Renovatie en geschiedenis van ’t Karregat in Eindhoven: van innovatief multifunctioneel centrum naar hedendaags gebouw met behoud van erfgoed

’t Karregat, ontworpen door architect Frank van Klingeren, is een van de eerste multifunctionele centra in Nederland.

Het gebouw in de wijk Herzenbroeken in Eindhoven kreeg uitgebreide internationale aandacht, maar de experimentele opzet bleek niet goed te werken.

In samenwerking met diederendirrix architecten is de Europese Aanbesteding gewonnen voor de opdracht het gebouw nieuw leven in te blazen.

De basis van het ontwerp, het dak met de bijzondere parapluconstructies, is hersteld en verduurzaamd.

Een flexibel binnenwandsysteem van dichte en Transparante delen zorgt voor meer openheid.

Door een deel van het dak open te werken, ontstond een nieuwe patio die de ruimtes eromheen van daglicht voorziet.

Zo kreeg het gebouw een nieuwe indeling, met duidelijke entrees in een transparante gevel.

Bij de heropening van ’t Karregat in het najaar van 2015 was het gebouw opnieuw niet af.

De uitgevoerde verbouwing van de school, kinderdagverblijf en wijkvoorzieningen toonden aan hoe een grondige opfrissing het gebouw opnieuw klaar kan maken voor de toekomst.

Ons systeem voor aanpak bleek ontwikkeld en beproefd met een zeer goed resultaat.

In 2019 heeft dit dan ook een vervolg gekregen met de renovatie van het commerciële deel in opdracht van Lidl.

Ook hier is op zorgvuldige wijze gekeken naar een functionele inpassing met respect voor de oorspronkelijke uitgangspunten.

In april volgend jaar moet de verbouwing van het multifunctioneel centrum ’t Karregat in Eindhoven zijn voltooid.

De bureaus architecten-en-en en diederendirrix architecten hebben het ontwerp voor deze ingreep gemaakt.

Het gebouw met zijn kenmerkend parapludak is oorspronkelijk ontworpen door architect Frank van Klingeren.

Het uit 1970 stammende wijkcentrum 't Karregat was ontworpen volgens de filosofie dat de gebruikers zo nauw bij elkaar betrokken zijn dat er sprake is van hinder.

Op die manier zou er vanzelf een onderlinge verstandhouding ontstaan.

Door de jaren heen heeft het gebouw verschillende verbouwingen ondergaan, die ten koste gingen van het open karakter.

Dat laatste proberen architecten-en-en en diederendirrix grotendeels terug te brengen.

Bij de huidige verbouwing worden de stalen parapluconstructies van het monumentale dak ingepakt in lichtdoorlatende beplating en komt er een nieuwe buitengevel die verwijst naar het oorspronkelijke idee van losse ruimtes onder een groot dak.

De Eindhovense bureaus wonnen de aanbesteding voor de verbouwing in 2010, maar de uitvoering heeft een vertraging van drie jaar opgelopen.

Dit kwam onder andere doordat enkele functies als de bibliotheek noodgedwongen moesten worden geschrapt.

De verbouwing is nu in tweeën gesplitst; het grootste deel met daarin een basisschool wordt volgend jaar opgeleverd.

Toen ’t Karregat in 1973 werd opgeleverd, was het een revolutionair gebouw, niet alleen voor Eindhoven.

Ontworpen door Frank van Klingeren, van wie eerder de Meerpaal in Dronten was gebouwd, verenigde het twee scholen (één openbaar en één katholiek), een bibliotheek, een wijkcentrum, een supermarkt en een café onder één groot dak.

De oorspronkelijke architectuur van ’t Karregat kan niet los gezien worden van de maatschappelijke ambities die van Klingeren had.

Die ambities zijn van veel grotere invloed op zijn architectuur geweest dan de ‘formele’ kant van architectuur.

In een tijd dat de zuilen in Nederland afgebroken werden en Team 10 bezig was het modernistische project te herijken, liep Frank van Klingeren met zijn opvattingen over de maatschappij en de rol die architectuur daarin hoorde te spelen, ver vooruit.

Voordat Team 10 er de term ‘mat building’ aan had gegeven, had Van Klingeren met de Meerpaal en ’t Karregat onopgemerkt al twee van dit soort bouwwerken gerealiseerd: een laag, horizontaal georganiseerd gebouw dat clusters van verschillende functies ontspannen bij elkaar brengt.

’t Karregat is door Van Klingeren ontworpen als een eenlaagse ruimte van ongeveer vier meter hoog, afgedekt door een onregelmatig gevormd plat dak.

Het dak wordt gedragen door ‘paddenstoel’-vormige stalen dragers waartussen simpele stalen vakwerkliggertjes zijn gespannen.

De ‘hoed’ van de paddenstoel steekt door het dak heen en was afgedekt met draadglas.

Zo kon licht diep in het gebouw binnendringen.

Een gemeenschappelijke XXL zitkuil markeerde het hart van het gebouw.

Met een minimum aantal scheidingswanden en met bijna helemaal rondom glazen gevels, werd het streven naar sociale verbindingen vertaald in een zo minimaal mogelijke fysieke scheiding onder het dak.

Het gebouw was een ramp voor de gebruikers.

De visuele scheidingen waren dan wel minimaal, maar dat gold ook voor geluid, ventilatie, privacy etc.

Al bijna direct na de oplevering begonnen de gebruikers ad hoc ingrepen te doen, vier jaar later vond een grote verbouwing plaats.

Met betonsteen werden nieuwe scheidingswanden en gevels geïmproviseerd.

Na verloop van tijd slibde de ruimte onder het dak dicht.

Architecten EN EN en diederendirrix, beide in Eindhoven gevestigd en enthousiast over de mogelijkheid dit inmiddels wereldberoemde Eindhovense erfgoed te kunnen vernieuwen, wonnen de Europese aanbesteding voor de renovatie van het niet commerciële deel van ’t Karregat.

In dit deel zijn nu alleen een basisschool en kinderdagverblijf ondergebracht.

Alles behalve het dak en de kenmerkende paddenstoelen is gesloopt.

Een deel van het dak, balklaag en dakbeschot is verwijderd voor een patio zodat klaslokalen meer daglicht krijgen.

Onder het dak zijn lokalen, gangen en andere ruimten van de school opgebouwd met grijze systeemwanden.

De extra hoogte zal het te duur hebben gemaakt om iets anders toe te passen.

De gevel bestaat uit een doorlopend grid van aluminium stijlen waartussen ramen en (vlucht)deuren zitten, roosters en zonwering zijn netjes en vakkundig weggewerkt.

De originele staalconstructie is waar ze naar buiten doorsteekt, in het zicht gelaten, evenals als de houten daklaag en dakbeschot.

Het zou mooi zijn geweest wanneer dit binnen ook was gebeurd.

Maar dan was het netjes afwerken van de installaties noodzakelijk geweest en dat was niet haalbaar binnen de budgetten.

Hoewel diederendirrix en EN EN diagonale doorzichten hebben ontworpen is de ruimte onder het dak toch niet opnieuw die doorlopende binnenwereld geworden zoals Van Klingeren die gecreëerd had.

Uit alle ingrepen spreekt een grote zorgvuldigheid, een zorgvuldigheid die je van beide bureaus ook verwacht.

Alle paraplu’s hebben hun originele kleuren teruggekregen (ontwerp van Pierre van Soest, 1930-2001).

Door de kleuren diagonaal door te voeren, worden de zichtlijnen versterkt, wat een bijzondere dynamiek geeft aan de ruimtes.

Voordat het ontwerpproces startte, was al duidelijk dat de wijk geen behoefte meer had aan een grote, multifunctionele gemeenschapsruimte.

De oude ‘kuil’ werd al jaren niet meer gebruikt en heeft in het nieuwe ontwerp daarom een nieuwe functie gekregen.

Een deel van het dichte dakvlak is verwijderd en een tweetal parapluconstructies is onbekleed gelaten, waarmee we de voormalige ‘kuil’ hebben getransformeerd van een overdekte buitenruimte naar een onoverdekte binnenruimte/een patio, die wordt omsloten door een school, peuterspeelzaal, gymzaal en (relatief bescheiden) buurtontmoetingsplek.

Zij kunnen de patio voor verschillende doeleinden gebruiken.

De grillige gevellijn, met een groot aantal nissen en verspringingen, is door ons vereenvoudigd.

De nissen zijn verwijderd en de verspringingen tot een minimum beperkt, waardoor de grens tussen binnen en buiten nu een duidelijke, rechte lijn is die binnen het dakvlak en de draagconstructie van ’t Karregat ligt.

De rationele en kleurrijke draagconstructie hebben we geaccentueerd met eenduidige gevelvlakken die weinig onderhoud vragen.

We hebben verdiepingshoge, grijze aluminium puien toegepast met afwisselend transparante of dichte delen van 1,2 meter breed.

De verticale stroken van vast glas laten het daglicht tot diep in het gebouw toe.

Sinds de start van het proces in 2010 zijn de omvang van de functies en ambities van de gebruikers van ’t Karregat aan verandering onderhevig.

Tot het Programma van Eisen behoorden in eerste instantie twee scholen, diverse commerciële voorzieningen, een nieuwe sportzaal, een supermarkt en een bibliotheek.

Helaas is een aantal van die functies tijdens de ontwerpfase afgevallen.

Bij de heropening van ’t Karregat in 2015 is het gebouw dan ook opnieuw niet af.

In 1973 was het onaffe gebouw een basis om een gemeenschap tot ontplooien te brengen.

Nu is het onvoltooide gebouw een (ongemakkelijk) bewijs van de sterk doorgevoerde individualisering van onze samenleving.

Het is even geduurd, maar in 2019 is Lidl over stag.

De uitstraling van het onaffe deel van het gebouw was niet goed voor de supermarkt, het gebouw en de wijk.

In opdracht van de supermarktketen wordt het commerciële deel van het gebouw gerenoveerd.

Ook hier is op zorgvuldige wijze gekeken naar een functionele inpassing met respect voor de oorspronkelijke uitgangspunten.

De renovatie van het gebouw is uiteindelijk in 2020 volledig voltooid.

Tijdens het Supermarktvastgoedcongres heeft Lidl ’t Karregat de prijs “mooiste supermarkt van Nederland” in de wacht gesleept.

Voor de negende keer vond het congres, dat georganiseerd wordt door platform Supermarkt en Ruimte, plaats.

Deze keer echter in een digitale vorm vanwege de huidige situatie in ons land en tijdens deze bijzondere editie mocht dus de supermarkt aan de Urkhovenseweg in Eindhoven zich kronen tot winnaar.

Dit filiaal is gevestigd in ’t Karregat; een cultuurhistorisch gebouw met een rijke geschiedenis die teruggaat naar de jaren ’70.

Het pand bestond toen nog uit één grote ruimte waarin twee scholen, een supermarkt, een bibliotheek en andere diverse faciliteiten voor in de buurt in elkaar overvloeiden.

In 2010 werd er gestart met de renovatie van het bijzondere pand.

Daarbij was het wel van belang dat de kenmerken gewaard moesten blijven.

Na een verbouwing en daaropvolgende huisvesting van een basisschool en kinderopvang heeft Lidl ons in 2018 de opdracht gegeven om het bestaande filiaal te gaan verbouwen en in te passen in de architectuur van ’t Karregat.

En dat is meer dan gelukt!

Mede door de hoge transparante gevel en de prachtige glazen piramides op het dak komt er veel daglicht binnen in de winkel.

Wat deze Lidl vooral bijzonder maakt is de integratie van een moderne supermarkt in een cultuurhistorisch pand met uitgesproken kenmerken.

De jury was dan ook erg onder de indruk van deze vorm van duurzaamheid.

De uitslag maakt Harm van Oorschot, directeur Vastgoed bij Lidl Nederland erg trots: “Dit was een project waarbij we op prettige wijze nauw hebben samengewerkt met de gemeente Eindhoven, architectenbureaus Diederendirrix, En|En Architecten en BanBouw.

Het gaat hier om een monumentaal gebouw dat we samen met de gemeente opnieuw hebben ingericht.

Kenmerkend aan dit gebouw zijn de glazen gevels, de houten dakconstructies en het dak met de paraplu’s in de oorspronkelijke kleuren van kunstenaar Pierre van Soest.

Duurzaamheid staat bij Lidl Nederland hoog in het vaandel.

Het filiaal is voorzien van 460 zonnepanelen, 100% LED-verlichting en volledig gasvrij.

Daarnaast wordt het energieverbruik constant gemonitord en krijgen alle medewerkers scholing over hoe zij energiebewust kunnen werken.

Ook het afval wordt vanzelfsprekend gescheiden.

Op basis van een uitgebreid locatiebezoek en beoordeling op basis van objectieve criteria door de voltallige jury zijn de genomineerde supermarkten geselecteerd.

Het doel van de uitverkiezing is om de aandacht voor architectuur en vormgeving bij de ontwikkeling van supermarktvastgoed verder te vergroten.

In 't Karregat in de nieuwe, 'ultramoderne' buurt Herzenbroeken kon je voor van alles terecht.

't Karregat werd ontworpen door architect Frank van Klingeren.

Vanaf de buitenkant zie je al dat het een bijzonder gebouw is: het dak bevat 33 papaplu-achtige puntvormen met een glazen daklichten.

De kleuren zijn ook bijzonder, het kleurontwerp werd gemaakt door kunstenaar Pierre van Soest.

Alles bij de handHet wijkcentrum werd vormgegeven als een grote, open ruimte, waarin verschillende functies zouden samenkomen.

Zo was er plek voor een supermarkt, verschillende kleinere winkels, sportzalen, medische voorzieningen zoals een consultatiebureau en een huisartsenpraktijk en ook een crèche en basisschool.

De plaatselijke bibliotheek was ook in het centrum te vinden.

Helaas bleek het concept met de open ruimte niet goed te werken: de scholen werden door de inspectie afgekeurd.

Na nog een verbouwing is sinds 2020 is er weer een grote supermarkt te vinden in 't Karregat.

In de zomer van 2020 opende de Lidl supermarkt in het multifunctionele centrum ’t Karregat.

Deze opening vormde het sluitstuk van een lange renovatie van een legendarisch wijkcentrum.

Voor het ontwerp tekenden de Eindhovense architectenbureaus diederendirrix en architecten|en|en.

Het wijkcentrum, opgeleverd in 1973, verenigde oorspronkelijk twee basisscholen (één openbare en één katholieke), een bibliotheek, een wijkcentrum, een supermarkt en een café onder één groot dak.

't Karregat vormt het multifunctionele hart van de wijk Herzenbroeken die in de jaren 1968-1973 werd gerealiseerd.

De grootschalige stadsuitbreidingen in met name Woensel in de jaren 1960-1970 werden opgeleverd werden als monotoon en saai ervaren.

Herzenbroeken zou daarentegen experimenteel van karakter moeten zijn: een nieuwe vorm van wonen en werken, die ook een nieuwe impuls kon geven aan het ideaal van de wijkgedachte.

De eerste 269 laagbouwwoningen hadden vernieuwende plattegronden en werden gebouwd met een industrieel bouwsysteem, ontwikkeld door architectenbureau Inbo en bouwbedrijf Neduco uit Helden-Beringe.

De ruimtelijke opzet van de wijk is met veel aandacht voor groen, paden en speelvelden ontworpen.

De auto was ondergeschikt aan de voetganger.

De woningen werden rond een centrale groene ruimte gegroepeerd (afbeelding).

Het omvangrijke binnenterrein werd aan de noordzijde begrensd door galerijflats, terwijl in het hart op een verhoogde locatie de wijkvoorzieningen waren voorzien.

Voor het ontwerp van het voorzieningengebouw werd het bureau van architect Frank van Klingeren benaderd.

Een architect met een opmerkelijke visie en missie: mensen elkaar laten ontmoeten.

Zijn grootste zorg was de teloorgang van het publieke domein als de ruimte voor ontmoeting en dialoog.

Hij zag dat in de jaren zestig iedereen zich terugtrok in zijn eigen sociale leefwereld.

Die zorg werd meteen ook zijn belangrijkste drijfveer.

Uit al zijn projecten spreekt de aandacht voor het gemeenschappelijke.

Architectuur moest voor hem bijdragen aan wat hij ‘ontklontering’ noemde.

Door uiteenlopende activiteiten niet of nauwelijks fysiek af te schermen was er vanzelf meer openbaar.

De hinder die daardoor ontstond, was in zijn ogen geen nadeel.

Voor het multifunctionele centrum in Herzenbroeken stelde Van Klingeren in eerste instantie open dakconstructie voor, en niet meer dan dat.

In een interview zei hij hierover: ‘wij hebben de heren laten weten dat ons advies luidde: Jullie hebben alleen maar een dak nodig.

Als je bovenop zo’n dak een stel kramen en caravans neerzet en onder het dak een stel marktkramen, dan kan iedereen winkelen.

In een toelichting op de open dakconstructie refereerde Van Klingeren aan het Parijse Bois de Boulogne waar de marktkramen onder de platanen staan.

De kenmerkende stalen paraplu’s die de uiteindelijke constructie van ‘t Karregat zouden gaan vormen noemde de architect ‘kunstmatige’ platanen.

Dit conceptplan stuitte echter op weerstand.

Er zou in ieder geval sprake moeten zijn van een omsloten binnenruimte.

In het plan dat Van Klingeren als antwoord hierop in 1971 presenteerde zijn de paraplu’s in een regelmatig vierkant raster geplaatst.

Ze vormen samen met tussenliggende platte vlakken één dak.

Dit dak wordt gedragen door stalen dragers, de ‘paraplu’s, waartussen simpele stalen vakwerkliggers zijn aangebracht.

De paraplu’s staan in een raster van 14,40 x 14,40 meter.

De paraplu’s zelf hebben een grondvlak van 7,2 meter bij 7,2 meter en steken door het dak.

Ze waren oorspronkelijk afgedekt met draadglas.

Zo kon licht diep in het gebouw binnendringen.

Een grote zitkuil markeerde het hart van het gebouw.

Kunstenaar Pierre van Soest, met wie Van Klingeren vaak samenwerkte, ontwierp de kleuren voor de paraplu’s.

't Karregat ontleent zijn naam aan de heuvel waarop het multifunctionele centrum met supermarkt is gebouwd.

Van Klingeren vertelde in een interview in 1973 dat hij droomde dat de wijkbewoners een ander gedragspatroon zouden gaan ontwikkelen, en dat de groene zone een soort ‘woonkamer van de wijk zou moeten worden’.

In zijn idee zouden de boodschappenkarretjes van de supermarkt een soort witkarren moeten worden.

Ouders konden deze dan volgeladen de heuvel laten afrollen, en de kinderen konden vervolgens de lege karratjes weer de heuvel opduwen.

P. Ramp en M. Boersma, ontwerpers bij de Afdeling Plantsoenen van de gemeente Eindhoven, waren verantwoordelijk voor het ontwerp en invulling van het groene middengebied in de wijk.

Het geplande groen vertakte zich vanuit het centrale gebied naar het zuiden, oosten en westen.

De kronkelige wandelpaden sloten aan op de woonpaden van de wijk en leidden naar de centrale verharde ruimte rond ’t Karregat.

Het terrein werd omgevormd tot lichtglooiende heuvels.

Daarbij werd het overschot aan grond gebruikt om aan weerszijden van de Broekakkerseweg een verhoging aan te brengen.

Van Klingeren suggereerde hier een bruggetje aan te brengen, dat uiteindelijk ook is gerealiseerd.

Het ontwerpen van het wijkgroen gebeurde in overleg met de bewoners, tijdens inspraakavonden.

De ontwerpers van de Afdeling Plantsoenen zochten een manier om met bewoners in gesprek te gaan.

Luisterend en schetsend op blanco vellen.

In een interview zei Boersma over dit proces: ‘Als je met een kant en klaar plan kwam, dan werd het van te voren afgebrand.

’t Karregat was een gebouw dat bewust niet af wilde zijn.

Buurtbewoners moesten er als het ware nog aan kunnen sleutelen.

In een lezing in maart 1973 gehouden voor Studium Generale aan de toenmalige TH verwoorde Van Klingeren het als volgt: ‘zou de onafheid geen grotere uitdaging vormen dan de voltooiing. (…) het gaat er niet meer in de eerste plaats om wat men bouwt maar hoe men tot de realisatie komt.

Het leek te werken.

Het centrum bruiste na de opening in 1973.

Tal van activiteiten werden er georganiseerd.

Er waren carnavalsfeesten, jazzoptredens, koffieconcerten en filmvertoningen.

Toch stapelden zich vrij snel na de oplevering de praktische problemen op.

Met name het idee van de ‘school zonder muren’ bleek niet te functioneren.

De twee scholen moesten bijvoorbeeld op hetzelfde moment handwerklessen geven omdat het gehamer anders de andere lessen oorverdovend overstemde.

Behalve van geluid had men ook last van stof, droge lucht en vuil.

Een jaar na de oplevering werden de meest lawaaierige lokalen (handenarbeid en gym) afgescheiden van de rest van het gebouw.

Na allerlei provisorische oplossingen om de overlast te beperken volgde na vier jaar al een grote verbouwing.

Er werden muren geplaats waardoor ‘besloten’ klassikaal onderwijs mogelijk werd.

In deze aangepaste vorm functioneerde ’t Karregat nog tot aan het begin van de jaren negentig.

TToen wenste de supermarkt meer oppervlakte.

Ook ging men twijfelen aan de culturele functie als evenementenhal.

Er volgde een ingrijpende verbouwing die resulteerde in afzonderlijk exploiteerbare ruimtes elk met een eigen ingang.

Het wijkcentrum werd letterlijk dichtgezet met muren, zowel binnen als buiten.

Na ongeveer drie decennia bleek deze verzameling afzonderlijk ruimtes niet meer goed te werken.

De gemeente liet in 2007 onderzoek doen naar de historische waarde van ’t Karregat.

Het onderzoek concludeerde aan de ene kant dat ’t Karregat een belangrijke betekenis heeft gehad voor de wijk Herzenbroeken.

De toevoegingen en aanpassingen door de gebruikers werden daarentegen gezien als aantasting van de authenticiteit van het originele open karakter van het gebouw.

Naar aanleiding van het onderzoek schreef de gemeente Eindhoven in 2010 een Europese aanbesteding uit om ’t Karregat nieuw leven in te blazen.

De gemeente wilde een einde maken aan de treurige architectonische conditie en belabberde bouwkundige staat waarin het gebouw verkeerde.

Bovendien was het herstellen van de relatie tussen ’t Karregat en de wijk een belangrijk aandachtspunt.

De architecten moesten zich met hun aanpak gaan verhouden tot de oorspronkelijke uitgangspunten van Van Klingeren voor het wijkcentrum.

Zijn oorspronkelijke ideeën over collectiviteit wel te restaureren, vraagt Leo van Oorschot zich af in een beschouwing over de erfenis van Van Klingeren op Archined.

‘Steen, staal en gips zijn te herstellen, maar hoe zit het met de ideeën die ertoe hebben geleid dat het steen, staal en gips zijn specifieke vorm kreeg?

Van de vijf geselecteerde architecten uit de eindronde koos de gemeente de architectencombinatie diederendirrix en architecten|en|en als winnaar van de aanbesteding voor de renovatie van het niet-commerciele deel van ’t Karregat.

De architecten waren zich goed bewust van het dilemma dat Van Ooschot schetste.

In hun ontwerptoelichting schrijven ze: ‘Wij zien rigoureus ingrijpen met sloop of het toevoegen van bouwvolume als ongepast.(…) Herstellen van het oorspronkelijke ontwerp van Van Klingeren met de huidige bouwkundige kennis heeft geen zin.

De open ruimte heeft nooit goed gewerkt en de behoefte van huidige gebruikers en buurtbewoners is flink veranderd.

Een complexe opgave dus die de architecten beantwoordden met enkele heldere uitgangspunten voor de renovatie.

De architectencombinatie stelde voor om het gebouw te herstellen en te verduurzamen volgens het originele basisontwerp van Van Klingeren met drie aandachtspunten: 1. Herstel en verduurzaming vloer, de draagconstructie en het dak. 2. Nieuwe binnen- en buitenwanden met een open uitstraling. 3. De nieuwe dakisolatie en het dakbedekkingsmateriaal is zo licht mogelijk gehouden, vanwege de minimale vormgeving van Van Klingeren.

De houten dakrand is in materiaal, maat en detaillering gelijk gebleven aan de originele situatie.

De flexibele hemelwaterafvoerpijpen aan de dakspanten zijn eveneens in originele uitvoering hersteld.

De ranke, stalen parapluconstructie gerestaureerd en geïsoleerd.

De kappen van de paraplu’s zijn voorzien van halftransparante kunststof panelen, die voldoen aan de huidige bouwfysische eisen.

De rest van de constructie is ingepakt met glas.

Dit voorkomt stofoverlast, koudeval en warmte-overlast, en laat tegelijkertijd daglicht binnenvallen.

De paraplu’s werken als lantaarns met elk een andere kleur.

In samenwerking met TGM uit Asten ontwierpen we een kozijnsysteem om het glas te laten aansluiten op de staalconstructie.

De binnenzijde van de paraplu is toegankelijk via een luik.

Aan de bovenzijde zijn ventilatiespleten opgenomen, zodat de temperatuur in de paraplu beheersbaar blijft.

Onder het dak maakten we nieuwe ruimtes met een uniform binnenwandsysteem.

Waar het moet vulden we dit met dichte grijze wandpanelen, waar het kan met open glazen stroken.

Het binnenwandsysteem sluit zorgvuldig aan op de paraplu-constructie.

De binnenwanden van glas en de met glas beklede paraplu-constructies maken doorkijken naar een andere ruimte mogelijk.

Sinds 2010 zijn de omvang van de functies en ambities van de gebruikers van ’t Karregat aan verandering onderhevig.

Tot het programma van eisen behoorde in eerste instantie een nieuwe sportzaal volgens de eisen van het NOC*NSF, een bibliotheek en een supermarkt.

Langzaamaan werd het programma uitgekleed.

Een sportzaal volgens de strenge eisen past op geen enkele manier in de bestaande structuur.

Door een reorganisatie zijn de nevenvestigingen van de centrale bibliotheek in de verschillende wijken opgeheven en in 2013 haakte ook de supermarkt af.

Zij wilden niet meewerken aan de vernieuwing van het pand.

Dit was voor de gemeente het teken om het hele project af te blazen.

Nieuwbouw voor de school met een kinderdagverblijf en enkele wijkvoorzieningen leek op dat moment veel eenvoudiger en goedkoper.

Samen met de onderwijsinstellingen hebben wij als ontwerpteam gepleit om ’t Karregat te behouden.

De betekenis van het gebouw voor de wijk is groot.

De geschiedenis van het gebouw is de geschiedenis van de wijk.

Uiteindelijk hebben we samen de gemeente overtuigd en nam zij de moedige beslissing om slechts de helft van ’t Karregat aan te pakken.

De ruimte van de voormalige bibliotheek bestemden wij als winkelruimte en deze wordt net als de overige commerciële voorzieningen voorlopig niet aangepakt.

Ook het bescheiden buurtontmoetingscentrum wordt niet gerealiseerd.

De oude gymzaal knappen we minimaal op.

De school en het kinderdagverblijf hebben wij wel volledig vernieuwd, maar ook dat plan is deels aangepast.

Het slechts half aanpakken van het gebouw en het feit dat een deel moest blijven functioneren, maakte de uitvoering complex.

Ook de verhuisbewegingen van de school vereisten een strakke planning.

Bij de heropening van ’t Karregat in het najaar van 2015 is het gebouw opnieuw niet af.

In 1973 was het onaffe gebouw een basis om een gemeenschap tot ontplooien te brengen.

De nu uitgevoerde verbouwing toont aan hoe een grondige opfrissing het gebouw opnieuw klaar kan maken voor de toekomst.

Functies hebben een eigen ruimte, terwijl we toch de geest van het oorspronkelijke plan respecteren.

Leerlingen, ouders, leerkrachten en bestuur van school en het kinderdagverblijf zijn dan ook zeer tevreden met de vernieuwing.

Ons systeem voor aanpak is nu ontwikkeld en beproefd met een fris en functioneel resultaat.

Het kan eenvoudig ook op de andere delen worden toegepast.

De bestaande functies in ’t Karregat blijven min of meer gehandhaafd.

Onder het dak situeren we de oude functies in ons nieuwe plan ook min of meer dezelfde plek.

De onderwijsvoorzieningen aan de oost- en zuidzijde, de winkels aan de westzijde en de buurtvoorzieningen aan de noordzijde.

Aan het begin van het ontwerpproces was al duidelijk dat de wijk geen behoefte meer had aan een grote multifunctionele ruimte.

De ‘kuil’ werd al jaren niet meer gebruikt en het draagvlak in de wijk was te klein om een nieuwe organisatie op te zetten.

De geplande kleinschalige buurtfaciliteiten zijn qua omvang en gebruik te klein en te beperkt om als middelpunt van het wijkgebouw te dienen.

Het oppervlak aan publieke functies is door deze aanpassing drastisch verminderd.

Ter plekke van de voormalige ‘kuil’ verwijderden wij een deel van het dichte dakvlak en lieten wij twee paraplu-constructies onbekleed.

Het nieuwe middelpunt van het gebouw is in ons ontwerp geen overdekte buitenruimte meer, maar een onoverdekte binnenruimte: een patio.

De school, de peuterspeelzaal, de gymzaal en een (relatief bescheiden) buurtontmoetingsplek omsluiten de patio.

Zij kunnen de buitenruimte naar eigen wens gebruiken.

Door de patio is het nu ook mogelijk om alle functies een plek met daglicht te geven.

Wij maakten een helder entreegebied in het gebouw met aan de noordkant een prominente entree voor automobilisten en aan de zuidkant voor voetgangers en fietsers.

Vanuit dit gebied zijn alle functies in het gebouw bereikbaar.

Aan de noord-, zuid- en oostkant van het gebouw hebben de school en de peuterspeelzaal een aantal informele ingangen aan de kiss-and-ride-zone en parkzijde.

Het park dient ook als speelplein voor de schoolkinderen en is rechtstreeks vanuit een groot aantal klaslokalen bereikbaar.

Van Klingeren zat ernaast met zijn maakbaarheidsprincipes, maar hij ontwierp een gebouw dat grote kwaliteiten heeft en tot de dag van vandaag aanpassingen assimileert.

Wij hebben het gebouw aan-gevuld met nieuwe bouwkundige elementen, onder het bestaande dak met de bijzondere stalen constructie.

Het nieuwe systeem van binnenwanden en gevelpuien maakt aanpassingen en uitbreiding eenvoudig mogelijk in de toekomst.

Als architecten hebben wij bij de restauratie en renovatie van ’t Karregat gezocht naar het meest haal-bare plan, dat architectonische kwaliteit combineert met functionaliteit, voor nu en in de toekomst.

Samen met gebruikers zoeken naar optimale ontwerpoplossingen en een goede realisatiestrategie waarin de culturele, economische en maatschappelijke context tot hun recht komen, is nu de taak van de architect.

Infographic: Historische evolutie van ’t Karregat met tijdlijn en dakparaplu’s

tags: #verbouwing #karregat #eindhoven