Brandwerendheidseisen atriumgevel bouwbesluit: brandoverslag, branddoorslag en WBDBO in Nederland

Brandoverslag betekent de uitbreiding van brand via de buitenlucht. Branddoorslag is de branduitbreiding door een constructieonderdeel heen. Voor de wbdbo tussen een brandcompartiment en een besloten ruimte waardoor een extra beschermde vluchtroute voert, geldt bij nieuwbouw een wbdbo van 30 minuten (artikel 4.53, lid 2, Bbl). Als er tussen het brandcompartiment en de andere ruimte een ruimte ligt die zelf niet in een brandcompartiment hoeft te liggen, moet er ook een wbdbo zijn. Daarom kan het nodig zijn om ook bij een ruimte die niet in een brandcompartiment ligt, 1 of meer brandwerende scheidingsconstructies te maken.

de permanente vuurbelasting van het brandcompartiment (meestal de woning) niet groter is dan 500 MJ/m2. De wbdbo tussen afzonderlijke woonwagens is bij nieuwbouw minimaal 30 minuten (artikel 4.53, lid 8, Bbl). Bij de bepaling van de wbdbo tussen woonwagens moet niet worden uitgegaan van de werkelijke afstand tussen woonwagens, maar van een theoretische afstand van 5 m (artikel 4.54, Bbl).

Voor een technische ruimte bij een lichte industriefunctie voor het houden van dieren geldt bij nieuwbouw een wbdbo van 60 minuten (artikel 4.53, lid 6, Bbl). Vanuit de veestal naar een kleine technische ruimte geldt geen wbdbo (artikel 4.51, lid 10, Bbl). Voor het bepalen van de wbdbo van een brandcompartiment naar een ruimte van een gebouw op een aangrenzend perceel geldt: ga uit van een denkbeeldig identiek gebouw dat op dezelfde afstand spiegelsymmetrisch ten opzichte van de perceelsgrens ligt. Op deze manier kan een initiatiefnemer een omgevingsvergunning aanvragen, ook als niet bekend is wat op het aangrenzende perceel zal worden gebouwd.

Infographic: WBDBO, wbdbo en brandcompartimenten in gebouwen

Volgens artikel 4.7, lid 1, van de Omgevingswet is in plaats van een technische bouweis in het Bbl op aanvraag toestemming mogelijk om een gelijkwaardige maatregel te treffen. In veel gevallen zal de afstand tot de perceelsgrens zo groot zijn dat de tweede factor volstaat. Dan hoeven de scheidingsconstructies zelf geen bijdrage te leveren aan de brandwerendheid. Is dit niet het geval? Dan mag de derde factor alleen meegerekend worden als deze niet groter is dan de eerste factor. Dit voorkomt dat de brandwerendheid volledig wordt neergelegd bij het denkbeeldige spiegelsymmetrische gebouw.

Een nieuw te bouwen bedrijfshal (industriefunctie) is opgedeeld in drie brandcompartimenten die qua omvang rechtstreeks voldoen aan de prestatie-eisen van het Bouwbesluit 2012. Drie gevels zijn op een afstand van 3 m van de perceelgrens gelegen. Voor twee kritische brandoverslagtrajecten is de volgens NEN 6068 bepaalde warmtestralingsflux op een identiek maar spiegelsymmetrisch ten opzichte van de perceelgrens gelegen gebouw hoger dan 15 kW/m2. Daarom is een brandwerende gevel voorzien met een brandwerendheid van 60 minuten van buiten naar binnen. De wbdbo tussen het te bouwen pand en een fictief identiek maar spiegelsymmetrisch ten opzichte van de perceelgrens gelegen gebouw wordt daardoor volledig gerealiseerd door de brandwerendheid van buiten naar binnen van de 60 minuten brandwerende gevel van het fictieve spiegelsymmetrische gebouw.

De brandweer is van mening dat hiermee niet voldaan is aan de bepalingsmethode uit NEN 6068:2020 die is aangestuurd via artikel 2.84 eerste lid van het Bouwbesluit 2012. De brandweer is van mening dat de brandwerendheid in de gevel voor maximaal 50% van buiten naar binnen in het fictieve spiegelsymmetrische gebouw mag worden voorzien en dat ten minste 50% van vereiste brandwerendheid in de gevel van binnen naar buiten moet worden voorzien. Brandoverslag en -doorslag, spiegelsymmetrieartikel 2.68 van het Bouwbesluit geeft de brandklasse aan waar buiten-oppervlakken aan moeten voldoen. Voorts geeft artikel 2.84 aan dat de weerstand op brandoverslag en branddoorslag gevels (en daken) moet worden bepaald volgens spiegelsymmetrie.

Brandklasse en spiegelsymmetrie volgens NEN 13501-1

Brandklasse volgens NEN 13501-1: naast brandbaarheid ook rookontwikkeling en brandende druppels. In Nederland moet de gevel volgens het Bouwbesluit voldoen aan brandklasse B. De gevelonderdelen en kozijnen moeten voldoen aan brandklasse D. Spiegelsymmetrie schrijft voor dat rekening wordt gehouden met een denkbeeldig gelijk gebouw aan de andere kant van de perceelsgrens. Dit geldt zelfs als er aan de andere kant al een gebouw staat of wanneer nog niet bekend is wat er gebouwd wordt. De spiegelsymmetrieregel berekent de benodigde weerstand tegen branddoorslag (WBO) ten opzichte van het aangrenzende perceel.

Buitenwanden moeten ten opzichte van de erfgrens een WBDBO van 60 minuten hebben. Voor de gevel van het voorbeeld geldt een combinatie van binnen- en buitenwaartse brandwerendheid van 60 minuten of 30 minuten binnen + 30 minuten buiten. Als afstand tot de erfgrens ver genoeg is, vervallen deze eisen. Vanaf 5-7 meter kan afstand de WBO dragen; bij kleinere afstanden kan een reductie van 30 minuten worden toegepast, berekend volgens NEN 6068. Bij nog kleinere afstanden moet de gevel van binnen naar buiten 60 minuten WBDBO hebben. Als het aangrenzende pand geen WBDBO biedt, moet onze gevel ook 60 minuten buiten naar binnen bieden.

Diagram:WBDBO-werkingsprincipe spiegelsymmetrie en perceelsgrens

Toepassing in praktijk: fases en voorbeelden

Nieuwbouwbedrijfshal met drie brandcompartimenten en drie gevels 3 m van de perceelgrens. Twee kritische brandoverslagtrajecten met >15 kW/m2 straling vereisen 60 minuten brandwerende gevel van buiten naar binnen; hierdoor valt de volledige WBO tussen gebouw en fictief spiegelgebouw automatisch af te dekken. De brandweer kan vinden dat dit niet voldoet aan NEN 6068:2020 en het Bouwbesluit 2012; in zo’n situatie kan volgens gelijkwaardigheidsbeginsel worden nagegaan of voldaan is aan de eisen van brandoverslag.

Spiegelsymmetrie is ook relevant als het aangrenzende gebouw aan de andere kant van de perceelsgrens staat. De gevel moet zodoende brandwerend zijn volgens de WBDBO-eisen, en rookverspreiding via gevelopeningen moet worden voorkomen. Rookafvoer en RWA-systemen blijven essentieel in het verminderen van rookontwikkeling en branduitbreiding naar aangrenzende ruimten.

Kaart: perceelsgrens en spiegelsymmetrische gebouwen

Terminologie en verbanden met andere normen

Nieuws overzicht: Brandveiligheid is belangrijk in elk gebouw. WBDBO staat voor Weerstand tegen BrandDoorslag en BrandOverslag en is een belangrijk onderdeel van het Bouwbesluit. Het Bouwbesluit Brandveiligheid is een Algemene Maatregel van Bestuur (AMvB) en maakt deel uit van de Woningwet. Nine basiseisen vormen de kern, aangevuld met rook- en brandwerendheidscriteria. NEN 6068 behandelt brandoverslag en rookverspreiding, NEN 6075 rookweerstand, en NEN 13501-1 geeft brandklassen aan voor buitenoppervlakken.

In de praktijk betekent WBDBO dat brandcompartimenten zodanig zijn afgebakend dat rook en brand beperkt blijven tot een afgebakend gebied, zodat evacuatie en brandbestrijding mogelijk blijven. De gevel en scheidingen kunnen brandwerend zijn met verschillende minutenwaardes, afhankelijk van afstand tot de perceelgrens en type functie van het gebouw.

Praktische overwegingen en leveranciersperspectief

Het Bouwbesluit 2012 en het huidige BBl kennen verschillende bouwkundige strategieën om WBDBO te realiseren: brandwerende muren, brandwerende deuren, beglazingscomponenten en afdichtingen die rook kunnen tegenhouden. Leveranciers zoals De Groot & Visser B.V. leveren brandwerende gevels, ramen en deuren met certificeringen en advies over uitvoering. Brandoverslagberekeningen kunnen, afhankelijk van de situatie, aanzienlijke kostenbesparingen opleveren door een realistische inschatting van straling en vlammen langs gevelopeningen te geven. PH Bouwadvies kan deze berekeningen verzorgen en adviseren over de toepassing van rook- en brandwerende elementen in het gebouwontwerp.

Infographic: Brandwerende constructies en WBDBO-opties bij gevels

Brandveiligheidsprincipes: aanwezigheid van brandcompartimentering en vluchtwegen

Brandcompartimentering verdeelt een gebouw in delen die rook- en brandwerend zijn; vluchtroutes moeten voldoende breed en ontruimbaar zijn. Nood- en paniekdeuren, rookdetectie, en brandmeldinstallaties zijn cruciaal. Blaren van rook en hitte worden geminimaliseerd door compartimentering en tijdige detectie. Het belang van onderhoud en regelmatige controle van installaties blijft onverminderbaar voor de werking van brandveiligheidsmaatregelen.

Openbaarmaking en realisatie van brandveiligheidsniveaus moeten consistent zijn met de geldende regelgeving, zonder overschrijding van bevoegdheden of aanvullende gemeentelijke regels die buiten de geldende Woningwet en BBi-regels vallen. De uiteindelijke uitvoering moet breed worden beoordeeld op straling, vlamgebondenheid, rookverspreiding en evacuatieklaarheid.

tags: #atrium #gevel #brandwerend