Een dag na de ritzege van Mathieu van der Poel en de machtsgreep van Arnaud De Lie in het algemeen klassement gaat de Renewi Tour verder met een verraderlijke rit naar Bilzen-Hoest. De rit is een stuk minder lastig dan die van vrijdag, maar toch kan dit weleens voor verschillen zorgen. Naar goede gewoonte trekt de Renewi Tour in het slotweekend ook naar Belgisch Limburg. Daar vormen de wegen tussen Riemst en Bilzen-Hoeselt het terrein van een etappe die op papier meerdere kanten uit kan, maar in principe lijkt een sprint met een beperkte groep het meest realistische scenario. Dan wel een sprint voor de sterke beren, die een oplopende slotkilometer aankunnen.
De etappe lijkt zeer sterk op de rit van vorig jaar. Meteen na het vertrek wordt het peloton door een mozaïek van heuvels en wijngaarden gestuurd, steeds flirtend met de taalgrens. In de finale vlakt het terrein een beetje af. De laatste helling voor de aankomst is de Gousbeemdstraat op zo’n 8 kilometer van de finish, wat de sprintersteams nog tijd geeft om zich te organiseren. Bovendien lijken de hellingen sowieso niet steil genoeg voor grote verschillen. Is dit iets voor Merlier of Magnier?
Zeventien graden en een beetje wind uit het westen. Dat is het weerbericht zaterdag in Belgisch Limburg. Valt mee, dus. De enige factor van gevaar kan de regen worden - er wordt namelijk een beetje neerslag verwacht.

Dinsdag wordt in Parijs het parcours van de Tour de France 2025 uit de doeken gedaan. Traditioneel lekt in aanloop naar die grootse presentatie een deel van de route al uit. De start van de Tour vindt dit jaar ‘gewoon’ weer plaats in Frankrijk na bezoekjes aan Kopenhagen (’22), Bilbao (’23) en Firenze (’24). Zoals al langer bekend, begint de 112de editie van La Grande Boucle in het Noord-Franse Lille. Het is de regio Hauts-de-France die Le Grand Départ mag organiseren. De ronde begint op zaterdag 5 juli namelijk met een rit van en naar Lille.
Een dag later, in de rit van Lauwin-Planque naar Boulogne-sur-Mer, liggen er kansen voor puncheurs. Wie goed naar de route kijkt, ziet een opeenvolging van korte en steile klimmetjes. In de derde etappe lijken de rappe mannen weer aan zet, als het peloton koerst van Valenciennes naar Duinkerke. De renners trekken met nog goed dertig kilometer te gaan - net als op dag één - over de Kasselberg. De vierde etappe speelt zich af tussen Amiens en Rouen en lijkt ook op maat van de snelheidsduivels. Op de woensdag volgt er waarschijnlijk een belangrijke test voor de renners met klassementsambities. Dan staat namelijk de eerste tijdrit op het programma, met start en finish in Caen.
We blijven daarna nog even aan de westkust, met op donderdag en vrijdag heuvelachtige ritten naar respectievelijk Saint-Méen-le-Grand en Mûr-de-Bretagne. Die laatste aankomst zat vier keer eerder in de Tour. Op zaterdag en zondag volgen nog niet de eerste bergritten, maar naar verluidt twee vlakke etappes. Zaterdag ligt de finish in Laval, zondag in Châteauroux. Een rustdag krijgen de coureurs daarna niet, zoals de gewoonte is op de tweede maandag. Dat komt omdat het dan 14 juli is. Op de Franse nationale feestdag gaat het wielerfestijn gewoon door en zou er een rit door het Centraal Massief op het programma staan. Met tien koersdagen in de benen, mogen de renners genieten van hun eerste rustdag. Die zullen ze goed kunnen gebruiken, want de tweede week begint volgens de meeste bronnen met drie opeenvolgende bergritten door de Pyreneeën. Aansluitend op het drieluik in de Pyreneeën volgen in het weekend dan weer twee vlakke etappes. Zaterdag wordt gefinisht in Carcassonne, zondag in Montpellier of Toulouse. Na de tweede rustdag is het tijd voor een nieuwe bergrit.
Tour de France 2025 rit 21 samenvatting
Vervolgens gaat de route richting de Alpen in deze lange analyse, waarbij twee ritten in de Alpen mogelijk de finale zullen bepalen. De eerste finisht naar alle waarschijnlijkheid in Courchevel, net na de afschrikwekkende Col de la Loze. De finale van de rit is gelijk aan die van de etappe waar Pogacar in 2023 zijn Waterloo vond en Jonas Vingegaard de Tour definitief besliste. De tweede Alpenrit lijkt dan weer te finishen in La Plagne. Dit wintersportoord kent de Nederlandse wielerliefhebber vooral van de Tour van 2002, toen Michael Boogerd er na een lange solo wist te zegevieren en misschien wel de mooiste overwinning uit zijn carrière wist te boeken. Sindsdien kwam de Ronde van Frankrijk er niet meer.
Het Critérium du Dauphiné was er in 2021 nog wel. Op de voorlaatste dag van de ronde wacht nog een overgangsrit van Oyonnax naar Pontarlier. Daarna volgt - op zondag 27 juli - de traditionele slotrit naar Parijs, die na een jaar afwezigheid terug is. De tweede rit in de Tour is meteen een soort Catalaanse Luik-Bastenaken-Luik. In de finale in Barcelona wachten namelijk zeven gecategoriseerde beklimmingen. De etappe begint zondag vanuit de oude Romeinse havenstad Tarragona, waarna de renners de eerste 90 kilometer langs de kust rijden om vervolgens het Catalaanse binnenland in te rijden. Na deze klim volgt een korte wapenstilstand, maar eenmaal op de lokale omloop barst de koers echt los, met kuitenbijters in Barcelona die pijn zullen doen. Het is zeer aannemelijk dat die eerste klim met de steile stijgingspercentages voor slachtoffers gaat zorgen. Zeker omdat de top van die klim pas op 2,3 kilometer voor de meet ligt.

Tour de France 2026: Voorbeschouwing etappe 2 - Stelt Tadej Pogacar orde op zaken? Op dag drie van de Tour de France trekt het peloton naar Frankrijk. Maar om van Spanje naar Frankrijk te komen, moeten de renners eerst de Pyreneeen over. En dus wacht er een pittige rit met liefst 4000 hoogtemeters. De derde rit start maandag nog in Granollers, een kleine stad ten noorden van Barcelona. Over licht glooiende wegen rijdt het peloton dan al richting de Pyreneeen. Al vroeg in de etappe moet de Sant Feliu de Cordines (7,6 km à 4,5%) worden bedwongen. Pas in de tweede helft van de rit wordt er weer geklommen. Na bijna 120 kilometer beginnen de renners aan de op papier moeilijkste klim van de dag: de Collada de Toses (9,3 km à 6,5%). Met de Col du Calvaire staat nog een ongecategoriseerde, maar lange beklimming van 14,9 kilometer het peloton op te wachten. Maar met stijgingspercentages van rond de 3 à 4% mag deze klim geen brokken meer maken. In de slotfase van de rit klimmen de renners naar het Lac de Matemale, waar de slotklim naar Les Angles (1,7 km à 7,6%).
De Tour de France gaat op dag vier verder aan de andere kant van de Pyreneeën. Etappe vier is een echte overgangsrit, die je normaliter pas in de tweede of derde week van de Tour de France ziet. Voor sprinters is de etappe veel te zwaar, terwijl klassementsrenners hier zeker nog niet aan de bak zullen gaan. Na halfweg koers volgen de echte beklimmingen en dito bergpunten. Na deze klim blijven de renners lange tijd op een plateau, om na een kilometer of dertig de afzink te maken naar Belesta. Op de Col de Montségur (6,9 km à 6,9%) volgt dan de climax. De zesde rit in de Tour de France belooft vuurwerk! Vanuit Pau trekt het peloton deze keer namelijk over de echte Pyreneeën-cols en zullen er verschillen plaatsvinden in het algemeen klassement.
Na de start in Pau wacht eerst een rustige, klassieke aanloop naar de Pyreneeën. Via Lourdes en Bagneres-de-Bigorres fietsen de heren-coureurs naar Arreau, waar de voet is van de eerste Pyreneeën-reus van de dag: de Col d’Aspin (12 km à 6,5%). Op het profielkaartje lijkt de Aspin kinderspel met wat er nog komen gaat, maar de klim is echt pittig. Na de Aspin wordt er afgedaald naar de Saint-Marie-de-Campan, waar de klim naar de grootste bergtop van de dag begint: de mythische Col du Tourmalet (17 km à 7,3%). Hoe langer de Tourmalet duurt, hoe steiler deze wordt. Vanaf de tiende kilometer komt de klim nauwelijks meer onder de 9%. De laatste 39 kilometer van de rit zijn niet al te lastig meer, alhoewel… Na een afdaling van 22 kilometer volgt nog een slotklim van 18 kilometer met een gemiddeld stijgingspercentage van 3,7%. De laatste dag voor de rustdag is een echte heuvelrit, maar toch moeten de renners over slechts een gecategoriseerde beklimming.
De start is zondag in Malemort. Aan het einde van de ochtend wordt het startschot gegeven voor een rit van in totaal 185 kilometer. Halverwege de etappe volgen dan nog de Côte de Naves (2,8 km à 6,7%) en de Puy de Lachaud (3,6 km aan 5,3%). In het slot van de wedstrijd volgt nog een aantal pittige beklimmingen. Wat te denken van de Mont Bessou (800 meter à 8,5%) op 24 kilometer van de aankomst, die een kilometer lang rond de 8% omhoog loopt? De laatste helling is de Côte des Gardes (2,2 km à 4,8%) op 14 kilometer van de streep. Het is nog even wachten op de eerste sprintclash, want rit vier van de Tour de France van 2026 is er bij uitstek een voor de aanvallers. Op weg naar Foix staan de nodige hoogtemeters op het menu en op voorhand zijn er op dit parcours heel wat koersscenario’s uit te tekenen.

De Tour de France gaat op dag vier verder aan de andere kant van de Pyreneeën. Etappe vier is een echte overgangsrit, die je normaliter pas in de tweede of derde week van de Tour de France ziet. Voor sprinters is de etappe met bijna 2800 hoogtemeters veel te zwaar, terwijl klassementsrenners hier zeker nog niet aan de bak zullen gaan. In de eerste koersuren zullen er nog weinig beklimmingen zijn om op weg te rijden. Ja, de ongecategoriseerde Col de Villerouge en de wel voor het bergklassement meetellende Col de Bedos (3,3 km à 4,4%), maar deze klimmetjes worden nooit echt steiler dan een procent of vijf à zes. Na de tussensprint, iets voorbij halfweg koers, volgen de echte beklimmingen. Na bijna 100 kilometer starten de renners aan de beklimming van de Col de Coudons (10,7 km à 5,5%). Na deze klim blijven de renners lange tijd op een plateau, om na een kilometer of dertig de afzink te maken naar Belesta. Op de Col de Montségur (6,9 km à 6,6%) volgt dan mogelijk de climax. Dit charmante stadje in de regio Occitanie mocht de Tour al vaker verwelkomen in het recente verleden, met finishes in 2012, 2017 en 2022. Toen kwamen vluchters Luis León Sánchez, Warren Barguil en Hugo Houle als eerste over de finish, al waren de finales niet met elkaar te vergelijken.
We kunnen de start van de 113e Tour de France toch wel als atypisch bestempelen. We zijn inmiddels drie dagen ver en de rappe mannen wachten nog op hun eerste sprintkans. En het geduld van de spurters wordt nog wat verder op de proef gesteld, want ook in de vierde etappe hoeven we geen sprintclash te verwachten. Maar wie komen er dan wel in aanmerking voor de overwinning? Met de Col de Coudons en Col de Montségur staan er twee beklimmingen van tweede categorie op het menu, maar dit zijn nu niet meteen de zwaarste obstakels die de renners zullen tegenkomen in de Tour. Kortom, het is echt een rit voor de goed klimmende aanvallers en dan komen we al snel uit bij Quinn Simmons. De Amerikaan is in allerlei opzichten een opvallende figuur. Niet alleen omdat hij makkelijk te herkennen is aan zijn nationale ‘Stars and Stripes’-trui, maar ook (of vooral) wegens zijn atypische haardracht, snor én zijn aanvallende koersstijl. In de Tour van vorig jaar was hij absoluut een van de smaakmakers, maar werd zijn nimmer aflatende aanvalslust niet beloond met een ritzege. Over zijn vorm hoeven we niet te twijfelen. In aanloop naar de Tour liet de excentrieke Amerikaan zien in topvorm te verkeren. Simmons won niet alleen een etappe in de Tour Auvergne - Rhône-Alpes, maar trok bijna elke dag wel in de aanval en was bergop ook nog eens van goudwaarde voor zijn kopman Juan Ayuso. Simmons is overigens niet de enige renner van Lidl-Trek die we moeten opschrijven voor de rit naar Foix, want zijn Tsjechische ploegmaat Mathias Vacek is ook zeker een kandidaat-ritwinnaar. Vacek is een echte alleskunner. Tijdrijden, sprinten, soleren, dokkeren over kasseien en klimmen: hij kan het allemaal. Wat de polyvalente coureur liet zien in de Ronde van Zwitserland - hij werd er notabene derde in het eindklassement - was ronduit indrukwekkend.
Mathias Vacek kan alles, maar ook winnen in de Tour? De vierde etappe naar Foix kunnen we in zekere zin wel bestempelen als een overgangsrit - ook al zitten we nog maar in de eerste week van de Tour - en in een dergelijke etappe moeten we altijd rekening houden met Ben Healy. De verwachtingen rondom de Ier zijn hooggespannen, zeker na zijn succesvolle Tour van 2025, maar de renner van EF Education-EasyPost kan nog niet terugblikken op het beste seizoen uit zijn carrière. Er waren in het voorjaar wel enkele korte klasseringen, maar mede door een heiligbeenbreuk was het vergeefs wachten op uitschieters. Healy zal dan ook tot het bot gemotiveerd zijn om de komende weken wél te schitteren en laat de eerste Tourweek nu echt op zijn lijf geschreven zijn. Misschien vormt hij met ploegmaat Michael Valgren wel een niet te kloppen tandem. De Deen won in zijn loopbaan nog nooit een etappe in de Ronde van Frankrijk en wil daar graag verandering in brengen. Dat Valgren het nog in zich heeft om een rit te winnen in een grote ronde, bewees hij in de voorbije Giro d’Italia.
Kan de afscheidnemende Cort nog een keer stunten? De vele lokale wielerfans langs de kant van de weg mogen ook zeker dromen van een Franse ritwinnaar. Sterker, Romain Grégoire is een van de topfavorieten voor winst in Foix. De kersvers Frans kampioen moet het niet hebben van de sprintritten en is ook geen pure klimmer en dus zijn dit de etappes waarin hij moet toeslaan. Met zijn klimvermogen, explosiviteit en vlijmscherpe sprint kan hij op meerdere scenario’s gokken. Wie ook verrassend sterk uit de hoek kan komen, is Magnus Cort. In je afscheidsjaar nog de nationale wegtitel veroveren. Het is niet voor iedereen weggelegd, maar Cort deed het vorige maand in Denemarken. De 33-jarige krachtpatser kondigde onlangs zijn afscheid aan als beroepswielrenner, maar zal nog een paar maanden alles geven in dienst van Uno-X Mobility. Ook in de Tour de France, waar Cort in het verleden al successen (twee ritzeges) wist te vieren. Kijk er niet raar van op als hij ook dit jaar weer een rit wint.
Heeft Van der Poel zijn zinnen gezet op deze etappe? We zijn verder ook zeer benieuwd naar Mathieu van der Poel: kan de Nederlander een rol van betekenis spelen op weg naar Foix? De vele hoogtemeters spelen misschien niet in zijn voordeel, maar de beklimmingen zijn ook weer niet onoverkomelijk zwaar voor een renner als MVDP. Voor de klasbak van Alpecin-Premier Tech is het overleven van de Col de Montségur cruciaal, in de wetenschap dat na deze klim nog meer dan dertig, vlakkere kilometers volgen. De vraag is of hij in de finale wel alle aanvallen van zijn medevluchters kan neutraliseren, want als voormalig wereldkampioen en achtvoudig monumenten-winnaar, zal er vooral naar Van der Poel gekeken worden. Al kan de 31-jarige renner natuurlijk ook als bliksemafleider dienen voor zijn Belgische ploegmaats Emiel Verstrynge en Ramses Debruyne.
We zijn er nog (lang) niet, want reken er maar op dat Alex Aranburu, Ion Izagirre (Cofidis), Javier Romo en Pablo Castrillo (Movistar) hun zinnen hebben gezet op deze etappe, net als Matej Mohoric (Bahrain Victorious), Alex Baudin (EF Education-EasyPost), Michal Kwiatkowski (Netcompany INEOS) en Marco Frigo (NSN). Een ploeg waar we extra op zullen letten, is Tudor, want de Zwitserse formatie heeft met Julian Alaphilippe, Matteo Trentin en Marc Hirschi meerdere ijzers in het vuur. Verder houden we rekening met de Spaanse Nederlander Alex Molenaar (Caja Rural-Seguros RGA), Fred Wright en Quinten Hermans (Pinarello-Q36.5).
Lennert Van Eetvelt getuigt deze hele Tour al van een fraai vormpeil. En bij Lotto-Intermarché heerst de gedachte dat Tadej Pogacar niet kostte wat het kost in het geel wil blijven rijden. Dus waarom niet twee vliegen in een klap slaan? En wat doen we met de factor Mads Pedersen? Is de Deen in staat om de vele hoogtemeters te overleven?
In Zuid-Frankrijk is het ’s zomers vaak heet en dit zal dinsdag zeer zeker ook het geval zijn. Mogelijk stijgt het kwik zelfs naar 40(!) graden Celsius, zo meldt Weeronline. Of er bij deze hitte veel animo is om er een spektakel van te maken, valt nog te bezien. Rennersvakbond CPA is in gesprek met de organisatie van de Tour de France over het vervroegen van etappes naar de ochtend. “Dit voorstel is niet langer onbespreekbaar”, zegt Staf Scheirlinckx, vertegenwoordiger van de CPA tegen Wielerflits. Het verplaatsen van etappes naar de ochtend is een manier om de blootstelling van de renners aan de piektemperaturen terug te dringen. Een algehele verschuiving van de hele Tour naar de ochtend ligt niet voor de hand, zo klinkt het. Wel wordt gedacht aan een selectieve aanpak: alleen de etappes in regio’s die berucht zijn om extreme hitte zouden vervroegd kunnen worden. Denk aan de Cantal, waar het Tourpeloton zich nu bevindt, en de regio rond Carcasonne. De gezondheid van de renners wordt daarbij als absolute prioriteit genoemd. De vrees bestaat dat structurele blootstelling aan extreme hitte op termijn gezondheidsschade kan opleveren, iets waar volgens Scheirlinckx niemand verantwoordelijk voor wil zijn. Tegelijk wordt benadrukt dat een koers laten afgelasten geen optie is. Dat raakt het recht op arbeid van de renners en de ploegen, legt Scheirlinkx uit, die in Tour actief is voor automerk Skoda. “De koers niet laten doorgaan is geen optie, omdat je dan gewoon het werk afneemt. Ook de commerciële kant van de Tour speelt mee. “Grote delen van het programma, waaronder de live-uitzendingen, zijn erop gebouwd dat er ’s middags gekeken wordt. Het feit dat deze optie serieus overwogen wordt, is volgens Scheirlinckx een doorbraak. Een besluit ligt niet bij één partij. Renners (via de CPA), ploegen, organisatoren en de UCI moeten daarover tot een consensus komen. Een proces dat doorgaans traag verloopt. Toch is de verwachting dat de gezondheid van het peloton dit keer zwaarder zal wegen dan voorheen.

Een presidentiële speeltuin voor de springveren uit de klassiekers: De vierde etappe van de Tour de France 2025 gaat van Amiens naar Rouen en belooft een heerlijke rit te zijn. Hoewel beide steden in het geschiedenisboek van de Tour de France bekendstaan als sprintsteden, lijkt de kans niet heel groot dat we dinsdag daadwerkelijk een (verdelde) massaspurt gaan krijgen - gezien het profiel in de laatste dertig kilometer. Startplaats Amiens - dat sowieso over een rijke historie beschikt - is namelijk de geboorteplaats van de Franse president Emmanuel Macron. Ondanks alle wereldproblematiek lijkt het ons sterk als hij er die dag níet is. Verder ligt in Amiens de wereldberoemde schrijver Jules Verne begraven. Dylan Groenewegen won er in 2018 ook een Tourrit.
Vanuit de stad aan de Somme zou er best wel een scenario kunnen optreden die we ook in de eerste week van de editie van 2024 zagen: renners die geen poging ondernemen om in de vlucht van de dag te komen, omdat ze toch wel weten dat het zinloos is met de finale die eraan komt. Wat je kunt die optelsom zelf wel maken: waar rijdt je naartoe als je weet dat je in het laatste uur - dat over een parcours gaat wat doet denken aan een klassieker - kansloos bent? In de laatste dertig kilometer liggen namelijk vier (!) gecategoriseerde beklimmingen. Vergeleken met wat er in deze Tour nog komen gaat, zijn de beklimmingen peanuts. Maar voor de klassiekerrenners is deze etappe toch even lekker. De finale begint dinsdag met de Côte de Belbeuf (1,3 kilometer aan 9,3%). gevolgd door de Côte de Bonsecours (900 meter aan 7,2%) en al snel de regelmatige beklimming van de Côte de Grand’Mare (1,8 kilometer aan 5%). Echte verschillen zullen de heren coureurs vermoedelijk pas maken op zes kilometer van de meet op de Rampe Sant-Hillaire (900 meter aan 10,6%), die halverwege zelfs even de 13% aantikt. Na deze klim koerst het peloton in sneltreinvaart naar Rouen, waar nog wat oplopende stroken van rond de 5% liggen. In Rouen zullen de kijkers niet alleen getrakteerd worden op een aantrekkelijke finale, maar ook op mooie beelden van de stad.

Mathieu van der Poel en Wout van Aert zullen smullen van dit parcours (en de stad). Mochten zij winnen - dan zullen zij zich voegen in een rijtje met voornamelijk sprinters die ooit in Rouen wonnen.
Belangrijke routesegmenten en tactische overwegingen
- Verschuivingen in starttijden en mogelijke ochtendstarts worden besproken door de CPA en organisatoren met oog voor hittejeukende omstandigheden.
- Grote kans op een sprint_met_beperkte_groep, maar bergrit-aanpassingen kunnen tot verrassing leiden bij sterke klimmers.
- Veld met klassiekerspecialisten zoals Grégoire, Cort en Simmons kan voor opportunistische rijders zorgen.
- Laatste klim 8 km voor de meet biedt sprinters de kans om zich te organiseren, terwijl aanvallers kunnen proberen het verschil te maken in de kale slotkilometer.
Kernpunten voor voorspelling en favorieten
- Quinn Simmons en Mathias Vacek als opvallende outsiders die ook voor de overwinning kunnen meespelen.
- Ben Healy mogelijk in vorm om mee te dingen, eventueel samen met Michael Valgren.
- Romain Grégoire en Magnus Cort als potentiële verrassingen in Foix-achtige scenario’s later in de race.
Belangrijke context rondom de Tour de France 2025/2026
Deze verkenning integreert ook bredere koersverhalen zoals de Hitte-voorstellen van CPA en de logistieke afwegingen voor ochtendstarts. De etappes richting Amiens, Rouen en Foix vormen cruciale schakels in de eerste week, waarbij sprinters en klimmers beide kans maken afhankelijk van het profiel en de finale. De rol van de topfavorieten en de vorm van de wielrenners worden continu geëvalueerd na elke etappe, met aandacht voor het gezondheidsbeleid en de klimatologische omstandigheden in Zuid-Frankrijk en de Pyreneeën.
tags: #wielerflits #verbouwing #etappe #4