Hydrofoberen is een proces waarbij de buitenzijde van een gevel, muur of wand waterafstotend wordt gemaakt. Het woord is afgeleid van ‘hydro’ (water) en ‘foberen’ (afstoten). Door een speciale vloeistof, een hydrofuge, op de gevel aan te brengen, wordt deze beschermd tegen het binnendringen van regen en vocht. Dit is een veelgebruikte methode om problemen zoals doorslaand vocht, vorstschade en groene aanslag te voorkomen.
Het hydrofoberen van gevels valt onder de bredere term impregneren, maar is specifiek gericht op het creëren van een waterafstotend oppervlak. Dit zorgt ervoor dat de gevel droog blijft, vochtproblemen worden gemeden en de muur beschermd is tegen algen, schimmelgroei en vorstschade. Impregneren kan ook bescherming bieden tegen vuil en vervuiling, terwijl hydrofoberen zich exclusief richt op waterafstotendheid.
Voordelen van Hydrofoberen
Naast het voorkomen van vochtproblemen, doorslaand vocht, schimmel- en algengroei en vorstschade, biedt hydrofoberen nog meer voordelen:
- Verbetering van het binnenklimaat: Een droge gevel houdt warmte beter vast dan een vochtige muur, wat kan leiden tot een efficiënter energieverbruik.
- Verlenging van de levensduur: Door de gevel te beschermen tegen vocht en weersinvloeden, wordt de levensduur van het metselwerk aanzienlijk verlengd.
- Minder onderhoud: Vuil hecht zich minder goed aan een gehydrofobeerde gevel, wat resulteert in minder vervuiling en daardoor minder noodzaak voor frequent onderhoud.
- Esthetisch behoud: Het metselwerk behoudt langer zijn originele en frisse uitstraling, doordat vervuiling en uitslag worden voorkomen.

Kosten van Gevel Hydrofoberen
De kosten voor het hydrofoberen van een gevel variëren, maar gemiddeld liggen de prijzen tussen de €8 en €15 per vierkante meter. Dit bedrag is inclusief arbeid en het impregneermiddel. Voor een gemiddelde gevel van 60 m² kunnen de totale kosten neerkomen op €500 tot €1.100.
Indien de gevel eerst gereinigd moet worden, kunnen de totale kosten oplopen tot €14 tot €30 per vierkante meter. De uiteindelijke prijs is afhankelijk van de gekozen reinigingsmethode en de bereikbaarheid van de gevel. Het is raadzaam om offertes aan te vragen om een nauwkeurige prijsindicatie te krijgen.
Voorbereiding en Aanbrengen
Voordat een gevel gehydrofobeerd kan worden, is een goede voorbereiding essentieel. Een specialist kan de gevel inspecteren en adviseren over de beste aanpak. Vaak is gevelreiniging noodzakelijk, omdat hydrofoberen alleen effectief is op een schone en volledig droge ondergrond. Dit zorgt ervoor dat het middel diep in de poriën kan trekken.
Bij het aanbrengen van het hydrofobeermiddel is het van belang om dit gelijkmatig te doen met een roller, borstel of spuit. Het is raadzaam om hiervoor advies in te winnen bij een vakspecialist, die ook kan helpen bij het identificeren van eventuele onderliggende oorzaken van problemen zoals witte aanslag op de muur.
Verschil tussen Hydrofoberen en Impregneren
Hoewel de termen vaak door elkaar worden gebruikt, is er een subtiel verschil. Impregneren is een algemene behandeling die diep in de buitenmuur trekt om deze te beschermen tegen vocht, vuil en schade. Hydrofoberen is een specifieke vorm van impregneren die zich uitsluitend richt op het waterafstotend maken van de gevel, terwijl de muur dampdoorlatend blijft.
Levensduur van Hydrofoberen
Een gehydrofobeerde gevel biedt gemiddeld 7 tot 12 jaar bescherming. Bij gevels die veel regen vangen, zoals westgevels, kan deze periode iets korter zijn. Na deze periode kan de behandeling herhaald worden.
Hydrofoberen van Bakstenen: Specifieke Overwegingen
Steeds vaker worden bakstenen, zoals handvorm- en vormbakstenen, voorzien van een oppervlaktebehandeling in de vorm van een hydrofobeermiddel. Dit middel wordt na het bakken op de bakstenen aangebracht, voornamelijk op de zichtzijden, waardoor een waterondoordringbare laag ontstaat. Het doel hiervan is om de gevel langer fris te houden en de vorming van vervuiling en uitslag te voorkomen.
Regelgeving en Specificaties
Er is momenteel weinig vastgelegd in regelgeving met betrekking tot het vooraf aanbrengen van hydrofobeermiddelen op bakstenen. Het is voor projectontwikkelaars en afnemers belangrijk om te weten of de gebruikte bakstenen reeds een hydrofobeerlaag hebben. Idealiter zou dit vermeld moeten worden op de ‘Declaration of Performance’ (DoP), de prestatieverklaring van het product. Ook de specifieke vlakken waarop de laag is aangebracht en de indringdiepte zouden duidelijk moeten zijn.
Sommige producenten bieden documentatie hierover, waarin de wijze van hydrofoberen wordt beschreven. Een gelijkmatige indringdiepte van 5 tot 10 mm wordt over het algemeen als optimaal beschouwd voor het verwerken van gehydrofobeerde bakstenen.

Herkenning van Gehydrofobeerde Bakstenen
Gehydrofobeerde bakstenen zijn niet direct zichtbaar wanneer ze luchtdroog worden aangeleverd. Een eenvoudige controle is om met een plantenspuit water op steekproefsgewijs genomen stenen te nevelen. Duidelijk wordt dan waar het water wel en niet in de steen trekt. Dit zou voor alle stenen ongeveer gelijk moeten zijn en conform de specificaties van de producent.
Initiële Wateropzuiging en Metselmortel
De initiële wateropzuiging, een belangrijke factor voor het bepalen van de juiste metselmortel, is niet altijd verplicht te declareren op de prestatieverklaring van bakstenen volgens de NEN-EN 771-1. Indien de stenen echter gecertificeerd zijn volgens de BRL 1007, is specificatie van de initiële wateropzuiging wel verplicht.
Bakstenen worden doorgaans enkel op de zichtzijden gehydrofobeerd. Door de indringdiepte van het middel kan er echter ook op de legvlakken een deel van de baksteen gehydrofobeerd zijn. Dit creëert een verschil in zuiggedrag binnen hetzelfde legvlak, wat het bepalen van de juiste metselmortel bemoeilijkt. Metselmortels worden namelijk samengesteld op basis van een egaal zuigend oppervlak. Het niet-egaal zuigende legvlak kan leiden tot problemen met hechting en de juiste mortelsamenstelling.
In de praktijk wordt geadviseerd om de metselmortel af te stemmen op het zuigende karakter van de niet-gehydrofobeerde baksteen. Er dient echter wel rekening gehouden te worden met het gehydrofobeerde randje bij het doorstrijken van de voeg om te voorkomen dat deze te nat blijft.
Traditioneel Metselen en Voegen met Gehydrofobeerde Bakstenen
Bij traditioneel metselwerk met een later aangebrachte voeg, is hechting tussen de mortel en de baksteen cruciaal. Bij gehydrofobeerde bakstenen, waar de hechting plaatsvindt op delen van het legvlak met een hydrofobeerlaag, kan dit uitdagend zijn. Het gebruik van een voegmortel met toevoeging van polymeren kan de hechting verbeteren. Vochtdruppels op de hydrofobeerlaag tijdens het voegen kunnen de kwaliteit van het voegwerk beïnvloeden.
Het drogen van het metselwerk duurt minimaal enkele weken voordat de voegmortel aangebracht mag worden. Dit kan de kans op smet vergroten en, indien de voeg te lang nat blijft, kalkuitslag veroorzaken.
Specifieke Metselverbanden
Bij metselverbanden zoals rollagen, klampverband en Braziliaans verband, waar bakstenen anders georiënteerd worden en contactoppervlakken variëren, kunnen de effecten van hydrofoberen op de hechting nog prominenter zijn. Met name bij klamp- en Braziliaans verband, waar het contactvlak kleiner is, kan een verschil in zuiggedrag leiden tot onvoldoende hechting. In dergelijke gevallen kan het verstandiger zijn om niet-gehydrofobeerde bakstenen te gebruiken en het metselwerk eventueel later te behandelen.
Bij het gebruik van een doorstrijkmortel ontstaat een andere situatie. Hierbij vindt de hechting voornamelijk plaats op het niet-gehydrofobeerde deel van het legvlak. De extra aandachtspunten en risico's van het voegen, zoals bij traditioneel metselwerk, zijn hierbij minder aanwezig. Wel dient rekening gehouden te worden met uitvoeringsfactoren zoals regen.
Als de indringdiepte van het hydrofobeermiddel aanzienlijk groter is dan 5-10 mm (bijvoorbeeld 2-3 cm), kan een meer reactieve mortel nodig zijn om vertraging bij verwerkers te voorkomen. Dit kan de hechtsterkte van het metselwerk beïnvloeden.

Kwaliteit van de Voeg
De kwaliteit van de voeg is cruciaal bij metselwerk met gehydrofobeerde bakstenen. De voeg wordt beschouwd als de zwakste schakel in de waterhuishouding van de gevel. Volgens de URL 2826-03 dient het voegwerk bij gebruik van gehydrofobeerde stenen altijd gehydrofobeerd te worden, met een minimale voeghardheid van 25 (VH25).
Wanneer het voegwerk niet na-gehydrofobeerd wordt, is een voegwerk met hardheidsklasse VH35 vereist. Bij na-hydrofoberen na het voegen volstaat VH25, tenzij er een grote kans is op bekladding of het een horizontaal vlak betreft.
De CUR-aanbeveling 61 benadrukt dat bij het voegen van gehydrofobeerd metselwerk extra zorg aan de nabehandeling moet worden besteed. Omdat de hechtvlakken waterafstotend kunnen zijn, is voorbevochtigen niet altijd mogelijk. Metselwerk van in de fabriek gehydrofobeerde stenen moet behandeld worden als weinig zuigende stenen. Het is belangrijk om niet te voegen zolang het metselwerk nog waterdruppeltjes vertoont om smetten en uitslag te voorkomen.
| Klasse | Beschrijving |
|---|---|
| Zeer weinig zuigend (IW1) | Stenen, blokken en elementen met glazuur, waterdichte coating of hydrofobeerlaag, of zonder dergelijke laag met initiële wateropzuiging ≤ 0,5 kg/m².min. |
| Normaal absorberend (IW2, IW3) | Niet-geglazuurde, niet-waterdichte, niet-gehydrofobeerde stenen, blokken en elementen met initiële wateropzuiging > 0,5 kg/m².min en ≤ 4,0 kg/m².min. |
Tabel 2. Classificatie voeghardheid en richtlijn samenstelling
De specifieke samenstelling van voegmortels kan variëren, waarbij de genoemde verhoudingen in volumedelen een leidraad zijn. Bij mechanisch verdichten kan een hogere en constantere kwaliteit worden bereikt.
Producten voor Hydrofoberen
Er zijn diverse producten beschikbaar voor het hydrofoberen van gevels:
- Oplosmiddelgedragen waterdichte stoffen: Deze zijn vaak duurzamer en beter bestand tegen weersinvloeden dan watergedragen varianten. Ze bieden een waterdichte behandeling die tot 10 jaar effectief kan zijn en maken materialen zelfreinigend, beschermen tegen vorstschade, schimmelontwikkeling en verbeteren de thermische isolatie. Geschikt voor poreuze, ongeschilderde muren zoals pleisterwerk, natuursteen, baksteen en beton. Voorbeelden zijn producten van Arcane Industries en Sikkens Alpha Aqua SI.
- Watergedragen hydrofobeermiddelen: Zoals BNL7 van Karsten, die diep in de minerale ondergrond dringen en waterafstotend zijn, maar waterdamp doorlaten.
- Oplosmiddelhoudende hydrofobeermiddelen: Zoals BNL10, geschikt voor gevels die al eerder zijn behandeld of gemetseld zijn met hydrofobe stenen.
- Hydrofobeercrèmes: Zoals BNL25, ideaal voor gevels met veel ramen en eenvoudig aan te brengen met een blokkwast of vachtroller.
Producten zoals Sigma Siloxan Hydrophob Aqua, Tenco Anti Regendoorslag en Einza Muurverf zijn voorbeelden van geschikte opties voor het hydrofoberen van gevels.
Histor Monodek Structure: Een Structuurverf
Hoewel niet direct een hydrofobeermiddel, wordt Histor Monodek Structure genoemd als een fijnkorrelige structuurverf die geschikt is voor bestaand metselwerk en pleisterwerk na een goede voorbehandeling. Deze verf is bedoeld voor binnentoepassingen en wordt gekenmerkt door zijn stootvastheid en het vermogen om kleine oneffenheden weg te werken.
Hoe impregneer je zelf een gevel? | 123impregneer.nl
tags: #hydrofobeermiddel #metselwerk #praxis