Geloof hoort niet achter de voordeur: betekenis en context

Seculieren dringen religieuzen steeds verder in het nauw, vinden gelovigen. ‘Christenpesten’ wordt het genoemd, onder meer door SGP’er Bisschop. Voorzitter Boris van der Ham reageert in Trouw. Hij gaat in discussie met onder andere rabbijn Tamarah Benima en filosoof Govert Buijs. Van der Ham vindt het ‘christenpesten-verwijt’ onzinnig. “Sommigen zeggen dat we richting een Frans model van laïciteit evolueren, waarin religie krampachtig buiten de straat wordt gehouden.”

Het boerka-verbod is een van de weinig voorbeelden waar je dat van zou kunnen zeggen. Maar gek genoeg komt dat van het CDA, en bijvoorbeeld niet van GroenLinks en D66. Voor de rest zie ik die trend niet. Dus nee, religie hoeft niet achter de voordeur. “Want vrijheid van meningsuiting houdt juist in dat je je mening kunt uiten. Waar moet dat anders dan in het publieke domein?” Interviewer Wilfred van de Poll is kritisch. Van der Ham: “Die twee liggen voor mij heel dicht bij elkaar. In een vrij land mag iedereen geloven, doen en zeggen wat hij of zij wil, zolang dit de vrijheid van de ander maar niet schaadt.”

Zodra je de voordeur achter je dichtslaat en je je op straat begeeft, ben je aanspreekbaar op je gedrag en op je woorden. Dus: nee, godsdienst hoeft niet achter de voordeur te verdwijnen, maar gelovigen moeten ook niet klagen als ze kritiek krijgen. Dat geldt trouwens ook voor een humanist, een vrijzinnig-gelovige of atheïst. Mijn punt is dat je opvattingen of gebruiken niet kunt voortrekken vanwege het simpele feit dat die ‘religieus’ zijn. Wanneer? Nou, bijvoorbeeld als het gaat om rituele slacht. De afgelopen decennia groeide gelukkig het besef dat ook dieren recht hebben op een aantal welzijnseisen. Het is op zich heel raar dat je minder dierenwelzijn zou mogen betrachten, puur en alleen omdat jouw manier van slachten ‘religieus’ is.

Infographic: Publieke versus private religie in Nederland

Alsof iets ‘religieus’ noemen je ontheft van de plicht argumenten te geven. Als een koe meer lijdt doordat hij ritueel geslacht wordt, dan hebben wij als samenleving toch op te komen voor die dieren. Van der Ham constateert dat de samenleving zoekt naar een nieuw evenwicht om met religie in de publieke sfeer om te gaan. Want de samenleving is nu eenmaal drastisch veranderd. “Mensen voelen zich minder verbonden aan instituties en winkelen in levensbeschouwingen. De islam in Nederland geeft nieuwe spanningen rond kwesties van kerk en staat.”

En er zijn heel veel mensen die niet-religieus zijn, maar wel nadenken over kwesties van leven en dood. Zoals humanisten. Soms is het debat ongemakkelijk. Alleen al omdat mensen zich eigenlijk niet willen verdiepen in andermans mening. Hoe pluriformer de samenleving wordt, hoe consequenter je als overheid moet zijn in het bieden van een gelijk speelveld. “Mijn uitgangspunt is altijd: religie is een individueel recht. Wat je denkt mag je uiten, ook buiten de voordeur”, vindt Van der Ham. Van der Ham heeft een principiële, individuele visie op geloofsvrijheid.

“Als meisjes uit vrije wil een hoofddoek willen dragen, prima. Dat is hun recht, ook op straat of in de winkel of op school. Maar als op het schoolplein andere moslim-vrouwen, die er voor kiezen geen hoofddoek te dragen, onder druk worden gezet die ook te dragen, dan staat dat haaks op individuele geloofsvrijheid.”

Het gesprek gaat verder met bredere maatschappelijke voorbeelden. Vrij denken, samen leven. Gelovigen betekenen heel veel voor de brede samenleving. Ze doen bijvoorbeeld vaker vrijwilligerswerk dan mensen die niet geloven, en zetten zich in voor voedselbanken, asielzoekerscentra en wereldwinkels. Binnen de ontwikkelingssamenwerking zie ik een vergelijkbare tendens. Kerken doen wereldwijd ontzettend veel goeds, juist in gebieden die enorm onder druk staan. Neem Congo en Bangladesh als voorbeelden; Tearfund werkt in 50 landen waarin de kerk een cruciale rol speelt in het sociale domein.

OnderwerpVoorbeeldEffect
Kerken in ontwikkelingswerkCongo, BangladeshVerdraagt maatschappelijke plaatjes van hoop en hulp
Publieke religie in crisistijdCorona-periodeReligie bood troost en houvast

We zien daarnaast in veel conflictgebieden dat geloof mensen helpt om met verdriet en tegenslag om te gaan. Dat zagen we ook hier in het Westen tijdens corona toen mensen hun heil zochten bij religie. We staan voor een onzekere toekomst, met een veranderend klimaat en een onvoorspelbare geopolitieke situatie. Het is geen gegeven dat onze toekomst er beter op wordt. Het is vanuit dat gegeven misschien wel extra wrang dat er juist nu door sommigen wordt aangestuurd op een samenleving waar religie achter de voordeur wordt geplaatst. De contouren van een samenleving zonder God zijn, zoals hierboven geschetst, namelijk niet enkel hoopvol.

kaart: Religie achter de voordeur vs publieke religie

Wereldwijd zien we dat kerken enorm veel bijdragen aan het collectief welzijn. Inmenging in de privésfeer om mensen ‘vooruit’ te brengen, is in Nederland moreel beladen. De ‘achter de voordeur’-aanpak roept beelden op van bevoogding en paternalisme zoals in het begin van de twintigste eeuw hoogtij vierden. Toch grijpen de ‘achter de voordeur’-initiatieven snel om zich heen. In weerwil van de angst voor privacyschending en paternalisme omtrent ‘achter de voordeur’ reageren de benaderde huishoudens overwegend positief.

Bij de huisbezoeken binnen de wijkenaanpak wordt met minimaal driekwart van de geselecteerde bewoners contact gelegd en vrijwel iedereen toont zich tevreden met de persoonlijke aandacht. Hoewel het enige moeite kan kosten om vertrouwen te winnen, bereiken projecten die vanuit de hulpverlening of officiële instanties werken soms zelfs een respons van meer dan 90 procent. Eenmaal in gesprek komt er vaak van alles los, waardoor ook professionals enthousiast zijn over de methode. Voor gemeenten en instanties leveren de huisbezoeken veel nuttige informatie op die uitstijgt boven de hun afzonderlijk bekende dossiers of algemene statistische overzichten.

Zo worden veel ‘achter de voordeur’-projecten opgezet omdat men vermoedt dat er ‘veel aan de hand is’ in een bepaalde wijk of onder bepaalde groepen huishoudens, maar men hier niet ‘de vinger op kan leggen’. Doordat de projecten doordringen tot de leefwereld van mensen ontstaat er een meer integraal beeld. Hieruit blijkt dat er in veel bezochte huishoudens wel degelijk allerhande zaken spelen die om een oplossing vragen. Meestal gaat het echter om relatief milde kwesties waarvoor men zelf al eerder hulp had gezocht.

Theater Achter de voordeur - spelersoproep mannen en jeugd

Ook mensen met meervoudige problematiek hadden instanties vaak al in het vizier, zij het niet altijd meer actief. Zo waren van de driehonderd huishoudens die in de Tilburgse wijk Stokhasselt werden bezocht er slechts enkele aan te merken als ‘onontdekte’ multiprobleemgezinnen. Bewoners zijn dus positief en gemeenten krijgen veel informatie met interventies achter de voordeur. Echter, in evaluaties worden de effecten van de interventies nog onvoldoende aangetoond, zeker op de langere termijn.

Uit onze evaluaties blijkt dat de meeste ‘achter de voordeur’-projecten wel succesvol zijn in het in kaart brengen en doorbreken van een situatie die mensen vaak voor lief nemen. Vrijwel alle studies wijzen er echter ook op dat deze methode weinig effectief is als het alleen bij signalering en crisisinterventie blijft. De noodzakelijke intensieve manier van samenwerken tussen frontlijn, backoffice en ketenpartners is echter niet vanzelfsprekend.

De notie van vertrouwen is een oergegeven, onmisbaar voor het menselijk bestaan. Leven in het platte vlak alleen, vrede hebben met de dingen van de dag, roept onrust op, vraagt naar meer, zoekt naar zin. Geloof (in welke vorm dan ook) blijkt sterker te zijn dan men veronderstelde. Mensen hunkeren naar fundamentele geborgenheid in iemand, eventueel in iets. Het werkwoord amen is afgeleid van Hebreeuwse wortel en draagt bij aan de betekenis van geloven als een existentiële activiteit die hart en verstand omvat.

tags: #geloof #hoort #niet #achter #de #voordeur