In Nederland werkt TNO samen met een aantal bouwbedrijven aan een betonmengsel met een veel lagere milieu-impact dan het beton dat we kennen.
Traditioneel wordt beton gemaakt van een mengsel van water, zand, grind en cement als bindmiddel.
In plaats van beton gebruikt TNO gerecycled materiaal en geopolymeer.
Dit is een aardachtig materiaal dat alkalisch geactiveerd kan worden.
Dat betekent dat een chemische reactie ervoor zorgt dat losse poederdeeltjes uitharden en zo een bindmiddel vormen.
Bij die reactie komt in deze processtap tot 80 procent minder CO2 vrij, dan bij het maken van de vertrouwde receptuur.
De komende jaren wil TNO zijn geopolymeerbeton in de praktijk testen.
Een gebouw dat het werk doet van een boom
Ook de Amerikaanse startup C-Crete, opgericht door een oud-PhD’er van het Massachusetts Institute of Technology (MIT), ontwikkelde een alternatief voor cement.
Het bedrijf doet enigszins geheimzinnig over de exacte receptuur, maar inmiddels weten we dat ze eveneens gebruik maken van gerecyclede grondstoffen en kunnen produceren op lagere temperaturen - en dus met minder CO2-uitstoot.
Maar de echte innovatie zit ‘m in een heel andere eigenschap.
C-Crete beweert namelijk dat het materiaal gedurende de levensduur CO2 opneemt uit de atmosfeer en daardoor nog sterker wordt.
Het betonmengsel wordt inmiddels al gebruikt in een gebouw in Seattle.
Daar moeten blijken hoe groot het CO2-opslagvermogen in de praktijk is.
CO2 uit de atmosfeer is een waardevolle grondstof
We blijven even hangen in de hoek van CO2-opslag.
Het Nederlandse bedrijf Paebbl ziet in CO2 uit de atmosfeer namelijk ook een waardevolle bron voor bouwmaterialen.
Dit bedrijf ontwikkelde een technologie om CO2 uit de atmosfeer om te zetten naar grondstoffen.
Paebbl laat CO2 reageren met het mineraal olivijn.
Hierdoor ontstaan vaste stoffen die onder andere in cement en beton worden toegepast.
Het proces draagt zo niet alleen bij aan het verminderen van de nog altijd veel te hoge CO2-uitstoot, maar creëert ook waardevolle producten voor de bouwindustrie.
Nieuwsgierig geworden? de oprichter van Paebbl, Paul Knops.
Zelfhelend beton verlengt levensduur en verminder staalgebruik
Een andere interessante betonontwikkeling is die van de ‘zelfhelende’ variant.
In Rijen (Noord-Brabant) werd al een spoortunnel met dit goedje gebouwd door uitvoerder Heijmans.
Zelfhelend beton bevat microbiologische hulpstoffen die kunnen optreden als ‘healing agent’.
Zodra er ergens een scheur ontstaat, worden specifieke bacteriën actief en vormen ze met water en zuurstof een uitgeharde kalksteenlaag.
Doordat scheuren op natuurlijke wijze worden hersteld, is de verwachting dat zelfhelend beton de levensduur van bruggen, wegen en viaducten aanzienlijk verlengt.
Daarnaast is er met dit type beton fors minder wapeningsstaal nodig in de betonconstructie.
Bij de spoortunnel in Rijen zelfs 35 procent minder.
Beton van urine
Dan tot slot nog een innovatie in de categorie ‘opmerkelijk’.
Een onderzoeksteam van de Universiteit van Stuttgart stuitte in zijn zoektocht naar duurzamere betoningrediënten op een overvloedige, maar tot nu toe over het hoofd geziene grondstof: menselijke urine.
‘We mengen een poeder met bacteriën met zand, plaatsen het mengsel in een mal en spoelen het vervolgens gedurende drie dagen geautomatiseerd met calciumverrijkte urine’, legt Maiia Smirnova, betrokken bij het onderzoek, uit.
‘De afbraak van ureum door de bacteriën, in combinatie met de toevoeging van calcium aan de urine, zorgt ervoor dat calciumcarbonaatkristallen groeien. Dit stolt het zandmengsel tot biobeton.’
Inmiddels is een eerste pilot gestart op de luchthaven van Stuttgart.
Duik in het materiaal
Nieuwsgierig geworden? de oprichter van Paebbl, Paul Knops.
Naarmate de wereld zich meer bewust wordt van de impact op het milieu, groeit de belangstelling voor duurzame en milieuvriendelijke bouwmaterialen.
Biobased bouwmaterialen, die gemaakt zijn van natuurlijke en hernieuwbare bronnen, bieden een veelbelovend alternatief voor traditionele bouwmaterialen zoals beton en staal.
Biobased producten worden gemaakt van plantaardige grondstoffen zoals bamboe, stro en hout.
Deze materialen zijn hernieuwbaar, wat betekent dat ze kunnen worden aangevuld en steeds opnieuw kunnen worden verbouwd.
Biobased materialen zijn veel minder belastend voor het milieu dan traditionele materialen.
Zo veroorzaakt de productie van beton een aanzienlijke uitstoot van CO2, wat bijdraagt aan de hoeveelheden CO2 in de atmosfeer.
Biobased materialen daarentegen slaan CO2 op tijdens hun groei, waardoor ze milieuvriendelijker zijn.
Biobased bouwmaterialen zijn gemaakt van natuurlijke materialen, die gezonder zijn om in te wonen.
Bijvoorbeeld, bamboe vloeren zijn hypoallergeen en geven geen schadelijke chemicaliën af aan de lucht.
Biobased materialen zijn sterk en duurzaam, waardoor ze geschikt zijn voor bouwwerken van elke omvang.
Bijvoorbeeld, bamboe staat bekend om zijn sterkte en het vermogen om natuurrampen zoals aardbevingen en orkanen te weerstaan.
Biobased bouwmaterialen hebben een natuurlijke schoonheid die warmte en karakter toevoegt aan een gebouw.
Bijvoorbeeld, bamboe vloeren hebben een uniek nerfpatroon en kleur, die niet kunnen worden nagebootst door synthetische materialen.
Kortom, biobased producten bieden een duurzaam en milieuvriendelijk alternatief voor traditionele bouwmaterialen.
Met hun vele voordelen, zoals hernieuwbaar, milieuvriendelijk, gezond en esthetisch, is het geen wonder dat biobased bouwen de toekomst van de woningbouw is.
Naarmate meer mensen zich bewust worden van het effect van hun woonkeuzes op het milieu, zal de vraag naar biobased materiaal waarschijnlijk toenemen.
We onderzochten met een Lifecycle Analysis de biobased wanden in The Natural Pavilion.
Biobased materialen zijn materialen die gemaakt zijn van plantaardige grondstoffen.
Voorbeelden zijn houtvezels, hennepvezels en andere materialen die op natuurlijke wijze kunnen worden verbouwd en gekweekt.
Deze materialen kunnen worden gebruikt om een verscheidenheid aan producten te maken, zoals isolatieproducten, textiel, papierproducten en bioplastics.
Afhankelijk van het type biobased materiaal dat wordt gebruikt, kan het product verschillende eigenschappen hebben, zoals hittebestendigheid of brandvertraging.
Bovendien kunnen sommige biobased materialen milieuvriendelijker zijn dan andere soorten materiaal omdat ze gemakkelijker te recyclen en te composteren zijn.
Biobased materiaal wordt steeds populairder vanwege de duurzaamheid en betaalbaarheid ervan in vergelijking met alternatieven.
In de volgende alinea leggen we uit waarom biobased bouwen duurzaam is.
Biobased bouwen is een bouwmethode waarbij gebruik wordt gemaakt van natuurlijke materialen zoals hout, stro of klei.
Het wordt steeds populairder vanwege de milieuvoordelen, maar veel mensen vragen zich af of het duurzamer is dan traditionele bouwmethoden.
Het korte antwoord is: ja en nee.
In het algemeen kan biobased bouwen duurzamer zijn vanwege het gebruik van hernieuwbare en natuurlijke grondstoffen in plaats van fossiele grondstoffen.
Daarnaast zijn biobased gebouwen vaak energie-efficiënter en hebben ze een lagere CO2-uitstoot gedurende hun levensduur.
Hoewel biobased bouwen aanvankelijk hogere kosten met zich mee kan brengen, kan het op de lange termijn kosten besparen door energie-efficiëntie en lagere onderhoudskosten.
Biobased bouwen biedt dus een veelbelovende benadering voor duurzame woningbouw en huisvesting, waarbij biobased materialen worden gebruikt die de voordelen van hernieuwbare grondstoffen, verminderde CO2-uitstoot, gezondere leefomgevingen en esthetische aantrekkelijkheid bieden.
Duurzame bouwmaterialen zijn materialen die gedurende hun hele levenscyclus een minimale impact hebben op het milieu, zijn gemaakt van hernieuwbare grondstoffen en bijdragen aan energiezuinige gebouwen.
Deze materialen worden steeds belangrijker voor duurzaam bouwen en helpen de bouwsector te verduurzamen.
Duurzame bouwmaterialen zijn materialen die voldoen aan strenge milieu- en duurzaamheidscriteria gedurende hun hele levenscyclus.
De belangrijkste criteria voor duurzame bouwmaterialen omvatten de herkomst van grondstoffen, het energieverbruik tijdens de productie, de transportafstand, de levensduur en de mogelijkheden voor hergebruik.
Bij het beoordelen van duurzaamheid kijken we naar de volledige levenscyclus: van grondstofwinning en productie tot transport, gebruik, onderhoud en eindverwerking.
Veel conventionele bouwmaterialen kunnen worden vervangen door duurzame alternatieven zonder in te boeten aan kwaliteit of functionaliteit.
Traditioneel beton kan bijvoorbeeld worden vervangen door gerecycled beton of biobeton met natuurlijke bindmiddelen.
Voor isolatie kunnen traditionele materialen zoals steenwol worden vervangen door natuurlijke alternatieven zoals hennepvezel, kurk of cellulose-isolatie uit gerecycled papier.
Bij afwerkmaterialen zijn er ook veel duurzame alternatieven beschikbaar.
Natuurlijke verven zonder schadelijke stoffen vervangen chemische verven, en gerecyclede tegels of natuursteen kunnen traditionele keramische tegels vervangen.
Biobased bouwmaterialen zijn afkomstig van levende organismen en hernieuwbare biologische bronnen.
Bamboe staat bovenaan de lijst vanwege zijn snelle groei en sterkte, gevolgd door hennep, kurk, duurzaam hout en stro.
Bamboe groeit extreem snel en heeft een treksterkte die vergelijkbaar is met staal.
Het wordt gebruikt voor vloeren, constructie-elementen en afwerking.
Kurk komt van de schors van kurkeiken en regenereert zichzelf, waardoor het een volledig hernieuwbare grondstof is.
Het biedt uitstekende isolatie en wordt gebruikt voor vloeren en wandafwerking.
Gerecyclede bouwmaterialen worden gemaakt door afvalstromen uit de bouwsector opnieuw te verwerken tot nieuwe producten.
In de praktijk presteren gerecyclede materialen vaak net zo goed als nieuwe materialen.
Gerecycled beton behoudt zijn sterkte-eigenschappen, terwijl gerecycled staal dezelfde structurele capaciteiten heeft.
Voor succesvolle toepassing van gerecyclede materialen is kwaliteitscontrole essentieel.
Materialen moeten worden getest op sterkte, zuiverheid en geschiktheid voor de beoogde toepassing.
De toekomst van duurzaam bouwen brengt fascinerende nieuwe materialen voort.
Mycelium, het wortelnetwerk van schimmels, wordt ontwikkeld tot isolatiemateriaal en bouwstenen.
Algengebaseerde materialen kunnen worden verwerkt tot bioplastics en isolatie.
3D-geprinte bouwmaterialen uit gerecyclede grondstoffen openen nieuwe mogelijkheden voor maatwerk en afvalreductie.
Biobeton met levende micro-organismen kan zichzelf herstellen en heeft een langere levensduur.
Innovatieve composietmaterialen combineren verschillende duurzame grondstoffen voor optimale eigenschappen.
Denk aan hennepvezel versterkt met natuurlijke harsen of bamboecomposieten voor structurele toepassingen.
Het kiezen van de juiste duurzame materialen begint met een heldere analyse van projecteisen, budget, klimaatomstandigheden en beschikbaarheid.
Bepaal welke duurzaamheidsdoelstellingen prioriteit hebben: CO2-reductie, circulariteit, een gezond binnenklimaat of energiebesparing.
Budget speelt een belangrijke rol, maar denk aan de totale kosten over de levensduur.
Duurzame materialen kunnen hogere aanschafkosten hebben, maar besparen vaak geld door lagere onderhoudskosten en minder energieverbruik.
Klimaat en lokale omstandigheden bepalen welke materialen het beste presteren.
Vochtige klimaten vereisen andere materiaalkeuzes dan droge gebieden.
Raadpleeg specialisten in duurzaamheid en circulariteit voor projectspecifiek advies.
De keuze voor duurzame bouwmaterialen vraagt om een zorgvuldige afweging van verschillende factoren, maar de voordelen voor milieu, gezondheid en langetermijnkosten maken de investering de moeite waard.
Door bewuste materiaalkeuzes draagt elk bouwproject bij aan een duurzamere toekomst.
Zijn duurzame bouwmaterialen altijd duurder dan traditionele materialen?
Niet altijd.
Hoewel de aanschafprijs soms hoger ligt, zijn duurzame materialen vaak kosteneffectiever over de hele levensduur door lagere onderhoudskosten en energiebesparingen.
Lokaal beschikbare duurzame materialen kunnen zelfs goedkoper zijn dan geïmporteerde traditionele alternatieven.
Hoe kan ik de kwaliteit van gerecyclede bouwmaterialen controleren?
Vraag altijd om kwaliteitscertificaten en testresultaten van leveranciers.
Werk samen met gecertificeerde leveranciers die transparant zijn over herkomst en verwerkingsprocessen.
Laat bij twijfel onafhankelijke tests uitvoeren voor sterkte, zuiverheid en geschiktheid voor uw specifieke toepassing.
Welke duurzame isolatiematerialen presteren het beste in het Nederlandse klimaat?
Voor het Nederlandse klimaat werken hennepvezel, cellulose-isolatie en kurk uitstekend vanwege hun vochtregulerende eigenschappen.
Deze materialen kunnen omgaan met wisselende vochtigheid en temperaturen, terwijl ze goede isolatiewaarden behouden en een gezond binnenklimaat bevorderen.
Kan ik duurzame materialen combineren met traditionele bouwmethoden?
Absoluut.
De meeste duurzame materialen zijn ontworpen om compatibel te zijn met bestaande bouwtechnieken.
Biobased isolatie kan bijvoorbeeld in standaard spouwmuren, en gerecycled beton gebruikt dezelfde verwerkingsmethoden als traditioneel beton.
Overleg wel altijd met uw aannemer over specifieke verwerkingsvereisten.
Wat zijn de grootste uitdagingen bij het gebruik van innovatieve materialen zoals mycelium?
De grootste uitdagingen zijn beperkte beschikbaarheid, hogere kosten en minder ervaring bij verwerkers.
Ook ontbreken soms langetermijnstudies over prestaties.
Start daarom met kleinschalige toepassingen en werk samen met gespecialiseerde leveranciers die ondersteuning bieden bij implementatie.
Hoe vind ik betrouwbare leveranciers van duurzame bouwmaterialen?
Zoek leveranciers met duurzaamheidscertificaten zoals PEFC, FSC of Cradle to Cradle.
Controleer referentieprojecten en vraag om transparante informatie over productieprocessen.
Brancheorganisaties en duurzaamheidsadviseurs kunnen betrouwbare leveranciers aanbevelen die passen bij uw projecteisen.
Bij sociale woningbouw kies je voor bouwmaterialen die duurzaam, betaalbaar en onderhoudsarm zijn.
Denk aan baksteen voor de gevel, gewapend beton voor de constructie, en moderne isolatiematerialen voor energiezuinigheid.
Voor sociale woningbouw werk je het beste met bewezen materialen die een goede balans bieden tussen kosten, duurzaamheid en onderhoud.
Baksteen blijft de populairste keuze voor gevels omdat het decennialang meegaat en weinig onderhoud vraagt.
Bij de isolatie kies je steeds vaker voor minerale wol of PIR-platen, die uitstekende thermische eigenschappen hebben.
Voor daken werk je met EPDM-folie of bitumineuze dakbedekking, afhankelijk van het daktype.
Binnen gebruik je gipsplaten voor binnenwanden en stuc of latex voor afwerking.
Deze materialen zijn kosteneffectief en bieden bewoners een prettige woonervaring.
Duurzame materialen in sociale woningbouw zorgen voor lagere totaalkosten over de levensduur van het gebouw.
Je bespaart op energiekosten door betere isolatie, op onderhoudskosten door materialen die langer meegaan, en je creëert een gezonder binnenklimaat voor bewoners.
De milieu-impact speelt ook een belangrijke rol.
Duurzame bouwmaterialen hebben vaak een lagere CO2-uitstoot tijdens productie en transport.
Ze dragen bij aan energiezuinige woningen die voldoen aan steeds strengere milieueisen.
Voor bewoners betekenen duurzame materialen lagere woonlasten door verminderd energieverbruik.
Goede isolatie en luchtdichtheid zorgen voor stabiele binnentemperaturen en minder tocht.
Duurzame materiaalkeuze in sociale woningbouw zorgt er ook voor dat gebouwen toekomstbestendig zijn.
De sleutel ligt in het berekenen van de totale eigendomskosten in plaats van alleen naar de aanschafprijs te kijken.
Een duurder materiaal dat 30 jaar meegaat, kan goedkoper zijn dan een goedkoop alternatief dat elke 10 jaar vervangen moet.
Kijk naar onderhoudskosten en vervangingsfrequentie.
Materialen die weinig onderhoud vragen, zoals baksteen gevels of aluminium kozijnen, kosten meer in aanschaf maar besparen geld op lange termijn.
Standaardisatie helpt je kosten te beheersen zonder kwaliteit in te leveren.
Door te werken met een beperkt aantal bewezen materiaalcombinaties, krijg je betere inkoopprijzen en bouw je expertise op.
Energieprestaties wegen zwaar mee in de kosten-batenanalyse.
Goede isolatie en luchtdichting kosten meer bij de bouw, maar zorgen voor lagere energierekeningen voor bewoners.
Dit maakt woningen aantrekkelijker en kan huurderving voorkomen.
Modulaire bouwsystemen en prefab elementen verlagen de bouwkosten door snellere montage en minder arbeidsuren op de bouwplaats.
Prefab badkamers en keukenblokken zorgen voor gestandaardiseerde kwaliteit tegen lagere kosten.
Gerecyclede materialen worden steeds interessanter voor sociale woningbouwprojecten.
Gerecyclede isolatiematerialen presteren goed tegen lagere kosten.
Nieuwe isolatietechnieken zoals vacuümisolatiepanelen nemen weinig ruimte in beslag, waardoor je meer verhuurbare vierkante meters krijgt.
Digitale bouwmethoden zoals 3D-printen van betonnen elementen kunnen in de toekomst kosten verlagen door minder verspilling en snellere productie.
Smart building materialen die data verzamelen over gebruik en onderhoud, helpen je onderhoudskosten te voorspellen en te verlagen.
Bij TVA architecten begrijpen we dat materiaalkeuze in sociale woningbouw vraagt om expertise in zowel technische prestaties als financiële haalbaarheid.
We helpen je de juiste balans te vinden tussen kwaliteit, kosten en duurzaamheid, zodat je woningbouwprojecten succesvol worden voor zowel bewoners als opdrachtgevers.
Hoe lang duurt het voordat duurzame materialen zich terugverdienen in sociale woningbouw?
De terugverdientijd varieert per materiaal, maar ligt meestal tussen 8-15 jaar.
Hoogwaardige isolatie verdient zich terug in 10-12 jaar door energiebesparing, terwijl duurzame gevelmaterialen zoals baksteen zich binnen 8 jaar terugverdienen door lagere onderhoudskosten.
Maak altijd een Total Cost of Ownership berekening over minimaal 20 jaar voor een realistisch beeld.
Welke materialen moet je vermijden bij sociale woningbouwprojecten?
Vermijd materialen met hoge onderhoudskosten zoals hout voor gevels in vochtige omgevingen, goedkope isolatiematerialen die snel degraderen, en experimentele materialen zonder bewezen track record.
Ook materialen die specialistisch onderhoud vereisen zijn ongeschikt, omdat dit de exploitatiekosten te veel verhoogt voor sociale verhuurders.
Hoe zorg je ervoor dat bewoners tevreden zijn met de gekozen materialen?
Focus op materialen die comfort en gezondheid bevorderen: goede akoestische isolatie voor geluiddemping, materialen die geen schadelijke stoffen afgeven, en afwerkingen die bestand zijn tegen normaal gebruik.
Kies neutrale kleuren en texturen die lang mooi blijven, en zorg voor voldoende natuurlijk licht door kwalitatieve ramen en kozijnen.
Wat zijn de grootste fouten bij materiaalkeuze voor sociale woningbouw?
De meest voorkomende fout is alleen kijken naar de aanschafprijs in plaats van totaalkosten.
Andere veelgemaakte fouten zijn: het kiezen van te veel verschillende materialen (verhoogt complexiteit), het onderschatten van onderhoudskosten, en het niet rekening houden met de vaardigheden van lokale aannemers bij innovatieve materialen.
Hoe ga je om met strengere energienormen bij materiaalkeuze voor toekomstige projecten?
Anticipeer op aankomende regelgeving door nu al te kiezen voor materialen die ruim voldoen aan huidige normen.
Investeer in hoogwaardige isolatie (Rc-waarden hoger dan minimaal vereist), luchtdichte bouwdetails, en materialen met lage embodied energy.
Dit voorkomt dure aanpassingen later en zorgt ervoor dat gebouwen toekomstbestendig blijven.
Welke rol speelt lokale beschikbaarheid van materialen bij de keuze?
Lokale beschikbaarheid verlaagt transportkosten en CO2-uitstoot, en zorgt voor snellere levering bij onderhoud of renovatie.
Kies daarom bij voorkeur voor regionale leveranciers van basismaterialen zoals baksteen en beton.
Voor gespecialiseerde materialen zoals hoogwaardige isolatie is landelijke beschikbaarheid belangrijker dan lokale productie.

Hoe test je de kwaliteit van nieuwe, kosteneffectieve materialen voordat je ze grootschalig inzet?
Start altijd met een pilotproject of een beperkte toepassing om prestaties te monitoren.
Vraag referenties van andere sociale woningbouwprojecten, controleer certificeringen en testresultaten van onafhankelijke instituten.
Werk samen met leveranciers die garanties bieden en monitor de prestaties gedurende minimaal twee jaar voordat je het materiaal breed inzet.
Met onze brede kennis over zowel de ontwikkeling en aantasting als de milieueffecten van steenachtige bouwmaterialen als beton en baksteen werken we bij TNO aan de transitie richting een circulaire bouweconomie.
De focus ligt op levensduurverlenging van gebouwen en constructies, reductie van primair materiaalgebruik en hergebruik van materialen en elementen binnen de bouwketen.
Nederland bevindt zich middenin de transitie naar een circulaire bouweconomie.
De CO2-uitstoot en het primair materiaalgebruik moeten in 2030 gehalveerd zijn; in 2050 mag er helemaal geen CO2-uitstoot meer zijn in de bouw en het gebruik van primair materiaal moet geminimaliseerd zijn.
Bovendien verandert de belasting van steenachtige materialen onder invloed van klimaatverandering.
De verwachte zeespiegelstijging brengt zout in het grondwater in kustprovincies waardoor baksteen in gebouwen kan aangetast worden door optrekkend vocht.
Door deze uitdagingen stellen we hogere eisen aan materialen en constructies, waarbij naast veiligheid en kosten, ook milieu-impact en circulariteit belangrijk zijn.
TNO Bouwmaterialen draagt hieraan bij met geavanceerde technieken voor het valideren en voorspellen van materiaalprestaties, en innovatieve productontwikkeling.
Behoud van woningen, kantoorgebouwen, bruggen en viaducten levert de grootste bijdrage aan emissiereductie.
TNO biedt naast technische kennis voor levensduurverlenging ook knowhow om gebruikersafwegingen mee te nemen in beslissingen.
De vraag naar nieuwbouw zal groot blijven.
De productie van cement voor beton levert een forse bijdrage aan de CO2-uitstoot in Nederland.
Daarom onderzoekt TNO alternatieve bindmiddelen, zoals geopolymeerbeton, dat in plaats van cement aardachtige materialen gebruikt die alkalisch geactiveerd worden.
Bij TNO Bouwmaterialen helpen we bedrijven en overheden op een laagdrempelige manier met de transitie naar een circulaire manier van bouwen.
Met gericht labonderzoek ondersteunen we bedrijven bij specifieke vragen.
Om de eigenschappen van een nieuw product aan te tonen, kan TNO een testmethode op maat ontwikkelen of een monitoringsonderzoek opzetten om de werking te onderbouwen.
Het TNO Bouwinnovatie Lab is een 'state-of-the-art' laboratorium voor toegepast onderzoek naar innovaties in bouwmaterialen, klimaatsystemen en constructies.
TNO is in staat complexe onderzoeken op te zetten, met de juiste labfaciliteiten en betrouwbare resultaten, vaak in publiek-private samenwerking.
TNO Bouwmaterialen onderscheidt zich door diepgaande toegepaste wetenschappelijke kennis van steenachtige materialen.
Daarnaast beschikt TNO over interdisciplinaire kennis van aanverwante gebieden, zoals biobased bouwen en de expertise om milieu-impact en LCA’s van innovatieve materialen te bepalen.
TNO is nauw betrokken bij toonaangevende (inter)nationale commissies, programma’s en werkgroepen, zoals fib en RILEM.
Met behulp van onze modellen kunnen bouwpartners combinaties doorrekenen van verschillende materialen en processen, om al in de ontwerpfase de milieu-impact te optimaliseren.
TNO is een laagdrempelige researchpartner die zowel overheden als bedrijven helpt met circulaire innovatie.
Met innovatiegedreven beheerders van gebouwen en kustwerken werken we samen aan een meerjarige strategische visie op levensduurverlenging en veiligheid.
Klimaatverandering vergroot het risico op funderingsschade.
Beton is een van de meest gebruikte bouwmaterialen ter wereld.
Het is sterk, veelzijdig en relatief goedkoop.
Maar het heeft ook een grote klimaatimpact.
Voor cementuitstoot is de productie verantwoordelijk voor ongeveer 8% van de wereldwijde CO2-uitstoot.
Dit komt vooral door het chemische proces waarbij kalksteen wordt verhit tot zeer hoge temperaturen (ongeveer 1450°C).
Dit proces, bekend als calcinatie, stoot grote hoeveelheden CO2 uit.
Daarnaast verbruikt de cementproductie enorm veel energie, die vaak afkomstig is van fossiele brandstoffen.
En wat dan met beton?
Beton is een mengsel van verschillende materialen, waaronder cement, water, zand en klei.
Beton en cement hebben een grote impact op de “embodied carbon” van je woning, Dat is totale hoeveelheid koolstofuitstoot die gepaard gaat met de bouw van je woning, en de productie van je bouwmaterialen telt hierbij stevig mee.
Vaak kruipt hier meer energie - en dus CO2 - in dan in het gebruik van je woning.
Zeker voor energiezuinige woningen is dat het geval.
Gas en stookolie vermijden voor de verwarming van je woning is een waardevolle stap, maar cement vermijden is bijna even impactvol.
Alvast één manier om nieuw cement te vermijden?
Renoveren in plaats van slopen en/of nieuw bouwen.
Voor de productie van beton zijn bovendien grote hoeveelheden zand, grind en water nodig.
De winning van deze grondstoffen leidt tot ontbossing, verstoring van ecosystemen en watertekorten.
De productie van cement is verantwoordelijk voor ongeveer 8% van de wereldwijde CO2-uitstoot.
Hoewel beton in theorie recycleerbaar is, wordt het in de praktijk vaak gestort of gebruikt als laagwaardig puin.
Dit betekent dat veel betonafval niet goed wordt benut.
Daarom is het beter om beton en cement te vermijden of er alleszins spaarzaam mee om te gaan.
Een oplossing? Een goed ontwerp is de eerste en belangrijkste stap om beton te vermijden.
Bij verbouwingen betekent dat; zoveel mogelijk van de bestaande structuur benutten, en niet zomaar alles slopen en afvoeren in de afvalcontainer.
Door al in de ontwerpfase bewuste keuzes te maken, kan je de hoeveelheid beton flink beperken.
Dit begint met het kiezen van een bouwmethode die geen of minder beton vereist.
Zo kan bijvoorbeeld een lichtgewicht constructie - zoals houtbouw - de behoefte aan betonnen funderingen minimaliseren.
Ook kan een goed doordacht ontwerp met een efficiënte draagstructuur en slanke bouwmethoden ervoor zorgen dat er minder materialen en dus ook beton nodig is.
Een andere bouwmethode maakt ook dat andere materialen de hoofdrol kunnen spelen.
Strobalenbouw is een goed voorbeeld: deze methode maakt gebruik van geperste strobalen, die al dan niet als dragende muren, makkelijk naar een duurzaam ontwerp te vertalen zijn.
Stro biedt niet enkel een uitstekende isolatie, het is bovendien nagroeibaar en composteerbaar op het einde van de levensloop.
Ook interessant om te vermelden is kalkhennep of “hennepbeton”.
De naam “beton” is hier wat misleidend, want hennepbeton heeft heel andere eigenschappen dan klassiek “beton”.
Kalkhennep heeft met uitstekende isolerende en vochtregulerende eigenschappen en neemt CO2 op tijdens het uitharden.
Heb je al eens gehoord van “rammed earth?”
Het is een eeuwenoude, duurzame methode voor het bouwen van muren, vloeren en andere oppervlakken.
Rammed earth bestaat uit een natuurlijke mix van aarde en lokale materialen, wat betekent dat het bijna geen “embodied carbon” heeft.
En dan is er natuurlijk nog houtskeletbouw.
Hout slaat CO2 op gedurende de levensduur van het gebouw en maakt lichtere funderingen mogelijk.
Het is dus niet zo dat één ecologisch materiaal zomaar cement of beton weet te vervangen.
Soms is het onvermijdelijk om beton te gebruiken, bijvoorbeeld bij funderingen of grote structurele bouwelementen.
In dat geval is het belangrijk om te kiezen voor een meer duurzame variant van beton.
Alleen geldt hier: deze duurzamere varianten staan nog maar in hun kinderschoenen.
Al kan dat snel veranderen: de klimaatdoelen moeten gehaald worden en zonder “groene” beton, lukt dat niet.
Groener beton wordt meestal gecreëerd door anders om te gaan met één of meerdere van de hoofdbestanddelen.
Dat zijn er drie: water, een bindmiddel (nu vaak cement) en het toeslagmateriaal, zoals grind en/of zand.
De koolstofvoetafdruk van beton kan je omlaag brengen door andere bindmiddelen te gebruiken.
Geopolymeerbeton is een duurzamer alternatief voor traditioneel cementbeton.
In plaats van cement worden industriële restmaterialen zoals vliegas of hoogovenslak gebruikt.
Dit kan tot 80% minder CO2-uitstoot veroorzaken.
Geopolymeerbeton is erg sterk en is bestand tegen chemische invloeden, wat het geschikt maakt voor funderingen en dragende structuren.
Hoewel dit materiaal al commercieel wordt toegepast, is het nog niet breed beschikbaar in de particuliere bouwsector.
Gerecycleerd en circulair beton wordt gemaakt door oud betonpuin te vermalen en het zand, grind en cement opnieuw te gebruiken als grondstof voor nieuw beton.
Dit vermindert de behoefte aan nieuw cement en aggregaten.
Zo wordt de CO2-uitstoot flink verlaagd.
Circulair beton gaat nog een stap verder door te zorgen dat beton na gebruik opnieuw hoogwaardig verwerkt kan worden, bijvoorbeeld door het cement te scheiden en opnieuw bruikbaar te maken.
Doel is dat beton 100% herbruikbaar wordt.
Sommige nieuwe betontechnologieën experimenteren met het opslaan van CO2 in het beton zelf.
Hierbij wordt tijdens de productie CO2 geïnjecteerd, waardoor het chemisch wordt vastgelegd in het materiaal.
Dit kan helpen om de netto CO2-uitstoot van betonproductie drastisch te verminderen.

Zelfhelend beton verlengt levensduur en vermindert staalgebruik.

tags: #milieuvriendelijke #alternatieven #voor #betonnen #gevels