Om overdracht van micro-organismen tussen patiënten zoveel mogelijk tegen te gaan, houden ziekenhuismedewerkers zich aan basis hygiëne maatregelen, bijvoorbeeld het wassen en desinfecteren van de handen. Het verblijf in een ziekenhuis houdt in dat u in contact komt met ziekenhuismedewerkers, patiënten en apparatuur. In het ziekenhuis krijgt u te maken met bepaalde soorten micro-organismen (dat zijn bacteriën, virussen, gisten en schimmels) die u of uw medepatiënten van nature altijd al bij zich hebben.
Beschermende isolatie en bezoek
Tijdens een beschermende isolatie dragen medewerkers handschoenen, schorten, mondneusmasker, spatbril en eventueel een muts wanneer zij contact met u hebben. In principe blijft u op uw kamer. Onderzoeken die op een andere afdeling in het ziekenhuis plaatsvinden kunnen in principe gewoon doorgaan. Beschermende isolatie vindt plaats bij patiënten met een sterk verminderde afweer om besmetting en/of infectie met micro-organismen (bacteriën en virussen) te voorkomen. Alleen wanneer u zelf geen infectie heeft mag u een patiënt in beschermende isolatie bezoeken. Voor het betreden van de kamer desinfecteert u de handen. U draagt in de kamer beschermende kleding en een mondneusmasker. De beschermende kleding en het mondneusmasker worden bij het verlaten van de kamer (in de sluis) uit- en afgedaan. Alleen op indicatie gelden er voor bezoek aanvullende maatregelen.
Waarom isolatie noodzakelijk is
Het kan plezierig zijn om te lezen, te puzzelen, muziek te luisteren of iets dergelijks. Denk ook aan handwerkmateriaal, schrijfgerei en uw mobiele telefoon. Iemand uit uw naaste omgeving is (mogelijk) besmet met een micro-organisme die moeilijk te behandelen is. Om verspreiding van het micro-organisme naar andere patiënten in ons ziekenhuis te voorkomen, wordt de patiënt op een isolatiekamer verpleegd. Deze folder geeft algemene informatie over het bezoeken van een patiënt in een isolatiekamer. Waarom ligt de patiënt die u bezoekt in isolatie? De patiënt die u bezoekt, heeft (mogelijk) een micro-organisme bij zich die moeilijk te behandelen is, zoals de MRSA-bacterie.
MRSA en resistente micro-organismen
Een micro-organisme is een andere naam voor een bacterie waarvan wij veel soorten met ons meedragen. Bij een verminderde weerstand kunnen bacteriën infecties veroorzaken, zoals ontstoken wondjes. Dit soort infecties genezen in de regel vanzelf, soms is het nodig ze te behandelen met antibiotica. Patiënten die in isolatie verpleegd worden, hebben geen ‘gewone’ bacterie. Zij dragen een bacterie bij zich die ongevoelig (resistent) is voor de meest gebruikte antibiotica. Er zijn daarom nog maar enkele middelen die wél werkzaam zijn en waar zuinig mee om moet worden gegaan, omdat de bacterie anders ook ongevoelig kan worden voor deze middelen. Met name voor patiënten met een verminderde weerstand kan de bacterie risicovol zijn en daarom wordt er alles aan gedaan om verspreiding van deze bacteriën binnen ons ziekenhuis te voorkomen.
Overdracht en maatregelen
Resistente micro-organismen geven meestal geen ziekteverschijnselen bij gezonde mensen die deze bacterie bij zich dragen. Echter, bij mensen met een sterk verminderde weerstand of met een urinekatheter of wonden, kan een infectie ontstaan. Een infectie met een resistent micro-organisme is moeilijk te behandelen. In ons ziekenhuis worden maatregelen genomen om verdere verspreiding van resistente bacteriën naar andere patiënten te voorkomen. De resistente bacterie kan bijvoorbeeld via de handen of via materialen overgebracht worden van patiënt naar patiënt. Komt een patiënt met deze bacterie in aanraking, dan betekent dit niet dat de patiënt hierdoor een infectie krijgt. In het ziekenhuis liggen echter patiënten die een verminderde weerstand hebben door hun ziekte of door antibioticagebruik en voor wie een besmetting risicovol zou kunnen zijn.
Bezoek door zwangeren en kinderen
Zwanger, kan ik een patiënt in isolatie bezoeken? U en uw kind lopen geen risico op het krijgen van het micro-organisme wanneer u de instructie van de verpleging en/of instructiekaart (op de deur) volgt. Kinderen mogen, onder begeleiding komen, als ze zich aan de regels voor bezoekers houden.
Maatregelen voor bezoekers
Bezoek dient zich op de afdeling eerst te melden bij de verpleging. De verpleging informeert u dan over de voorzorgsmaatregelen die specifiek voor uw situatie gelden. Op de deur van de patiënt hangt een kaart met instructies (voorzorgsmaatregelen). De instructies worden met duidelijke pictogrammen weergegeven. Verder gelden er voor bezoek de volgende algemene voorschriften:
- Helpt u de patiënt bij de lichamelijke verzorging, dan moet u uw handen goed desinfecteren met handalcohol.
- Bezoekt u nog een andere patiënt, dan moet u eerst deze patiënt bezoeken voordat u naar de patiënt in de isolatiekamer gaat.
- Neem wasgoed in een gesloten zak mee naar huis en was deze op een normale temperatuur, er zijn geen bijzondere maatregelen nodig.
- Als de patiënt in aerogene isolatie, strikte isolatie of contact-druppel isolatie verpleegd wordt, moet het wasgoed op 60°C gewassen worden. Welke isolatie de patiënt heeft, staat boven de instructiekaart.
- Desinfecteer altijd uw handen met handalcohol bij het verlaten van de kamer.
Algemene en specifieke isolatiemaatregelen
Algemene voorzorgsmaatregelen zijn essentieel om infectiepreventie toe te passen. De werkgroep is van mening dat het uitvoeren van de infectiepreventiemaatregelen bij een patiënt in isolatie alleen kan als de randvoorwaarden om deze maatregelen toe te passen geborgd zijn in de organisatie. Voor druppel-, aerogene- en andere isolaties gelden verschillende PBM (persoonlijke beschermingsmiddelen) en kamerindelingen. De deur van de kamer kan open blijven staan bij druppelisolatie waar dit geen risico oplevert. Bij aerogene isolatie geldt een FFP2-mondneusmasker en een beschermende bril bij spatrisico, en het masker wordt opgedaan vóór het betreden van de kamer en afgedaan na vertrek uit de kamer. Na ontslag of opheffing van isolatie is een eindreiniging van de kamer meestal voldoende, met extra aandacht voor aangeraakte oppervlakken en sanitair.

Verpleging en cohortverpleging
Indien geen eenpersoonskamer beschikbaar is, kan cohortverpleging (meerdere patiënten in dezelfde ruimte met hetzelfde dragerschap) of eilandverpleging (verschillende isolatie-indicaties in één ruimte) toegepast worden. Afspraken over gedeeld sanitair en het reinigen en desinfecteren van gebruikte medische hulpmiddelen voorafgaand aan gebruik bij een andere patiënt zijn hierbij cruciaal. Bezoek dient zich te conformeren aan de afspraken; bij contactisolatie volstaat handhygiëne voor en na bezoek. Voor aerogene isolatie blijft de kamer na verlaten van de patiënt afgesloten totdat de luchtweerstand en ventilatie-eisen zijn voldaan. Uitleg over wasgoed, afvoer en reiniging staat in de richtlijnen Reiniging en desinfectie van ruimten en PBM-richtlijnen.

Lambrie en duurzaam gebruik van PBM
Het dragen van PBM kent duurzaamheidselementen; richtlijnen PBM en de richtlijn Handhygiëne & persoonlijke hygiëne medewerker geven de specifieke eigenschappen en toepassingen. Materialen dienen na gebruik correct gereinigd en gedesinfecteerd te worden; hergebruik zonder reiniging is af te raden. De toegevoegde waarde van het verplegen in een gesluisde isolatiekamer en het dragen van schorten en haarbedekking wordt kritisch beoordeeld, omdat dit interventies in zich heeft die de kosten en belasting voor medewerkers en patiënten beïnvloeden.
Trainingsvideo over persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM): Het aan- en uittrekken van PBM's - een verpleegkundige vaardigheid
Specifieke gevallen: LA-MRSA en MRSA-beleid
Bij MRSA-dragerschap worden infectiepreventiemaatregelen toegepast; MRSA-positieve patiënten verpleegd meestal in isolatiekamers met drukhiërarchie. Het beleid is gericht op het voorkomen van transmissie, met toepasselijke maatregelen afhankelijk van de setting en risico’s. In Noord-Brabant is beleid geïntroduceerd waarbij LA-MRSA in contactisolatie verpleegd kan worden onder voorwaarden zoals afwezigheid van huidlaesies en PVL-negatieve stam, met periodieke screening.
Behandelings- en bewijskrachtoverwegingen
De bewijskracht van studies naar LA-MRSA-retentie en transmissie is laag, maar modellen suggereren dat LA-MRSA zich minder snel verspreidt dan andere MRSA-stammen. Er is geen eenduidig bewijs voor of tegen het al dan niet gebruiken van gesluisde isolatiekamers bij MRSA-verpleging. Implementatie van maatregelen dient duurzaam en proportioneel te zijn en gericht op patiënten- en medewerkersveiligheid.
- MRSA-beleid gebruikt isolatie en PBM-voorzieningen om transmissie te minimaliseren.
- LA-MRSA biedt mogelijkheden tot versoepeling onder strikte randvoorwaarden en monitoring.
- Periodieke screening bij medewerkers en patiënten helpt bij vroegtijdige detectie en beheersing.
Persoonlijke verantwoordelijkheid en privacy
Geheimhouding en privacy zijn gewaarborgd door de medewerkers van het ziekenhuis. Patiënten krijgen duidelijke informatie en folders; bij vragen kunnen zij contact opnemen met de afdelingsverpleegkundige of infectiepreventieadviseurs.