Renovatie en geschiedenis van Kasteel Drakensteyn: achtergrond en evolutie

Slechts enkele dagen na het grote feest, dat voor prinses Beatrix op 1 februari 2014 in Rotterdam werd georganiseerd om haar te bedanken voor haar jaren als koningin van Nederland, werd bekend dat zij weer haar intrek op het kasteeltje Drakensteyn in Lage-Vuursche zal nemen.

In 1959 werd Drakensteyn door de toenmalige prinses Beatrix gekocht.

Vanaf 1963 woonde de prinses hier alleen, totdat ze in 1966 trouwde met de diplomaat Claus van Amsberg.

Het prinselijk paar nam hun intrek op Drakensteyn.

Toen Beatrix na de abdicatie van haar moeder, koningin Juliana tot de troon werd geroepen, moest het gezin in 1981 verhuizen naar Den Haag.

Het door prins Frederik Hendrik en zijn vrouw Amalia van Solms in de zeventiende eeuw gebouwde paleis Huis Ten Bosch werd hun nieuwe gezinswoning.

Verbeelding van Kasteel Drakensteyn en omgeving

In het Museum van Loon in Amsterdam worden gerestaureerde wandschilderingen, afkomstig uit kasteel Drakensteyn, ten toon gesteld.

Eind jaren zestig van de vorige eeuw kocht het museum Van Loon de schilderingen van de toenmalige prinses Beatrix.

De kunstenaar, die de behangselschilderingen vervaardigde was Jurriaan Andriessen (1742-1819).

Kasteel Drakensteyn is jarenlang het optrekje geweest van de koningin Beatrix.

Toen ze nog de ongehuwde prinses Beatrix was betrok ze het kasteeltje, dat eerst in 1959 een opknapbeurt kreeg.

Na haar huwelijk met prins Claus bleef ze het kasteeltje bewonen met het groter wordende gezin.

Binnenkort zal kasteel Drakensteyn aan een grote restauratie worden onderwerpen.

Er zullen verscheidene bouwkundige verbeteringen worden aangebracht en ook de diverse leidingstelsels komen voor een renovatie in aanmerking.

Terugblik op het leven van kroonprinses Beatrix (1980)

Wie leest weet meer en begrijpt beter.

In onze gewaardeerde nieuwsbrief schenken we veel aandacht aan kastelen.

Een informatieve gratis nieuwsbrief over geschiedenis.

Dankzij de vele illustraties is de uitgave 'Kastelen in Nederland' ook een kijkspel.

De oude geschiedenis van Drakensteyn is nauw verbonden met die van ridderhofstad Drakenburg bij Baarn die in de negentiende eeuw is afgebroken.

In 1634 werd Ernst van Reede de eigenaar van hofstede Drakensteyn.

Zijn zoon Gerard liet in 1640 een nieuw, symmetrisch achthoekig huis bouwen, mogelijk naar een ontwerp van Jacob van Campen.

Het huis werd erkend als ridderhofstad.

In die dagen werd ook het dorp Lage Vuursche gebouwd.

In de Gouden Eeuw werden in de Laagte van Pijnenburg verscheidene landhuizen verbouwd en gebouwd, zoals Soestdijk, De Eult en Pijnenburg.

In de achttiende eeuw wisselde het kasteel enkele malen van eigenaar.

Het huis was tot 1779 in het bezit van leden van de familie Godin.

In 1780 vond een verbouwing plaats waardoor het aanzicht van het huis veranderde: de Ionische zuilen werden verwijderd.

In 1807 werd Drakensteyn eigendom van mr. Paulus Wilhelmus Bosch, burgemeester van Utrecht.

In 1959 verkocht Frederik Lodewijk Bosch van Drakestein het landhuis aan prinses Beatrix.

Zij liet het kasteel restaureren en trok er in 1963 in.

Een in slechte staat verkerend ensemble van beschilderde linnen wandbespanningen, door Jurriaen Andriessen vervaardigd in 1780, werd toen verwijderd uit het interieur.

Ook na haar huwelijk met Claus van Amsberg in 1966 bleef prinses Beatrix in het kasteel wonen.

Nadat zij in 1980 koningin was geworden, verhuisde ze met haar hele gezin in 1981 naar paleis Huis ten Bosch in Den Haag.

In 2006 werd bekendgemaakt dat Drakensteyn gerenoveerd zou worden om het kasteel weer bewoonbaar te maken.

Er zouden enige meters bijgetrokken worden en het zou volop beveiligd en klaargemaakt worden voor de eenentwintigste eeuw.

Dit bericht gaf voeding aan de geruchten dat de abdicatie van koningin Beatrix aanstaande zou zijn.

De Rijksvoorlichtingsdienst (RVD) wilde hier niet op ingaan.

Uiteindelijk deed koningin Beatrix troonsafstand op 30 april 2013.

Hierna bleef zij nog enige tijd op Huis ten Bosch wonen.

Nadat Beatrix troonsafstand had gedaan, werd Drakensteyn als buiten- en gastenverblijf in gebruik gehouden.

Naast het landgoed Drakensteyn ligt de begraafplaats waar Beatrix' in 2013 overleden zoon Friso is begraven.

Gravure door Hendrik Spilman naar Jan de Beijer (ca. 1571 - 1597:Karel van Bourgondië, heer van Sommelsdijke en St. 1610 - 1625:mr. 1625 - 1640:jhr. 1695 - 1729:mr. 1779 - 1807:mr. 1807 - 1834:mr. 1866 - 1959:mr.)

Al zijn de bomen kaal, er is vanaf de weg nauwelijks iets te zien van Kasteel Drakensteyn.

Kasteel Drakensteyn ligt aan de rand van het dorpje Lage Vuursche bij Baarn.

Het werd vooral bekend toen in 1963 de toenmalige Prinses Beatrix er ging wonen.

In 1981, kort nadat Beatrix aantrad als koningin, vertrok ze van hier naar Den Haag.

Drakensteyn gaat terug op een 14de-eeuwse hofstede, die in later eeuwen uitgroeide tot een aanzienlijk huis.

In 1640 liet Gerard van Reede op Drakensteyn het huidige huis bouwen, mogelijk naar ontwerp van Jacob van Campen.

Het achthoekige huis staat op een klein eiland.

De naam is afkomstig van Werner van Drakenborg, die de woonstede rond 1359 zijn naam gaf.

In 1807 kwam Drakensteyn in handen van een Utrechtse burgemeester, mr. Paulus Wilhelmus Bosch.

Na deze aankoop liet hij en zijn verdere familie zich in het vervolg Bosch van Drakesteyn noemen.

Kasteel Drakensteyn rond 1750 - Gravure van Hendrik Spilman naar Jan de Beijer

Kasteel Drakensteyn in Lage Vuursche is een landhuis in de gemeente Baarn.

In Nederland is het gebouw vooral bekend omdat prinses Beatrix er tussen 1963 en 1981 woonde.

In de veertiende eeuw werd voor het eerst melding gemaakt van een stenen huis op de plek waar nu het kasteel staat.

De bewoner van deze ‘hofstede’ was Frederik van Drakenburg, een burgemeester van Utrecht.

Begin zeventiende eeuw kwam dit huis in bezit van Ernst van Reede.

Het huidige, volledig symmetrische, achthoekig huis werd in 1640 gebouwd in opdracht van diens zoon: Gerard van Reede.

Het huis verrees op de plek van de oude hofstede.

In de zeventiende en achttiende eeuw wisselde het kasteel een aantal keer van eigenaar.

Het was onder meer ooit bezit van prins Frederik Hendrik, een verre voorouder van Beatrix, en in 1807 werd Paulus Wilhelmus Bosch, toen burgemeester van Utrecht, eigenaar van Kasteel Drakensteyn.

Het huis bleef hierna honderdvijftig jaar in deze familie.

Prinses Beatrix kocht het pand in 1959 en liet het toen grondig restaureren.

Dat was nodig ook want het kasteel was in de periode hiervoor intensief gebruikt.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog was Drakensteyn onder meer gebruikt als vakantie-oord voor Duitse kinderen en hierna hadden Duitse militairen er beslag opgelegd.

Op verzoek van de prinses werd het kasteel zoveel mogelijk in de oorspronkelijke staat hersteld.

De renovatie duurde in totaal bijna vier jaar.

In 1963 kon Beatrix er uiteindelijk gaan wonen.

Ze woonde er tot begin jaren tachtig.

In 1981 verhuisde Beatrix, die inmiddels al koningin was geworden, naar Den Haag.

Kasteel Drakensteyn fungeerde sinds die tijd als buiten- en gastenverblijf.

Vanaf 2006 werd Drakensteyn opnieuw gerenoveerd.

Dit leidde tot veel speculaties over een naderend aftreden van de koningin.

Pas begin 2013 maakte Beatrix haar abdicatie echter bekend.

Ze liet toen ook weten na de troonswisseling weer in kasteel Drakensteyn te gaan wonen.

Vandaag heeft prinses Beatrix opnieuw haar intrek genomen in kasteel Drakensteyn.

De huidige vorm van kasteel Drakensteyn komt uit 1640.

In de 14e eeuw is voor het eerst geschreven over hofstede Drakesteyn.

Deze werd rond 1400 aan Frederik van Drakenburg toegewezen.

Vanaf 1634 was Ernst van Reede de nieuwe eigenaar van Drakensteyn.

Het kasteel is meerdere male van eigenaar gewisseld. Zowel in de 17e, 18e, 19e als 20e eeuw is het kasteel.

Tot 1779 was het in bezit van de familie Godin.

In 1807 werd het eigendom van Paulus Wilhelmus Bosch die burgemeester van Utrecht was.

Prinses Beatrix (toen nog kroonprinses) liet het kasteel restaureren.

In 1963 trok ze in.

De prinses bleef ook na haar huwelijk met Prins Claus wonen.

Tot 1981, toen verhuisde de prinses met haar man en zonen naar Den Haag.

Kasteel Drakensteyn bleef wel in gebruik als buiten- en gastenverblijf.

In 2006 werd bekendgemaakt dat Drakensteyn gerenoveerd zou worden om het kasteel weer bewoonbaar te maken.

Dit bericht gaf voeding aan de geruchten dat de abdicatie van toenmalig Koningin Beatrix aanstaande zou zijn.

De RVD wilde hier echter niet op ingaan en ondertussen is gebleken dat de toenmalige koningin toen nog niet met aftreden bezig was.

In februari 2008 schonk de toenmalig koningin 400 vierkante meter grond aan de Nederlands hervormde kerk van Lage Vuursche zodat de gemeente de begraafplaats uit te kon breiden.

In 2013 werd haar zoon prins Friso op dat stuk, dicht bij het hek van het kasteel, begraven.

De afgelopen maanden was ze er al veel te vinden, maar vandaag (4 februari 2014) is ze weer officieel bewoner van het kasteel.

Dit gebeurde door het (opnieuw) inschrijven in het bevolkingsregister van Baarn, waar Lage Vuursche onder valt.

De geschiedenis van Drakestein of Drakensteyn en Kasteel Drakenburg lopen parallel.

Beide huizen worden lang bewoond door de Heren van Drakenburg.

In 1640 bouwt Gerard van Reede (1624-1670) dit achthoekige of octagonale huis.

Net als bij de buitenplaats Zandbergen zijn er vermoedens dat Jacob van Campen de verantwoordelijk architect is geweest.

Overigens was Van Reede ook de stichter van het nabijgelegen dorp Lage Vuursche.

De status van ridderhofstad krijgt het huis vroeg in de 17de eeuw wegens haar eeuwenoude geschiedenis.

In 1807 wordt het goed eigendom van Paulus W. Bosch (1771-1834), die zich dan Bosch van Drakestein gaat noemen.

Kasteel Drakensteyn in Lage Vuursche heeft een unieke achthoekige vorm.

De buitenplaats werd omstreeks 1640 gebouwd voor Gerard van Reede.

Lage Vuursche bestond nog nauwelijks.

Kasteel Drakensteyn stond op historische grond.

Op het landgoed stond de ridderhofstad Drakenburg, waarover al in 1360 werd geschreven.

Dit kasteel werd in 1385 aan Frederik van Drakenburg beleend.

Het middeleeuwse kasteel werd in de negentiende eeuw afgebroken.

Gerard van Reede, de zoon van Ernst liet er een buitenhuis bouwen in de stijl van het Hollands classicisme.

We weten niet zeker wie de architect was.

Mogelijk was dit Jacob van Campen, de architect uit Haarlem die in Italië kennis maakte met de gebouwen van Andrea Palladio en Vincenzo Scamozzi.

Terug in Nederland combineerde Jacob van Campen de Italiaanse ideeën met de in ons land gebruikte baksteenbouw.

Jacob van Campen (1596-1657) heeft een aantal gebouwen ontworpen die grote indruk maakten op zijn tijdgenoten, zoals het Koninklijk Paleis in Amsterdam, het Mauritshuis in Den Haag, het Huygenshuis in Den Haag, het Paleis Noordeinde in Den Haag, Huis Hofwijck in Voorburg en de Nieuwe Kerk in Haarlem.

In Hooge Zwaluwe bouwde Jacob van Campen in 1641 een protestante kerk met een opmerkelijke grondvorm.

Aan het einde van de Tachtigjarige Oorlog werden in Nederland de eerste kerken gebouwd die specifiek waren ontworpen voor de protestantse diensten.

De kansel kwam hierin centraal te staan.

Het zal u zijn opgevallen dat ook het uit 1640 daterende kasteel Drakensteyn een opmerkelijke grondvorm heeft.

In Nederland zijn niet veel buitenhuizen met een achtvormige plattegrond.

Kasteel Drakensteyn is daarom een uniek kasteel, want alleen een deel van de Trompenburgh, het buitenhuis dat Cornelis Tromp in 's-Graveland liet bouwen, is enigszins vergelijkbaar met het vermoedelijk door Jacob van Campen ontworpen Drakensteyn in Lage Vuursche.

De Trompenburgh werd ontworpen door Daniël Stalpaert, de architect die in Amsterdam het stadhuis voltooide dat later Paleis op de Dam werd genoemd.

Jacob van Campen bouwde ook de Marekerk in Leiden.

Deze kerk werd niet door hem ontworpen, maar hij was wel bij de bouw van deze achthoekige kerk betrokken.

Gerard van Reede (1620-1669) was heer van de Vuursche en Drakensteyn.

Hij werd in 1641 lid van de Admiraliteit van Amsterdam en werd in 1645 tot voorzitter van het leenhof benoemd.

Het leenhof had, zegt J.M. van de Venne, de taak om te waken tegen het verloren gaan van leengoederen.

Gerard trouwde in 1645 met Catharina van Teylingen.

Hun zoon Godard sneuvelde in Rijsel en hun zoon Frederik Hendrik zou in het huwelijk treden met Johanna Schade.

Catharina overleed in 1653.

Na het overlijden verkocht de erfgenaam het buitenhuis van Gerard van Reede aan de Amsterdamse koopman Joan Reynst (1636-1695).

De bewoner van een prachtig pand aan de Herengracht gebruikte Drakensteyn als zomerverblijf in de maanden dat de stank in Amsterdam ondraaglijk was.

Joan Reynst werd op 9 mei 1695 begraven in de Amsterdamse Westerkerk.

In de eeuwen die volgden woonden verschillende families, waaronder Godin en Bosch, in kasteel Drakensteyn.

Prinses Beatrix liet Drakensteyn restaureren en betrok het in 1963.

Bij deze restauraties werden de in slechte staat verkerende beschilderde linnen wandbespanningen uit 1780 van Jurriaen Andriessen verwijderd.

De doeken werden enige tijd op paleis Soestdijk bewaard en werden later in de jaren zestig verkocht aan Museum Van Loon aan de Keizersgracht in Amsterdam.

De schilderingen van Jurriaen Andriessen worden nu tentoongesteld in Museum Van Loon.

Beatrix bleef ook na haar huwelijk met Claus van Amsberg in 1966 op Drakensteyn wonen.

Het gezin verhuisde in 1981 nadat Beatrix koningin was geworden naar paleis Huis ten Bosch.

Koningin Beatrix deed op 30 april 2013 troonsafstand.

In de maanden die volgden werd Drakensteyn voor haar in gereedheid gebracht.

Het interieur van het kasteeltje werd gemoderniseerd.

Vooral aan de beveiliging werd veel aandacht geschonken.

Het metershoge zwarte hekwerk leidde in Lage Vuursche tot ophef.

Gewenning speelde een rol.

Het oude hek viel nauwelijks op.

De 'Muur van Beatrix' leidde tot lokale protesten.

Sommige bewoners konden niet begrijpen dat het robuuste hek nodig was om de veiligheid van de voormalige vorstin te waarborgen.

Op 1 februari 2014 bedankte Nederland prinses Beatrix met een groot feest in Rotterdam.

Drie dagen later, op 4 februari 2014, schreef de gemeente Baarn, waartoe Lage Vuursche behoort, de voormalige vorstin in als nieuwe inwoonster.

Ter gelegenheid van haar tachtigste verjaardag maakte fotograaf Jeroen van der Meyde bij kasteel Drakensteyn in Lage Vuursche een fotoreportage, die de Rijksvoorlichtingsdienst via uitgevers en omroepen beschikbaar stelde aan Nederland.

Wie leest weet meer en begrijpt beter.

In onze gewaardeerde nieuwsbrief schenken wij veel aandacht aan de geschiedenis en interessante achtergronden van de Nederlandse kastelen.

Lees Nederlandse kastelen: van motte tot buitenplaats en Kastelen in Nederland als u meer wilt weten over de geschiedenis van Nederlandse kastelen.

Een informatieve gratis nieuwsbrief over geschiedenis.

Het woord kasteel werd in de middeleeuwen nooit gebruikt als aanduiding voor een kasteel, in welke hoedanigheid dan ook.

De term kasteel wordt pas sinds de laatste eeuwen gebruikt en geldt als een soort verzamelnaam voor alle vormen van kastelen.

In de middeleeuwen werden kasteelachtige gebouwen aangeduid als: huis, stins of steenhuis, burg of burcht, slot, borg, havezate, ridderhofstad of toren.

Dankzij de vele illustraties is de uitgave 'Kastelen in Nederland' ook een kijkspel.

tags: #renovatie #kasteel #drakensteyn