De afwerking van het plafond kan direct tegen de onderkant van de constructie worden aangebracht, al dan niet met behulp van een regelwerk. Afwerking gebeurde vaak met stuc, aangebracht op plaatmateriaal. Meer ruimte tussen constructie en plafond biedt de mogelijkheid om leidingen en installaties weg te werken. Dit geeft ook akoestische voordelen. Verlaagde plafonds zijn doorgaans uitgevoerd als een systeemplafond met hangers, dragers en daartussen panelen, eventueel in combinatie met lichtarmaturen. Dit kan in de vorm van een gesloten plafond of een open roosterplafond.
Historische en bouwtechnische achtergronden
Afb. 1. Omslag boek Vloeren, wanden en plafonds uit 1959. Afb. 2. Omslag brochure steengaas uit circa 1955. Afb. 3. Afb. 4. Detail aluminium akoestisch plafond burgerzaal raadhuis Heerlen uit 1961. Afb. 5. Principe verlaagd plafond. Afb. 6. Detail verlaagd plafond met ingebouwde ventilatie en lichtelementen in een Philipsgebouw op Strijp-S in Eindhoven uit 1985. Afb. 7. Verlaagd plafond met ingebouwde tl-verlichting stadhuis Vlissingen uit 1965. Toto: A.J. Afb. 8. Doorzichtig verlaagd plafond stadhuis Eindhoven uit1969. Foto: K. Afb. 9. Verlaagd plafond van geperforeerd aluminium uitbreiding Kröller-Müller Museum in Otterlo uit 1977.
In woonhuizen was het gangbaar om plafonds af te werken met stuc. Onder tegen de houten balklaag werden riet, rietmatten of een lattenweefsel aangebracht en vervolgens afgestuct. Vanaf 1919 kwam het sinds 1880 bekende steengaas uit de fabriek: metaalweefsel met op de hoekpunten gebakken kleinopjes. Dat bood een goed alternatief, zeker voor gebogen plafonds. Thermisch verzinkt metaalgaas, in de vorm van ribbenstrekmetaal, werd daarvoor ook gebruikt. Steengaas kon met hangijzers op korte afstand onder vloeren van beton of van holle baksteen worden aangebracht en diende tevens voor bekleding van stalen balken. In 1947 werd voor het eerst een net van verzinkte staaldraden gecombineerd met dun geperforeerd absorptiekarton.
Goedkoper en minder arbeidsintensief was het afwerken van plafonds met plaatmateriaal (bouwplaten). Dat kon zowel vezelplaat en board als steenachtig materiaal zijn. Hiervoor werden rietplanken (Oosterhoutse bouwplanken), stroplaten (Halmplank) en vlasplaten (Linex) gebruikt. Deze moesten nog wel worden afgestuct. Dat gold doorgaans ook voor houtwolcementplaten zoals Heraklith en Durisol-Mevriet. Plafondbekleding met gipsplaten komt het meest voor. De belangrijkste merknamen Rigips, Gyproc en Knauf zijn al bij de binnenwanden genoemd. De platen hebben doorgaans een standaardmaat van 4-voet (122 cm) x 8-voet (244 cm) en hebben afgeschuinde kanten (AK), facetkanten (FK), volle langskanten (VK) of ronde langskanten (RK).
Naarmate de tijd vorderde gebruikte men naast rechthoekige platen ook vierkante plafondtegels, vaak 40 x 40 of 60 x 60 cm. Deze waren gemaakt van zachtboard met merknamen als Treetex, Utex, Ahlström en Nové of hardboard zoals Wonderwood. Perforaties maakten ze tot akoestische platen met namen als Treetac, Superac en Acousti-celotex. In houtwolcement verschenen ze onder de naam Herakoestiek en Acustontegel, de laatste geproduceerd door de Durisolfabriek in Leiderdorp. In de jaren zestig en begin jaren zeventig gebruikte men ook polycel kunststofschuimplaten en polystyreen plafondplaten (synprotex). Vanaf de jaren zestig nam de productie van onbrandbare minerale plafondtegels een grote vlucht. Daarbij maakte men een verschil tussen hardmineraal en zachtmineraal. Tot de eerste groep behoorden de in 1968 op de markt gebrachte Perlite-plafondtegels en celotex minerale vezelplafondtegels. De in 1948 opgerichte Odenwald Faserplattenwerk in Amorbach (OWA) (Duitsland) bracht in de jaren zeventig OWAcoustic mineraalplafonds op de markt, in de zachte vorm gemaakt van basaltwol en vanaf 1994 van perliet. In 1989 verscheen een harde versie van de OWAcoustic-Platten gemaakt van zand, kalk en gerecycled glas, al dan niet met een bepaald oppervlaktemotief. Zachte minerale platen werden gemaakt van steenwol, onder de namen Rockfon en Ecophon. Eind jaren tachtig waren OWA, Ecophon (onderdeel van Saint-Gobain groep, Frankrijk) en Rockfon (onderdeel van Rockwool, Denemarken) de belangrijkste fabrikanten van plafondplaten en systeemplafonds. Ook Armstrong World Industries behoort daar inmiddels toe. Het bedrijf was in 1860 gesticht als Armstrong Cork Company (Verenigde Staten), werd groot als linoleumproducent en bezit sinds de jaren vijftig een plafonddivisie, eerst met plafondtegels, sinds 1983 met mineraalvezeltegels met een korrelstructuur en vanaf 1987 met een complete plafondlijn.
Toepassingen en types van plafondafwerking
Niet zozeer in woonhuizen, maar in andere gebouwtypen paste men vrijwel standaard verlaagde plafonds toe, in het Engels false ceilings genoemd. Dit gebeurde niet alleen om de bovenliggende constructie en leidingen te verbergen, maar ook om geluidstechnische en thermische redenen en vanwege de brandvertragende functie. In het verlaagde plafond kunnen lichtarmaturen en sprinkler-, geluids- en bewakingsinstallaties worden opgenomen. Daarnaast kan bij gesloten plafonds de ruimte tussen constructie en verlaagd plafond - plenum genoemd ‒ worden gebruikt voor het uitblazen van lucht. Bij meer open plafonds gebruikte men vaak een combinatie van uitblaaskanalen en lichtarmaturen. Ook was plafondverwarming mogelijk.
In 1955 introduceerde de Noor G. Frenger een verlaagd plafond met geperforeerde aluminium platen die met klemmen aan verwarmingsbuizen waren bevestigd. De bovenzijde daarvan werd afgedekt met een glaswoldeken. Voor koeling kon koud water door de buizen worden geleid. Traditioneel vervaardigde verlaagde plafonds vormden praktisch nog één geheel met het gebouw. De plafondconstructies werden tegen aparte lichte balkjes of regels bevestigd. Ze waren met regels of klampen opgehangen aan de houten balklaag of met draadeinden in de vloer van beton of holle baksteen. De verlaagde plafonds zelf konden worden uitgevoerd in de vorm van lamellen, een raster van plafondplaten of als open plafondrooster. Een verlaagd plafond van houten schroten was ook mogelijk.
Voor tentoonstellingsruimten kon het verlaagde plafond worden benut voor indirecte belichting met lichtbronnen in het plenum en glasplaten in het rooster. Dit is het geval in het tentoonstellingsgebouw van het Haags Gemeentemuseum, nu Fotomuseum Den Haag, (Sj. Schamhart en H.J.F. Heijligers, 1962). Waar geen glasplaten in het plafond kwamen, legde men isontexplaten. Bij de Stadsbibliotheek in Haarlem (B. Plafondplaten konden zijn gemaakt van metaal, van geperforeerd gelakt staalplaat of aluminium. Een opmerkelijk voorbeeld is het in 1961 aangebrachte akoestische plafond in de trouwzaal van het stadhuis te Heerlen (F. Peutz, 1942), helaas van een onbekend fabricaat (afb. 6).
Aluminium werd vooral gebruikt voor lamellen, zoals in het Videolab van Philips op Strijp-S in Eindhoven uit 1981. Voor tentoonstellingsruimten kon het verlaagde plafond worden benut voor indirecte belichting met lichtbronnen in het plenum en glasplaten in het rooster. Bij de uitbreiding van Museum Boijmans Van Beuningen in Rotterdam eind jaren zestig kwamen de eerste systeemplafonds op de markt, waarbij één partij zowel de plafondelementen als de hangers en de verlichtingsarmaturen leverde. Zo begon de firma Maas in 1946 in Amsterdam met de productie van lichtarmaturen voor Philips. In 1960 volgde een verhuizing naar Harderwijk en ging men over op de productie van systeemplafonds en -wanden. In 1968 introduceerde Maas Lite Line plafonds met geïntegreerde lichtroosters. Een ander voorbeeld is de firma Espero in Rotterdam, vanaf 1959 leverancier van akoestische plafonds onder de naam Variantex en Mikropor.
Materialen voor plafonds en hun eigenschappen
Voor het afwerken van het plafond zijn er heel wat materialen beschikbaar: PVC, Kurk, gyproc, spanplafond, hout,… Op deze pagina vind je een overzicht van de verschillende soorten plafondbekleding met hun belangrijkste eigenschappen, voorbeelden en prijs per vierkante meter. Afhankelijk van de ondergrond, persoonlijke voorkeuren en budget helpen we je hier om de perfecte plafondafwerking te kiezen. Creëer je eigen gepersonaliseerd plafond met een spanplafond. Laat het doek beprinten in een kleur of afbeelding of maak een lichtplafond. Met een verlaagd plafond kan je elke kamer extra isoleren en verlichting inwerken in het plafond. Ook ventilatie en elektriciteitskabels kunnen moeiteloos weggestopt worden. Een plafond uit pvc kan snel geplaatst worden en is ook mogelijk in vochtige ruimtes zoals de badkamer of de keuken. Kurk is al langer gekend als vloerbekleding maar wordt de laatste jaren ook steeds vaker toegepast als plafondbekleding. Met een spanplafond kan je elk type plafond renoveren in enkele uren tijd. Een gyproc plafond is eenvoudig te plaatsen en voordelig om meerder redenen. Welke opties zijn er? Hoeveel kost het? En waar moet je rekening mee houden? Een tegelplafond is een verlaagd plafond met uitstekende akoestische eigenschappen. Wat zijn de voordelen? Hoe kan je een tegelplafond ontwerpen? Hoeveel kost zo'n systeem precies? En wat zijn de alternatieven? Je leest het hier!
Badkamerplafonds en vochtbestendigheid
Bij de badkamer kun je kiezen uit allerlei methodes en materialen voor het plafond. De meeste nieuwe plafonds in badkamers worden voorzien van pleisterwerk. Maar voor renovatie van het badkamerplafond kun je kiezen uit tal van andere materialen. Gipsplaten zijn nog altijd een van de meest gekozen renovatiematerialen. Voor de badkamer heb je speciale vochtbestendige gyproc platen nodig. Deze platen zijn geïmpregneerd met een vochtafstotende vloeistof en hierdoor uitermate geschikt voor gebruik in vochtige ruimtes. Kunststof plafondplaten zoals PVC stroken zijn erg geschikt voor renovatie van badkamerplafonds. De platen zijn licht van gewicht, in allerlei kleuren en dessins te koop en perfect bestand tegen vocht. Een groot voordeel van kunststof ten opzichte van gyproc of hout is dat je de kunststof platen niet hoeft af te werken. Speciaal voor de badkamer zijn er vochtbestendige MDF panelen te koop waarmee je relatief snel het plafond afwerkt. De panelen zijn doorgaans voorzien van een tand- en groefverbinding en je bevestigt ze met speciale clips aan het plafond. Je kunt kiezen uit allerlei stijlvolle decors en ook inbouwspots zijn zonder problemen toe te passen. Hout is vanwege de vochtige omstandigheden in de badkamer niet altijd de meest voor de hand liggende keuze; MDF en houten plafonds kunnen schimmelgevoelig zijn als ze niet goed tegen vocht zijn behandeld. Een vals plafond kan een slimme keuze zijn als het plafond van de badkamer verlaagd moet worden.
Spanplafonds zijn waterbestendig en eenvoudig te onderhouden, wat ze ideaal maakt voor badkamers. Aluminium plafonds zijn ook vochtbestendig en eenvoudig schoon te maken. PVC-panelen zijn volledig waterdicht en dus perfect voor het beheersen van condensatie in de badkamer. MDF of houten panelen zijn vaak minder geschikt voor vochtige ruimtes, tenzij ze goed behandeld zijn tegen vocht. Bij het kiezen van een plafond voor uw badkamer is het belangrijk om te letten op de specifieke omstandigheden van deze vochtige ruimte. Een verlaagd plafond in de badkamer kan een slimme keuze zijn. Het ziet er netjes uit, verbergt leidingen en kabels en biedt mogelijkheden voor een fraai geïntegreerde verlichting.
Overige overwegingen bij systeemplafonds en montage
Systeemplafonds zijn in veel bedrijfspanden niet meer weg te denken. Ze zijn functioneel, modulair en eenvoudig te monteren. Systeemplafond platen zijn vierkante of rechthoekige panelen die in een raster van T-profielen worden gelegd om een verlaagd plafond te vormen. De belangrijkste functies zijn onder andere het dempen van geluid en brandveiligheid, zeker in openbare ruimtes. In vochtige ruimtes heb je speciale systeemplafond platen nodig. Open glasvezel absorbeert geluiden beter dan mineraal, vooral geluiden zoals gesprekken of geluiden die vaak voorkomen op kantoor. De keuze voor systeemplafond platen is er één die verder gaat dan alleen budget of uiterlijk; denk aan akoestiek, brandveiligheid, hygiëne en uitstraling.
Een plafond kan multifunctioneel zijn: in het verlaagd plafond kunnen lichtarmaturen en installaties worden opgenomen en het plenum kan dienen voor ventilatie. Voor tentoonstellingsruimten kan het roosterplafond worden benut voor indirecte belichting met glasplaten in het rooster. Roosterplafonds zijn populair geworden in de jaren zeventig en tachtig en bieden een open structuur waarboven donkere delen worden gespoten. Een vierkante vlakverdeling van de plafondplaten is het meest gebruikelijk, vaak in combinatie met licht- en ventilatiebakken. Bij de montage van plafonds is het opletten voor de juiste bevestiging en de mogelijkheid om platen uit te nemen voor reparaties.

Hoe installeer je een plafondrooster?
Bij het renoveren van badkamers is het belangrijk te letten op vochtbestendige opties zoals spanplafonds, pvc-panelen en stucwerk. Het plafond moet goed ventileren om condensatie te vermijden en isolatie helpt te besparen op energie. Let op IP-classificaties voor verlichting in vochtige ruimtes en zorg voor passende beschermde lampen bij nabijheid van waterbronnen.