarcasme en waarheid, liefde beïnvloedt objectief oordeel.
- Praten als Brugman - 15e-eeuwse afkomst, de Brugman was een echte historische figuur.
- In het krijt staan - schulden bij iemand hebben sinds de 17e eeuw.
- Oost-Indisch doof - doen alsof je iets niet hoort, afkomst uit volksmond.
- Wet van Meden en Perzen - onveranderlijke regel, vastliggend als wetten uit oud Oosters rijk.
- Vecht tegen de bierkaai - referentie aan Amsterdamse kade en onlogische strijd.
Technische termen: betekenis van voeg in de bouw
Een voeg is de naad tussen twee aansluitende gedeelten van de verharding. Voegen zijn naden tussen de stenen van metselwerk in baksteen en natuursteen, verticaal, horizontaal of schuin. De mortel verbindt de stenen en bepaalt voor een groot deel de stevigheid van het metselwerk. Tot in de 18e eeuw werden voegen met dezelfde mortel afgevoegd. Bij stapelbouw worden stenen koud op elkaar gelegd.
Tip voor fans van taal en uitdrukkingen
Om de rijkdom van de Nederlandse uitdrukkingen te bevatten, kun je de volgende selectie gebruiken in gesprekken of essays: spijkers, deur, God in Frankrijk leven, krijt staan, Oost-Indisch doof, Meden en Perzen, bierkaai, Brugman, kluts, afgezaagd, stang jagen, onschuld.