Na een ingrijpende renovatie en verbouwing heeft Museum W, gevestigd in het voormalige 16e-eeuwse stadhuis in het centrum van Weert, op 3 mei 2022 de deuren heropend voor het publiek. Het gemeentemuseum Weert, dat sinds 1982 in het voormalige stadshuis met zijn karakteristieke bordes en kolommen aan de voorzijde georiënteerd op de Markt is gevestigd, heeft een significante transformatie ondergaan.
Historische Fundamenten en Vroege Aanpassingen
De oudste bouwdelen van het pand dateren uit het midden van de 16e eeuw. Een grote restauratie begin 20e eeuw in neorenaissancestijl heeft het aanzicht van het gebouw in belangrijke mate bepaald. Rond 1982 werd het pand opnieuw aangepast en in gebruik genomen als museum.

Noodzaak tot Vernieuwing en Ontwerpopdracht
Ruim drie decennia na de laatste aanpassing was het pand dringend toe aan een renovatie, met name wat betreft het interieur en de installaties. Met het oog op een nieuwe museumvisie gaf de gemeente Weert Maurice Mentjens de opdracht om een nieuw interieur voor Museum W te ontwerpen. Deze opdracht breidde zich later uit met het ontwerp van een nieuwe gevel voor de achterbouw.
De Nieuwe Gevel: Een Goudkleurige Schil
De nieuwe gevel aan de zuidwestzijde van het huidige Museum W is de meest zichtbare ingreep van de recente werkzaamheden. Deze markante gevel is als een schil over de bestaande achterbouw geplaatst; een gouden bouwdeel steekt nu, vanaf de Markt gezien, enigszins aan de zijden en boven het historische gebouw uit.
De zuidgevel van het museumgebouw, de zijde aan de brede Meikoel, vertelt de historie van het pand. In het midden van de lange gevel zijn delen van het oorspronkelijke gebouw uit 1548 zichtbaar. Aan de zijde van de Markt is de gevel in neorenaissancestijl uit 1913 te zien, en aan de zijde van de Nieuwe Markt het goudkleurige bouwdeel uit 2021.

Toegankelijkheid en Functionaliteit: De Verplaatste Entree
Tot voor de recente verbouwing vormde de historische entree aan de voorzijde, met kolommen en bordes, de ingang tot het museum. Om het museum letterlijk en figuurlijk toegankelijker te maken, is de hoofdentree verplaatst naar de achterbouw. De voormalige dienstingang is verbouwd tot een drempel- en traploze publieksingang op straatniveau.
De Achterbouw: Een Moderne Toevoeging
De achterbouw, die oorspronkelijk aan het stadhuis werd toegevoegd bij de grote verbouwing rond 1912, is in de loop der decennia regelmatig aangepast en bezat weinig monumentale waarde. Hierdoor kon dit deel worden verbouwd en opgehoogd.
Het gevelmateriaal van de achterbouw is Tecu Gold, een legering van gerecycled aluminium en koper. De platen met een dikte van 1 mm zijn aan de randen omgezet voor grote stijfheid. De aangebrachte, dicht geperste isolatieplaten versterken de stijfheid en slagvastheid.
De achterbouw heeft altijd de facilitaire functies gehuisvest en is opnieuw voor dit doel ingezet. Hier hebben de grootste aanpassingen plaatsgevonden, waaronder de onderbrenging van een vluchttrap, een lift, toiletten, kantoren, een vergaderruimte en depotruimte. Door de beplating met isolatie als een schil om de gevel te plaatsen, kent het bouwdeel een aangenaam werk- en verblijfsklimaat. Het hoofdgebouw is bewust niet geïsoleerd om vochtproblemen te voorkomen.

Symboliek en Artistieke Integratie
De goudkleurige gevelbekleding is geïnspireerd op reliekschrijnen, waarin de overblijfselen van heiligen worden gekoesterd. Mentjens ziet musea als heilige plaatsen in onze moderne geseculariseerde samenleving; de kunstwerken zijn de relikwieën van elke cultuur, die in musea worden gekoesterd.
De gevel bevat ook 'openingen' in de vorm van een aantal led-schermen, die kunnen worden gezien als de kleurige versiering van een reliekschrijn, of als glas-in-loodramen. Het museum heeft bewust besloten deze schermen niet alleen voor aankondigingen te gebruiken. Elk jaar wil Museum W een kunstenaar opdracht geven een werk voor deze beeldschermen te maken; de eerste kunstenaar is Emily Bates, met het videoproject ‘Lost Spring’.
De gouden gevel is volledig opgebouwd uit luiken, die echter uit kostenoogpunt vastzitten. Door de detaillering van de gevel wekken de luiken de suggestie wel te kunnen worden geopend om zicht te geven op nog meer kunstwerken. Daarmee refereert de gevel ook aan een adventskalender.
Nieuwe Interieurindeling en Collectiepresentatie
Na binnenkomst via de nieuwe publieksingang komt de bezoeker in de balieruimte, waar koffie kan worden gedronken aan een grote leestafel. Op de begane grond bevinden zich de ruimten voor wisselexposities, waar als openingsexpositie ‘Forever Endeavour’ van en door Job Smeets is ingericht.
Via de bestaande traphal kan de bezoeker naar de eerste verdieping en nu ook naar de zolder. Bij de renovatie zijn in het monumentale hoofdgebouw een aantal kenmerkende onderdelen behouden, dan wel hersteld. Slechts “enkele foutjes uit het verleden” zijn verwijderd, zoals de lift en de systeemplafonds. De oorspronkelijke bakstenen lambrisering in de gangen is weer tevoorschijn gebracht. Dat geldt ook voor het originele plafond in de oude Raadzaal, waar het akoestische plafond is vervangen door textiele wandbekleding met akoestisch materiaal.
De voorheen voor publiek gesloten zolder is toegankelijk gemaakt en onderdeel van de collectiepresentaties geworden. De zolder, voorheen alleen bereikbaar via een smalle houten trap in de achterbouw, is ontsloten met een nieuwe, ruime trap. De zolder is het resultaat van ingrijpende verbouwingen in 1828 en 1912. De vloerniveaus van de verschillende ruimtes op de zolderverdieping verschillen sterk door de diverse verbouwingen; het hoogteverschil tussen het laagste en hoogste niveau was meer dan een meter. Bij de ontsluiting voor publiek is het niveau van alle ruimtes gelijk gemaakt. De markante sfeer van de ruimtes, in belangrijke mate bepaald door de dakconstructie met grenen schenkelspanten, is bewust behouden. Dit is onder andere gedaan door in de ruimtes geen gesloten wanden te plaatsen, maar een soort stalen stellingen.

Mentjens heeft alle expositiemeubels ontworpen: rank en strak in verschijning. Naast de stellingen zijn dat verschillende tafels en vitrinekasten. Net als de stellingen zijn ook de vitrinekasten modulair indeelbaar met een speciaal ontworpen systeem om planken naar behoefte te kunnen plaatsen tegen de achterwand.
Herziening van de Collectiepresentatie
De renovatie van het pand werd gecombineerd met een herziening van de vaste collectiepresentatie. De collectie van Museum W omvat een belangrijke verzameling relicten en religieuze kunst, met name van de Minderbroeders Franciscanen, naast objecten uit de stad en regio en een kleine verzameling moderne kunst. Van Cauteren en Mentjens hebben in overleg de thema's uitdrukking gegeven in kleurtoepassingen voor wanden en meubels. Zo is de presentatie die erfgoed, historische en moderne kunst rond het vrouwbeeld toont, met ‘Maria-blauw’ getint; de zaal met kunst en voorwerpen rond macht is rood.
Projectinformatie en Kosten
De renovatie startte in februari 2020 en de totale kosten bedroegen ruim 5,5 miljoen euro, waarvan een deel afkomstig uit subsidies van de Provincie en diverse fondsen. Bijzonder is dat de renovatie grotendeels door lokale bedrijven is uitgevoerd.
Bouwkundige Geschiedenis in Detail
Het oudste gedeelte van het pand stamt oorspronkelijk uit circa 1550 en werd destijds gebouwd als stadhuis. Veel elementen uit die tijd zijn aan binnen- en buitenzijde nog goed zichtbaar. Rond 1825 werd het pand verbouwd. In 1911 is het pand voor de laatste keer gerenoveerd en werd een nieuwe voorgevel gebouwd, die als het ware over het vorige ontwerp ‘heen geschoven’ werd.
In 1982 is het gebouw in gebruik genomen als museum. Omdat het de laatste jaren niet meer voldeed aan de hedendaagse eisen, besloot de gemeenteraad in 2017 tot een grootscheepse renovatie van zowel de buiten- als de binnenkant. De bestaande collectie is op een nieuwe en bijzondere wijze tentoongesteld in een totaal nieuw interieur.
John, een betrokkene bij de renovatie, legt uit: “Bij de renovatie van zo’n monument moet je voldoen aan de eisen van de RCE, Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed. Die bepaalt dat je niet terug mag restaureren. Dus wat je aanbouwt of bijbouwt moet uit deze tijd komen. Vandaar dat er gekozen is voor een heel bijzondere en spraakmakende westzijde.”
Het goudkleurige materiaal, TecuGold, is ook aan de binnenzijde op veel plekken verwerkt, waardoor ex- en interieur sterk met elkaar verbonden zijn. Het is in Nederland het grootste gebouw met deze gevelbekleding en zorgt voor een bijzondere uitstraling waarover iedereen in de vakwereld enthousiast is.
Net als de voorgevel die in 1911 eroverheen is geschoven, is dat aan de andere zijde met de nieuwe gevel ook gedaan. Opvallend zijn de grote luiken die ieder voor zich een soort vitrine vormen en de suggestie wekken van een adventkalender. Het grootste luik is de enorme voordeur die de entree vormt. Daarboven is een modern led-scherm geïntegreerd waarop verhalen over het museum of collecties getoond worden.
Optimalisatie van Expositieruimtes en Zolder
Met de verbouwing is gestreefd naar een optimale inrichting van de expositieruimtes. Daaraan is ook de voormalige rommelzolder toegevoegd. Hierbij zijn de halfronde spanten die de zolderruimte in een keer overspannen, zo veel mogelijk in het zicht gelaten. De ruimte is ingericht met een open reksysteem.
“De collectie die in de afgelopen 40 jaar is opgebouwd is deels religieus of gericht op de lokale geschiedenis. De nieuwe opstelling vertelt niet in chronologische lijn de geschiedenis van de stad. De diverse objecten zijn ondergebracht in elf thema’s,” aldus een woordvoerder.
Historische Details en Verborgen Verhalen
Aan de Meikoel-zuid is op de eerste verdieping nog de vorm van een deur te zien waar in vroegere tijden de burgemeesterskamer was. Tijdens WO-II moest burgemeester Kolkman plaatsmaken voor de NSB’er Rösener Manz, die met het oog op dreigend gevaar een vluchtweg liet maken richting een woning op Markt 5.
In de kelder van het museum zijn de oude gewelven uit 1550 nog steeds zichtbaar. Deze ruimte is tijdens de renovatie niet aangepakt en blijft helaas niet toegankelijk voor het publiek vanwege bouwkundige moeilijkheden en hoge kosten. Wel is in de kelder apparatuur voor de klimaatinstallaties geplaatst.
Bij grondradaronderzoek op de Markt zijn geen ondergrondse gangen en vluchtwegen aangetroffen die naar de kelders van het stadhuis leiden, ondanks dat hier in de volksmond lange tijd sprake van was.
Een Totaaloverzicht van de Bouwgeschiedenis
Op een bijzonder stuk op de buitenmuur zijn sporen zichtbaar van het oorspronkelijke pand dat in 1550 is gebouwd. Direct daarnaast zie je een deel dat dateert van de verbouwing in 1826, met daaroverheen de voorgevel die in 1911 gerealiseerd is. Aan het andere einde van deze muur is in 2022 de ultramoderne ‘gouden’ gevel geplaatst. Dit biedt een totaaloverzicht van de bouwgeschiedenis van dit monument en een mooie samenvoeging van oud en modern aan de buitenkant.
Behoud van Monumentale Elementen
“Ons grootste collectiestuk is eigenlijk het gebouw zelf. Daarom hebben we zoveel mogelijk bestaande oude elementen teruggehaald,” verklaart een betrokkene. De oorspronkelijke bakstenen lambrisering en vloeren op de gangen van de onderste en de eerste etage zijn in oude staat hersteld. Net zoals de ruimte die jarenlang de raadzaal van Weert was. Hier is het originele eikenhouten plafond hersteld en is de ruimte teruggebracht in de stijl van 1913. In deze kamer is telkens een wisselende expositie te zien, voornamelijk gepresenteerd aan de wanden.
Doordat er bij de renovatie een nieuw gedeelte werd aangebouwd, konden de facilitaire functies uit het oorspronkelijke pand worden gehaald. Zo zijn de kantoren, liften, toiletten en de entree in de nieuwbouw gerealiseerd, waardoor het oude deel optimaal voor museale ruimte wordt gebruikt. Daarnaast zijn de trafo’s, die jarenlang onder in het museum stonden, eruit gehaald en verplaatst.
tags: #museumstraat #voor #de #renovatie