De strijd van Truus tegen keelkanker en de nasleep

Op de drempel van een nieuw levenshoofdstuk besluit de auteur om zijn eerdere geschriften over Truus, verzameld in zijn blog, zorgvuldig te archiveren. Een digitale plek in hun "Kroondomein" lijkt de meest geschikte bestemming. Dit besluit wordt ingegeven door de aanhoudende fysieke klachten van Truus, die zich manifesteren als een constante brok in de keel, gevolgd door frequente drang om slijm te verwijderen, wat haar dagelijks leven ernstig belemmert.

De symptomen, die plotseling en zonder duidelijke oorzaak begonnen, houden Truus al een maand lang in hun greep. De medische molen is in werking gezet, maar het proces verloopt moeizaam. Een eerste onderzoek bij de KNO-arts leverde geen duidelijke resultaten op, wat leidde tot de noodzaak van een röntgenfoto. Helaas kon deze pas drie weken later gemaakt worden, een periode die voor Truus, die nauwelijks kan eten en drinken en zienderogen vermagert, tergend langzaam verstrijkt.

De auteur uit zijn ongenoegen over de trage voortgang van de behandeling. Ondanks de duidelijke impact op Truus' welzijn, lijkt er vanuit medisch oogpunt geen urgentie te zijn om de diagnostiek te versnellen. Hij uit zijn kritiek op de gangbare medische praktijk, waarbij patiënten lang aan hun lot worden overgelaten, vooral wanneer essentiële levensbehoeften zoals eten en drinken worden bedreigd. Hij pleit voor een proactievere houding van artsen, die ook bij grote drukte de nadruk moeten leggen op het wegwerken van urgente behandelingen.

Een confronterende diagnose

Later, terugkijkend op de gebeurtenissen na zijn eigen strijd tegen kanker, erkent de auteur dat zijn eerdere blogpost mild was in zijn kritiek op de KNO-arts. Gedreven door een reeks negatieve ervaringen, neemt hij nu geen blad meer voor de mond. De eerste interactie met de KNO-arts Van L. was bijzonder bot. Zonder veel empathie vroeg de arts direct: "Waar denkt uzelf aan, keelkanker?". Deze directe vraag schokte Truus diep.

Ondanks dat de huisarts de afspraak met spoed had geregeld, werd het verzoek om de röntgenfoto's met spoed te maken afgewezen. De arts gaf geen gehoor aan de dringende oproepen van de auteur, die benadrukte dat zijn vrouw nauwelijks kon eten en drinken en veel gewicht verloor. De afwijzing werd kracht bijgezet door een zijige glimlach en een wegstrijkende handbeweging, waardoor het echtpaar in onzekerheid achterbleef. Aan de balie bleek dat er geen spoedopdracht voor de foto's was meegegeven, en de wachttijd bedroeg drie lange weken. Zelfs een poging om de afspraakmaakster te overtuigen, met een beroep op de spoedafspraak bij de dokter, leverde niets op. De arts bleef bij zijn standpunt: de foto's waren niet spoedeisend.

De wanprestatie van de arts bereikte een dieptepunt nadat de foto's waren gemaakt. Een dag na de lange wachttijd van drie weken, werd er vanuit het ziekenhuis gebeld met het verzoek de afspraak van de week erop te vervroegen naar de volgende dag. Opnieuw werd Truus geconfronteerd met onverwacht nieuws. Toen zij vroeg of de foto's de aanleiding waren, werd er door de assistente niet gereageerd. De KNO-arts Van L. kwam met de harde mededeling: "U heeft slokdarmkanker." Verbaasd over de geschrokken reactie van Truus, vroeg hij: "Had u dat zelf niet gedacht?!". De auteur reflecteert op deze gebeurtenis en uit zijn verbazing over de pedante manier waarop de arts dit nieuws bracht, terwijl hij niet eens de specialist was die het definitieve oordeel kon vellen. Dat oordeel kwam van de maag-, darm- en leverspecialist, een consult dat maanden eerder had kunnen plaatsvinden als Van L. zijn werk beter had gedaan.

Van L. bood aan om contact op te nemen met een collega om spoed aan te dringen, maar ook dit proces verliep traag. Pas nadat de foto's waren binnengekomen, werd er gebeld voor een spoedafspraak. Dit intakegesprek was met een empathische arts die het lijden van Truus begreep. Zijn diagnose was duidelijk: "Wij beschouwen het als slokdarmkanker, tenzij het tegendeel wordt bewezen." De toon van deze arts, in tegenstelling tot die van Van L., was geruststellend en ondersteunend. Hij verzekerde Truus dat verder onderzoek snel en grondig zou plaatsvinden en bood aan om persoonlijk bij de balie aan te dringen op spoed en de huisarts op de hoogte te stellen.

Een schematische weergave van de diagnostische route van patiënt Truus, met nadruk op de vertragingen en de uiteindelijke diagnose van slokdarmkanker.

Het vooruitzicht van een spoedonderzoek gaf het echtpaar weer hoop. Ze moesten nog wel bloed laten prikken en extra foto's maken, maar ditmaal zonder de drie weken wachttijd. De chirurgische ingreep werd uiteindelijk uitgevoerd na een periode van wachten, waarbij Truus na de behandeling met een "roesje" ontwaakte zonder herinnering aan het ongemak. De auteur ervaart dit als een positief teken van Truus' mentale veerkracht, omdat ze ondanks de situatie de regie wil behouden.

De onverbiddelijke realiteit van kanker

Direct na het onderzoek werd het onheilspellende bericht bevestigd: Truus had slokdarmkanker. De arts bracht dit nieuws op een aangename, zij het vreemd verwoorde, manier. Hij legde de volgende stappen uit, de prognoses en de betrokkenheid van een team van specialisten uit meerdere ziekenhuizen. Dit gaf het echtpaar weer enig vertrouwen in de toekomst, ondanks de zware diagnose.

De verpleegkundige die hen begeleidde, toonde veel empathie voor Truus, terwijl de auteur, die zich genegeerd voelde, dit juist prettig vond. Hij waardeert de focus op de patiënt en de toewijding van de zorgverleners. Na het onderzoek bleek Truus 's avonds voorzichtig vloeibaar te kunnen eten en drinken zonder de frequente toiletbezoeken. Deze kleine verbetering gaf hen moed, en een glas witte wijn werd geheven op een terugkerende gezondheid.

De volgende ochtend begon zonder de gebruikelijke zorgen. Truus leek weer wat meer zichzelf. De auteur reflecteert op zijn eigen vrolijke aard, die hij associeert met het fluiten van slagersjongens. Deze eigenschap, die hij als een uitstervend ras beschouwt, uit zich in zijn humor en optimisme. Echter, in de huidige omstandigheden van Truus' ziekte, merkt hij dat zijn vrolijkheid getemperd is. Het vermogen om snel te reageren met humor is afgenomen, en hij vindt het moeilijk om zijn emoties te beheersen. Tranen staan hem bij het minste geringste in de ogen, zelfs bij het kijken naar een simpel televisieprogramma.

Zijn fluiten is veranderd in janken, wat hem diep raakt. Niet omdat het niet mannelijk is, maar omdat het niemand dient. Hij voelt zich genoodzaakt om in sociale kringen arrogant of nors over te komen, hoewel hij bij sterke momenten wel probeert zijn situatie te verklaren. Gelukkig heeft hij, in overleg met Truus, een belangrijke kring van mensen digitaal op de hoogte kunnen stellen. De hartverwarmende reacties die hij ontvangt, doen hem en Truus enorm goed.

Een infographic die de emotionele impact van de kankerdiagnose op de auteur weergeeft, met symbolen voor verdriet, veerkracht en sociale steun.

Een nieuwe wending: uitzaaiingen en behandelopties

De spanning liep hoog op toen Truus om twaalf uur de uitslag van de onderzoeken zou krijgen. De arts kwam echter naar buiten met een andere patiënt, wat het echtpaar nog even respijt gaf. Toen de arts hen uiteindelijk ontving, was de inleiding vriendelijk, maar de boodschap was ontluisterend: "Het is niet zinvol om een zware operatie te ondergaan, waarbij de slokdarm wordt verwijderd, want er zijn ook elders 'plekjes' geconstateerd. In bot en longen."

Truus, met haar voeten stevig op de grond, luisterde rustig en stelde zinnige vragen, terwijl de auteur volledig dichtklapte. De arts bood echter hoop met de mogelijkheid van chemotherapie en bestraling, wat met specialisten besproken zou worden. Hij voegde eraan toe dat ze er zo spoedig mogelijk mee aan de slag zouden gaan. Ondanks deze woorden bleef er echter een periode van vijf dagen van spanning, zonder dat er direct actie werd ondernomen.

Truus reageerde stoer: "Wij zullen er voor knokken dokter." Een opmerking die de auteur raakte, omdat hij op dat moment met tranen in zijn ogen stond, wat zijn support niet overtuigend deed overkomen. De arts negeerde zijn zwakke moment en prees Truus voor haar positieve wilskracht.

Eenmaal buiten het ziekenhuis voelde het echtpaar een vreemde opluchting. Hoewel het bericht zwaar was, had het erger gekund. De ongemakken van het niet kunnen eten en drinken zorgden ervoor dat Truus liever thuisbleef, zelfs haar geliefde treinreizen moesten hiervoor wijken. Hierdoor werd haar treinabonnement tijdelijk buiten gebruik gesteld.

De auteur, uit zuinigheid, besloot zijn gratis reizen wel te blijven benutten. Hij gebruikte de trein voor wandeltochten elders in het land, om zo benzinekosten te besparen. Vandaag koos hij voor een tocht in Heilig Landstichting, grenzend aan Nijmegen. Deze keuze leverde hem niet alleen € 34 aan benzinekostenbesparing op, maar ook een spirituele ervaring. Heilig Landstichting bleek een voormalig bedevaartsoord, gesticht door het Bisdom Den Bosch.

Tijdens zijn wandeling kwam hij langs de Cenakelkerk, een bedevaartskerk. Hoewel hij aanvankelijk alleen een foto wilde maken, voelde hij zich naar binnen getrokken. Er was een dienst gaande met prachtige koormuziek. Hij dacht eraan een kaarsje te branden voor zijn vrouw, maar kon geen stilteplek vinden en verliet de kerk om zijn tocht te vervolgen. De omgeving, inclusief het Bijbels Openluchtmuseum (nu Museumpark Orientalis), gaf hem het gevoel op heilige grond te lopen.

Hij stuitte op een tafereel dat hem Bijbels voorkwam, mogelijk het "zwarte schaap", hoewel de Bijbelse oorsprong hiervan onduidelijk bleef.

tags: #truus #ribbe #klacht #voegen