Renovatie van de Eusebiuskerk Arnhem: geschiedenis, achtergrond en hedendaagse renovatiemethoden

Feest in Arnhem? Je zou het haast denken. Wie de laatste week de koppen in krant en internet heeft gezien, weet het al. De renovatie van de Eusebiuskerk kost nog ‘maar’ 27 miljoen euro. Ook is de klus eerder geklaard. Eerst was de verwachting dat de toren tot 2020 in de steigers zou staan. Dat wordt 2016. Mijn zoontje zal dus nu al op zijn zevende voor het eerst de toren van de grote kerk in zijn geboortestad in zijn ware gedaante zien. Ik trouwens eigenlijk ook niet meer. Ja, er moet minder natuursteen worden vervangen dan gedacht. Dat verklaart een verschil in kosten tussen 34 en 27 miljoen. Dat heeft eigenlijk gewoon te maken met de Stichting Eusebius Arnhem. Die heeft een nieuw bestuur gekregen. En die keuze was onder het oude regime: een heel grondige restauratie. Die moest zo goed zijn, dat de kerk voor minstens een halve eeuw niet meer in de steigers hoefde te staan. Er is nu een nieuw bestuur en die architect is ook uit beeld verdwenen. Ze zijn nu tevreden met een steigerloze periode van twintig jaar. Nee, er zijn geen wonderen verricht in Arnhem. In deze tijden van crisis is het geen slechte keuze om niet de duurste restauratievariant te kiezen en de kosten te spreiden. Hoezo onze kinderen opzadelen met de kosten van nu? Misschien is in 2036 de crisis eindelijk een keer over en zijn er tegen die tijd efficiëntere restauratiemethodes bedacht. De Eusebius- of Grote Kerk toren is een forse, groots opgezette westtoren in Nederrijns laat-gotische stijl (1452-1478) met een moderne bekroning van architect Th. Verlaan uit 1961-1964. Herbouw en herstel oude romp na oorlogsschade en nieuwe restauratie en aanpassing met lift en expositieruimte in 1992-94 (toren). De Eusebiuskerk is apart beschermd onder rijksmonumentnummer 8336. De toren van de Grote Kerk. J.W. Th. Gebr. H. E. Onderstaande gegevens over dit rijksmonument zijn in 1995 door de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) bij elkaar gezet. De opzet van de tekst volgt die van de MIP/MSP 1850-1940 rijksmonumentenregister systematiek. Deze systematiek was in die jaren in zwang. Het monument is echter al vóór die tijd beschermd. Vermoedelijk is het een vingeroefening geweest om oudere monumenten op een zelfde wijze in het register op te nemen. Dit is gedaan voor ca. 50 Arnhemse rijksmonumenten. In de meeste gevallen is de wijziging niet doorgevoerd in het register. De tekst geeft een korte geschiedenis, beschrijving en de monumentale waarden van het monument. Deze gegevens worden nu nog relevant geacht voor de kennisbank. De inhoud ervan is anno 2024 niet gecontroleerd. De teksten zijn ongewijzigd overgenomen. Alleen afkortingen (Lod. XIV = Lodewijk XIV) zijn voluit geschreven en jaartallen zijn gewijzigd van Romeinse cijfers (XVIIa) in Arabische cijfers en tekst (eerste kwart 17de eeuw). Heeft u aanvullingen of verbeteringen? De vermelding van een kerk te Arnhem komt al in 893 voor de in de goederenlijsten van de St. Salvatorabdij te Prüm (Eifel, Duitsland). Opgravingen na de Tweede Wereldoorlog (1959) legden ten zuiden van het huidige koor belangwekkende restanten bloot van een pre-romaanse zaalkerk (met crypte met vier zuilen onder rechtgesloten koor!), verder van de vergrotingen van dit bouwwerk in de 11de- en 12de eeuw (ook al met één westtoren) en vervolgens onder het huidige koor de restanten van de eerste gotische bouwcampagnes (allereerst een nevenkapel bij Romaanse kerk eind 13de eeuw en vervolgens een driebeukige kerk omstreeks 1400, met uitbreidingen in 1420/21 o.l.v. meester Jacob van Boege). De kerk is in die periode gewijd aan Sint Maarten. In 1452 wordt begonnen met de bouw van een groots opgezette nieuwe kerk. Begonnen werd met schip en toren. Kerk vertoont in stilistisch opzicht invloeden van de vermaarde bouwmeester Gisbert Schairt (overleden 1452). In 1453 worden door de abdij te Prüm de relieken van Sint Eusebius aan de Arnhemse St. Maartenskerk geschonken, met de bedoeling om een flinke impuls aan de bouwcampagne te geven. In 1477 worden twee klokken gegoten voor nieuwe toren door Gerardus van Wou en Gobelinus Moer. In 1478 wordt uurwerk van oude toren overgebracht naar nieuwe, welke dan gereed lijkt te zijn. In 1650 wordt toren verhoogd naar ontwerp van bouwmeester Paul Pelen uit 's-Gravenhage. Tevens wordt een carillon besteld bij gebr. Hemony te Zutphen. In 1893 oprichting "Vereeniging tot restauratie van de Grote- of st. Eusebiuskerk", tevens start onderzoek van kerk door J.W. Boerbooms en H. Portheine jr. J.W. Boerbooms ontwikkeld tevens een bijzonder fraai en gedetailleerd plan voor herstel van onttakelde toren, dat echter gedurende deze eerste campagne niet werd niet gerealiseerd. In 1944 (19/20 september) brandde de kerk volledig uit tijdens Slag om Arnhem. De toren werd bijna geheel verwoest, waarbij ook de oude klokken die de Duitse bezetter had laten hangen verloren gingen of zwaar beschadigd raakten (zoals de oude Van Wou-klok) . B.T. Boeyinga krijgt leiding over herstel en herbouw. Vanaf 1946 tot 1961 wordt aan de kerk gewerkt. De toren krijgt haar bekroning van Paul Pelen niet terug, maar krijgt een nieuwe bekroning naar ontwerp van Th. Verlaan, die het winnende ontwerp van een prijsvraag leverde. Stormschade (1972) en inferieure natuursteen toegepast bij naoorlogse restauratie maken een nieuw herstel van kerk (1973-82) en toren (1992-94) noodzakelijk. De toren krijgt bij deze restauratie inwendig een hypermoderne lift in een ronde stalen en glazen schacht, en bovenin uitkijkruimten. Een forse toren, welke na de vervanging van de bovenbouw van Paul Pelen, door de naoorlogse bekroning van Verlaan nog hoger is geworden. Deze markante toren beheerst het stadsbeeld al vanuit de wijde omgeving. De kerk is georiënteerd. De zuidzijde van de kerk staat gericht naar de Markt en domineert het beeld van de Markt, tegenover het provinciehuis. Voor de kerktoren aan de westzijde bevindt zich sinds de wederopbouw na de Tweede Wereldoorlog een langwerpig plein (Kerkplein) met overwegend naoorlogse, kwalitatief matige bebouwing. De toren staat ingebouwd in de kerk, waarbij de schip-zijbeuken zich als kapellen langs de noord- en zuidzijde van de toren voortzetten, een opzet die we vaker bij Nederrijns gotische kerken in deze streek aantreffen. De toren heeft haakse steunberen over twee hoge geledingen, waartussen aan de zuidwest en noordwestzijde een traptoren is geplaatst. De steunberen worden bekroond door grote torenachtige pinakels (reconstructie van Boeyinga naar ontwerp van Boerbooms). De eerste twee geledingen van de toren zijn verder voorzien van spitsboognissen met blind traceerwerk. Aan de westzijde bevindt zich de hoofdingang, die samen met het hoge venster erboven gevat is in een hoge spitsboognis (vensternisportaal) . Inwendig bezit de toren een zeer hoge, door een gewelf afgesloten torenhal, welke middels hoge spitsboogdoorgangen in de noord- en zuigdevel geopend is naar de flankerende zijkapellen. Het beeldhouwwerk van het in- en uitwendige van de toren (waaronder de vermaarde in waterspuwervorm uitgevoerde Walt Disney-figuren op het exterieur van de bovenbouw) werd vervaardigd door H. Vreeling en E. De hoge, zelfs voor Nederijnse begrippen zeer grote toren vormt samen met de zeer rijke, groots opgezette kruisbasiliek in laat-Nederrijns-gotische stijl, een belangwekkend ensemble, bijzonder en uniek in dit gebied vanwege het feit dat het gebouw naar één (maar ten deel gewijzigd) plan is uitgevoerd. Het geheel bezit grote architectuurhistorische waarde en is vanwege de forse zeer markante bouwmassa van groot belang voor het beeld van de stad en omgeving.

Historische achtergrond en monumentale waarden

Deze pagina is voor het laatst bewerkt op 22 dec 2025 om 04:00. Abstract"De restauratie van de Eusebiuskerk in Arnhem is voor de zomer afgerond. De toren was al in 2019 klaar. Het betekent de afsluiting van een proces van vijftien jaar. Het natuursteenblok dat in 2007 van de toren viel, bleek op een structureel probleem te wijzen. Door de hoge prognose van de restauratiekosten in 2010 (90 mln.), kromp het draagvlak voor het behoud van de Eusebius. Langzame verloedering van de iconische kerk dreigde. Ook de omgeving van de kerk lag er toentertijd troosteloos bij. Door bundeling van alle aanwezige kennis van het projectteam, waarin adviseurs, aannemer, steenhouwer, ambtenaren en opdrachtgever deelnamen, kon in 2013 op basis van uitgebreid onderzoek voor de restauratie en herbestemming een realistische kostenbegroting gemaakt worden. De begroting kwam uit op 32,5 mln. Dit bedrag maakte het mogelijk dat er stap voor stap gewerkt kon worden aan de verbetering van de Eusebiuskerk. Door een geraffineerd lean-restauratieproces in combinatie met ketensamenwerking zijn de totale kosten voor restauratie en herbestemming binnen de begroting gebleven, dit ondanks de huidige overspannen economische situatie. De (natuursteen)restauratie en herbestemming van de kerk nam 15 jaar in beslag. De restauratie van het bovenste deel van de toren (de Lantaarn) in 2007 luidde de volledige restauratie van de kerk in. Na de Lantaarn volgde de toren inclusief twee nieuwe, glazen balkons op 60 meter hoogte. De kerkzaal, entree en kelder zijn aangepast voor het faciliteren van grote evenementen zoals concerten en beurzen. De natuursteensoort Ettringer Tuf die is toegepast in de kerk is meer dan andere natuursteensoorten kwetsbaar voor vocht en temperatuurwisselingen. Na minutieus onderzoek door natuursteenspecialisten van Nico de Bont, de architect en de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed bleek dat niet al het natuursteen vervangen hoefde te worden. De geprofileerde geveldelen van Ettringer Tuf zijn grotendeels verwijderd en vervangen door Weibern Tuf. Op sterk vochtbelaste plaatsen, zoals de waterlijsten, is de Peperino Duro toegepast. Aan de oost- en westzijde van de kerktoren zijn op 60 meter hoogte twee glazen balkons gehangen. Vanuit deze balkons - inclusief glazen vloer - kunnen moedige bezoekers uitkijken over de stad en van dichtbij de bijzondere Disneybeelden bewonderen die aan de kerk hangen. In de Eusebiuskerk vinden bijna wekelijks evenementen plaats. Aanpassingen waren nodig om de kerkzaal beter toegankelijk te maken voor grotere groepen bezoekers. Een nieuwe kerkvloer - waarin de aanwezige grafzerken zijn geïntegreerd - biedt door de vloerverwarming bezoekers modern comfort. Twee nieuwe entrees zijn gerealiseerd om grotere groepen te kunnen ontvangen. In de kelder is ruimte gemaakt voor een toiletgroep en een opslag- en installatieruimte. De restauratie van de Eusebiuskerk heeft voor een omslag in denken gezorgd in de restauratieketen. Traditioneel kijkend zou ieder deel van de kerk uniek zijn en zo worden aangepakt. In dit project is uitgegaan van de overeenkomsten tussen gebouwonderdelen. De kennis die is opgedaan bij het ene deel van het gebouw, is direct ingezet bij het volgende deel. Zo is er sprake van continu verbeteren. Alle partijen zijn vroegtijdig betrokken en denken integraal mee. In plaats van aanbesteden per fase is een langdurige samenwerking aangegaan met de partijen waarbij gedurende het project samen expertise is opgebouwd. De laatgotische Eusebiuskerk kan hét boegbeeld van Arnhem worden genoemd. De kerk weerspiegelt eeuwen Arnhemse geschiedenis - de bouw startte in 1452. Tijdens de Slag om Arnhem in september 1944 (Operation Market Garden) lag de kerk middenin de vuurlinie en werd voor een groot deel verwoest. De kerktoren was door de beschietingen verzwakt en viel op het al gehavende schip van de kerk. Na WOII werd de kerk volledig gerestaureerd. De toren en een groot deel van de kerk werden opnieuw opgebouwd.

Belangrijke feiten over de Eusebiuskerk

  • Rijksmonumentnummer 8336 en protectie als laatgotische kerk
  • Torendetails: haakse steunberen, predalen, torenhal en glazen balkons op 60 meter hoogte
  • Naoorlogse bekroning naar ontwerp van Th. Verlaan
  • Levendige programmasectie: concerten, beurzen en evenementen in de kerkzaal
Infografiek: Geschiedenis van de Eusebiuskerk en renovatiemijlpalen

Renovatieaanpak en toekomstperspectief

De renovatie van de toren en kerk heeft geleid tot een lean-restauratieproces met ketensamenwerking waarbij kennis wordt gedeeld en toegepast tussen bouwonderdelen. Deze werkwijze maakte een kostenbeheersing mogelijk en bood flexibiliteit bij onverwachte uitdagingen. Er is nu een visie op twintig jaar steigerloze periode, mede dankzij het veranderde bestuur en een gewijzigde aanpak ten opzichte van de oude restauratieplannen. De toren behoudt haar indrukwekkende aanwezigheid in het stadsbeeld en blijft een symbool van Arnhemse geschiedenis en identiteit.

In de omgeving van de kerk is de ruimte heringericht met een langwerpig Kerkplein, dat naoorlogse bebouwing bevat en de context van de Grote Kerk versterkt. De toren staat ingebouwd in de kerk en de noord- en zuidzijde van het schip fungeren als kapellen langs de toren, een typische opzet voor Nederrijns laatgotische kerken. Het onderscheid tussen verschillende restauratiemethoden werd door dit project heroverwogen, waardoor meningen over de aanpak veranderden en de ambitie groeide om de kerk voor lange tijd in goede staat te houden.

OnderdeelBelangRenovatieperiode
TorenbekroningBelangrijke architectonische finish en hoger silhouette1961-1964 (vernieuwd na WOII)
Ettringer TufKunstmatige gevelsteen, kwetsbaar voor vochtVervanging deels naar Weibern Tuf
Larijflatoren en glazen balkonsUitzicht over de stad2007-2009

tags: #renovatie #eusebiuskerk #arnhem