Isolatiemaatregelen bij tuberculose (TBC) uitgelegd

Tuberculose (TBC) is een infectieziekte die wordt veroorzaakt door de Mycobacterium tuberculosis-bacterie. De meest voorkomende vorm is longtuberculose, maar de bacterie kan ook andere delen van het lichaam aantasten. Tuberculose is niet altijd besmettelijk; longtuberculose kan soms wel besmettelijk zijn als het open longtuberculose betreft. Om verspreiding te voorkomen worden aërogene isolatiemaatregelen toegepast zodra vaststaat dat iemand open longtuberculose heeft. Tuberculose is goed te behandelen met medicijnen die langdurig dagelijks moeten worden ingenomen. Bij open longtuberculose is goede hoesthygiëne van groot belang en thuisisolatie kan nodig zijn totdat de arts daar anders over beslist.

Waarom isoleren en wanneer stoppen

De maatregelen om transmissie in ziekenhuizen te beperken zijn vastgelegd in de WIP-richtlijn Ziekenhuizen. Tuberculose: preventie van aerogene besmetting. Infectiepreventiemaatregelen dienen te worden gestart zodra er op basis van de risicobeoordeling een reële verdenking is op besmettelijke tuberculose. Aerogene isolatie kan worden beëindigd als na twee weken adequate therapie drie sputummonsters negatief zijn bij microscopie of wanneer de NAT (Nucleïnezuur Amplificatie Test) van ten minste één luchtwegmonster negatief is. Bij patiënten met hiv of extrapulmonale tuberculose moet longtuberculose worden uitgesloten of bevestigd alvorens de isolatiemaatregelen te beëindigen. De hoesthygiëne van de patiënt blijft essentieel bij besluitvorming over beëindiging van isolatie.

Diagnostiek en monitoring

Onderzoek naar besmettelijkheid gebeurt door directe microscopie en/of moleculair onderzoek (NAT) van drie sputummonsters, waarvan minimaal één ochtendmonster. Indien deze bij microscopie negatief zijn en/of de NAT negatief is, kunnen isolatiemaatregelen beëindigd worden. Bij positieve microscopie of positieve NAT of kweek blijft isolatie oftewel aerogene isolatie van toepassing totdat adequate behandeling heeft geleid tot verbetering. De bestrijding van tuberculose in ziekenhuizen vereist continue evaluatie van de hoesthygiëne en naleving van maatregelen door zowel patiënten als medewerkers en bezoekers.

Isolatiemaatregelen per situatie

  1. Aërogene isolatie: patiënt op isolatiekamer met sluis, kamer onderdruk ten opzichte van gang. Patiënt draagt mondkapje bij verlaten kamer; bezoek draagt ook mond-neusmasker. De kamer blijft gesloten en de deur wordt zo veel mogelijk gesloten gehouden. Bezoek kan plaatsvinden onder strikte regels en patiënten mogen de kamer niet verlaten zonder toestemming.
  2. Beschermende isolatie: ter bescherming van kwetsbare patiënten tegen infecties vanuit de omgeving. Patiënt verpleegd op isolatiekamer met sluis en eigen sanitaire voorzieningen. Sluis en kamer zorgen voor gecontroleerde luchtdoorstroom en beperkte aanwezige personen.
  3. Druppelcontact isolatie en Druppelisolatie: voorkomen overdracht van virussen via druppels bij hoesten of niezen. Kamerdeuren hebben kaarten met maatregelen; zorgverleners dragen beschermende kleding en mond-neusmaskers bij binnenkomst.
  4. Contactisolatie en Contactplus isolatie: voorkomen overdracht via direct contact en besmette voorwerpen; vaak éénpersoonskamer; maatregelen staan op kaart bij deur.
  5. Strikte isolatie en Strikt Plus isolatie: combinatie van maatregelen tegen contact, druppels en aërosolen; kamer met sluis en deur dicht; aanvullende beschermende uitrusting voor zorgverleners; rode of paarse kaarten geven exacte instructies.
Afbeelding van isolatiekarten en kamerindeling met sluis en onderdruk

Bij bezoek hangen er duidelijke kaarten bij de kamer die aangeven welke maatregelen gelden. Bezoekers en personeel dragen mond-neusmaskers en handschoenen wanneer dat vereist is; huisgenoten kunnen onder bepaalde omstandigheden vrij bezoeken beperken. De ruimte waar mogelijk besmette patiënt verblijft moet zoveel mogelijk verse lucht krijgen; ventilatie-criteria worden aangeduid als air changes per hour (ACH).

Praktische noodzaken in het ziekenhuis

In veel ziekenhuizen is de isolatie opgebouwd uit een isolatiekamer met sluis en negatieve druk ten opzichte van de gang. De deur van de kamer blijft gesloten en er staat een isolatiekaart aan de deur met de specifieke maatregelen. Medewerkers die u behandelen dragen FFP2-maskers en beschermende kleding; bezoekers dragen soms ook maskers afhankelijk van de isolatievorm. In de sluiskamer heeft de zorgverlener aanvullende persoonlijke beschermingsmiddelen aangetrokken zoals schorten en handschoenen; soms wordt ook een spatbril gedragen afhankelijk van de isolatievorm.

Ventilatiesysteem en onderdrukcomponenten in een aerogene isolatiekamer

Pseudo-cases en risicogroepen

Risicogroepen met verhoogde kans op tuberculose omvatten immigranten uit hoog-incidentiegebieden, asielzoekers, gevangenen en mensen met nauwe contacten van besmettelijke TBC-patiënten. Gelijktijdige hiv-infectie kan leiden tot atypische presentaties en een hoger risico op disseminatie en extrapulmonale TBC. Bij gebruik van TNF-alfa-remmers of immunosuppressiva dient opsporing en mogelijk preventieve behandeling te plaatsvinden. Zwangerschap kan risico's met zich meebrengen voor zowel moeder als kind, waaronder vroeggeboorte en laag geboortegewicht.

Diagram van TBC-ziekteverloop en risicogroepen

Pathogenese en microbiologie

De tuberculosebacterie is lange tijd latent aanwezig mogelijk in het lichaam en kan onder gunstige omstandigheden opnieuw delen en ziekte veroorzaken. Het menselijk lichaam activeert pas na 4-8 weken een specifieke immuunrespons, zichtbaar via tuberculine huidtest of IGRA. Mycobacterium tuberculosis-complex omvat verschillende soorten; de belangrijkste verwekker is M. tuberculosis. Niet-tuberculeuze mycobacteriën (NTM) kunnen soms tuberculose-achtige beelden veroorzaken en compliceren de diagnostiek.

Micrografiek van Mycobacterium tuberculosis onder microscoop

Epidemiologie en Nederlandse context

Globaal komt tuberculose overal voor, met hoge belasting in Azië, Afrika en Zuid-Amerika. In Nederland heeft immigratie invloed op de incidentie; in 2018 waren er 806 patiënten (4,7 per 100.000), met bijna driekwart geboren in het buitenland. MDR-/RR-tbc blijft een zorg, waarbij resistente stammen wereldwijd toeslaan. De bestrijding vereist systematische screening, detectie en behandeling, vooral in risicogroepen en instellingen zoals opvanghuizen en detentiecentra.

Kaart met wereldwijde TBC-incidentie en Europese/regio-gegevens

Behandeling en leefregels

Behandeling van longtuberculose is meestal ambulant en duurt circa zes maanden bij gevoelige stammen. De behandeling bestaat uit een intensieve fase gevolgd door een vervolgfase om alle ziektekiemen te elimineren. Voor open longtuberculose is isolatie én een strikt behandeltraject noodzakelijk totdat besmettelijkheid is geëlimineerd. Thuisisolatie en ventilatie zijn belangrijke onderdelen wanneer ziekenhuisopname niet nodig is. De dokter bepaalt wanneer isolatiemaatregelen beëindigd kunnen worden, rekening houdend met sputumresultaten en klinische verbetering.

Toepassing op de praktijk en samenvatting van procedures

Isolatiemaatregelen hebben als doel om besmetting te voorkomen bij patiënten, bezoekers en zorgverleners. De keuze voor isolatiemaatregel hangt af van de aard van de ziekteverwekker (tbc, MRSA, GRD, etc.), de ziektefase en de instelling. Informatie, communicatie en naleving zijn cruciaal voor effectieve infectiepreventie. Als u vragen heeft over isolatie of problemen ondervindt bij de isolatiemaatregelen, bespreek dit dan met de verpleegkundige of arts.

Infographic “wat je moet weten over tuberculose” en postermateriaal

Overzichtelijke samenvatting van belangrijke cijfers en concepten

OnderwerpKernpunt
BesmettelijkheidBesmettelijkheid hangt af van hoesthygiëne, suf sputum en NAT/ZN-resultaten; open longtuberculose is het meest besmettelijk
Isolatievormen8 vormen: contact, contactplus, druppelcontact, druppel, aërogeen, beschermende, strikte, strikt plus
Beëindiging isolatieDrie negatieve sputummonsters of negatieve NAT/kweek; bij twee weken effectieve therapie kan aerogene isolatie beëindigd worden
Risicogroepen in NLImmigranten uit hoog-incidente gebieden, asielzoekers, gedetineerden, nauwe contacten; hiv vergroot risico

TBC Lighallen Oisterwijk Documentaire

tags: #type #isolatie #tbc