Plint brengt sinds 1979 gedichten en beeldende kunst samen op allerlei uitgaven die je dag net iets leuker maken. Zo wordt het leven wat lichter en dichter 😉 We selecteren gedichten en kunstwerken die blijven hangen. Die antwoord geven op vragen en nieuwe vragen oproepen. Die troost en richting geven. Het was nog nooit eerder zo waardevol. Dat je af en toe even niets moet en een gedicht leest.
Voor DICHTER. werd ons in 2018 de Visser-Neerlandiaprijs toegekend. Een citaat uit het juryrapport: ‹Door uw manier van werken komen poëzie en beeldende kunst terecht op plaatsen, zoals bibliotheken en scholen, waardoor kinderen waarbij het niet voor de hand ligt dat zij met cultuur in aanraking komen, hiermee kennis kunnen maken›. Citaten uit de laudatio zoals uitgesproken door Joke van Leeuwen: Plint houdt de drempel naar poëzie en kunst laag. En de mensen van Plint doen het eindeloos gevarieerd en verrassend, gedurfd en buiten de lijntjes kleurend. De rijke productie, die allang niet meer alleen uit posters bestaat, straalt enthousiasme en energie uit, zin voor schoonheid, vrolijkheid en diepgang. En letterlijke toegankelijkheid dus, want het is mooi als je beeldende kunst en poëzie zomaar ergens kunt tegenkomen, als de woorden je aanspreken in de lange gang van een school, of in een wachtkamer, op een raam, of op een digibord. Dan kun je even de ruimte en de tijd nemen om op een ander been te worden gezet, om uit het gedoe van alledag te worden gehaald, om verrast te worden. En heel veel kinderen die de kracht van zulke woorden en beelden niet van thuis uit meekrijgen, krijgen ze mee van Plint. Dat dit een duidelijk streven van hen is, blijkt ook uit de samenwerking met Jarige Job, een stichting die tienduizenden door armoede geïsoleerde kinderen op een verjaarspakket trakteert. Daarin kunnen ze dan bijvoorbeeld een exemplaar van het tijdschrift ‘Dichter’ vinden, nog zo’n enthousiast initiatief.
Lezen is leuk, zeggen de covers van tijdschrift Dichter. Lezen is leuk, zeggen de covers van tijdschrift Dichter. Lezen is leuk, zeggen de covers van tijdschrift Dichter. Lezen is leuk, zeggen de covers van tijdschrift Dichter. Lezen is leuk, zeggen de covers van tijdschrift Dichter.
We geloven niet in een wereldeconomie waarin alles voor een appel en een ei over de hele wereld wordt versleept. We zoeken het steeds zo dicht mogelijk bij huis. Het liefst om de hoek, maar als dat niet lukt in ieder geval in Europa. Er komt bij ons niets uit China. Zo wordt de stof voor onze kussenslopen in Europa geweven en genaaid en in Nederland met de hand gezeefdrukt met watervaste inkt. Onze papierdrukkers zijn FSC (Forest Stewardship Council) en PEFC (Programme for the Endorsement of Forest Certification) gecertificeerd. Dit betekent naast duurzaam bosbeheer ook andere aspecten: behoud van biodiversiteit, bescherming van waterlopen, veiligheid van de bosarbeiders, en nog veel meer. Meer over FSC en PEFC kun je lezen op www.fsc.org en www.pefc.org De inkt bevat geen agressieve oplosmiddelen (ook wel bekend als ‘Solvent Free inkt’) en bij het vervoer van de drukkerij naar onze magazijnen wordt het drukwerk verpakt in dozen van gerecycled papier. Natuurlijk betekent drukwerk ook altijd CO2-uitstoot. Die compenseren we via speciale programma’s van onze drukker. Tot slot: al onze leveranciers volgen de conventies van de ILO (International Labour Organisation). Dat betekent onder andere dat er geen sprake is van kinderarbeid. Zo komen onze uitgaven ook bij kinderen bij wie thuis niet automatisch iedere nieuwe bundel op tafel ligt. Dat vinden we belangrijk. Daarom steunen we Stichting Jarige Job. Zij geven een verjaardagsbox aan kinderen bij wie er thuis geen geld is om een verjaardagsfeestje te vieren. Bij zo’n 60.000 kinderen in Nederland is dat het geval. We vragen iedereen die op www.plint.nl iets bestelt € 1 extra te betalen. (meer mag ook ;-). En natuurlijk leggen we zelf ook iets bij. Voor iedere € 3 geven we een nummer van DICHTER. (ter waarde van € 6,50) aan Stichting Jarige Job. Zij verdelen de tijdschriften over de verjaardagsboxen. Duizenden kinderen kregen al een DICHTER.
In 2020 vierde Plint haar veertigjarig bestaan. Het begon destijds met een paar enthousiaste leraren die posters verkochten om geld op te halen voor een theaterstuk dat ze wilden brengen. Van dat theater kwam niets in huis, maar de posters bleken een succes. De naam Plint verwijst, volgens de site, naar de theaterterm ‘plint’ als ‘een opstapje naar het podium’. Waar het woord vandaan komt blijft deels ambigu, maar mogelijk refereert het aan het idee van verbeelding en het verleggen van drempels. Want waar de woorden vrijelijk de ruimte krijgen en de beelden beter doen kijken? Want dat doen de mensen van Plint, en ze doen het eindeloos gevarieerd en verrassend, gedurfd en buiten de lijntjes kleurend. De rijke productie, die allang niet meer alleen uit posters bestaat, straalt enthousiasme en energie uit, zin voor schoonheid, vrolijkheid en diepgang. En letterlijke toegankelijkheid dus, want het is mooi als je beeldende kunst en poëzie zomaar ergens kunt tegenkomen, als de woorden je aanspreken in de lange gang van een school, of in een wachtkamer, op een raam, of op een digibord. Dan kun je even de ruimte en de tijd nemen om op een ander been te worden gezet, om uit het gedoe van alledag te worden gehaald, om verrast te worden. En heel veel kinderen die de kracht van zulke woorden en beelden niet van thuis uit meekrijgen, krijgen ze mee van Plint. Dat dit een duidelijk streven van hen is, blijkt ook uit de samenwerking met Jarige Job, een stichting die tienduizenden door armoede geïsoleerde kinderen op een verjaarspakket trakteert. Daarin kunnen ze dan bijvoorbeeld een exemplaar van het tijdschrift ‘Dichter’ vinden, nog zo’n enthousiast initiatief.
Het is in de sterk commercieel geworden kinderboekenwereld niet eenvoudig meer om een kindergedichtenbundel uit te laten geven, maar het tijdschrift DICHTER stimuleert al die dichters voor kinderen om door te gaan, stimuleert een jonge illustrator om er een prachtig nummer van te maken, en stimuleert kinderen en volwassenen om al die stemmen te ontdekken en hun verbeelding, hun wereld, hun gedachten terug te vinden in lyrische vorm.
Vandaag brengen we hulde aan Plint, aan directeur Mia Goes, aan al die ideeën. Want ergens drinkt iemand uit een beker en leest er woorden op: “Vergeet je niet te leven, dacht ik laatst”. En ergens laat een jongetje zich op een school vangen door de kleuren van een poster en de zwierig geschreven titel ‘Liefste’. En ergens laat een man na een stormachtige winterdag zijn ogen nog even over zijn kussen gaan, met dat gedicht ‘Zomerochtend’. En ergens schrijft een meisje een gedachte in een notitieboekje alsof ze die doorgeeft aan de geschilderde vogel in een hoek van de bladzij. En ergens kijkt iemand met Nederlands als tweede taal naar het uitzicht en leest dan wat het gedicht op het raam zegt: ‘Alsof je een plek bereikt / Om je heen kijkt en weet / dat je thuis bent’. En ergens ontdekken net aangeschoven tafelgasten op de placemats onder hun bord de woorden ‘proeven aan de bron’. En ergens houdt een weduwe een servet vast met de woorden ‘het geluk moet ergens en ooit zijn omdat wij dit / ons herinneren en dit ons herinnert’. En ergens wil iemand gehaast zijn agenda in zijn tas stoppen, maar leest nog net op het omslag: ‘Er is hier. En ver weg in Sydney snijdt mijn broer ’s ochtends brood op een broodplank met zijn moerstaal erop. ‘(...) jouw lach.
Na een zomerpauze van twee maanden pakken we de draad van de Klassiekers weer op met een bespreking van het beroemde slotgedicht uit De ziekte van jij. Bij de onthulling van een gedenksteen voor Joost Zwagerman juni jl. bij de Bibliotheek in Alkmaar werd dit gedicht door Maria Vlaar, die tevens zijn biografie gaat schrijven, voorgelezen. Naar minder kon. opnieuw met jou te leven. en schrijf ik om de ziekte naam te geven. September 2015 werden we opgeschrikt door het plotselinge overlijden van Joost Zwagerman. Velen kenden hem vooral van zijn enthousiaste betogen over kunst, hetzij in de Volkskrant of NRC, hetzij bij De Wereld Draait Door. Of van VPRO’s Zomergasten dat hij in 2003 en 2004 presenteerde. Voor anderen was hij bovenal de schrijver van Gimmick!, Vals licht en andere romans. Tijdens de uitzending van DWDD die daags na zijn dood aan hem gewijd was, brak Ronald Giphart een lans voor de poëzie van Zwagerman, die in de ogen van de auteur zelf tot het belangrijkste behoorde van wat hij geschreven had.
We bekijken altijd eerst de technische kanten van het gedicht. Veel regels hebben een regelmatig metrum, vaak een zesvoetige jambe zoals de eerste regel van de tweede strofe: ‘Wat meer dan liefde is en minder dan de dood’. Daarbij treden geregeld kleine variaties in het metrum op. Een aantal regels lijkt echter met opzet uit de toon te vallen. De openingsregel met de klemtoon op de eerste lettergreep, en de tweede regel met zijn stamelende begin. En juist als de regelmaat in de tweede strofe toeneemt, met het rijm vrouw/jou op de derde en vierde regel, wordt dit doorbroken door de regel: ‘In mij is die dood verdreven door de onmogelijkheid’. Alsof de dichter juist door het slecht lopende metrum de onmogelijkheid (van harmonie) wil benadrukken. En met het rijm mij/jij wordt weliswaar een slotakkoord gegeven, maar de laatste regel zelf loopt behoorlijk uit de (jambische) pas. De laatste helft van de slotzin is zelfs nadrukkelijk agrammaticaal: ‘de ziekte die heet jij’. Een variant op de titel van de bundel: De ziekte van jij, eveneens een merkwaardige constructie. Want het gaat hier zeker niet om jouw ziekte. We zien dus, dat in dit ogenschijnlijk losjes geschreven gedicht juist de onregelmatigheden de inhoud onderstrepen. Het woord ‘platitude’ valt volledig uit de toon in dit gedicht, dat verder enkel woorden uit de gewone spreektaal bevat. Het woord heeft bovendien een negatieve connotatie. Het Algemeen Nederlands Woordenboek spreekt van een ‘onoriginele en inhoudsloze uitlating’. Synoniemen zijn onder meer cliché en dooddoener. Des te verrassender is, dat de dichter schrijft: ‘Liefde is een platitude en daarom ook zo mooi.’ Logischer zou geweest zijn ‘en toch zo mooi’. Ik vermoed dat de dichter dit te for de hand liggend vond. Met ‘daarom’ maakt hij een provocerend statement, waarvan hij vervolgens in de tweede zin de contrastwerking benut door ‘jij’ hier ver bovenuit te tillen. De analyse van de tweede strofe laat zien hoe de relatie tussen liefde, dood en taal structuren vormt. De cyclus De ziekte van jij eindigt met het hier besproken gedicht, is het werk van een 25-jarige hemelbestormer, van een jonge en veelbelovende auteur aan het eind van de jaren tachtig. Zwagerman was nog niet zo bekend toen de bundel verscheen. Het gedicht weerspiegelt een combinatie van levenslust en de dreiging van verlies. Het slotgedicht vat de thematiek kernachtig samen: een dialoog tussen liefde, ziekte en identiteit die uiteindelijk een conceptueel 'ik en jij' thema centraal stelt.
