Ringen om een regenpijp bevestigen: uitgebreide handleiding en opties

Bij het installeren of vervangen van een regenpijp komen verschillende montagemogelijkheden en afvoersystemen aan bod. Hieronder vind je een zo compleet mogelijk overzicht, samengesteld uit de gegeven tekst, met duidelijke instructies per ondergrond en toepassing. Er wordt aandacht besteed aan muur- en houtmontage, overige ondergronden, plat dak aansluitingen, stadsuitlopen, en theoretische diameters per dakoppervlak.

Muur- en houtmontage

Hier wordt een rvs-schroefstift in de houten ondergrond gedraaid. Voor een stenen ondergrond is er een passende Fisher plug meegeleverd. De regenpijp komt in deze beugel ca. 2 cm vanaf de muur.

Overige ondergronden

Hier wordt het montageplaatje met twee kleine schroeven op de ondergrond gemonteerd (schroeven niet meegeleverd). Deze optie wordt vaak toegepast wanneer er niet diep geschroefd kan worden. De regenpijp komt in deze beugel 6 tot 6,5 cm vanaf de muur.

Montageopties voor dakafvoer

Dakafvoer plat dak aansluiten: Je kunt ook een aansluiting maken met een plat dak zijuitloop. Stadsuitloop (plat dak): Een stadsuitloop wordt over de zijuitloop van een plat dak geschoven, waarna je eenvoudig de regenpijp kunt monteren. Deze stadsuitloop komt in twee maten 60x80 mm en 60x100 mm. De stadsuitloop kan eenvoudig worden ingekort door middel van een verbindingsmof of ring (meest gebruikt).

Afhankelijk van de huidige diameter PVC-buis kun je hier een verbindingsmof van 80 mm opzetten of een lijmsteekmof met ring. De buizen passen in de verbindingsmof of ring waardoor eenvoudig een aansluiting met PVC kan worden gemaakt. Zink wordt volgens de regel toegepast met montageschuifstuk in combinatie met verbindingmof of ring. Een montageschuifstuk wordt vaak toegepast als nette afwerking op tegels. In de lange verbreding van het montagestuk valt de regenpijp in, waardoor je meer montagegemak krijgt. Tevens blijft de afvoer goed bereikbaar door het schuifstuk omhoog te schuiven zodat verstoppingen simpel kunnen worden verholpen. Het montageschuifstuk is aan de onderkant niet versmalt. Je dient aan de onderkant wel een PVC- of zinken verbindingsstuk toe te passen om een aansluiting te maken op het riool.

Bladafscheider en ontlasting

Bladafscheider Een bladafscheider wordt tussen de regenpijp geplaatst en voorkomt verstopping van het riool door bladresten. Het rooster is van RVS gemaakt en is uitneembaar. Een bladafscheider kan ook dienen als een ontlastvoorziening.

Welke regenpijp heb ik nodig?

Bij het vervangen van een regenpijp wordt de diameter van de nieuwe pijp bepaald door de bestaande uitloop aan de dakgoot. In de meeste gevallen is de uitloop ongeveer 75 mm, wat betekent dat je een regenpijp van 80 mm nodig hebt. Bij nieuwbouw of als er geen bestaande regenpijp is, wordt de diameter bepaald door de grootte van het dakoppervlak. Dit is essentieel om ervoor te zorgen dat het regenwater efficiënt wordt afgevoerd.

  • 60 mm regenpijp: Ideaal voor kleine daken zoals tuinhuizen of garages.
  • 80 mm regenpijp: De standaard keuze voor de meeste woningen in Nederland tot ongeveer 90 m² met een tussenafstand van 10 meter tussen de regenpijpen.
  • 100 mm regenpijp: Voor grotere dakoppervlakken, zoals bij platte daken of grotere huizen tot 150 m².

Regenpijpdiameter en dakgoot verenigen zich als volgt: 60 mm regenpijp combineert met Mastgoot M30 of Bakgoot B30; 80 mm regenpijp past bij alle modellen; 100 mm regenpijp past bij Mastgoot M44, M400 en Bakgoot B44. Maak een keuze uit een van de onderstaande regenpijpmodellen: Zinken regenpijp onderdelen zoals tapeind, stadsuitloop, vergaarbak, bochten, regenpijp Ø60/Ø80/Ø100, montagescharnierbeugel, dubbele overschuifwrong, regentonklep, bladafscheider, montageschuifstuk, verbindingsmof.

Bepalend voor de regenpijpdiameter is de diameter van het tapeind (uitloop/ aansluiting) van de dakgoot, stadsuitloop of vergaarbak. De zinken regenpijpen hebben aan de bovenzijde een optromping zodat deze over het tapeind past. In Nederland worden 80 mm regenpijpen vaak als standaard toegepast. Indicatie grondoppervlak (m2) en diameter regenpijp Ø: 90 m2 -> Ø80; 150 m2 -> Ø100; Afstand tussen regenpijpen max. 1 meter voor 90 m2, en 20 mm extra voor 150 m2.

Hoe een zinken regenpijp monteren?

  1. Regenpijpbeugels monteren: begin met het bevestigen van de eerste beugel op ongeveer 50 cm onder de dakgoot. De tweede beugel plaats je 1 meter boven de grond. Zorg ervoor dat de beugels stevig zijn gemonteerd en houd vervolgens een maximale afstand van 1,5 meter tussen de beugels. Minimaal twee beugels per regenpijp lengte.
  2. Aansluiting van de bovenkant: De bovenkant van de regenpijp wordt over de uitloop van de dakgoot geschoven. Als je een vergaarbak of stadsuitloop hebt bij een plat dak, schuif je de regenpijp eenvoudig over deze aansluiting. Zorg voor een goede aansluiting, maar geef de pijp ruimte om te werken bij uitzetting door temperatuursverschillen.
  3. Aansluiting van de onderkant: De onderkant sluit je aan op het riool of op een andere afvoeroptie. Gebruik een PVC verbindingsmof, montageschuifstuk of inzetverloop om de overgang tussen zink en PVC te realiseren. Voor een bovengrondse afvoer naar het maaiveld kun je een 72-graden bocht gebruiken, stevig vastgezet met een gegalvaniseerd schroefje.
  4. Ruimte voor uitzetting: Zorg voor speling, zodat de regenpijp kan uitzetten en krimpen onder invloed van temperatuurverschillen. Een duimbreedte is meestal voldoende.

Instructie: Sprong maken met bochten voor een regenpijp

Het maken van een sprong met bochten is nodig wanneer de regenpijp niet recht onder de gootuitloop zit, of wanneer obstakels op de muur zijn. Gebruik twee bochten: 40°-80 mm voor ongeveer 7 cm sprong, 72°-80 mm voor ongeveer 17 cm sprong, of 85° voor ongeveer 21 cm sprong. Schroefloze montage: schuif de bochten in elkaar en zorg voor voldoende speling voor uitzetting. Voor grotere sprongen kun je een kort stuk regenpijp toevoegen.

Infographic: overzicht van regenpijpdiameters en bijpassende gootsystemen

Stap-voor-stap een regenpijp afkoppelen

Bevestigingsmaterialen en aanvullende tips

Naast de regenpijp zijn bevestigingsmaterialen essentieel voor een solide regenwaterafvoer. Er zijn voorgemonteerde KPA-beugels met slagplug voor snelle montage, een ophangbeugel en losse inslagpen mogelijk. Gebruik vulblokjes bij meer ruimte tussen de regenpijp en muur. Houd rekening met 2 cm speling in PVC-regenpijp bij montage. De KPA-beugel is verkrijgbaar in diameters van 80 mm en 100 mm voor aansluiting op witte PVC buizen. Standaard zit er een afstand van 1 meter tussen muur en regenwaterafvoer; gebruik vulblokjes om afstand te vergroten. PVC materialen krimpen en zetten uit; plan hier 2 cm speling voor in.

Voor een aansluiting op het riool raden we een hemelwatersifon aan als stankafsluiter. Hemelwatersifons zijn beschikbaar in diameters van 80 mm en 100 mm. Met behulp van een inzetverloop kun je 60 mm of 70 mm regenpijp vermengen met 80 mm systemen. Regenpijpen worden verlijmd met hard PVC-lijm, Griffon RU-22. De omega-beugel zorgt voor een nette, strak tegen de muur liggende montage. Bedenk dat bij bodembeweging (inklinking) extra aandacht nodig is; installeer onderaan de regenpijp een schuifstuk om een soepele overgang naar het riool te waarborgen.

Bij het kiezen voor Leidingshop kun je rekenen op een breed scala aan regenpijpbeugels van verschillende materialen zoals verzinkt staal, roestvrij staal of kunststof. Beugels worden doorgaans om de 1,5 tot 2 meter geplaatst voor optimale ondersteuning. De standaard PVC-beugels zijn beschikbaar in diameter 80 mm en 100 mm; de inslagpen kan los worden aangeschaft voor montage. Voor grotere projecten kan een voorgemonteerde constructie handig zijn.

tags: #ringen #om #een #regenpijp