Aanvulling pensioen na overlijden asbestslachtoffer: Rechten van nabestaanden

Asbestslachtoffers overlijden vaak snel, soms al binnen enkele maanden nadat ze ziek zijn geworden. Dit artikel heeft ten doel nabestaanden van asbestslachtoffers te informeren over de gevolgen voor de vorderingen op de aansprakelijke (vroegere) werkgever die het overleden asbestslachtoffer zelf niet meer geldend kan maken. Hoe zit het met de vorderingen die een slachtoffer na het ontstaan van een asbestziekte heeft?

Schadevergoeding voor asbestslachtoffers

Asbestslachtoffers die als werknemer in contact zijn geweest met asbest hebben recht op een schadevergoeding van de (vroegere) werkgever wanneer die werkgever onvoldoende maatregelen heeft genomen om de gezondheid van zijn personeel te beschermen. Het Instituut Asbestslachtoffers (IAS) bemiddelt tussen het asbestslachtoffer en de (ex-)werkgever over een schadevergoeding. Als eenmaal vaststaat dat de (ex-)werkgever aansprakelijk is, hebben asbestslachtoffers recht op volledige vergoeding van de door hen geleden schade. Daaronder valt de materiële schade (zoals medische kosten, reiskosten en verlies van inkomsten), maar ook immateriële schade. Deze schade wordt ook wel smartengeld genoemd.

Illustratie van een doktersbezoek met een patiënt en een arts, symboliserend medische kosten en zorg.

Rechten van nabestaanden op schadevergoeding

In geval het asbestslachtoffer komt te overlijden zonder zijn (ex)werkgever aansprakelijk te stellen, hebben zijn/haar nabestaanden slechts beperkte vorderingsrechten op de aansprakelijke (ex-) werkgever. In het Burgerlijk Wetboek is vastgelegd welke schade voor vergoeding aan nabestaanden in aanmerking kan komen.

Overlijdensschade

Degene die verantwoordelijk is voor het overlijden (of zijn/haar verzekeraar) moet de overlijdensschade aan de nabestaanden vergoeden. De nabestaanden hebben in dat geval recht op vergoeding van de kosten van de uitvaart. Als er aanspraak bestaat op een uitvaartverzekering kunnen alleen de effectieve kosten worden geclaimd. De vergoeding bij overlijdensschade bestaat daarnaast uit misgelopen levensonderhoud. Deze schadepost betreft de nadelige gevolgen die worden ondervonden door het wegvallen van het inkomen van de overledene. Het levensonderhoud heeft niet alleen betrekking op financiële bijdragen in geld, maar ook op bijdragen in natura inclusief op geld waardeerbare diensten die het slachtoffer verrichte, zoals woningonderhoud of het oppassen op kinderen. Om recht te kunnen hebben op overlijdensschade moet er dus een familierechtelijke band bestaan tussen de nabestaande en de overledene, of moeten zij in gezinsverband hebben samengewoond.

Smartengeld voor nabestaanden

Voor een vergoeding van immateriële schade (smartengeld) komen nabestaanden niet zonder meer in aanmerking. Smartengeld kan deel uitmaken van de vorderingen die overgaan op de nabestaanden die tevens erfgenaam zijn. Dat is alleen het geval als door of namens het slachtoffer bij leven aanspraak is gemaakt op smartengeld. Indien dit is gebeurd en het slachtoffer komt vervolgens te overlijden, dan behoort deze vordering tot de erfenis. Als niet bij leven door het asbestslachtoffer aansprakelijk is gesteld, dan hebben de erfgenamen na het overlijden van het slachtoffer dus geen recht op smartengeld. Zodra is vastgesteld dat een (ex-)werknemer aan een asbestziekte lijdt, is het dus van belang dat de verantwoordelijke (vroegere) werkgever nog tijdens het leven aansprakelijk wordt gesteld voor de immateriële schade van het slachtoffer.

Nabestaandenpensioen: Regelen voor de toekomst

Bij een overlijden hebben nabestaanden te maken met uiteenlopende emoties. Naast emotie om het gemis kan er ook financiële onzekerheid ontstaan. Is er een aansprakelijke partij? Dan kan een specifieke groep van nabestaanden een aantal specifieke schadeposten aangaande overlijdensschade verhalen op die partij of zijn of haar verzekeraar. Natuurlijk kan geld nooit het gemis van een dierbare goedmaken. Overlijden is iets waar je liever niet over nadenkt. Toch is het goed om te checken of je jouw nabestaanden goed achterlaat.

Partnerpensioen en wezenpensioen

Heb je een partner? Dan ontvangt je partner na jouw overlijden meestal een partnerpensioen. Heb je kinderen? Dan kunnen jouw kinderen recht hebben op een wezenpensioen. Partnerpensioen en wezenpensioen worden samen ook wel nabestaandenpensioen genoemd.

Wat kun je regelen voor je nabestaanden?

Zorg dat je partner en kinderen goed achterblijven. Denk aan je erfenis en kijk naar je pensioen.

Nabestaandenpensioen voor je partner

Met een nabestaandenpensioen zorg je ook na je overlijden financieel voor je nabestaanden. Ben je getrouwd of heb je een geregistreerd partnerschap? Dan heeft je partner bij de meeste pensioenuitvoerders automatisch recht op partnerpensioen. Na jouw overlijden ontvangt je partner dit levenslang.

Pensioenregelingen onder het oude en nieuwe stelsel

Valt je pensioenregeling nog onder het oude pensioenstelsel? Dan kan je nabestaandenpensioen op twee manieren geregeld zijn. Op een nabestaandenpensioen op opbouwbasis blijf je recht houden, ook als jij uit dienst was op het moment van overlijden. Heb je een nabestaandenpensioen op risicobasis en overlijd jij voor je pensioendatum? Dan krijgt je partner alleen een nabestaandenpensioen als jij op dat moment in dienst bent en deelneemt aan een pensioenregeling.

In de nieuwe pensioenwet zijn straks voor iedereen de regels hetzelfde. Overlijd je voor je pensioendatum? Dan heeft je nabestaande alleen recht op een nabestaandenpensioen als je op dat moment in dienst was en deelnam aan een pensioenregeling. Ben je pas net uit dienst? Dan loopt het partnerpensioen nog 3 maanden door, of tijdens de duur van je WW-uitkering. Je kunt deze periode zelf vrijwillig verlengen. Dit betekent wel dat je minder ouderdomspensioen krijgt.

Zorg dat je partner bekend is bij je pensioenuitvoerder

Ben je getrouwd of heb je een geregistreerd partnerschap? Dan krijgt je pensioenuitvoerder hier automatisch bericht van via de gemeente. Woon je samen? Dan moet jij jouw partner zelf aanmelden bij de pensioenuitvoerder. Er gelden soms nog aanvullende regels, zoals een notarieel samenlevingscontract of een bepaalde periode samenwonen. Check dit bij je pensioenuitvoerder.

Let op! Soms geen nabestaandenpensioen

Er zijn gevallen waar helemaal geen partnerpensioen in de pensioenregeling zit. Kijk dus goed wat je werkgever aanbiedt en of dit voor jou en je partner voldoende is.

Recht op partnerpensioen onder de nieuwe pensioenwet

Volgens de regels van de nieuwe pensioenwet hebben de volgende partners recht op een partnerpensioen:

  • Gehuwden of geregistreerd partners.
  • Samenwoners met een notarieel samenlevingscontract.
  • Samenwoners zonder notarieel samenlevingscontract die al minimaal 6 maanden samenwonen.

Iemand die je bloedverwant is in de 1e of 2e graad heeft geen recht op partnerpensioen.

Nabestaandenpensioen voor kinderen (wezenpensioen)

Kinderen van een overleden ouder hebben vaak ook recht op een uitkering van de pensioenuitvoerder. Dit is het wezenpensioen. De voorwaarden voor het wezenpensioen verschillen per pensioenregeling. In veel pensioenregelingen stopt de uitkering als je kind 18 of 21 wordt. Soms loopt het wezenpensioen door tot je kind klaar is met een studie. Een wees kan ook recht hebben op een Anw-uitkering van de overheid. Dit geldt alleen als beide ouders zijn overleden.

Wezenpensioen onder de nieuwe pensioenwet

De nieuwe pensioenwet maakt de regels rondom wezenpensioen duidelijker. Valt jouw pensioenregeling al onder het nieuwe stelsel? Dan geldt een vaste eindleeftijd van 25 jaar. Het maximumbedrag is dan ook hoger, ongeveer 20% van het salaris van de overleden ouder.

Nabestaandenpensioen voor je ex-partner

Als je een ex-partner hebt, heeft die mogelijk ook recht op een uitkering van je pensioenuitvoerder als jij overlijdt. Dit heet het bijzonder nabestaandenpensioen of bijzonder partnerpensioen. Dat betekent dat je huidige partner een lager pensioen krijgt. Kijk in het echtscheidingsconvenant welke afspraken jij en je ex-partner hebben gemaakt.

Veranderingen in het nabestaandenpensioen.

Regelingen voor asbestslachtoffers en hun nabestaanden

Regeling tegemoetkoming asbestslachtoffers (TAS)

De Regeling tegemoetkoming asbestslachtoffers (TAS) is sinds 26 januari 2000 van kracht. De regeling is bedoeld voor (ex-)werknemers en hun huisgenoten die door het werk met asbest ziek zijn geworden. Een asbestziekte is heel heftig en leidt tot veel verdriet. Dit wordt ook wel ‘immateriële schade’ genoemd. De tegemoetkoming is geen schadevergoeding. Als een werknemer via het werk met asbest in contact is gekomen, kan de (vroegere) werkgever gehouden worden om een schadevergoeding te betalen.

Regeling tegemoetkoming niet loondienstgerelateerde asbestslachtoffers (Regeling TNS)

Sinds 2007 is de Regeling tegemoetkoming niet loondienstgerelateerde asbestslachtoffers (Regeling TNS) van kracht. Veel mensen hebben geen contact gehad met asbest in loondienst en zijn wel ziek geworden. Dit geldt bijvoorbeeld voor zelfstandigen en mensen die contact gehad met asbest in het milieu of in de huissituatie. Een asbestziekte is heel heftig en leidt tot veel verdriet. Dit wordt ook wel ‘immateriële schade’ genoemd. De tegemoetkoming is geen schadevergoeding. Soms kan er een veroorzaker worden gevonden, die gehouden kan worden om een schadevergoeding te betalen.

Een huisgenoot volgens de TAS-regeling is iemand die in dezelfde woning heeft geleefd met een werknemer, op het moment dat deze was blootgesteld aan asbest.

Verschillen in rechten bij overlijden

Asbestslachtoffers kunnen heel snel komen te overlijden. Of nabestaanden vervolgens recht hebben op een tegemoetkoming van de overheid of een schadevergoeding van de werkgever is afhankelijk van verschillende omstandigheden.

  • Het asbestslachtoffer is overleden en heeft zich niet bij leven aangemeld bij het IAS: De nabestaanden hebben geen recht op de tegemoetkoming.
  • Het asbestslachtoffer is overleden nadat de werkgever aansprakelijk is gesteld, maar voordat de bemiddeling met de (ex-)werkgever is afgerond: Nadat het asbestslachtoffer is overleden zet het IAS de bemiddeling voort. Als de bemiddeling leidt tot een schadevergoeding zal in overleg met de werkgever of verzekeraar worden vastgesteld wie de nabestaande is.
  • Het asbestslachtoffer is overleden nadat de aanvraagformulieren zijn teruggestuurd, maar voordat de SVB een besluit heeft genomen om de tegemoetkoming toe te kennen: Wanneer aan de overige voorwaarden wordt voldaan, wordt de tegemoetkoming uitgekeerd aan de nabestaande.

Normbedrag en bovennormatieve schade

Om de bemiddeling voor een schadevergoeding te versnellen hebben partijen een normbedrag afgesproken. Dit normbedrag geldt voor de meeste asbestslachtoffers. Door te bemiddelen over een normbedrag hoeft niet meer in elk dossier de schade in kaart te worden gebracht. Smartengeld wordt ook wel immateriële schade genoemd en gedoeld wordt op verlies aan levensvreugde. Met materiële schade wordt gedoeld op extra kosten voor de behandeling van de ziekte, zoals vervoer en parkeren bij het ziekenhuis, verlies van eigen risico bij de zorgverzekering of extra voorzieningen thuis. Bij overlijdensschade gaat het om de kosten in verband met de uitvaart.

Het kan zijn dat er sprake is van extra materiële schade. Als dat het geval is zal er een laatste fase aan de bemiddeling worden toegevoegd, waarin deze zogenoemde bovennormatieve schade in kaart wordt gebracht. Meestal, bijvoorbeeld wanneer het gaat om begrafeniskosten, is de bovennormatieve schade eenvoudig vast te stellen. Dat leidt niet tot aanvullende bemiddelingskosten.

Infographic die de verschillende soorten schade (materieel, immaterieel, overlijdensschade) en de bijbehorende vergoedingen visualiseert.

Contact en procedures

Mensen die door asbestblootstelling mesothelioom of asbestose hebben ontwikkeld, kunnen in aanmerking komen voor een financiële tegemoetkoming van de overheid en soms een schadevergoeding vanuit de (vroegere) werkgever. Mensen met mesothelioom overlijden snel zonder behandeling en hebben moeite om naast hun ziekte ook nog aandacht te geven aan de aanvraag voor een tegemoetkoming en een schadevergoeding. Sinds 2000 ondersteunt het Instituut Asbestslachtoffers (IAS) hen, met als doel de procedure kort te houden, zodat slachtoffers bij leven de tegemoetkoming en maatschappelijke erkenning kunnen krijgen.

Asbestslachtoffers met kanker in longvlies of buikvlies (mesothelioom) of stoflongen (asbestose) kunnen een financiële tegemoetkoming aanvragen. Dit kan bij het Instituut Asbestslachtoffers (IAS). Het IAS gaat met u na hoe u in contact bent gekomen met asbest. Het IAS adviseert de Sociale Verzekeringsbank (SVB) over uw recht op een tegemoetkoming.

Voorwaarden voor tegemoetkoming

Heeft u door asbest de ziekte mesothelioom of asbestose gekregen? Om een tegemoetkoming te krijgen, moet u aan een aantal voorwaarden voldoen. Zo mag u nog geen vergoeding voor immateriële schade hebben ontvangen. In 2025 is de financiële tegemoetkoming voor asbestslachtoffers € 25.679. U vraagt de tegemoetkoming aan bij het IAS. De tegemoetkoming is een voorschot op de schadevergoeding. Ondertussen probeert de SVB de kosten te verhalen op een aansprakelijke partij, bijvoorbeeld op uw (ex-)werkgever.

Belang van tijdig handelen

De tegemoetkoming van de overheid is bedoeld voor erkenning van het leed van het asbestslachtoffer en dient bij leven te worden aangevraagd. Volgens het aansprakelijkheidsrecht dient een asbestslachtoffer bij leven zijn (vroegere) werkgever aansprakelijk te stellen voor de immateriële schade. Het smartengeld maakt het grootste deel uit van het schadebedrag en ook de tegemoetkoming van de overheid is gebaseerd op het smartengeld. Als een asbestslachtoffer een tegemoetkoming van de overheid en een schadevergoeding van de werkgever ontvangt is daar geen inkomstenbelasting over verschuldigd.

Asbestregister

Als u uw rechten wilt veilig stellen is het goed om de feiten en omstandigheden waaronder u aan asbest bent blootgesteld goed te bewaren. Foto’s en andere documenten kunnen uw bewijspositie ondersteunen. Het IAS heeft hiervoor een asbestregister geopend. Dit is een voorziening op internet waar mensen die aan asbest zijn blootgesteld een eigen dossier kunnen openen. Ga hiervoor naar www.asbestregister.nl.

Risico's en preventie

Blootstelling aan asbest

In de tweede helft van de vorige eeuw zijn naar schatting meer dan 330.000 werknemers door hun werk intensief blootgesteld aan asbest. Er hebben zich vanaf het jaar 2000 tot nu ongeveer 9.000 mensen met longvlieskanker gemeld bij het IAS. Prognoses wijzen uit dat in de nabije toekomst nog ongeveer 8.000 mensen deze ziekte krijgen. De kans op een asbestziekte neemt toe bij hogere concentraties asbestvezels in de lucht, herhaaldelijke blootstelling en geen ventilatie.

Als iemand eenmalig aan asbest is blootgesteld, is de kans dat hij of zij later een asbestziekte krijgt zeer klein. Elke asbestslachtoffer is er één te veel. Het is niet mogelijk als men eenmaal asbest heeft ingeademd, om de asbest uit de longen te verwijderen. Het beste dat u na blootstelling aan asbest kunt doen is stoppen met roken. De combinatie van roken met asbestblootstelling vergroot namelijk de kans op longkanker.

Screening na asbestblootstelling

Screening na asbestblootstelling wordt door medici afgeraden. Een belangrijke reden is dat de screening, als die regelmatig wordt herhaald, door de straling op zich zelf een risico op gezondheidsschade vormt.

Verjaringstermijn

Voor de gevallen waarin blootstelling aan asbest zich heeft voorgedaan vóór 2004, bedraagt de verjaringstermijn van vorderingen tot vergoeding van schade dertig jaar. De verjaring begint te tellen vanaf het moment van de laatste blootstelling. Zolang iemand nog niet ziek is kan hij of zij de werkgever niet aansprakelijk stellen voor de schade, want er is nog geen schade.

IAS: Ondersteuning voor asbestslachtoffers

Het IAS is opgericht door een brede coalitie van werkgevers- en werknemersorganisaties, het Verbond van Verzekeraars, het Comité Asbestslachtoffers en de overheid om de juridische lijdensweg van asbestslachtoffers te bekorten. Aanvankelijk voerde het IAS regelingen uit voor slachtoffers met de ziekte maligne mesothelioom (longvlies- en buikvlieskanker), vanaf 2014 kunnen ook mensen met de ziekte asbestose zich wenden tot het IAS. Voor mensen met andere asbestziekten kan het IAS niets betekenen. Nee, om in aanmerking te komen voor een vergoeding moet de diagnose maligne mesothelioom of asbestose worden bevestigd door de medische panels van het IAS.

Het IAS kan dus minder betekenen voor nabestaanden, dan voor asbestslachtoffers die zich bij leven hebben aangemeld. De reden hiervoor is de wettelijke bepaling dat voor het verkrijgen van smartengeld (immateriële schadevergoeding) het slachtoffer bij leven aansprakelijk moet hebben gesteld.

Bemiddelingskosten

Alleen wanneer de bemiddeling leidt tot overeenstemming over een financiële regeling worden de bemiddelingskosten ad € 5.438,- exclusief btw (het tarief van 2026) bij de werkgever of verzekeraar in rekening gebracht. In de meeste geslaagde bemiddelingen betalen de werkgevers en verzekeraars een vast bedrag voor de bemiddelingskosten ad € 5.438,- exclusief btw (het tarief van 2026).

Foto van het logo van het Instituut Asbestslachtoffers (IAS).

Overige financiële aspecten

Verder kan het zijn dat een asbestslachtoffer zorgtoeslag of huurtoeslag ontvangt. Bij het overlijden van een partner kan er financieel gezien meer veranderen. Er kan bijvoorbeeld recht ontstaan op (hogere) toeslagen. Maar ook kunnen uitgaven verminderen. Denk aan uitgaven aan voeding, kleding, verzekeringen en vrije tijd. Risicogroepen voor inkomensterugval zijn huishoudens waar één of beide partners als zelfstandige werken, en/of met baanwisselingen te maken hebben gehad, of een uitkering hebben. Als jij en je partner voorzien dat de achterblijver erg moeilijk zal kunnen rondkomen, is het verstandig te kijken of je maatregelen kunt treffen. Dit kan bijvoorbeeld door het afsluiten van een overlijdensrisicoverzekering als je die nog niet hebt, of door extra geld opzij te zetten.

Materiële kostenposten

Er kunnen diverse directe materiële kostenposten ontstaan. Denk daarbij aan kosten gemoeid met opname in een ziekenhuis, medische kosten die niet door de zorgverzekeraar worden vergoed en reiskosten van de naaste familieleden. Daarnaast kan ook sprake zijn van het wegvallen van bijvoorbeeld inkomen of bijverdiensten, de bijdrage aan het onderhoud van huis, en tuin en het huishouden. Bij het inventariseren van de schadeposten en het vaststellen van de schade is deskundige bijstand gewenst.

Smartengeld en normbedragen

De uitkering van het Instituut Asbestslachtoffers geldt alleen bij mesothelioom en betreft een genormeerd bedrag zonder dat naar de werkelijk geleden schade wordt gekeken. Smartengeld kan alleen door een slachtoffer zelf geclaimd worden, niet achteraf door de nabestaanden. Bij de hoogte van het smartengeld wordt al snel gekeken naar de standaardvergoeding zoals het IAS die kent. In 2011 is dat bedrag € 52.218,00. Zeker bij jongere slachtoffers of bij langdurig lijden zijn er goede redenen te betogen dat een hoger bedrag op zijn plaats is. De Rechtbank Middelburg week op 23 augustus 2010 af van het standaardbedrag en wees een smartengeldbedrag van € 60.000,00 toe.

Gedeeltelijke vergoeding bij meervoudige oorzaken

Bijvoorbeeld bij longkanker kunnen er naast het werken met asbest andere oorzaken voor het ontstaan van de ziekte zijn. In dat geval komt een gedeelte van de schade voor vergoeding in aanmerking. Welk deel zal afhangen van ondermeer de vraag of het slachtoffer gerookt heeft. In een gerechtelijke uitspraak betreffende twee werknemers kreeg de niet roker 63,5% van zijn schade vergoed en de roker 55%.

tags: #aanvulling #pensioen #na #overlijden #asbest