Wanneer het hoog- en laagwater is, verschilt per plaats. In de kaart hieronder kunt u voor een plaats op de kaart de astronomisch getijgegevens bekijken. Gebruik van de informatie op deze kaart is voor eigen risico. De getoonde gegevens zijn gebaseerd op de best beschikbare kennis en informatie van Rijkswaterstaat. Desondanks kunnen de werkelijke gegevens door verschillende oorzaken afwijken van de hier getoonde actuele gegevens. Een afwijking kan bijvoorbeeld zitten in de getoonde verwachtingen.
Eb en vloed ontstaan door de aantrekkingskracht van de maan op het water op aarde. De maan trekt als het ware aan het water, waardoor het water in de zeeën een bepaalde kant op beweegt. De aarde draait om haar eigen as en om de zon heen. Daardoor is de plek waar de maan het sterkst aan het water trekt telkens verschillend. Het water gaat dus steeds een andere kant op, waardoor hoog- en laagwater elkaar afwisselen. Dit noemen we eb en vloed of ook wel astronomisch getij.
Ook de aantrekkingskracht van de zon op de aarde speelt een rol bij de getijden. Doordat de zon een stuk verder weg staat, is deze alleen een stuk kleiner. Omdat de bewegingen van de aarde en de maan heel constant zijn, is het ritme van eb en vloed dat ook. Het is in Nederland twee keer hoogwater en twee keer laagwater per 24 uur en 50 minuten. Met dit ritme hebben we eigenlijk altijd te maken. Dat wil zeggen: als er geen bijzondere weersomstandigheden en/of andere zaken spelen.
Het astronomisch getij kunnen we met een redelijke nauwkeurigheid jaren vooruit voorspellen. De tijden waarop het hoog- en laagwater is aan de Nederlandse kust, lopen sterk uiteen. Het getij verschuift in bijna twaalf uur van het zuidwesten naar het noordoosten van Nederland. Ook kan er op de ene locatie een veel groter hoogteverschil zitten tussen de hoog- en laagwaterstand. In Zeeland is dit verschil het grootst. Vanaf daar neemt het in noordelijke richting langzaam af, tot in de buurt van Den Helder. Hier zit dus het minste verschil tussen de waterstanden bij hoog- en laagwater. Vanaf Den Helder neemt het verschil in oostelijke richting weer toe.
Het weer en andere factoren kunnen voor variaties op het astronomisch getij zorgen. Denk bijvoorbeeld aan de diepte van het water en de vorm van de kust. Ook veranderingen in de positie van de zon en de maan vergeleken met elkaar, zijn van invloed op het getij. Als de zon en de maan in elkaars verlengde staan, neemt de aantrekkingskracht die ze op de aarde uitoefenen toe. Dit gebeurt tijdens volle en nieuwe maan. Ongeveer twee dagen later treedt dan springtij op: het hoogwater is hierbij extra hoog en het laagwater extra laag.
Het omgekeerde kan ook voorkomen. In dat geval staan de zon en de maan haaks op elkaar. Twee verschillende kanten trekken dan aan het water. Dit treedt op tijdens het eerste en laatste kwartier van de maan (halve maan). Het effect is een paar dagen later merkbaar. Tijdens hoogwater komt het water dan niet zo hoog als normaal. Wanneer het laagwater is, zakt het minder. Dit noemen we doodtij.
Bijzonder aan de Waddenzee is het verschijnsel getij. Het getij op de Waddenzee komt eerst aan de westkant van de Waddeneilanden opzetten. Enkele tientallen minuten later zet het water op aan de oostkant. Achter de eilanden is een gebied waar de twee getijgolven elkaar ontmoeten. Op deze plek staat het water dan bijna stil.
Waterdiepte, de vorm van de kust en de uitmonding van rivieren, kunnen invloed hebben op het gedrag van het getij. De astronomische getijcyclus van 12 uur en 25 minuten blijft hetzelfde. Op sommige plekken kan het door deze invloeden twee keer zo lang eb of vloed zijn. Zo is er in Hoek van Holland sprake van een dubbel laagwater bij springtij en komen in Den Helder dubbele hoogwaters voor. Delfzijl en de Eemshaven kennen een dubbeldaags getij. Alle dieptes die hier worden weergegeven, zijn ten opzichte van LAT (Lowest Astronomical Tide). LAT ligt in Delfzijl 2,23 meter beneden NAP. Om het getij in de Eemshaven uit te rekenen kan gebruik worden gemaakt van de getijtafel voor Delfzijl. Hoogwater in de Eemshaven is 40 minuten vroeger en 0,22 meter lager dan het hoogwater in Delfzijl. Laagwater in de Eemshaven is 46 minuten vroeger en 0,28 meter hoger dan in Delfzijl. Oostelijke wind kan voor verlaging van de waterstand zorgen.
Meer informatie
Algemeen: Dit is de getijdenkalender voor Delfzijl in Groningen, Nederland. Windfinder is gespecialiseerd in wind, golven, getijden en weerberichten & voorspellingen voor windgerelateerde sporten zoals kitesurfen, windsurfen, surfen, zeilen, vissen of paragliden.
Getijden: De getijdenkalender is wereldwijd beschikbaar. Voorspellingen zijn beschikbaar met waterstanden, eb en vloed tot 10 dagen van tevoren. Voorspellingen van getijden worden verstrekt zonder garantie en mogen niet worden gebruikt voor navigatie of beslissingen die kunnen leiden tot schade aan iemand of iets dergelijks. Kijk op de getijdenkalender voor Delfzijl als u op zoek bent naar de beste reisbestemmingen voor uw kiteboard-, windsurf- of zeilvakanties in Nederland.
Statistieken: Voor statistische en historische weergegevens bekijk de wind en weerstatistieken voor deze locatie. Waarschuwingen voor zwaar weer: Wanneer het plaatselijke meteorologische instituut een waarschuwing of advies voor zwaar weer afgeeft dan geven we dit weer als een banner boven de windvoorspelling. De waarschuwingen kunnen je helpen je voor te bereiden op gevaarlijke weersomstandigheden en weergerelateerde risico's te vermijden. De kleurenschaal geeft de intensiteit van de voorspelde weersgebeurtenis aan. Klik of tik op de waarschuwing voor meer details. Algemene informatie over noodweerwaarschuwingen is te vinden in onze hulppagina. Houd er rekening mee dat noodweer kan plaatsvinden zonder dat er vooraf een noodweerwaarschuwing is gemeld.
Eenheden: We gebruiken knopen en graden Celsius als onze standaard eenheden. Deze eenheden worden vaak gebruikt door zeilers, kiters, surfers, windsurfers en paragliders.

Eb en vloed
Belangrijke getijdenverschillen en specifieke locaties
- In Zeeland is het hoogteverschil tussen hoog- en laagwater het grootst, waarna het verschil Noordwaarts afneemt tot Den Helder.
- Vanaf Den Helder neemt het verschil in oostelijke richting weer toe.
- Duplex verschijnselen: Delfzijl en de Eemshaven kennen een dubbeldaags getij, wat betekent dat hoog- en laagwater twee maal per etmaal voorkomen met specifieke tijdsverschillen.
- Hoek van Holland kent dubbel laagwater bij springtij; Den Helder kent dubbele hoogwater. Deze lokale variaties komen door diepte, kustvorm en stroming.
Praktische toepassingen
- Kijk naar de getijtafel Delfzijl voor nauwkeurige tijden en pas deze aan op de Eemshaven op basis van de genoemde verschillen (hoogwater: -40 tot +0,22 m; laagwater: -46 tot +0,28 m).
- Let op windrichting; oostelijke wind kan leiden tot lagere waterstanden.
- Beschouw LAT als referentiepunt voor dieptes bij hindernissen en navigatie in kustwateren.
- Voor watersporters is het belangrijk om de springtij- en doodtij-effecten te kennen bij planning van activiteiten zoals kiteboarden of windsurfen.