Hoe geluidsisolatie muur berekenen en verbeteren

Geluidsisolatie is de vorm of mate waarin het geluid wordt tegengehouden. Geluidsisolatie wordt onderverdeeld in:Bestrijden van luchtgeluid en contactgeluidLuchtgeluid kan het beste "bestreden" worden door:- geluidsabsorberende materialen (schuim, vlokkenschuim)- dichten van kieren en gaten (denk ook aan contactdozen die ver de muur in steken)- bij de bron (het gebruik van koptelefoons bij het spelen of luisteren naar muziek).

Bij directe overdracht van luchtgeluid zijn de volgende eigenschappen van scheidingsconstructies van invloed: - de massa per m2- de stijfheid- de dempingsfactor van het materiaal- enkelbladige of meerbladige constructie (massa-veer-massa, zie verderop). De geluidisolatie van ramen wordt in hoofdzaak bepaald door: soort beglazing (enkel, dubbel, gelaagd), beglazingssysteem, de afmetingen, de kozijnconstructie, de aansluitingen en de kierdichtingen.

Contactgeluid kan het beste bestreden worden:- bij de bron (bron isoleren, vermijden of blokkeren opwekken geluid en doorgeven geluid, ontkoppelen bouwdelen, dichte massa)- geluidsabsorberende materialen (schuim, vlokkenschuim)- door trillingsisolatie toe te passen.Denk aan het ophangen van luidsprekerboxen m.b.v. touw (of desnoods dempers eronder), zwevende vloeren of desnoods zachte afwerkvloeren, het dragen van zachte schoenen e.d. Een zwevende vloer werkt als een massa-veer-systeem. Let op: als er al een zwevende dekvloer is, dan kan er alleen een andere "verende" vloer gelegd worden als die vastgelijmd wordt op de zwevende vloer. Bij meer zwevende of verende vloeren op elkaar ontstaan er ongewenste resonantie-frequenties.

Door de akoestische ontkoppeling van wanden en vloeren worden de flankerende geluidswegen gedempt. Dit heeft een positief effect op de luchtgeluidisolatie. Loopgeluiden van bovenburen worden deels vermeden door zwevende vloeren (bij de bovenburen).

Geluidsisolatie door absorptie, omleiding en blokkadeGeluid kan "geïsoleerd" worden door:- geluidsabsorptie (geluidsgolven dempen, door mee te veren vangt het materiaal trillingen op)- geluidsomleiding (denk aan een geluidsscherm langs de snelweg)- geluidsblokkade (geluidsisolatie, geluid blokkeren, tegenhouden van geluid door een zware massa). De combinatie van een zware massa en geluidsabsorptie wordt het massa-veer-systeem genoemd: - massa = zwaar materiaal = isolerend (dichte structuur, grote massa)- veer = licht materiaal = absorberend (open structuur, poreus, schuim). Een zwaar, compact materiaal houdt de geluidsgolven tegen (isoleert de golven, de golven kunnen plotseling niet verder). Een lichte, open structuur absorbeert de geluidsgolven (de golven verdwijnen langzaam in de open cellen, elke open cel veert een beetje mee met de golven en dempt de golven een beetje). Denk aan dik hard rubber (massa) + geluidsabsorptiemateriaal (veer) in een wand die geluid moet isoleren. Denk aan beton + geluidsabsorptiemateriaal + beton als geluid isolerend + absorberend + isolerend in een massa-veer-massa-constructie van een bouwmuur (muur tussen twee huizen). Zie eventueel ook bij geluidsabsorptie.

Geluidsisolatie en warmte-isolatieGeluidsisolerende eigenschappen van materialen zijn vaak beduidend verschillend van de thermische eigenschappen (warmte-isolerend). Een materiaal dat zowel thermisch als akoestisch zeer goed isoleert bestaat eigenlijk niet: "thermische isolatie is van nature licht (stilstaande lucht) en akoestische isolatie werkt volgens het massa-veer-massaprincipe". (Livios) Zie eventueel het Excel-sheet met akoestische en thermische isolatiematerialen van Gerard Voskuil. Dubbel glas is naast het primaire doel van warmte-isolatie ook redelijk effectief voor geluidsisolatie, zeker als er een grote spouw wordt aangebracht tussen de glasvlakken. De geluidisolatie van dubbel glas is afhankelijk van:- de dikte van de glasbladen [en verschillende dikte (red.)]- de spouw tussen de glasbladen- de koppeling tussen de glasbladen- de spouwvulling- de randabsorptie en randdemping- de evenwijdigheid van de glasbladen. De spouwbreedte is de belangrijkste invloedsgrootheid. Hoe groter de spouw, hoe hoger de geluidisolatie. De geluidisolatie wordt beter bij een spouw groter dan 60 mm, gerealiseerd met een voorzetraam of dubbele ramen.

Wanden kunnen geïsoleerd worden door bijvoorbeeld Multisonic toe te passen: een lichtgolvend zelfdovend polyurethaanschuim (schuimrubber), een zware massaplaat (zoals een sandwichpaneel van multiplex en zwaar rubber) en een viltlaag of de speciale akoestische baksteen. Ook bij systeemwanden is geluidsisolatie mogelijk.Verder zijn er bijvoorbeeld plafondplaten met een laag polystyreen en houtwolcement en platen met een laag steenwol en houtwolcement (beide soorten verkrijgbaar via Stertekt).

Plafonds. Wanneer flats voorzien zijn van een akoestisch dempende vloer, dan is ook daar in vele gevallen een vloer van natuursteen of keramische tegels mogelijk. Akoestisch isolerend is bijvoorbeeld SoundFelt, een natuurlijke isolerende ondervloer van Isovlas, waarbij de absorptie voor contactgeluid minimaal 10 dB is. (Let bij ondervloeren op de eisen die gesteld worden: isolerende ondervloeren zijn vaak niet vochtwerend; bij een begane grondvloer dient daarom meestal een vochtwerende laag onder een niet-vochtwerende akoestische ondervloer geplaatst te worden.)

Als een woning tegen geluid geïsoleerd is, is het beter om de ramen tegen het geluid gesloten te houden. Om dan toch te kunnen ventileren worden suskasten toegepast. Pleisterwerk. Er zijn speciale akoestische pleisters (stucwerk), bijvoorbeeld Brander Acoustuc, "een verspuitbaar akoestisch pleistersysteem, dat geschikt is voor het afwerken van plafonds en wanden in ruimten waar nagalm ontstaat".

Geluidsproblemen binnen gebouwen en praktische aanpak

Geluidshinder binnen gebouwen Soorten Vormen van geluidshinder binnen gebouwen zijn o.m.:- ventilatiesystemen (o.m. de unit zelf, de leidingen, maar ook de locatie van de unit is belangrijk)- cv-installaties, warmtepompen e.d.- waterleidingen en afvoerleidingen (o.m. geluid van stortend water in afvoerbuizen, standleiding, maar ook bijvoorbeeld waterslag)- hydroforen (apparaten die het leidingwater onder druk brengen of houden)- de genoemde luchtgeluid en contactgeluiden (o.m. luchtgeluid van naburige muziek/tv, contactgeluid door harde vloerbedekking als parket/laminaat)- liften, trappenhuis e.d. (o.m. geluid van de installaties en van personen die zich bij lift of trap bevinden)- deuren van appartementen, parkeergarages e.d.

De warmtepomp Door de overgang van cv-ketel naar warmtepomp hebben meer mensen hinder van het geluid van de warmtepomp, soms het binnendeel ervan (bewoners), soms het buitendeel (buren en bewoners). Het geluid dat een apparaat voortbrengt, wordt gegeven in geluidsvermogen, in dB(A). Sinds 2012 is dat in de EU voor warmtepompen tot 6kW max. 65 dB(A), voor grotere warmtepompen tot 12kW max. 70 dB(A). De geluidsdruk is vaak belangrijker (met dank aan o.m. Warmtepompvergelijker):- "Een warmtepomp met een geluidsvermogen van 65 dB(A) heeft een berekende geluidsdruk van 44 dB(A) op 5 meter afstand. Op 10 meter is de geluidsdruk afgenomen tot 37 dB(A)."- Voor de buitenunit geldt (i.v.m. geluidshinder bij vooral de buren, Bouwbesluit art 3.8): "Het meetpunt voor geluidsdruk wordt de erfgrens, de scheiding tussen jouw terrein en dat van de buren. De geluidsdruk mag op de erfgrens overdag (van 07:00 tot 19:00) niet hoger zijn dan 45dB(A), gemeten bij maximaal vermogen van de warmtepomp. In de nacht (van 19:00 tot 07:00) moet de geluidsdruk lager zijn, maximaal 40 dB(A). In de nacht wordt de geluidsdruk gemeten als de warmtepomp draait in de 'stille modus' (silent mode)". (Die nacht-waarden gelden uitsluitend als de warmtepomp met een afzonderlijke instelling voor de avond+nacht (silent mode) is uitgerust. Als er geen stille modus is, dan is de eis de gehele dag max. 40 dB.) - Voor de binnenunit of voor een installatie die uit één binnenshuis opgestelde unit bestaat, geldt (i.v.m. geluidshinder bij vooral uzelf, Bouwbesluit art. 3.9): 30 dB.- Ook voor bestaande bouw waar een dergelijk apparaat wordt geplaatst, gelden deze eisen.

Niet alleen het voortgebrachte geluid van het apparaat zelf kan hinderlijk zijn, ook trillingen van de leidingen of de muur waar de warmtepomp aan hangt, kunnen voor bewoners en buren veel hinder geven.

Tips om geluidsoverlast van de warmtepomp te vermijden:- Aan de kant van de werking van de warmtepomp: ventilator toerental van verlagen (bijvoorbeeld van 90 naar 75), ventilator:"stille modus" ook overdag instellen (altijd op 1 zetten), pompstand lager instellen, een eventueel tweede verwarmingselement van de warmtepomp tijdelijk uitzetten.- Aan de kant van de installatie van de warmtepomp (met dank aan Vereniging Eigen Huis): plaats de warmtepomp op geluidsabsorberende buffers (Big Foot's, e buffers mogen daarbij niet in contact komen met een muur van de woning), plaats trillingsdempende veren tussen de buffers en ondergrond, bevestiging aan de muur is af te raden (als het niet anders kan bevestig alleen aan een massieve muur, gebruik een muurbeugel die met geluidsontkoppelende pluggen bevestigd is aan de muur, plaats geluidsabsorberende buffers op de muurbeugel, plaats metalen veren tussen de warmtepomp en de buffers), vermijd contactgeluid via de leidingen daar waar de (geïsoleerde) leidingen het huis in gaan, eventuele gaten of kieren dichten met glaswol of steenwol, monteer leidingen zowel buiten als binnen, met leidingbeugels met rubberen inleg.

Infographic: Massa-veer-massa constructie

Mogelijke oplossingen geluidsisolatie (bouwakoestiek) (andere pagina)RegelgevingRuimtelijke ordening In het kader van ruimtelijke ordening is vaak onderzoek nodig wat de gevolgen zijn van een bepaalde geluidsbelasting, bijvoorbeeld in het kader van een Millieu Effect Rapportage (MER). Onder meer het geluidBuro kan allerlei metingen uitvoeren om na te gaan of aan de randvoorwaarden wordt voldaan en zo niet, welke reducerende maatregelen mogelijk nog zijn (binnen bepaalde grenzen uiteraard).Normen en waarden Om een zekere mate van comfort te bieden, is in het Bouwbesluit opgenomen dat een uitwendige scheidingsconstructie in gesloten toestand een geluidwering van minimaal 20 dB(A) op moet leveren. Het gaat hier dus bijvoorbeeld om een gevel zonder ventilatieroosters. Afhankelijk van de geluidsbelasting (industrie, weg- en spoorweglawaai) en van de soort binnenruimte (verblijfsgebied, bedgebied / slaapkamer) kan deze eis hoger liggen. "Bij industrie-, weg- en spoorweglawaai is een karakteristieke geluid-wering van 20 dB niet voldoende. Gemeenten stellen op basis van de Wet geluidhinder een zogenoemd hogere- waardenbesluit vast waarin de zones zijn opgenomen waarin een hogere geluidsbelasting is toegestaan («hoogst toelaatbare geluidbelasting») en nemen deze op in het bestemmingsplan." (Bouwbesluit art. Geluidsoverlast werkt storend en zorgt voor conflicten. Veel overlast wordt veroorzaakt door geluiden die zich via de muur verplaatsen. Contactgeluiden van voetstappen of muziek zijn daar voorbeelden van. Geluidsisolatie plaatsen? Je kunt een ruimte op verschillende manieren akoestisch isoleren. Het hangt daarbij van het type geluidsoverlast af welke maatregelen het meest geschikt zijn om de overlast te beperken. In principe zijn er twee soorten geluid die overlast kunnen geven: luchtgeluid en contactgeluid. Luchtgeluid ontstaat door geluidstrillingen die voornamelijk via de lucht overgedragen worden. Het zijn vaak zeer kleine kieren of gaatjes die tot geluidsoverlast kunnen leiden. Luchtgeluiden kunnen ook wanden en plafonds in trilling brengen. Voorbeelden: audiogeluiden, stemmen van personen en windgeruis. Geluidsoverlast door contactgeluiden ontstaat door bouwdelen die in contact met elkaar staan en in trilling worden gebracht. Denk bijvoorbeeld aan hakken op een tegelvloer of het geluid dat ontstaat wanneer je met het meubilair over een gladde vloer schuift. De vloer wordt in trilling gebracht en de geluidsgolven die daarbij ontstaan kunnen zich door de rest van het gebouw verspreiden.

De voorzetwand kan Akoestische schuimplaten worden in de regel gemaakt van een zachte schuimsoort met een noppenprofiel. Deze platen zijn vooral geschikt om de akoestiek in een ruimte te verbeteren en zijn dus minder geschikt om bijvoorbeeld burenoverlast te voorkomen. De platen absorberen vooral midden- en hoogfrequent geluid en absorberen hinderlijke geluidsreflecties (nagalm). Deze platen worden vaak toegepast in geluidsstudio’s, kantoren, klaslokalen en vergaderruimtes.

Geluidsisolatie 2 simpele manieren om geluidoverlast in huis te verminderen

Testen en berekeningen van geluidisolatie

Geluidshinder binnen gebouwen Soorten Vormen van geluidshinder binnen gebouwen zijn o.m.:- ventilatiesystemen- cv-installaties, warmtepompen e.d.- waterleidingen en afvoerleidingen- hydroforen- de genoemde luchtgeluid en contactgeluiden- liften, trappenhuis- deuren van appartementen, parkeergarages e.d.

De testmethoden: Praktijkmetingen- luchtgeluid door een meting van het geluidsniveau tussen twee aansluitende ruimten- contactgeluid door een hamerapparaat dat op de vloer tikt in de ene ruimte en meten van het geluidsniveau in de aansluitende ruimte.Geluidsisolatie door absorptie, omleiding en blokkadeGeluid kan "geïsoleerd" worden door:- geluidsabsorptie- geluidsomleiding- geluidsblokkade. De combinatie van een zware massa en geluidsabsorptie wordt het massa-veer-systeem genoemd.

Een muur die geluid doorlaat is een veelvoorkomend probleem, zeker in oudere woningen met enkele stenen muren of lichte scheidingsconstructies. Maar ook in nieuwbouw komen we regelmatig muren tegen die niet aan de eisen voldoen door bouwfouten, onafgedichte doorvoeringen of verkeerd toegepaste materialen. Plan gratis adviesgesprek.

De isolatie wordt bepaald door drie factoren: massa (hoe zwaarder de muur, hoe meer geluid wordt tegengehouden), luchtdichtheid (elke kier is een geluidslek) en ontkoppeling (trillingen mogen niet via stijve verbindingen worden doorgeleid). Een betonnen muur van 200 mm biedt Rw circa 52 dB. Een enkele bakstenen muur van 100 mm haalt slechts Rw 42 dB. Een lichte gipsblokkenwand kan nog lager uitvallen.

Wij meten de luchtgeluidsisolatie (DnT,A) conform NEN 5077. Na de meting adviseren wij over de meest effectieve verbetering: van het eenvoudig afdichten van kieren en doorvoeringen tot het plaatsen van een vrijstaande voorzetwand met gescheiden regelwerk, minerale wol en dubbele gipsplaat (maximale verbetering van 10-15 dB). Wij specificeren materialen, diktes en uitvoeringsdetails.

Voorzetwand: wanneer en hoe? Een voorzetwand op gescheiden regelwerk (geen contact met de bestaande muur) met 50 mm minerale wol en dubbele gipsplaat van 12,5 mm kan de isolatie met 10 tot 15 dB verbeteren. Cruciaal is dat de voorzetwand volledig is ontkoppeld: geen stijve verbindingen met vloer, plafond of zijwanden. Een houten lat tegen de muur als regelwerk is een veelgemaakte fout die de verbetering grotendeels teniet doet. Wij begeleiden de uitvoering.

ContactAdviesgesprek of offerte aanvragen

Inhoudsopgave 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9. 10. 11. 12. Veel gevels en daken van woningen en andere gebouwen dienen sinds de invoering van de Wet Geluidhinder in 1979 te voldoen aan extra geluidwerende eisen ter bescherming tegen geluid van buiten. De Woningwet speelde daarop in via het Besluit Geluidwering Gebouwen, later door het Bouwbesluit welke in werking trad in oktober 1992. Het Besluit bouwwerken leefomgeving verwijst voor de vaststelling van de geluidwering naar de vigerende Nederlandse norm voor bepaling van de geluidwering van de gevel: de NEN 5077: Deze schrijft toetsing voor door middel van meting, dus na voltooiing van het bouwwerk. Tegenwoordig wordt qua berekeningsmethode van de geluidwering van de gevel aan het Besluit bouwwerken leefomgeving vaak verwezen naar de NPR-5272. Uit privaatrechterlijk standpunt mag een koper en/of bewoner verwachten dat een nieuwe woning aan de wettelijke eisen van het Besluit bouwwerken leefomgeving voldoet. In de dagelijkse praktijk van de leden van de Werkgroep Geluidhinder Grote gemeenten werd al begin jaren tachtig bij de controlemetingen geconstateerd dat de gemeten geluidwering van gevels van woningen vaak minder was dan de berekende. In meer dan 30 % moesten er na controlemetingen corrigerende maatregelen worden getroffen. De verschillen tussen meting en berekening lagen in de orde van 1 à 2 dB(A) met een aantal uitschieters tot ca. 5 dB(A). Het streven van het onderzoek was dat alle faktoren welke de geluidwering van de gevel met meer dan 1 dB(A) kan vergroten, respectievelijk verkleinen, in de rekenmethode moeten worden opgenomen. Een en ander resulteerde in gezamenlijk onderzoek naar een aantal aspecten zoals: de invloed van kiermaat-afwijkingen, richtings-gevoeligheid van suskasten, de geluidsisolatie van beglazingen in praktijk-opstellingen en dergelijke. De uitkomsten van dit onderzoek gaven aanleiding de toen in gebruik zijnde rekenmethoden aan te vullen. Gelijktijdig met dit proces werd door de Technisch Physische Dienst TNO/TU Delft nader onderzoek gedaan naar de geluidwering van naden, kozijnen en beglazingswijzen. Op de bijlagen zijn gegevenslijsten van materialen en aanwijzingen voor de wijze van rapportage opgenomen. Een groot deel van de materiaal-gegevens komen overeen met die in de publikatie 112 “Herziening rekenmethode geluidwering gevels”, uitgave 1989 van het ministerie van VROM. en de publikatie ” GELUIDWERING IN DE WONINGBOUW april 1992 van het ministerie. Dit geldt met name voor beglazingen. De gegevens van suskasten zijn samengesteld aan de hand van opgaven en meetrapporten van de fabrikanten. Fabrikanten en importeurs die aanvullingen, wijzigingen e.d. De werkgroep beperkt zich tot het verspreiden van de rekenmethode. Zij acht het niet tot haar taak zelf software te verspreiden waar deze methode mee kan worden uitgevoerd. Dit wordt aan de markt overgelaten. De richtlijn is in eerste instantie bedoeld voor de eigen adviseurs en technici van de deelnemende grote gemeenten en de adviesbureaus welke in opdracht van deze gemeenten akoestische adviezen geven. Daarnaast kan zij natuurlijk ook door anderen worden gehanteerd. Door de genoemde deelnemers van de werkgroep wordt deze methode aanbevolen omdat zij beter op de praktijksituatie aansluit. Analoog aan de berekening van verkeerslawaai wordt de rekenmethode gesplitst in de eenvoudige methode 1, welke net als de voorgaande GGG93 methode, alleen een berekening maakt in dB(A) en een uitgebreidere methode 2 die de berekeningen per oktaafband uitvoert. De oktaafberekening maakt het eenvoudiger voor spoor- en luchtvaartlawaai en andere soorten lawaai de geluidwering te berekenen. Bovendien geeft een oktaafberekening een beter inzicht in welke oktaafbanden de kritische punten van de geluidwering liggen. Nieuw in de methode GGG97 is dat de geluidbijdrage per gevelelement wordt uitgedrukt in een partieel geluidniveau. In de methode GGG93 werd dit gedaan door middel van zgn. termen. De bepaling van de geluidbelasting op het gevelelement door middel van de gevelvlakfactor CL en de gevelstructuurfactor is uitgebreid.

tags: #geluidsisolatie #muur #berekenen