Sinds 1 januari 2015 werd ‘de ingrijpende energetische renovatie’ ingevoerd voor werkzaamheden aan bestaande gebouwen met stedenbouwkundige vergunning of melding vanaf die datum. In de praktijk is dit niet altijd zo eenduidig. Naast energieprestatie-eisen voor nieuwbouw gelden er ook eisen bij renovaties. Onderstaande uiteenzetting is een samenvatting van de wettelijke eisen voor renovaties in het Bouwbesluit. Renoveren is het gedeeltelijk vernieuwen, veranderen of het vergroten van een bouwwerk. Volgens het Bouwbesluit, artikel 5.6 lid 1, geldt voor thermische isolatie het rechtens verkregen niveau, met als ondergrens Rc = 1,3 m2K/W.
Een ingrijpende renovatie is het geheel oprichten of geheel vernieuwen van een hoofd dak of van een bijbehorend bouwwerk, als bedoeld in bijlage II bij het Besluit omgevingsrecht. Een (gedeeltelijke) vernieuwing, verandering of vergroting van het technisch bouwsysteem (installatie) systeemrendementen (artikel 6.55 Bb, tabel 6.55). Bij een ingrijpende renovatie gelden, voor de delen van de bouwschil die ingrijpend worden gerenoveerd, de nieuwbouwvoorschriften uit artikel 5.3 lid 1 t/m 7. Dit betekent een Rc-waarde van 6,0 m²K/W voor een dak, Rc 4,5 m²K/W voor gevels en Rc 3,5 m²K/W voor een vloer.
Voor ramen, deuren en kozijnen die onderdeel zijn van de ingrijpende renovatie geldt een maximale U-waarde van 2,2 W/m²K met een gemiddelde van 1,65 W/m²K/W voor de te renoveren gevelopeningen. Van belang hierbij is het verschil tussen dit voorschrift en het tweede lid. Wordt alleen de isolatie vervangen dan geldt het tweede lid en de daar genoemde minimale waarden. Wordt de drager van de isolatie (deels) mee vervangen, dan kan sprake zijn van een ingrijpende renovatie en dan gelden voor dat specifieke deel dus de nieuwbouweisen.
Het na-isoleren van een ongeïsoleerd dak (/gevel/vloer): De eis is hierbij afhankelijk van of er wel of geen sprake is van een ingrijpende renovatie. Bij een ingrijpende renovatie geldt conform artikel 5.6 lid 4 de nieuwbouweis (Rc > 6,0 m²K/W voor een dak). Als er geen sprake is van een ingrijpende renovatie, geldt op grond van artikel 5.6 lid 1 een minimale Rc-waarde van 1,3 m²K/W. Artikel 5.6 lid 2 is niet van toepassing.
Specifiek voor woonfuncties gelden de volgende uitzonderingen op bovenstaande: Nieuwe uitbouw of nieuw bijgebouw bij bestaande woning: Van toepassing: artikel 5.6, lid 3. De nieuwbouwvoorschriften uit artikel 5.3, lid 1 tot en met 7 gelden. Dit betekent dat het dak van de uitbouw een Rc-waarde van 6,0 m²K/W moet hebben, de gevels een Rc van 4,5 m²K/W en de vloer een Rc van 3,5 m²K/W. Voor de ramen, deuren en kozijnen van de uitbouw geldt een maximale U-waarde van 2,2 W/m²K met een gemiddelde van 1,65 W/m²K/W voor de uitbreiding.
Plaatsen van nieuwe dakkapel op bestaande woning: Van toepassing: artikel 5.6, lid 3. De nieuwbouwvoorschriften uit artikel 5.3, lid 1 tot en met 7 gelden. Dit betekent dat het dak van de dakkapel een Rc-waarde van 6,0 m²K/W moet hebben. De zijwangen moeten een U-waarde van maximaal 1,65 W/m²K hebben.
Voor woningen gebouwd voor 1993 is een asbestinventarisatie nodig voordat er een dakrenovatie uitgevoerd mag worden. Misschien weet u dat het woningwaarderingsstelsel gaat veranderen en dat de energieprestatie van een woning mee gaat tellen bij de verkoop- en / of huurprijs. Dit gaat op termijn zeker gevolgen hebben. Een woning met een hoog energielabel wordt hoger gewaardeerd dan een woning met een lager energielabel. En levert dus meer op. Ruimte winnen is natuurlijk niet uw enige voordeel. Goede na-isolatie bij renovatie betekent ook dat uw woning of woningbestand in waarde vermeerdert.
In de 19e eeuw had iedereen een hout- of kolenkachel, die in de 20e eeuw is vervangen door steeds ingewikkeld wordende installaties. Deze verwarmt de binnenlucht die daarna door de ventilatiebox weer naar buiten wordt geblazen, dit is een continu proces en daarom niet heel efficiënt zou je zeggen. Toen is bedacht die ventilatie vraaggestuurd te maken en de CV ketel te vervangen door een warmtepomp met laagtemperatuurverwarming, het liefst laten we die systemen nog met elkaar ‘praten’. Naast de afhankelijkheid van die installaties wordt ook nog, de in de zomer opgewekte zonnestroom, gesaldeerd met grijze stoom die we in de winter gebruiken. Nog steeds niet ideaal dus.
Het alternatief is het extra goed isoleren en kierdicht maken van de schil. In het de door ons omringende landen is passief bouwen al standaard en in geval van nieuwbouw -door de grote keuze in materialen- niet per definitie duurder dan een traditioneel gebouwd gebouw. Bij renovatie ligt dit, ondanks de soepelere norm, anders dan bij nieuwbouw. Passief renoveren is over de gehele gebruiksduur gerekend vaak niet duurder, maar qua investering vaak wel. Dit geldt natuurlijk ook voor nieuwbouw waardoor bij gelijke bouwkosten de exploitatie altijd in het voordeel van een Passief gebouw uitvallen.

Een passief gebouw is extra goed geïsoleerd, kierdicht uitgevoerd en voorzien van drievoudig glas. De passieve bouwmethode zegt niets over het materiaalgebruik maar gaat over het netto energieverbruik per vierkante meter en het maximale primaire energieverbruik per jaar. De schil van het gebouw kan derhalve met synthetische-, minerale- of biobased (isolatie-) materiaal worden gebouwd en geïsoleerd. Passieve gebouwen zijn voorzien van zeer goede ventilatiesystemen met warmteterugwinning. Door een bijzondere ventilatie-installatie wordt steeds evenveel verse lucht ingebracht als vuile lucht wordt afgezogen. Daardoor kan de warmte van de verwarmde binnenlucht in het stookseizoen worden overgedragen aan de binnengebrachte frisse buitenlucht.

Een passief gebouw wordt op het zuiden georiënteerd. Afwijken van 20 tot 30 graden van het zuivere zuiden zijn nog toegestaan. De zonnebaan heeft hiervoor een interessant ingebouwd regelmechanisme. In het zuiden staat de zon in de winter veel lager aan de hemel dan in de zomer. Een passief gebouw heeft ook interne zonering. Dat wil zeggen dat ruimten waar warmte gewenst is aan de zuidkant liggen. Ruimten die warmte produceren of geen warmte nodig hebben liggen aan de noordkant.
De gebouwschil is de grens tussen de buitenwereld en de binnenzijde van een bouwwerk. Renoveert u een woning of een gebouw? Voor de vereiste minimumwaarde HE kijkt u naar de verhouding tussen het dakoppervlak en de gebruiksoppervlakte na de ingrijpende renovatie. Daarnaast bepaalt u met de rekentool hoeveel zonnepanelen nodig zijn om aan de verplichting te voldoen. Tot de mogelijkheden behoren PV-panelen, een (hybride) warmtepomp en/of een zonneboilersysteem.
In het ontwerpbesluit tot wijziging van het Bouwbesluit 2012 en het Besluit bouwwerken leefomgeving is de verplichting tot opwekking van hernieuwbare energie bij ingrijpende renovatie opgenomen. De RED II-richtlijn en de Nederlandse implementatie bepalen wanneer en hoe deze eis geldt. De concrete definitie van ingrijpende renovatie volgt uit de regeling: meer dan 25% van de gebouwschil vernieuwen, veranderen of vergroten, en deze vernieuwing moet de integrale buitenschil betreffen.

- Artikel 5.6 Bouwbesluit 2012 bepaalt de basis voor renovatie-eisen en de toepassing van nieuwbouwvoorschriften bij ingrijpende renovatie.
- Het rechtens verkregen niveau geldt als ondergrens; nieuwbouwniveau geldt als bovengrens voor de betrokken delen van de bouwschil.
- De minimumwaarde voor hernieuwbare energie geldt alleen als er een technisch bouwsysteem voor ruimteverwarming of -koeling aanwezig is of wordt vernieuwd.
Bij functiewijziging wordt de gebruiksfunctie van een gebouw aangepast en gelden de bestaande bouw-eisen van de nieuwe functie. Als er geen verbouwing nodig is, is een vergunning mogelijk niet nodig; bij wel verbouwen kan vergunningplicht ontstaan. Rookmelders zijn een aparte eis bij woonfuncties, ook bij functiewijziging naar woonfunctie. De regels voor de verbouw zijn altijd gericht op het deel van het bouwwerk dat daadwerkelijk wordt gewijzigd.
Uitbreidingen zoals een dakkapel of uitbouw volgen de nieuwbouwvoorschriften en de integrale bouwschil. Bij een uitbreiding geldt doorgaans het rechtens verkregen niveau als uitgangspunt voor de overige delen; soms gelden specifieke minimumeisen (zoals Rc of U-waarden) voor de uitbreiding zelf. Een buitenvoordeur in een rijtjeswoning valt onder dezelfde regels als het rechtens verkregen niveau.
Belangrijke elementen en samenvatting
- Ingrijpende renovatie vereist meestal nieuwbouwniveau voor de buitenschil als meer dan 25% vernieuwt.
- Rc-waarden: dak 6,0; gevel 4,5; vloer 3,5 m²K/W; ramen/deuren/kozijnen max U-waarde 2,2 W/m²K.
- Bouwbesluit 5.6 regelt het rechtens verkregen niveau als ondergrens en nieuwbouwniveau als bovengrens voor de betrokken delen.
- Minimumwaarde hernieuwbare energie geldt bij ingrijpende renovatie wanneer een technisch bouwsysteem aanwezig is of wordt vernieuwd; berekening via rekentool van de RVO.
- Passief bouwen is vaak kosten- en energiewinst op lange termijn; isolatie, kierdichting en ventilatie met warmteterugwinning zijn kernpunten.
| Onderdeel | Nieuwbouwniveau (Rc of U) | Bij renovatie (percentueel) |
|---|---|---|
| Dak | Rc 6,0 | Ingrijpende renovatie vereist Rc > 6,0 |
| Gevel | Rc 4,5 | Ingrijpende renovatie vereist Rc > 4,5 |
| Vloer | Rc 3,5 | Ingrijpende renovatie vereist Rc > 3,5 |
| Ramen/Deuren/Kozijnen | U ≤ 2,2 W/m²K | Gemiddelde 1,65 W/m²K |