Buitenwanden en gevelbegroening volgens Duitse bouwnormen en technieken: een Nederlandse versie van de FLL-richtlijnen

De bekende Duitse FLL richtlijn (Forschungsgesellschaft Landschaftsentwicklung Landschaftsbau) is altijd leading geweest voor bouwwerkbegroenend Nederland.

Vanwege de behoefte aan een richtlijn specifiek voor de Nederlandse markt, heeft de VBB, als officieel licentienemer van het Duitse FLL, de richtlijn vertaald, geactualiseerd en toegespitst op de Nederlandse wet- en regelgeving.

Doel en oorsprong van de VBB-FLL richtlijn

Om de kwaliteit van bouwwerkbegroening te borgen, is het van belang dat projecten op uniforme wijze worden aangepakt.

De VBB-FLL norm is van toepassing bij de realisatie van alle typen dak- en gevelbegroening en geldt hiermee als dé norm voor begroenend Nederland.

De VBB-FLL bevat alle benodigde informatie voor de realisatie van een succesvol groen gebouw en geldt hiermee als dè richtlijn voor begroenend Nederland.

Tot op heden werkte bouwwerkbegroenend Nederland volgens de FLL richtlijn, afkomstig van het Duitse instituut Forschungsgesellschaft Landschaftsentwicklung Landschaftsbau.

Ontwikkeling en implementatie

Als officieel licentienemer van het Duitse instituut FLL heeft de VBB de Duitse richtlijn aangepast en toegespitst op de Nederlandse wet- en regelgeving.

In 2021 zijn de VBB-leden gestart met de ontwikkeling van de VBB FLL norm.

Via diverse werkgroepen binnen de branchevereniging hebben de leden vanuit hun eigen expertise bijgedragen aan de totstandkoming van het Nederlandse normdocument.

Bij de actualisatie is ook uitgebreid gekeken naar implementatie van duurzaamheid en innovaties.

Voor wie is de norm bedoeld?

Iedere organisatie die zich bezighoudt met begroening van een dak, gevel of interieur van een pand, kan de VBB FLL als maatstaf hanteren.

De norm bevat advies over materialen, veiligheid, vegetatie- en substraatsoorten en biedt een bandbreedte waarbinnen Nederlandse bedrijven kwalitatief hoogstaand werk kunnen leveren.

De VBB FLL bevat alle benodigde informatie voor de realisatie van een succesvol groen gebouw en geldt hiermee als dè richtlijn voor begroenend Nederland.

Inhoud en thema’s van de norm

Onder “VMRG gevelelementen” worden verstaan: Kozijnen, ramen, deuren, puien, vliesgevels, lichtdaken en andere constructies, die in hoofdzaak vervaardigd zijn van metalen profielstaven, waarbij de openblijvende vakken worden gevuld met glas, panelen en andere vakvullingen.

De in VMRG gevelelementen toegepaste profielen kunnen ­worden onderscheiden in profielen met en zonder thermische onderbreking, ook wel geïsoleerde respectievelijk ongeïsoleerde profielen.

Geïsoleerde profielen worden toegepast om het thermisch isolerend vermogen van gevelelementen te verhogen en om condensvorming zo veel mogelijk te vermijden.

Het type en de afmetingen van de isolator bepalen mede de isolatiewaarde.

Bij hybride combinaties geldt: product en eisen dienen bepaald te worden op basis van welke functie vervuld wordt.

VMRG gevelelementen dienen, zowel bij in- en extern transport alsmede bij (tussen)opslag, op daartoe geschikte transportmiddelen te worden vervoerd en/of opgeslagen.

VMRG gevelelementen moeten afdoende tegen beschadiging en vervuiling worden beschermd.

Technische aspecten van luchtdoorlatendheid en waterdichtheid

De luchtdoorlatendheid van ramen en deuren wordt bepaald met behulp van een beproeving in een proefkast overeenkomstig NEN-EN 1026.

De luchtdoorlatendheid van vliesgevels wordt bepaald met behulp van een beproeving in een proefkast volgens NEN-EN 12153.

Voor vliesgevels geldt hetzelfde als voor ramen en deuren met dien verstande, dat sluitnaden en borstelafdichtingen bij vliesgevels niet voorkomen.

Bij de horizontale doorsnede is de buitenzijde onder en bij de verticale doorsnede is de buitenzijde links.

Voor de toetsingsdruk gelden twee eisen: de minimale toetsingsdruk bedraagt 150 Pa en de luchtdoorlatendheid wordt geëxtrapolleerd naar 10 Pa.

De waterdichtheid van ramen en deuren wordt bepaald met behulp van een beproeving in een proefkast volgens NEN-EN 1027.

De waterdichtheid van vliesgevels wordt bepaald met behulp van een beproeving in een proefkast volgens NEN-EN 12155.

Thermische prestaties en Rc/U-waarden

Een belangrijke reductie van warmteverliezen wordt verkregen door het toepassen van geïsoleerde profielen, isolatieglas, isolerende panelen enz.

Het Besluit bouwwerken leefomgeving stelt dat een uitwendige scheidingsconstructie overeenkomstig NTA 8800 ten minste een Rc-waarde moet hebben van 4,7 m2.K/W.

Ramen, deuren en kozijnen gelijk te stellen constructieonderdelen moeten wel ieder afzonderlijk een U-waarde van ten hoogste 2,2 W/(m².K) hebben.

De isolatiewaardep (U-waarde) van VMRG gevelelementen is afhankelijk van de gebruikte isolator in het aluminium profiel.

Historische context en vergelijkingen met de Duitse bouwpraktijk

De VBB-FLL norm refereert aan een lange geschiedenis van bouwkundige ontwikkelingen in Nederland en Duitsland.

De Duitse bouwtraditie kent verschillende constructiemethoden en materialen die in Nederland minder gebruikelijk zijn, zoals de plaatsing van kozijnen achter gevelstenen.

De Nederlandse variant plaatst kozijnen vaak naast de gevelsteen, wat esthetische en isolatiediscussies oplevert.

Vanwege de grensoverschrijdende toepassing vereist dit dossier aandacht voor zowel DIN-normen als Nederlandse randvoorwaarden.

Praktische toepassingen en implementatie in projecten

In de praktijk dienen de VMRG gevelelementen bij transport en opslag beschermd te worden tegen beschadiging en vervuiling.

Bij hybride combinaties dienen de eisen bepaald te worden op basis van welke functie vervuld wordt.

Een BIM dataset van het gerealiseerde gebouw kan een model bevatten met relevante aanpassingen zoals in het werk gerealiseerd.

Infographic: Overzicht van VMRG-gevelelementen, profielen en isolatieniveaus

tags: #buiten #gevel #duits #bouwen