In mijn nieuwbouwwoning wil ik een verlaagd plafond gaan plaatsen. Het regelwerk is niets anders dan een houten frame waaraan u de gips of stucplaten kunt bevestigen. Voordat u hiermee begint moet u eerst controleren of het plafond waterpas is. Het hout dat hiervoor wordt gebruikt zijn over het algemeen balken van vurenhout.
Na het sloopwerk van het oude plafond en het afvoeren van puin, begint u met het plaatsen van het regelwerk. Het regelwerk wordt gemaakt door gebruik te maken van houten latten die dwars tegen de plafonbalken/fundering word aangebracht. Wanneer u inbouwspots wilt plaatsen, zorg er dan voor dat er over de stroomvoorziening is nagedacht. Dit kan gedaan worden door een baan aan te leggen van pvc waarin deze kabels doorheen lopen of door flexibele buis vanuit de centraaldoos over het plafond door te trekken.
Bij de meeste inbouwspots is het mogelijk om de kabel door te luusen. Plaats vervolgens de gipsplaten met 35mm schroeven dwars over het regelwerk. Het is raadzaam om zogenaamde gipsschroeven te gebruiken. De bouwmarkt verkoopt gipsplaten in verschillende afmetingen, verschillende varianten en verschillende toepassingen. Zo zijn er aparte gipsplaten voor verf, stucwerk en voor speciaal voor de badkamer.
Bereken goed hoeveel gipsplaten er nodig zijn zodat er zo min mogelijk zaagafval of snijafval overblijft. Nadat het plafond is verlaagd is het tijd voor de afwerking. Als je ervoor kiest om het plafond zelf te schilderen, is het belangrijk dat je de naden en schroefgaten eerst vult met gipsplaatvuller en de muur in de voorstrijk zet. Gipsplaten hebben namelijk een behoorlijk zuigende werking. Nadat het plafond is gestukt of geschilderd, is het tijd om gaten in het plafond te maken met een gatenboor om vervolgens de inbouwspots te plaatsen.
De positie van de gewenste ruimte tussen de inbouwspots zijn persoonlijk maar wij hanteren over het algemeen 80 tot 150 cm tussenruimte. De inbouwspot mag niet door de opening heen vallen en anderzijds mag hij best niet te groot zijn. Maar minstens even belangrijk is de inbouwdiepte van de spots. De spot mag immers niet te hoog zijn zo niet geraakt hij niet volledig in de opening. In de meeste plafonds is er een inbouwhoogte van +/- 10 cm.
Wanneer u echter een kleinere inbouwhoogte hebt, zal u verplicht zijn om een inbouwspot te nemen met een lage inbouwdiepte. Tegenwoordig zijn hier veel modellen in (zie ook onze webshop met het overzicht van inbouwspots met lage inbouwdiepte). Er zijn al inbouwspots met een inbouwhoogte van bijvoorbeeld maar 2 cm. Deze zijn trouwens niet enkel interessant om in te bouwen in het plafond maar ook onder de kast.
Een GU10 inbouwspot is een armatuur waarin een afzonderlijke spot wordt geplaatst. Naast de inbouwhoogte van de GU10 inbouwspots moet u ook rekening houden met de lichtbron die hierin komt. Vaak is dat een GU10 spotje maar het kan evengoed een LED module zijn. Een gemiddeld GU10 spotje heeft een hoogte van 5,5 cm. Als u ook nog rekening houdt dat de GU10 fitting ongeveer 1 cm hoog is, dan moet u dit bij de inbouwdiepte van de spots bij tellen.
Concreet kom je tot het volgende voorbeeld: stel inbouwspot 2 cm hoogte: spot valt 1 cm diep dus komt 1 cm boven het plafond + spot 5,5 cm + GU10 fitting 1 cm = 7,5 cm - dikte plafondplaat (bijvoorbeeld 2 cm). Hou bij de plaatsing van uw inbouwspots ook rekening met isolatie. Indien er isolatie is boven het plafond mag dit niet tegen de inbouwspot komen.
Voordat u de verlichting definitief monteert, is het verstandig rekening te houden met warmteontwikkeling. Houd bij inbouw ook rekening met wat warmte ontwikkeling (natuurlijk is dit vandaag de dag minder dan in de tijd van halogeenspots). De LED-driver is nodig om de LED spot of halogeen spot goed te laten functioneren. De LED-driver kan niet zomaar overal geplaatst worden.
Het beste is om een driver dicht bij de inbouwspot te plaatsen. Daarvoor is extra ruimte nodig in de inbouwbox. Afgeraden wordt om de LED-driver op afstand te plaatsen. In de inbouwboxen of plasterkits is niet altijd ruimte voor een LED-driver. De LED-driver moet dan extern geplaatst worden. Wij adviseren om externe plaatsing vooraf met de installateur of bouwbegeleider te bespreken, zodat bij installatie een alternatieve plek voor de LED-driver niet te ver van de inbouwspots kan worden bepaald. Je kunt het beste (indien mogelijk) bij iedere inbouwspot een eigen LED-driver te plaatsen.
Bij het monteren van de inbouwboxen of plasterkits moeten, om roestplekken in de stuclaag te voorkomen, schroeven worden gebruikt die onder geen enkele omstandigheid kunnen roesten. De boxen moeten worden geplaatst voordat beton wordt gestort of stucwerk wordt aangebracht. Het formaat van de inbouwbox en dus van de inbouwruimte is afhankelijk van de spot. Het is belangrijk dat je vooraf weet welke spots nodig zijn en welke inbouwmaat ze vereisen.
De ruimte die de box biedt om de armaturen te plaatsen is precies op het formaat van de armaturen afgestemd. De stuclaag moet minimaal 5 tot 7 mm dik zijn om de inbouwboxen of plasterkits rijkelijk te bezetten. Een te dunne laag stucwerk kan leiden tot scheurvorming als de armaturen geplaatst worden. De randloze spot vereist extra zorg bij het stucwerk, omdat deze minder afdekking biedt. De rand dekt eventuele oneffenheden rond de inbouwopening af, maar is vaak te klein en kan kieren veroorzaken.
Elke spot heeft zijn eigen inbouwmaat in doorsnede en hoogte. Wij adviseren om in een vroegtijdig stadium te bepalen welke spot voor uw situatie geschikt is c.q. welke maatregelen noodzakelijk zijn als voor een bepaald spottype wordt gekozen. Balken of leidingen kunnen in de weg lopen en de afstand tussen muur en spot verschilt per spot. Bundelbreedte, kantelbaarheid maar vooral het nagestreefde lichteffect zijn bepalend voor de afstand tot de muur.
Het vroegtijdig bepalen waar je inbouwspots goed tot hen recht komen kan lastig zijn. Lichtspecialisten van HOOGSPOOR helpen je graag met een persoonlijk lichtplan. In dit blog leest u meer over hoe wij te werk gaan bij het maken van een lichtplan. Een belangrijk gegeven is dat er bij inbouwspots natuurlijk voldoende inbouwruimte aanwezig moet zijn. Bij een verlaagd plafond is de inbouwhoogte en de balkhoogte bepalend voor de keuze van de soort spot.
Bij een betonnen plafond wordt gebruik gemaakt van een inbouwbox. Het formaat van de inbouwbox en dus van de inbouwruimte is afhankelijk van de spot. Als beton wordt gestort moet daarmee vooraf rekening worden gehouden. Dit betekent dat in een vroegtijdig stadium van de bouw duidelijk moet zijn welke spots moeten worden ingebouwd. De boxen moeten worden geplaatst voordat beton wordt gestort of stucwerk wordt aangebracht.
De projectie en klim van afwerking kunnen worden ondersteund door het gebruik van infographics en visuals die de plaatsing van het regelwerk, inbouwboxen en de verhoudingen tonen.

Ook relevant is de afwerkingsstap: vul gaten met gipsplaatvuller, breng voorstrijk aan en schilder het oppervlak na het stucen.

In sommige gevallen kan men kiezen voor een transformator of LED-driver die extern geplaatst wordt.
Tot slot is het verstandig om rekening te houden met de isolatie rondom de spots. Indien er isolatie is boven het plafond mag dit niet tegen de inbouwspot komen.

Samengevat is het mogelijk om een verlaagd plafond te realiseren met inbouwspots door een zorgvuldig regelwerk te plaatsen, kabels goed te leggen, gipsplaten correct te bevestigen en de juiste inbouwspots te kiezen met lage of aangepaste inbouwdiepte.