Tjeerd de Boer Schutte Drenthe biografie: van visser tot maatschappelijk betrokken leider

Tjeerd is adviseur, strateeg en ontwikkelaar met een brede blik. Hij is opgeleid als milieukundig ingenieur en heeft zich achtereenvolgens ontwikkeld in ruimtelijke ordening, cultureel erfgoed, creatieve industrie, media en journalistiek. Verbinden van verschillende visies en partijen op inhoud was en is een rode draad in zijn werk, wat bijvoorbeeld heeft geleid tot de Visie erfgoed en ruimte en de Nationale strategie digitaal erfgoed, waarvan hij bij het ministerie van OCW de projectleider en penvoerder was. Binnen Beeld & Geluid kun je hem aanspreken over o.a. Interview Tjeerd de Boer ‘Met elkaar help je mensen die dat hard nodig hebben.’

ISEE is niets zonder haar vrijwilligers en donateurs. In deze reeks interviews spreken we mensen die zich al jarenlang inzetten voor het werk in Ethiopië en Eritrea. Deze keer: Tjeerd de Boer, die zijn ervaring als visser en betrokken vrijwilliger graag deelt. Tjeerd is 74 jaar, gepensioneerd en woont samen met zijn vrouw op Urk. Hij heeft vier kinderen, meerdere kleinkinderen en achterkleinkinderen. Een rijk leven, zoals hij zelf zegt.

Zijn betrokkenheid bij ISEE gaat ver terug. Via zijn werk bij Vissers voor Vissers en zijn achtergrond als visserman werd hij zo’n veertien jaar geleden gevraagd om zich aan te sluiten bij de toenmalige visserijcommissie van de stichting Ethiopië. “Ze zochten iemand met kennis van het vak. Ik heb altijd in de visserij gezeten, dus dan kijk je toch met een iets andere blik naar zulke projecten.”

Bezoeken aan Ethiopië en lessen uit de situatie ter plaatse

In de jaren die volgden bezocht Tjeerd tweemaal Ethiopië om verschillende projecten te bekijken. Zijn eerste indruk staat hem nog goed bij. “Als je daar voor het eerst komt, is alles nieuw. Je ziet hoe mensen leven, hoe er gewerkt wordt en waar de uitdagingen liggen. Dat laat je niet snel los.”

Hij vertelt dat bij visserijprojecten eenvoud vaak de sleutel is. “We willen het soms graag te snel vanuit onze eigen, Westerse manier oplossen. Maar het werkt het best als je dicht bij de mensen blijft en aansluit bij wat zij zelf kunnen en willen.”

Onderwijs: de toekomst van de gemeenschap

Onderwijs raakt hem het meest: de stichting richt zich in de loop der jaren ook op onderwijs. Voor Tjeerd is dat een belangrijke stap vooruit. “Sommige kinderen lopen tien tot twaalf kilometer per dag om naar school te kunnen. Dat er nu in verschillende dorpen schooltjes worden gebouwd, is ontzettend waardevol. Onderwijs geeft toekomst. Je investeert in kennis, in kansen, in zelfstandigheid. Dat gaat veel verder dan alleen praktische hulp.”

Hoewel Tjeerd tegenwoordig geen vaste rol meer heeft binnen een commissie, blijft hij altijd beschikbaar als er advies nodig is. “Je wilt dat mensen uiteindelijk zelf verder kunnen. Dat ze de projecten die zijn opgezet ook echt in eigen handen nemen. En dat begint allemaal bij opleiding en basisvoorzieningen.”

Vrijwilligerswerk als motor van vooruitgang

Het werk van ISEE steunt volgens hem op iets wat minstens zo belangrijk is als geld: mensen die hun schouders eronder zetten. “Alles draait op vrijwilligers. In het winkeltje, bij acties, tijdens de inzamelingen. Het is prachtig hoeveel mensen zich ervoor inzetten. Zonder die warmte en betrokkenheid zou er helemaal niets gebeuren.”

Blijf het werk steunen

Op de vraag wat hij graag nog wil meegeven, hoeft Tjeerd niet lang na te denken. “Blijf het werk steunen. In tijd, in middelen, in gebed. Je kunt op zoveel manieren iets bijdragen. Hoe klein ook, samen maak je het verschil. Dat is het mooie van deze stichting.”

Een aparte herinnering uit de bredere discussie in het artikel is de verklaring van Hein Klompmaker over empathische archeologie en de onderzoeker als detective in het werk omtrent het Neolithicum en de hunebedden in Drenthe. Dit benadrukt het belang van menselijke verbeelding en moderne methoden bij het bestuderen van erfgoed, wat samenhangt met Tjeerds betrokkenheid bij erfgoed en onderwijs.

Afbeelding: Tjeerd in gesprek tijdens een veldbezoek aan Ethiopië, met lokale vissers en leerlingen

Er waren tientallen boerennederzettingen in wat nu Drenthe is, en de hunebedden staan er nog. Ze zijn de oudste monumenten van Nederland. "Onvergankelijke bakens in de boerensamenleving", zegt de oud-museumdirecteur, historicus en docent in hart en nieren. "Vermoedelijk zijn er in deze regio ooit 80 tot 100 gebouwd, er zijn nu nog 54 van over." Zeg tegen Klompmaker over het verleden niet: 'We zullen het nooit weten', want dan ontvlamt er iets in hem: "Dat betekent dat wie na jou komt niet meer zal weten dan jij. We weten steeds meer, met name uit nieuwe wetenschappelijke inzichten, over DNA bijvoorbeeld. Maar ook vanuit de forensische wetenschap kunnen we steeds meer afleiden. Over gedrag en over denken. Toen we na afloop samen een pilsje dronken, vertelde hij me: 'Ik heb nog scherfjes uit het hunebed van Borger, thuis, in een doosje'. Ik zei: 'nou, dat kan niet. Want dat hunebed is nooit onderzocht'. Later kwam hij bij me langs met die scherfjes. Er zaten ook nog menselijke crematieresten in, dat was heel bijzonder. Veel later dan de hunebedbouwers. Het toeval wilde dat op dat moment het hunebed van Borger werd beschermd - er werd een laagje zand afgehaald en daarna met betonblokken verzegeld - en die avond, het werk was nog niet af, zat een aantal jongetjes illegaal te peuteren in dat hunebed. Klompmaker, fervent voorstander van het opgraven van hunebedden, vervolgt: "van de boeren die hunebedden bouwden in Drenthe hebben we geen DNA-onderzoeksresultaten. Want we graven hier niet op. Maar wel bijvoorbeeld vanuit Zweden, Denemarken en Duitsland, dat is dezelfde cultuur, en daar kun je het nodige uit afleiden. Het is wel heel belangrijk dat we uiteindelijk op zoek gaan naar menselijke overblijfselen. Maar er is Europese wetgeving, het verdrag van Malta. We graven alleen maar op als daar een noodzaak voor is, bijvoorbeeld bij het aanleggen van een weg. Ik zou willen pleiten om meer opzettelijk naar nederzettingssporen te gaan zoeken in Drenthe als het gaat om de hunebedbouwers. Daar zit die wetgeving dus in de weg. We kunnen aan een opgraving grondscans laten voorafgaan, van een hunebed en van het gebied eromheen. Op een zeker moment zul je dan niettemin toch moeten opgraven."

Hunebedden als symbool van het Neolithicum zijn te belangrijk om alleen aan de archeologie over te laten. Ze wilden daarmee laten zien waartoe ze in staat waren. Het heeft veel meer betekenis dan als graf alleen. Eigenlijk is het misplaatst dat we een hunebed met dood en vergankelijkheid associëren. Volgens Klompmaker waren een vaste woonplaats en voldoende voorraadopslag vereiste voorwaarden voor de bouw van een hunebed. Taal is dat ook. Want zonder taal bouw je geen hunebed samen. Klompmaker reconstrueert een boerensamenleving aan de hand van deze voorwaarden, met meer dan twintig zogeheten sociale rollen, van visser en pottenbakker tot boer en wie weet rondtrekkende 'megaliet-architecten', die hielpen bij de bouw van een hunebed.

Als Klompmaker een dag terug mocht, met een tijdmachine, wat zou hij dan doen, en waar? “Je mag niets doen om de tijd te veranderen, dat vooropgesteld. Ik ben dus een onzichtbare observator, want we mogen de geschiedenis niet veranderen. Ik denk aan wat nu het kanaal Buinen-Schoonoord heet, ik zou naar de beek gaan. De hunebedbouwers hadden water nodig. De beesten hadden water nodig. Bij het water gebeurde het allemaal. En dan rondkijken in de nederzetting.”

Illustratie: kaart van Drenthe met hunebedden, tijdlijn Neolithicum

Hein Klompmaker is zondag 13 juni te horen in Drenthe Toen, op Radio Drenthe, van 12.00-14.00 uur. 'Het leven van boeren die Hunebedden bouwden. Een collectieve biografie' is uitgegeven door Uitgeverij Koninklijke Van Gorcum in Assen. We mogen er eentje verloten, meedoen?

Overige biografieën Verder in deze章: Emo’s Reis. Dick de Boer groeide op in Den Haag en ging in 1965 geschiedenis studeren aan de Rijksuniversiteit Leiden, met het bijvak neerlandistiek. Hij werd hoogleraar middeleeuwse geschiedenis aan de Rijksuniversiteit Groningen in 1992, en had diverse maatschappelijke functies en publieke activiteiten. Zijn publicaties bestrijken thema's van mirakelverhalen tot stadsarcheologie en variëren van schoolboeken tot infotainment voor televisie.

Foto: Dick de Boer tijdens een lezing over middeleeuwse geschiedenis

Samenvatting van de belangrijkste lijnen

  • Leefomgeving en brede onderwijsgerichte aanpak vormen de kern van Tjeerds werkervaring.
  • Vrijwilligerswerk en gemeenschapsopbouw staan centraal in ISEE en zijn projecten in Ethiopië en Eritrea.
  • Integratie van erfgoed, ruimte en digitale strategieën toont de ambitie van Tjeerd om verschillende visies te verbinden.
  • Onderzoek en archeologie krijgen verwante echo's in de hedendaagse discussies over Drenthe en hunebedden, zoals uitgewerkt door Klompmaker.

tags: #tjeerd #de #boer #schutte #drenthe