Het gebeurt iedereen wel eens: er begint een lampje op je dashboard te branden en je weet niet wat het betekent. Dit kan een stressvolle situatie opleveren. Om dit te voorkomen, zetten we hier alle veelvoorkomende dashboardlampjes op een rijtje en leggen we uit wat ze betekenen.
De betekenis van de kleuren van waarschuwingslampjes
De kleur van een waarschuwingslampje geeft de ernst van de situatie aan:
- Rode lampjes duiden op een ernstig probleem of een storing die direct aandacht vereist. Doorrijden kan leiden tot gevaarlijke situaties of verdere schade aan de auto.
- Gele of oranje lampjes geven aan dat er een probleem is dat zo snel mogelijk nagekeken moet worden. Hoewel niet direct gevaarlijk, is het belangrijk om hier tijdig actie op te ondernemen.
- Groene, witte of blauwe symbolen wijzen meestal op een geactiveerde functie, een aanbeveling of dat alles naar behoren functioneert.
Controle bij het starten van de auto
Bij het starten van de auto kunnen verschillende lampjes kort gaan branden. Dit is een normale controle van de werking van de waarschuwingslampjes. Ze verdwijnen na korte tijd weer. Als een van deze lampjes niet aangaat bij het starten, of blijft branden na het wegrijden, kan dit duiden op een storing.
Veelvoorkomende dashboardlampjes en hun betekenis
Rode waarschuwingslampjes: Direct actie ondernemen
Remmenlampje: Dit lampje gaat branden als de parkeerrem is ingeschakeld of aangetrokken. Als het lampje blijft branden nadat de handrem is losgelaten, kan er een probleem zijn met het remsysteem, zoals een te laag remvloeistofniveau of versleten remblokken.
Motorolie lampje: Dit lampje, vaak vormgegeven als een oliekan, geeft aan dat het oliepeil te hoog of te laag is, of dat de oliedruk onvoldoende is. Bij het branden tijdens het rijden is het essentieel om direct te stoppen, het oliepeil te controleren en indien nodig bij te vullen of af te tappen. Blijft het lampje branden, ga dan zo snel mogelijk naar een garage.
Accu lampje: Dit lampje, vaak een accu-icoon met een plus- en minteken, geeft geen storing van de accu zelf aan, maar duidt op een probleem met het oplaadsysteem. Mogelijke oorzaken zijn een storing in de dynamo, stroomkabels of de aandrijfsnaar. Als dit lampje na het starten niet uitgaat, is er een probleem.
Koelvloeistof lampje: Vormgegeven als een thermometer met golfjes, waarschuwt dit lampje voor een te hoge motortemperatuur of een te laag niveau van de koelvloeistof. Oververhitting kan ernstige schade aan de motor veroorzaken. Stop de auto bij dit teken en laat de motor afkoelen.
Gordel waarschuwingslampje: Dit lampje brandt als jij of een passagier de gordel niet draagt. Vaak gaat dit gepaard met een geluidssignaal.
Airbag lampje: Brandt dit lampje, dan is er mogelijk een storing in het airbagsysteem. De airbags functioneren dan mogelijk niet correct, wat de veiligheid bij een ongeluk in gevaar brengt.
Openstaande deur/motorkap/achterklep: Deze symbolen geven aan dat een deur, de motorkap of de achterklep niet goed gesloten is. Dit kan de veiligheid beïnvloeden.
Stuurvergrendeling: Dit lampje geeft aan dat het stuur in het stuurslot zit. De auto kan dan niet wegrijden. Dit is een beveiligingssysteem.
Naderingsalarm / Waarschuwingssysteem botsing: Dit lampje brandt als je te dicht op je voorganger rijdt of deze met te hoge snelheid nadert. Het systeem waarschuwt om een botsing te voorkomen. Een oranje kleur kan betekenen dat het systeem is uitgeschakeld.
Startprobleem: Dit symbool duidt op een probleem met het starten van de motor.
Laag remvloeistofniveau: Geeft aan dat het niveau van de remvloeistof te laag is.
Storing ESP systeem: Als het Elektronisch Stabiliteit Programma (ESP) een storing heeft, kan het systeem niet meer ingrijpen in onveilige situaties.
Storing RBS systeem: Een storing in het Radar Brake Support (RBS) systeem betekent dat de auto niet meer automatisch afremt voor objecten.
Elektronische parkeerrem: Geeft aan dat de elektrische parkeerrem is ingeschakeld.
Noodloop: Dit symbool betekent dat de auto in de noodloop gaat. Het vermogen van de auto neemt af, waardoor hogere snelheden niet meer gehaald kunnen worden. Dit duidt vaak op een ernstig motor- of aandrijflijnprobleem.
Aandrijflijn storing: Dit lampje brandt bij een storing in de aandrijflijn, wat invloed heeft op het motorvermogen.
Storing beweegbaar dak: Geeft aan dat het elektrische dak niet meer correct functioneert.
Storing variabele spoiler: Een storing in de variabele achterspoiler wordt hiermee aangegeven.
Batterij van de sleutel bijna leeg: Waarschuwt dat de batterij van de autosleutel bijna leeg is.
Storing remlichten: Geeft aan dat er een probleem is met de remlichten.
Storing in een elektrisch onderdeel: Dit lampje brandt bij storingen aan elektrische componenten.
Water in brandstoffilter: Als dit lampje brandt, kan er te veel water in het brandstoffilter zitten.
Bandenspanning: Dit lampje geeft een te lage bandenspanning aan of duidt op een lekke band.
Waarschuwingslamp motor: Geeft een probleem met het motormanagement of de elektronica aan.
Koppeling intrappen: Dit lampje verschijnt wanneer je de koppeling moet intrappen.
Storing in vering of schokdempers: Duiding op problemen met de vering of schokdempers.
Sleutel niet in de auto: Dit lampje, vaak voorkomend bij auto's met keyless entry, geeft aan dat de sleutel niet wordt herkend in de auto.
Versleten remblokken: Geeft aan dat de remblokken versleten zijn en vervangen moeten worden.
Brandstofsysteem storing: Een storing in het brandstofsysteem.
Storing luchtvering: Geeft een storing in de luchtvering aan.
Storing versnellingsbak: Een probleem met de versnellingsbak. Stabiel branden duidt op oververhitting, knipperen op een ernstig defect.
Stuurbekrachtiging storing: Een probleem met de stuurbekrachtiging maakt het sturen zwaarder.
Lage oliedruk: Geeft een te lage oliedruk aan, wat ernstige motorschade kan veroorzaken.
Probleem met het contactslot: Een storing bij de contactschakelaar.

Gele/Oranje waarschuwingslampjes: Zo snel mogelijk laten nakijken
ABS lampje: Dit lampje geeft een storing in het Antiblokkeersysteem (ABS) aan. Het systeem, dat voorkomt dat de remmen blokkeren bij hard remmen, is dan uitgeschakeld.
Motor controlelampje: Vaak vormgegeven als een motorblok, waarschuwt dit lampje voor problemen met het motorsysteem, de elektronica, of een te laag niveau van motorolie of koelvloeistof. Knippert dit lampje, zet dan direct de auto aan de kant.
Bandenspanningscontrolesysteem (TPMS): Dit lampje brandt als de bandenspanning te laag is, of als er een lek in een band zit. Een verandering in bandenspanning wordt opgemerkt door de TPMS-sensoren.
Brandstofpeil lampje: Dit lampje gaat branden als het brandstofniveau in de tank laag is.
AdBlue niveau: Geeft aan dat het AdBlue-niveau te laag is. AdBlue wordt gebruikt om dieselauto's schoner te laten rijden.
Roetfilter (DPF) storing: Een probleem met het roetfilter, dat verstoppingen in de uitlaat voorkomt.
Mistlampen voor: Geeft aan dat de mistlampen aan de voorzijde zijn ingeschakeld.
Mistachterlichten: Geeft aan dat het mistachterlicht is ingeschakeld. Dit mag alleen bij zeer beperkt zicht (minder dan 50 meter).
Lamp- of regensensor storing: Een storing in de licht- of regensensoren, die bijvoorbeeld de koplampen en ruitenwissers automatisch aansturen.
Katalysator storing: Een probleem met de katalysator, die schadelijke stoffen uit de uitlaatgassen filtert.
Gladheid waarschuwing: Dit lampje brandt als de temperatuur onder een bepaalde grens komt en er kans op gladheid is.
ECO-modus: Geeft aan dat de ECO-modus is geactiveerd voor extra zuinig rijden.
Parkeersensoren: Geeft aan dat de parkeersensoren zijn ingeschakeld.
Luchtfilter: Een vies of versleten luchtfilter moet worden vervangen.
Ruitensproeiervloeistof: Het niveau van de ruitensproeiervloeistof is te laag.
Brandstof in brandstoffilter: Dit lampje waarschuwt voor water in het brandstoffilter.
Servicebeurt indicator: Geeft aan dat de auto toe is aan een onderhoudsbeurt.
Verandering in bandenspanning: Geeft een verandering in de bandenspanning aan.
Differentieel storing: Een probleem met het differentieel, dat de aandrijfkracht verdeelt.
ESP uitgeschakeld: Geeft aan dat het ESP systeem is uitgeschakeld.
Aandrijf- en stabiliteitsregeling: Dit lampje knippert wanneer de aandrijf- en stabiliteitsregeling actief is, bijvoorbeeld bij tractieproblemen.

Groene, witte en blauwe indicatielampjes: Functie actief
Dimlicht aan: Geeft aan dat het dimlicht is ingeschakeld.
Grootlicht aan: Geeft aan dat het grootlicht is ingeschakeld. Dit zorgt voor extra verlichting op donkere wegen, maar moet bij tegenliggers worden uitgezet.
Stadslicht aan: Geeft aan dat de stadsverlichting is ingeschakeld.
Richtingaanwijzer(s): De knipperende lampjes die aangeven dat je links- of rechtsaf slaat.
Cruise control actief: Geeft aan dat de cruise control is ingeschakeld en de ingestelde snelheid aanhoudt.
Snelheidsbegrenzer (LIM): Geeft aan dat de snelheidsbegrenzer is ingeschakeld om niet harder dan een bepaalde snelheid te rijden.
Adaptieve koplampen: Geeft aan dat de adaptieve koplampen zijn ingeschakeld, die de lichtbundel aanpassen aan de rijomstandigheden.
Afstelling koplamp hoogte: Geeft aan dat de hoogte van de koplampen wordt ingesteld.
Automatische ruitenwissers: Geeft aan dat de automatische ruitenwissers zijn ingeschakeld en reageren op regen.
Regensensor ingeschakeld: Geeft aan dat de regensensor actief is.
Voorruitverwarming: Geeft aan dat de voorruitverwarming is ingeschakeld.
Achterruitverwarming: Geeft aan dat de achterruitverwarming is ingeschakeld.
EV modus actief: Geeft aan dat de elektrische modus (EV) actief is, waarbij de auto volledig op de elektromotor rijdt.
Adaptive Cruise Control: Geeft aan dat de Adaptive Cruise Control is ingeschakeld.
Auto Hold: Bij auto's met automatische transmissie geeft dit aan dat de Auto Hold functie is geactiveerd, waardoor de auto niet wegrolt in stilstand.
Parkeerrem ingeschakeld: Dit lampje brandt als de parkeerrem is ingeschakeld.
Interieurverlichting aan: Geeft aan dat de interieurverlichting is ingeschakeld.
Informatie indicatie: Er is nieuwe informatie over het voertuig beschikbaar.
Voorgloeien dieselmotor: Bij dieselmotoren brandt dit lampje kort bij het starten als de motor koud is. Zodra het uitgaat, kan de motor gestart worden.
Laag buitentemperatuur: Dit lampje brandt als de temperatuur buiten onder de 4 graden Celsius daalt, wat duidt op mogelijke gladheid.
Automatische ruitenwisser ingeschakeld: Geeft aan dat de automatische ruitenwissers actief zijn.
Regensensor: Dit lampje brandt wanneer de regensensor regen detecteert.
Voorruitontwasemer: Geeft aan dat de voorruitontwaseming is ingeschakeld.
Stoelverwarming: Geeft aan dat de stoelverwarming is ingeschakeld.
Standkachel: Geeft aan dat de standkachel is ingeschakeld.
Coolant te koud: Dit lampje brandt vaak wanneer de motor nog koud is.
6 meest voorkomende Dashboardlampjes
Wat te doen bij twijfel?
Als je twijfelt over de betekenis van een brandend lampje op je dashboard, raadpleeg dan altijd de handleiding van je auto. Hierin vind je de specifieke symbolen en hun betekenis voor jouw model. Bij rode waarschuwingslampjes is het raadzaam om direct contact op te nemen met een garage of pechhulpdienst.