Tips voor het monteren van verlichting zijn altijd welkom. Bij het monteren van verlichting komt dan ook heel wat kijken. Ervaring en Kennis zijn zeer belangrijke factoren bij het zelf aanbrengen van elektrische installaties. Bent u niet zeker van uw zaak, laat dan de klus over aan HOOGSPOOR.
Voordat u begint zijn er een aantal punten dat u moet weten, en doen. U mag alleen veranderingen aanbrengen na de elektriciteitsmeter. (De meter zelf en alles wat daar voor zit is van het energiebedrijf.) Schakel Altijd eerst de stroom van de betreffende groep uit. Zet deze niet meer aan voordat u klaar bent. HOOGSPOOR heeft een aantal tips op een rij gezet voor dat u de lamp monteert.
Algemene uitgangspunten en beveiliging
Iedere ruimte dient vanaf de groepenkast een stroomaanvoer te hebben naar een centraaldoos. Vanaf hier kunt u de stroom vertakken naar lichtpunten, schakelaars en stopcontacten. (hebt u in en ruimte veel stroomaanvoer nodig? Zeer belangrijk is dat u weet wat de kleurcodes van de elektradaden inhouden. Houdt u zich hier ook aan. (Controleer met een spanningzoeker of de vorige bewoner zich hier ook aan heeft gehouden. Gebruik altijd een behuizing voorzien van het KEMA- Keurmerk. Zorg ook dat u een juist type behuizing voor uw klus heeft.
Bent u bezig met installatiedraad? Stopcontacten Moeten op een minimale hoogte van 30cm boven de afdekvloer zitten. In de badkamer kunnen we 3 zones onderscheiden. Voor meer informatie hierover kunt u kijken bij montagebegeleiding voor badkamers. Zone 1Dit is de vochtigste zone van uw badkamer, hier vind je de douche en het bad terug. De stoom die van het warme water afkomt, slaat in een directe straal van 0,6 meter rond uw douche en/of bad neer. De IP-waarde bedraagt IP45.Zone 2Deze zone ligt tussen in. De stoom van het warme water is hier al ver afgekoeld en worden al kleine druppels. Deze kunnen al minder eenvoudig in de armatuur komen. De straal die weer om zone 1 heen ligt bedraagt ook hier 0,6 meter. Hier hebben we een minimale IP-waarde nodig van IP44.Zone 3Dit is de minst vochtige zone van uw badkamer, al is het ook hier niet helemaal droog. Stoom komt immers overal. We spreken over zone 3 in een straal van 2,4 meter rond zone 2 en meer. Er zijn verlichtingsarmaturen die aangesloten moeten worden op een stopcontact met aarde. Er zijn ook verlichtingsarmaturen die dubbel geïsoleerd zijn. Verder bevat het geen geleidende materialen. Is er een defect opgetreden binnenin het armatuur, dan kunt u niet onderstroom komende te staan. Wel moet er aarde worden aangesloten, een twee aderig snoer is voldoende.
LET OP! Dateert uw huis voor 1975? Controleer dan of er een aardlekschakelaar is aangebracht van 30 milliampère. Dit is sinds 1975 verplicht. Wanneer u in een nieuwbouwwoning, een grote verbouwing of een renovatie zit, is het verstandig om van te voren na te denken over de verlichting en elektriciteit. Bij HOOGSPOOR Design Light kunt u zich hierover laten informeren. De elektriciteitsdraden kunnen nu nog op elke gewenste plek worden aangebracht en gefreesd worden in de muur. U kunt beter een paar stopcontacten te veel aanleggen dan te weinig. Het gebruik van losse verlengsnoeren is namelijk minder veilig en kan niet mooi worden afgewerkt. Let er wel op dat alle stopcontacten en schakelaars naar een centraaldoos moeten worden geleid.
Ontwerp en planning
Begin altijd met het maken van een klein tekeningetje. Waar moeten de leidingen naar toe? Wat is de kortste route? En welke kleur draad moet waar naar toe? Alle leidingen van alle stopcontacten, lichtpunten en schakelaars moeten per ruimte naar een centraaldoos worden gebracht. Probeer leidingen zoveel mogelijk verticaal te laten lopen. Zo maakt u de kans dat u er per ongeluk een schroef of iets anders in boort kleiner. Wilt u ze toch horizontaal laten lopen? Doe dit dan bij voorkeur langs de vloer of boven het plafond. Teken op de muur af waar de inbouwdozen moeten komen te zitten. Zorg dat het gedeelte dat binnen het afgetekende stuk valt wordt verwijderd. Doe dit door eerst over de hele afgetekende rand te boren en daarna de inhoud er uit te beitelen.
Teken op de muur af waar de sleuven moeten komen. Door de sleuven komen de leidingen te lopen. De elektriciteitsbuizen moeten op maat gezaagd worden. Dit kunt u doen met behulp van een ijzerzaag. De rechte stukken kunt u verbinden met moffen. In de elektriciteitsbuis schuift u een trekveer. Hieraan verbindt u de draden door één draad door het oog van de trekveer te steken. De andere draden draait u om deze draad heen. De draden kunt u het beste met twee personen trekken. De één staat aan het begin van de buis de draden de buis in te voeren, de ander staat aan het eind en trekt aan de trekveer. Heeft de leiding veel bochten, dan is het lastig om draden te trekken. Laat in dit geval de koppelstukken los van elkaar. Zorg dat de draden voldoende uit de inbouwdoos steken. De uiteinden dienen 1 cm gestript te worden. Met lasklemmen kunt u de juiste kleuren met elkaar vastklemmen.
In elke ruimte dient een centraaldoos aanwezig te zijn waarin alle elektrabuizen met elkaar worden verbonden. Tegenwoordig moeten alle stopcontacten en schakelaars voorzien zijn van een eigen elektrabuis. De doos mag niet worden afgewerkt, omdat hij namelijk vrij toegankelijk moet blijven zodat er altijd nog dingen veranderd kunnen worden wanneer dit nodig is. In oudere huizen wil het nog wel eens voorkomen dat er nog geen centraaldoos aanwezig is. Plaats deze dan als eerste. Begin altijd met het maken van een klein tekeningetje. Waar moeten de leidingen naar toe? Wat is de kortste route? En welke kleur draad moet waar naar toe? De leidingen moeten allemaal uitkomen bij de centraaldoos. Vanuit hier loopt er één leiding verder naar de meterkast.
Bediening en schakelingen
Hoe wilt u de lichtbronnen bedienen? U hebt meerdere opties die u kunt toepassen. Denk bijvoorbeeld aan de standaardversie via 1 schakelaar. Maar u kunt ook kiezen voor een hotelschakeling (1 lamp die u op 2 plaatsen kunt bedienen). Leg een leiding aan vanaf de centraaldoos naar de meterkast. Trek de draden hier door heen. Aan de tweede pool schroeft u een blauwe. Schroef aan één pool een bruine draad, aan de andere een blauwe. 1 lamp aangesloten op 1 schakelaar: Schakelaar: sluit de bruine draad aan op aansluitingklem “P” en steek de zwarte draad in één van de andere aansluitklemmen. Lamp: Schroef aan één pool de blauwe draad, aan de andere bevestigt u de zwarte. Centraaldoos: verbind de blauwe draad aan de andere blauwe draad, doe dit net zo met de bruine. De zwarte draad verbindt u met die van de schakelaar.
2 lampen, 1 schakelaar: Schakelaar: sluit de bruine draad aan op aansluitingklem “P” en steek de zwarte draad in één van de andere aansluitklemmen. Lamp: schroef bij elke lamp aan één pool de blauwe draad, aan de andere bevestigt u de zwarte. Centraaldoos: verbind de bruine draad van de schakelaar met de bruine aanvoerleiding. Verbind de zwarte draden van beide lampen met die van de schakelaar. Verbind de blauwe draad van de lamp met de blauwe aanvoerleiding.
2 lampen, 1 dubbele schakelaar: Schakelaar: sluit de bruine draad aan op aansluitingklem “P” en steek de zwarte draad in beide andere aansluitklemmen. Lamp: schroef aan één pool de blauwe draad, aan de andere bevestigt u de zwarte. Centraaldoos: verbind de twee bruine draden, die van de schakelaar en die van de aanvoerleiding, met elkaar. Doe dit net zo bij de blauwe draden. Verbind één van de zwarte draden met de eerste lamp, het andere aan de tweede.
1 lamp, 2 schakelaars (hotelschakeling): Schakelaar nr. 1: sluit de bruine draad aan op aansluitingklem “P” en steek de zwarte draad in beide andere aansluitklemmen. Schakelaar nr. 2: sluit de bruine draad aan op aansluitingklem “P” en steek de zwarte draad in beide andere aansluitklemmen. Lamp: bevestig aan de ene pool een blauwe draad. De zwarte draad die u aan de andere pool moet bevestigen, moet u markeren met tape. Centraaldoos: verbind de twee bruine draden, die van de schakelaar en die van de aanvoerleiding, met elkaar. Doe dit net zo bij de blauwe draden. Bevestig de gemerkte zwarte draad van de lamp met die van schakelaar nr. 2. Verbind de vier overige zwarte draden van schakelaar nr. Controleer voor de zekerheid nog een keer of alle draden goed zijn aangesloten. U kunt nu de schakelaars, stopcontacten en vaste lampen gaan bevestigen. Controleer of alles naar wens werkt. Schakel hiervoor eerst de stroom in. Als er later toch iets mis blijkt te zijn met de leidingen, moet u bij de centraaldoos kunnen. U mag deze dan ook nooit mee stuken.
Kies het type verlichting en beveiliging
Stopcontacten en lichtschakelaars zijn er in allerlei soorten en maten. Het zijn opvallende details in uw interieur en het is dan ook belangrijk dat u een passend model kiest. Stopcontacten en lichtschakelaars zijn er in opbouw- en inbouwsystemen. Het opbouwsysteem gebruikt u als de leidingen op de muur lopen, een inbouwsysteem schroeft u aan de inbouwdoos die in de muur zit. Let erop dat voordat u begint, u de stroom van de betreffende groep uitschakelt. Het is belangrijk dat de inbouwdoos gelijk valt met de muur. Controleer daarom of de inbouwdoos gelijk valt. De draden die uit de inbouwdoos komen moeten voor ongeveer 1,5 cm gestript worden. Draai de bevestigingsschroefjes van de inbouwdoos los. Zet het stopcontact of de schakelaar in de zojuist losgedraaide schroefjes. Stel het stopcontact of schakelaar horizontaal. In de schakelaar hoort een tuimelaar te zitten. Klem deze op zijn plaats.
Opbouwsysteem: Demonteer als eerste de nieuwe schakelaar of het stopcontact dat u wilt gaan monteren. Bepaal vervolgens de lengte van de draden die u nodig heeft. Bepaal de juiste locatie van de muurplaat. U kunt het beste de schroefgaten van te voren aftekenen op de muur. U kunt nu de gaten in de muur boren en deze voorzien van pluggen. U kunt de stroom nu weer inschakelen. Controleer of het stopcontact of de lichtschakelaar werkt zoals u wenst.
Kleine kinderen zijn vaak erg nieuwsgierig en proberen vaak allerlei voorwerpen in het stopcontact te steken. Bij HOOGSPOOR Design Light BV kunt u terecht voor een passend lichtplan over verlichting voor in uw badkamer. Elektriciteit in een vochtige ruimte kan levensgevaarlijk zijn. Er geldt dan ook een speciale regelgeving voor. HOOGSPOOR heeft in haar assortiment veel armaturen die geschikt zijn voor vochtige ruimtes. Deze armaturen voldoen aan de Nederlandse NEN normen 1010. De armaturen hebben een zogeheten IP-waarde. Deze IP-waarde geeft aan in hoeverre een armatuur geschikt is voor montage in een vochtige ruimte. In uw badkamer heeft u 3 zones. Deze zones geven aan hoeveel vocht er op die plaats komt. Zone 1 badkamerDit is de vochtigste zone van uw badkamer, hier vindt u de douche en het bad terug. De stoom die van het warme water afkomt, slaat in een directe straal van 0,6 meter rond uw douche en/of bad neer. De IP-waarde bedraagt IP45.Zone 2 badkamerDeze zone ligt tussen de natste en minst natte zone in. De stoom van het warme water is hier al ver afgekoeld en vormt al kleine druppels. Deze druppels kunnen al minder gemakkelijk in het armatuur komen. De straal die weer om zone 2 heen ligt bedraagt ook hier 0,6 meter. Hier hebben we een minimale IP-waarde nodig van IP44.Zone 3 badkamerDit is de minst vochtige zone van uw badkamer, al is het ook hier niet helemaal droog. Stoom komt immers overal. We spreken over zone 3 in een straal van 2,4 meter rond zone 2 en meer. De IP-waarde hier moet minimaal IP21 zijn. Het is zeer belangrijk dat u goed controleert of het armatuur dat u op het oog heeft, voldoet aan de IP-waarde. Elk armatuur heeft haar eigen installatievoorschriften, deze moet u vooraf goed doorlezen. De installatievoorschriften kunnen ook nog eens per land verschillen. Monteert u de armaturen volgens deze instructies dan doet u dit veilig volgens de Nederlandse NEN normen 1010.

tags: #doorvoerplaat #plafond #verlichting