Lerarenopleiding Funderend Onderwijs op Curaçao: Curriculum, Toelatingseisen en Context

De Universiteit van Curaçao (UoC) gaat dit jaar weer starten met een nieuw cohort van de Lerarenopleiding Funderend Onderwijs (LOFO).

De Lerarenopleiding Funderend Onderwijs doorstaat om de zes jaar de toets van de Nederlands Vlaamse Accreditatieorganisatie (NVAO).

“Het opleidingsteam is er de afgelopen jaren in geslaagd om een groot aantal leraren funderend onderwijs af te leveren”, aldus de UoC.

Op Bonaire wordt de opleiding in ‘blended vorm’ aangeboden, wat betekent dat de lessen deels online worden verzorgd.

Volgens de universiteit werd de afgelopen jaren gewerkt aan een verdere uitbouw van de opleiding.

Zo vindt er jaarlijks een uitwisseling plaats met de universiteit van Artevelde in België.

Dankzij de nauwe samenwerking tussen opleidingsinstituten en opleidingsscholen, Wordt je als leraar in opleiding beter voorbereid op jouw toekomst.

Je leert de praktijk goed kennen omdat je de helft van je studie volgt op een opleidingsschool.

Daar ga je écht lesgeven.

Je krijgt hierbij natuurlijk wel professionele begeleiding van vakmensen op de werkplek.

Zij bewaken de wijze waarop theoretische kennis samenkomt met praktische uitvoering.

De meeste van onderstaande opleidingen zijn goedgekeurd door het Nederlands Vlaams Accreditatie Orgaan (NVAO).

Context: De Caribische context wordt meegenomen in alle vakken.

Kies je voor een de studie tot leraar Primair onderwijs of Funderend onderwijs, dan ga je werken op een basisschool.

Met een 2e of 1e graads lerarenopleiding word je vakdocent in het voortgezet onderwijs of het beroepsonderwijs.

Curaçao is een deel van het Koninkrijk der Nederlanden, maar geen deel van Nederland.

Dat maakt dat het onderwijs op Curaçao lijkt op dat van Nederland, maar tegelijk anders is.

Het onderwijs is er net zo verzuild als in Nederland, het funderend onderwijs (de basisschool) wordt afgesloten met een toets die bepalend is voor de toelating voor het voortgezet onderwijs, het voortgezet onderwijs werkt grotendeels met Nederlandse eindexamens, en de lerarenopleidingen zijn onderworpen aan dezelfde kwaliteitstoetsing als de Nederlandse lerarenopleidingen.

Enerzijds betekent dat startende leraren tegen vergelijkbare vragen en uitdagingen oplopen.

Maar tegelijk is de context en cultuur anders.

Gianward la Croes kan de situatie van startende leraren vanuit veel perspectieven bekijken.

Hij is geboren op Curaçao, was student aan de lerarenopleiding in Nederland en werd daarna leraar op verschillende Nederlandse scholen.

Sinds tien jaar woont hij weer op het eiland, waar hij momenteel adjunct-directeur is van een van de vmbo-opleidingen, de Scholengemeenschap Otrobanda Goslinga.

La Croes: ‘Ik heb altijd geweten dat ik leraar wilde worden.

Ik ben al vroeg voor het leraarschap gegaan.

Omdat er geen lerarenopleiding biologie op Curaçao is, was het vanzelfsprekend dat ik naar Nederland ging om te studeren.

Dat was niet altijd makkelijk in het begin.

Ik weet nog goed dat ik mijn eerste practicum wilde geven.

Mosselen ontleden was dat.

Net als veel andere studenten kreeg La Croes al tijdens zijn studie een baan aangeboden.

Als leraar biologie, eerst in Monnickendam en toen in Volendam.

La Croes: ‘Als leraar word je voor de leeuwen gegooid.

Er wordt verwacht dat je volledig als leraar functioneert terwijl je nog aan het leren bent.

Door vallen en opstaan leer je het vak.

Ik weet nog goed dat ik mijn eerste practicum wilde geven.

Mosselen ontleden was dat.

En ja hoor, ik kreeg de mosselen niet open!

Dat zijn herinneringen die je altijd bijblijven.

Dat helpt me nu bij de begeleiding van mijn startende collega’s hier op Curaçao.

De bevolking van Curaçao bestaat uit mensen van verschillende achtergronden en dat zie je terug in de lerarenteams.

Deels bestaan die uit leraren die afkomstig zijn van Curaçao en daar ook hun opleiding hebben gevolgd (de University of Curaçao biedt de lerarenopleiding funderend onderwijs (pabo) en tweedegraads lerarenopleidingen voor de talen Spaans, Papiamento, Engels en Nederlands aan).

Ook is er grote groep (ervaren) leraren uit Nederland die het leuk vinden om een aantal jaren op Curaçao les te geven (de ‘contractanten’).

Dan zijn er nog leraren afkomstig uit Suriname.

En voor een deel zijn het leraren zoals La Croes die op Curaçao geboren zijn, hun lerarenopleiding in Nederland gevolgd hebben en daarna weer zijn teruggekeerd.

Naar deze groep wordt bijzonder uitgekeken in het kader van het terugdringen van de zogenaamde ‘braindrain’.

La Croes: ‘Ook voor terugkeerders, de leraren die oorspronkelijk uit Curaçao komen, is de overgang groot.

Ik keerde zo’n tien jaar geleden terug naar Curaçao en dat was toen een schokkende ervaring.

Ik was gewend aan het werken met een digibord en we werkten in Nederland met methodes.

Het was niet makkelijk, maar ik zie achteraf dat die overgang positief voor me is geweest.

Ik zei tegen mezelf: laat nu maar eens zien hoe goed je bent als docent.

Je moet ook onderwijs kunnen geven met niets.

Ik ben creatiever geworden, en ben meer gaan nadenken over hoe ik leerlingen wil laten leren.

Zowel de Nederlandse leraren met een tijdelijk contract als de terugkeerders krijgen met bijzondere uitdagingen te maken.

Voor beide groepen geldt een culture shock: alles is echt anders dan op de opleiding is geleerd.

De Yu Korsou’s (landskinderen) staan niet alleen didactisch voor een uitdaging.

Wanneer ze na hun studie terugkeren naar Curaçao voor een baan in het onderwijs moeten ze hun studieschuld in euro’s -weliswaar gespreid over een groot aantal jaren- terugbetalen in florijnen.

Huisvesting is niet zomaar geregeld.

Vaak wonen ze na minstens 4 jaar zelfstandig gewoond te hebben als student in Nederland, weer bij familie thuis.

Nog een verschil met Nederland: het onderwijssysteem op Curaçao kent geen parttime werk.

Je krijgt een volle baan ook als dat betekent dat je op 3 scholen moet lesgeven.

Feitelijk is iedereen die op Curaçao les gaat geven, hoe groot je ervaring in Nederland ook is, weer starter met de uitdaging om een plek te verwerven in een nieuwe en deels vreemde eilandcultuur en schoolcultuur.

La Croes: ‘Het moeilijkste hebben de stagiaires en de starters het, die in het beroepsonderwijs terecht komen en geen Papiamento spreken en verstaan.

Ik raad alle Nederlanders sterk aan minimaal een half jaar taalles te nemen, voordat ze naar Curaçao komen.

Voor veel leerlingen in het beroepsonderwijs is Papiamento hun moedertaal, Nederlands verstaan ze meestal wel, maar onderling spreken ze het niet.

In de praktijk van de scholen op het eiland is het vaak de rector of conrector of de interne begeleider die de coaching van de startende leraar op zich neemt.

Bij de scholen van de kleinere schoolbesturen is de schoolleider in veel gevallen zowel beoordelaar als begeleider.

Bij de grote schoolbesturen (RKCS,VPCO,DOS) kan men terugvallen op functionarissen die vaak als bovenschoolse coaches voor starters fungeren.

Feit is dat de intensiteit en kwaliteit van de begeleiding net als in Nederland behoorlijk kan verschillen tussen scholen.

Op de school van Gianward la Croes is bijna geen uitval van startende leraren.

Wat is het geheim?

La Croes: ‘Het belangrijkste voor een starter is dat hij zich meteen welkom voelt en opgenomen wordt in het team als volwaardig teamlid.

Wij vangen onze nieuwe docenten op alsof ze familie zijn.

Vanaf de eerste dag zorgen we voor coaching.

Een peercoach voor de dagelijkse begeleiding en een bovenschoolse coach die de grote lijnen in de gaten houdt met betrekking tot de pedagogische en didactische ontwikkeling.

Elke startende docent moet bij ons in veiligheid kunnen leren en fouten mogen maken.

Ondanks de terugkeer van de in Nederland opgeleide leraren die op Curaçao zijn geboren en de contractanten, is er een groot tekort aan gekwalificeerde docenten.

Curaçao heeft een jonge bevolking, de scholen zitten vol en het is voor de schoolbesturen ieder jaar weer een opgave alle vacatures vervuld te krijgen.

De Curaçaose schoolbesturen namen onlangs het initiatief om te onderzoeken of de ervaringen met programma’s voor startende leraren in Nederland gebruikt zouden kunnen worden in de Curaçaose context.

Daarvoor nodigden zij vertegenwoordigers uit van het project Junior Leraar van de Hogeschool van Amsterdam.

In een week wisselden functionarissen (beleidsmedewerkers) en schoolleiders uit Curaçao ervaringen uit met de Nederlandse collega’s, onderzochten ze de bruikbaarheid van de ontwikkelde kennis in Nederland voor de situatie in Curaçao, en maakten ze een start met een plan van aanpak voor begeleiding van starters leraren.

Associate of Arts in Business van de University of St.

Associate of Arts in General Liberal Arts van de University of St.

Certificate of Secondary Education (CXC-examen) van de St.

Bachelor of Arts in Elementary Education van de University of St.

Bachelor van de University of Curaçao

Dr. Master van de University of Curaçao

Dr. Wil je werken in Nederland?

Wil je studeren in Nederland?

De vergelijkingen met een mbo-diploma kun je alleen gebruiken als je wilt controleren of een diploma toegang kan geven tot het Nederlandse hoger onderwijs.

Wil je weten wat het niveau is van dit diploma wanneer je op zoek bent naar werk?

Heb je een vraag over het onderwijssysteem van Curaçao, Sint-Maarten of de BES-eilanden?

Op Curaçao wordt in het bekostigd onderwijs strikt toegezien op de lesbevoegdheid van onderwijsgevende medewerkers.

Afhankelijk van het type onderwijs gelden specifieke opleidingseisen waaraan leerkrachten en docenten moeten voldoen.

Diploma 2e graads lerarenopleiding in een vak (bv. docent Engels) en WO Master in vak (bv.

Let op: In Nederland geeft een Hbo-masteropleiding een eerstegraads bevoegdheid, maar op Curaçao is dat niet het geval.

Hier wordt een Hbo-master aangemerkt als tweedegraads bevoegdheid.

Let op: Het succesvol afronden van een zij-instroomtraject zoals dat in Nederland wordt aangeboden, geeft niet automatisch recht om als bevoegd docent voor de klas te staan.

Infographic: LOFO Curriculum en toelatingseisen Curaçao

Het LOFO programma vereist zowel inhoudelijke vakkennis als didactische en professionele competenties, met een sterke nadruk op praktijkervaring via de opleidingsschool.

De samenwerking met Artevelde University College in België biedt daarnaast een internationale dimensie aan de lerarenopleiding en bevordert uitwisseling en kwaliteitszorg.

Het curriculum integreert de Caribische context in alle vakken zodat studenten de lokale realiteit begrijpen en kunnen toepassen in de klas.

OnderwijstypeToelatings- of kwalificatie-eisenContext
Primair Onderwijs2e graads leraaropleiding of Pabo-achtig trajectBasisschool, Curaçao
Funderend Onderwijs2e of 1e graads leraaropleidingBasisschool, Curaçao
VervolgonderwijsVakdocent met 1e graads bevoegdheidVoortgezet onderwijs

Culturele en systemische verschillen in begeleiding

De overgang van Nederlandse onderwijstradities naar Curaçaose context vraagt om specifieke aanpasses in begeleiding en coaching voor starters en stagiaires.

Bij de scholen van de kleinere schoolbesturen is de schoolleider in veel gevallen zowel beoordelaar als begeleider.

Bij de grote schoolbesturen kan men terugvallen op bovenschoolse coaches voor starters.

Een cultuurverandering kan de startende docent eerst confronteren met nieuwe taal- en didactische gewoonten, maar kan ook leiden tot professionele groei en creativiteit in het lesgeven.

tags: #lerarenopleiding #funderend #onderwijs #curacao