Het zorgvuldig afstellen van radiatoren en het correct kiezen van onderblokken is cruciaal voor een optimale doorstroming en een gelijkmatige warmteverdeling in huis. In dit artikel worden de belangrijkste werkwijzen en overwegingen samengevat, gebaseerd op de aangeleverde tekstfragmenten. Volg altijd de fabrikanthandleiding en schakel de cv-installatie uit voordat je begint.
1. Aansluitschema en doorstroming bij verschillende radiatortypen
Sluit bij voorkeur de radiator altijd via de onderzijde aan. Bij verticale radiatoren die toch via de bovenzijde worden aangesloten, is het nodig om een stromingsbuis aan de radiator toe te voegen. Een stromings- of stijgbuis zorgt ervoor dat bij radiatoren met een bovenaansluiting het warme water eerst naar beneden wordt gebracht. Onderaan de radiator wordt het water vrijgelaten en stijgt het door de warmte weer op. Door het toepassen van een stromingsbuis bij een bovenaansluiting zal de radiator goed doorstromen en wordt deze optimaal verwarmd.
Ventielradiatoren, met een dubbele 1/2 aansluiting aan de onderkant voor retour/aanvoer, vereisen passende onderblokken en aansluitingen op 16 mm unipipe leidingen. Voor radiatoren met zijaansluitingen is er vaak een onderblok of H-blok nodig. De volgorde en aansluiting moeten kloppen met wat op het plaatje of de handleiding staat; sommige onderblokken zijn recht, andere haaks, afhankelijk van de positie van de leidingen.
2. Lucht uit het systeem verwijderen (ontluchten)
Bij het aansluiten van een nieuwe radiator ontstaat er lucht in het systeem. Lucht in de radiator herken je aan zuizen, tikken, temperatuurafwijkingen en het horen vallen van water. Ontlucht de radiator daarom altijd volgens de instructies. Schakel de cv-installatie uit en draai voorzichtig de ontluchtingskraan open. Na het ontluchten moet je het systeem weer bijvullen met water. De werkdruk kan per installatie verschillen; lees de handleiding voor de juiste waarde.
3. Waterzijdige inregeling: wat, waarom en wanneer?
Door het waterzijdig inregelen wordt de maximale doorstroomopening van elke radiator bepaald, zodat elke radiator de juiste hoeveelheid warm water ontvangt. De ideale verhouding tussen retour- en aanvoertemperatuur ligt in veel gevallen rond 0,8. Er bestaan drie methoden: temperatuurmethode, vóórinstelmethode en ultrasoonmethode. De temperatuurmethode is de eenvoudigste en wordt vaak aanbevolen voor doe-het-zelvers met een infraroodthermometer.
Bij radiatoren die dichtbij de cv-installatie staan, komt het warm water sneller aan en wordt deze eerder warm dan radiatoren die verder weg staan. Overmatige opwarmingsverschillen worden vaak gecorrigeerd door aanpassingen aan de radiatorkranen, of door grotere radiatoren te plaatsen. De ultrasoonmethode geeft een zeer nauwkeurige meting, maar vergt meer tijd en inspanning; de temperatuurmethode is meestal volstaan.
4. Onderblokken: soorten en voordelen
Er zijn twee hoofdtypes onderblokken voor radiatoren: onderblok voor ventielradiatoren (H-blok) en thermostatische onderblokken. Een onderblok met stromingsbuis maakt het mogelijk de bediening aan de bovenzijde te behouden terwijl de leidingen onder zitten. Een thermostatisch onderblok is voorzien van een ingebouwd ventiel en wordt vaak toegepast bij verticale radiatoren en handdoekradiatoren. NB: sommige thermostatische onderblokken worden geleverd met bijpassende radiatorkraan als onderdeel van een onderblok designset.
Een zij-onderblok is een derde optie wanneer de radiator via de zijaansluitingen wordt aangesloten en de leidingen parallel uit vloer of wand komen. Bij een zij-onderblok vervangt het onderblok de retour en wordt de aanvoer vanuit het onderblok naar boven gebracht met bijvoorbeeld een 15 mm stalen CV-buis voor een nette afwerking.
Voor elke situatie geldt: als de aanvoer- en retourleidingen uit de vloer komen, gebruik je een recht onderblok; komen ze uit de muur, gebruik dan een haaks onderblok. Sommige onderblokken zijn universeel en kunnen zowel recht als haaks gebruikt worden.
5. Aansluitprocedures en best practices
- Schakel de CV-ketel uit en laat het systeem drukloos en afgetapt zijn.
- Bepaal de positie van de te installeren radiator en bevestig deze stevig aan de muur.
- Wikkel de schroefdraad van de buisverbindingen in met afdichtingsmateriaal (hennep of teflontape) om lekkages te voorkomen.
- Bevestig het onderblok of H-blok aan de onderkant van de radiator; zorg dat het blok goed vastzit en de afsluiters en ontluchter zich op de juiste posities bevinden.
- Sluit de toevoer- en retourbuizen aan op respectievelijk het onderblok of H-blok; draai verbindingen stevig aan.
- Monteer radiatorknoppen op de afsluiters volgens de fabrikant; dit regelt de temperatuurhandmatige regeling van de radiator.
- Ontlucht het systeem en vul bij tot de juiste druk; controleer lekkages bij de aansluitingen alvorens de CV-ketel weer aan te zetten.
- Test of alle radiatoren gelijkmatig opwarmen; pas waar nodig de afsluiters en ventil onderblok aan.
6. Praktische tips en veelvoorkomende vragen
- Een voetventiel draait u dicht om een radiator te demonteren zonder het hele systeem af te tappen. Let op: forceer een voetventiel nooit; bij vastzittende ventielen kan kruipolie helpen.
- Bij waterzijdige inregeling kan het nodig zijn om de pomp snelheid van de cv-ketel aan te passen; sommige ketels hebben meerdere standen.
- Dynamische radiatorkranen zijn vaak niet nodig; veel installateurs bieden dit tegenwoordig niet standaard aan.
- Als radiatoren dicht bij de ketel onvoldoende warm worden, kan een verkeerde onderblokkeuze of onjuiste instelling van de pomp de oorzaak zijn. Raadpleeg zo nodig een professional.
- Controleer of je radiatoren een passende aansluiting hebben (bijv. 2 x 1/2" of 2 x 3/4 euroconus) en kies het juiste onderblok voor jouw type radiator.

7. Veelgemaakte installatie-illustraties en voorbeelden
Een voorbeeld is een thermostatisch onderblok bij verticale radiatoren en handdoekradiatoren; dit type onderblok bevat meestal een ingebouwd ventiel en vereist slechts een thermostaatknop erbij. Een voorbeeld van een onderblok designset toont een zwart ontwerp met geïntegreerde thermostaatpoort. Een zij-onderblok biedt een nette afwerking wanneer leidingen uit de vloer/wand komen en de radiatorkraan en voetventiel grotendeels vervangen worden door het onderblok.

8. Belang van professionele hulp en regelgeving
Belangrijk om te weten: sommige designradiatoren hebben specifieke instructies van de fabrikant; raadpleeg altijd de bijgeleverde handleiding. Als je onzeker bent over de installatieprocedure, overweeg dan een professionele installateur te raadplegen om te zorgen voor een correcte en veilige uitvoering. Zorg ervoor dat de installatie voldoet aan lokale bouwvoorschriften en veiligheidsnormen. Houd rekening met subsidiemogelijkheden zoals energiebesparing voor woningbezitters, afhankelijk van de regio.
9. Praktische checklist voor de eerste installatie
- Schakel de ketel uit en ventileer de radiatoren volgens de instructies.
- Bevestig het onderblok of H-blok stevig en zorg voor correcte aansluitingen van toevoer en retour.
- Verzorg afdichtingen en draai de koppelingen net genoeg aan om lekkages te voorkomen.
- Ontlucht alle radiatoren en vul bij tot de werkdruk zoals in de handleiding vermeld staat.
- Test de werking: controleer of elke radiator gelijkmatig opwarmt en pas indien nodig af.