Voedererwten spelen een steeds grotere rol in het bouwplan van akkerbouwers en melkveehouders. Ze dragen bij aan een betere bodemstructuur, leveren eiwit en energie voor koeien en versterken de penswerking. In dit overzicht combineren we uit de gegeven tekst de belangrijkste stappen, tips en overwegingen voor een succesvolle teelt van gras-erwten en erwten als ingebouwde legplant in mengteelten.
Waarom gras-erwten en erwten in het bouwplan?
Ids de Groot, akkerbouwer en melkveehouder, benadrukt dat het bouwplan volledig in dienst staat van de aardappelteelt en dat gras-erwten zorgen voor een goede bodemstructuur en voeding voor koeien. De teelt levert zowel eiwit als energie in één mengsel: de drogestof ligt doorgaans rond de 40 tot 45%, het VEM-gehalte rond de 930 en het mengsel bevat ongeveer 15% ruw eiwit en 200 gram zetmeel. Daarnaast bevordert gras-erwten een goede penswerking en kunnen ze als navrucht de groei van pootaardappelen stimuleren.
Bedrijfssamenwerking en teeltplanning
Bij De Groot wordt het bouwplan samen met andere akkerbouwers gerealiseerd, waarbij niet alleen naar eigen percelen wordt gekeken maar vooral naar de behoeften van de koeien. Vanaf 2015 werd tussen de 10 en 15 hectare gras-erwten geteeld op percelen die minimaal twee jaar in gebruik waren. Dit leverde tot nu toe positieve ervaringen op, al was men dit jaar soms iets jammer dat het niet lukte.
Zaaivraag en rassenkeuze
Hoogland BV levert het zaaizaad gras-erwten; de teelt is relatief eenvoudig en vraagt weinig kunstmest. Voor een maximaal rendement van circa 14 ton drogestof eindig je na twee snedes gras na de oogst eind juli, waarbij onkruidbestrijding serieus moet worden genomen door op een schoon perceel te beginnen en in het vroege voorjaar te spuiten. Zaai liever wanneer de grond droog genoeg is; de beste opbrengst bereik je op percelen met een goede bodemstructuur. In GPS-mengteelt kan het gewas goed gecombineerd worden met zomergerst, haver of gras.
Rasselectie en producteigenschappen
Limagrain (LG) is een belangrijke veredelaar met rassen die zich onderscheiden op opbrengst, kwaliteit en landbouwkundige performance binnen duurzame teeltsystemen. Rassen zoals Carrington, Orchestra en Astronaute zijn genoemd als voorbeelden van erwtensoorten met specifieke eigenschappen:
- Carrington: donker groene erwt, rondzadig, geschikt als spliterwt, semi-bladloos; dorsen droog mogelijk.
- Orchestra: witbloeiende half-bladloze erwt, geelkorrelig, hoge opbrengst en hoog eiwitgehalte; goede standvastigheid.
- Astronaute: semi-bladloze erwt, hoge korrel- en eiwitopbrengst, snelle onkruiddrukking door vlotte groei.
Teeltomstandigheden en bemesting
Erwten kunnen op zowel zand- als kleigronden geteeld worden. Belangrijk is de pH-waarde: zandgronden minimaal pH 5,4 en kleigronden minimaal pH 6. Erwten zijn vlinderbloemig en binden stikstof uit de lucht; een N-startgift van 25 kg N is alleen nodig op gronden met pH lager dan 6, omdat rhizobium-bacteriën dan minder goed kunnen werken. Fosfaatbehoefte ligt tussen 40-60 kg P2O5, met 100-130 kg K2O, 20-50 kg MgO en 20-40 kg S als aanvullende voedingsstoffen.
Erwten zijn gevoelig voor mangaangebrek; een bladbespuiting kan daarom aan te bevelen zijn. Bladrandkevers kunnen in het kiemplantstadium schade veroorzaken, terwijl later ook groene erwtenluis en zwarte bonenluis kunnen optreden, vooral tijdens en net na de bloei.
Aanplant, gewasbescherming en oogst
De zaaidiepte ligt op 5 cm op lichte gronden en 3 tot 5 cm op zwaardere gronden; 5 cm is aan te bevelen bij wiedeggen en om vogelschade te beperken. Bij vroege zaai worden 80-90 zaden per m2 gezaaid; bij late zaai kan dit iets lager uitvallen. Een goede onkruidbestrijding begint bij een schoon perceel en moet vroeg in het voorjaar plaatsvinden.
De opbrengstverwachting ligt op 14 ton drogestof inclusief twee maaireden na de oogst van de gras-erwten eind juli. De gewassen zijn ook geschikt voor mengteelt in GPS, wat gezond en eiwitrijk oplevert. Droog te oogsten erwten worden in Nederland verwerkt voor veevoer en de voedingsmiddelenindustrie, met export naar landen rondom de Middellandse Zee als deel van de afzet.
Belangen in een geïntegreerde systemen en toekomstperspectief
Erwten leveren punten binnen het GLB als toegestaan rustgewas en eiwitbron, waardoor ze als low-input teelt worden gezien. De groeiende vraag naar plantaardig eiwit biedt extra afzetmogelijkheden voor akkerbouwers. In een Europees netwerk worden nieuwe rassen ontwikkeld met betere opbrengstpotentie, droogtetolerantie en ziekteresistenties, terwijl tegelijk gewerkt wordt aan een beter verdienmodel voor eiwitteelt.
Een belangrijk aspect van de teelt is de combinatie met andere gewassen zoals GPS-mengteelt. Hiermee kan een gezonde, eiwitrijke oogst gerealiseerd worden die bijdraagt aan de voederwaarde van melkvee en aan de duurzaamheid van het akkerbouwsysteem.

Planting line for cuttings - Vreugdenhil
Technische samenvatting van teeltparameters
- Zaaidiepte: 3-5 cm, 5 cm bij bepaalde veldomstandigheden
- Zaaiaantal: 80-90 zaden per m2 (vroegzaai); mogelijk lager bij late zaai
- Grondsoorten: zand- en kleigronden; pH zand minimaal 5,4; pH klei minimaal 6
- Bemesting: 40-60 kg P2O5, 100-130 kg K2O, 20-50 kg MgO, 20-40 kg S; N-startgif 25 kg N op pH < 6
- Opbrengst: tot circa 14 ton drogestof, inclusief gras na oogst eind juli